reportage

Hoe de snor verdween uit Istanbul

En wat dat zegt over de Turkse man

Hoe staat het met de Turkse mannelijkheid? In Turkije volgt Rob Vreeken het spoor van de snor, symbool van eer, kracht, wijsheid en viriliteit.

Foto Paul Faassen

Ik ben op zoek naar de Turkse man en het spoor dat ik volg is de Turkse snor, roemrucht symbool van eer, kracht, wijsheid en viriliteit. Niet alleen hebben de meeste Turkse mannen van oudsher een snor, de snordracht heeft al heel lang een politieke betekenis. Te onderscheiden vallen:

De linkse snor. Een zwart, Stalin-achtig gevaarte, vol en breed. Een snor om veldslagen mee te winnen.

De rechts-nationalistische snor, de ülkücü. Een druipsnor, waarvan de punten langs de mondhoeken naar beneden hangen. Rechtse en linkse snorren brachten Turkije in de jaren zeventig op het randje van chaos. In de straatoorlog kon een foute snor al fataal zijn.

De islamitische snor. Kort en smal, met 2 mm vrij boven de bovenlip. President Tayyip Erdogan heeft deze badem, de 'amandelsnor', zoals de Turken hem noemen.

De vijfdagenbaard (inclusief snor). Wordt gedragen door islamisten en vrome moslims. 'Knip jullie snorren kort en laat jullie baarden groeien', zou de profeet Mohammed tot zijn volgelingen hebben gezegd.

Géén snor. Het gladde gelaat kenmerkt de seculiere, op Europa gerichte elite. Vader des vaderlands Kemal Atatürk schoor zijn snor af toen hij president werd. Onmannelijk is de niet-snor daarom zeker niet. In het leger en het staatsapparaat was de snor lang taboe.

Mannenplekken

Wie is de Turkse man? Is dat nog altijd de brave, hardwerkende huisvader met een te dikke echtgenote en een kind of vier? Is het de autoritaire patriarch, met straffe hand regerend over zijn familie? Of is er - terwijl Turkije een economisch groeiwonder beleefde - ongemerkt een nieuw soort man ontstaan?

Toon mij uw snor, en ik zeg u wie u bent.

Moeilijk te vinden kunnen ze niet zijn, de snorren, want Turkije is een land van mannenplekken. Het theehuis, het café, de voetbalclub. Die puzzelstukjes moeten een portret van de man opleveren.

Belangrijk, zeker voor de snor, is de kapper, de berber. 'De meeste vaste klanten', schrijft de Turks/Britse journaliste Alev Scott in haar boek Turkish Awakening, 'komen niet zozeer voor het scheren als wel voor de camaraderie. Het is een vriendschappelijk macho ritueel: Turkse mannen verzorgen zichzelf graag, het liefst in gezelschap van andere mannen. Er wordt thee gedronken, gesproken over politiek, geklaagd over echtgenotes.'

Zelf word ik na een scheerbeurt door kapper Serim onaangekondigd getrakteerd op een genadeloze rugmassage en een pijnlijke epileerbeurt van oor- en neushaartjes met behulp van warme, groene wax.

Ik ben in Kasimpasa, de meest masculiene wijk van Istanbul. De naam is spreekwoordelijk in Turkije. Kasimpasa staat voor de volkswijk bij uitstek. Niet lullen maar poetsen. Arm kun je de wijk niet meer noemen, daarvoor wordt er in Turkije te veel verdiend, juist door het slag mensen als dat van Kasimpasa. President Erdogan is van hier. De wijk is de biotoop van de kabadayi, het Turkse archetype van de joviale, ietwat patserige macho.

Foto Paul Faassen

Gay Pride

Op het pleintje naast de polikliniek, op het terras van cafetaria Angora, drinkt Zeki Eren zijn thee. De 64-jarige Eren vormt als echte Kasimpasa-man een hoekstukje van mijn mannenpuzzel. Grijze snor, ongeschoren gelaat. Zoals zovelen hier ontsnapte hij aan de armoede van het platteland van Oost-Turkije. Sinds lang heeft hij zijn eigen touwslagerij.

Vrouwen zijn 'als bloemen', zegt Eren: mooi, mits goed verzorgd. Het is aan de man haar het juiste pad te wijzen. Over de Turkse man en diens rol kan hij kort zijn: kostwinner. 'De man beslist over alles waar geld bij te pas komt.' Zijn vrouw heeft nooit gewerkt, hij zou het haar verbieden. Waarom? 'Jaloezie! Als vrouwen werken, komen ze met andere mannen in contact. Dat is een gevaar voor de samenleving.'

Waarvan akte. Maar als ik op een zondagavond eind juni door Istiklal wandel, de Kalverstraat van Istanbul, wordt de puzzel totaal door de war gegooid. Plots bevind ik me midden in de jaarlijkse Gay Pride en het is met recht een vrolijke boel. Duizenden mannen en vrouwen, veelkleurig uitgedost, paraderen door het stadscentrum. 'Waar ben je, liefje? Ik ben hier, liefje', scanderen ze.

Het winkelpubliek kijkt geamuseerd naar gespierde leernichten en drag queens. Een gevaar voor de samenleving lijkt niemand er in te zien. Tot diep in de nacht wordt er gedanst bij Arpa Pub en nog dagen later zullen de regenboogvlaggen over de winkelstraat hangen.

De populairste deelnemer aan de parade is de gezette man die zich in een bruidsjurk heeft uitgedost als de beroemde diva/zangeres Bülent Ersoy. Iedereen wil met hem/haar op de foto. Ersoy, in 1952 geboren als man, onderging in 1981 een geslachtsoperatie. Haar taaie gevecht met de overheid om een aangepaste ID-kaart leverde zelfs een wetswijziging op.

'Bülent Ersoy, in 1952 geboren als man, onderging in 1981 een geslachtsoperatie.' Foto ANP

Patriarchaal

Homo's en lesbiennes speelden - net als feministen - vorig jaar een opmerkelijke rol in de Gezi-beweging, het massale protest tegen premier (nu president) Erdogan dat ontstond vanuit een tentenkamp in het Gezipark in het centrum van Istanbul. In zekere zin was het Gezi-protest ook een botsing tussen twee soorten mannelijkheid: die van de autoritaire Erdogan en die van een ontluikende tegencultuur.

Geen misverstand: de Turkse samenleving is door en door patriarchaal. De traditionele rolverdeling is de norm. Jongetjes zijn het prinsje in huis, verwend en voorgetrokken. In het oosten van Turkije hoef je heus niet aan te komen als travestiet. Uit Koerdisch gebied komen nog altijd gruwelverhalen over eerwraakgeweld. Ook dat zijn stukjes van de puzzel.

Toch is er onmiskenbaar iets aan het schuiven. Aan het beeld van de standaardman wordt geschud, niet alleen door homo's. De zanger Tarkan, 'de Turkse Elvis' en al twintig jaar 's lands populairste popidool, kantelde het mannelijk ideaal.

De snorloze zanger heeft nadrukkelijk een 'androgyne identiteit', aldus Emma Sinclair-Webb, co-auteur van Imagined Masculinities, een boek over mannen in het Midden-Oosten. 'Zijn sex appeal is gericht op beide geslachten.' Een terugkerend onderwerp in de Turkse roddelpers was lange tijd: is Tarkan homo?

Ook op straat lijkt ruimte te ontstaan voor andere vormen van mannelijkheid. Je hoeft geen cultuursocioloog te zijn om te zien dat jonge stellen in westelijke steden als Istanbul en Izmir gelijkwaardiger met elkaar omgaan dan vorige generaties.

'Tarkan, 'de Turkse Elvis' en al twintig jaar 's lands populairste popidool, kantelde het mannelijk ideaal.' Foto ANP

Metro-Turk

'Op mijn universiteit zie ik het nieuwe mannentype', zegt Pinar Ilkkaraçan, een van de belangrijkste feministes van Turkije. 'De jongeren zijn zó anders dan mijn vrienden van 25 jaar geleden. Maar ik geef toe: Bosphorus University is een progressieve oase.'

Het komt me bekend voor. Na mijn onderzoek voor de Volkskrant naar vrouwen in de islamitische wereld (voor het boek Baas in eigen boerka, 2010), ging ik me verdiepen in de andere 50 procent, de mannen. Met name in Libanon zag ik onder jongeren - pril, aarzelend - een ander soort man ontstaan. Minder macho, meer vrouwvriendelijk. De 'metro-Arabier', doopte ik hem. Op dezelfde manier zou de 'metro-Turk' geïdentificeerd kunnen worden.

Zo kwam ik zelfs terecht bij - niet schrikken - de Turkse mannenbeweging. Die bestaat, echt waar, als zijtak van het feminisme. 'Mannenpraat', heet een mannengroep, een andere: 'Wij zijn geen mannen'. De laatste werd in 2008 opgericht na de moord op Pippa Bacca, een Italiaanse kunstenares die de vrede propageerde door in bruidsjurk naar Jeruzalem te liften. Onderweg werd ze door een groep Turkse mannen verkracht en gewurgd.

'Wij zijn geen mannen' betekent natuurlijk: zúlke mannen willen wij niet zijn, zegt Çaglar Çetin, maar dat beperkt zich niet tot moord. Mannenpraat, door hem opgericht, voert bijvoorbeeld ludiek actie tegen 'breed zitten in het openbaar vervoer', knieën wijd.

'Een echte man'

Ik ontmoet Çetin in restaurant Adahan in Istanbul. Een jongensachtige man van 28 met halflang haar, gladgeschoren gelaat en een Hawaii-shirt. Als kind had hij vrouwelijke trekjes, vertelt hij, vooral in zijn manier van bewegen. Een tijdje werd hij gepest. 'Top', riepen de andere jongens dan, Turks voor zoiets als 'mietje'.

Hoewel Çetin hetero is (hij is zojuist getrouwd), besloot hij: 'Ik wil geen man zijn, ik wil er niet bij horen.' Vier jaar geleden kreeg dat besef een politieke vertaling. Als kunstenaar, scenarioschrijver en socioloog bestrijdt hij sindsdien de mannelijke hegemonie. 'Het is een levenslange missie geworden', zegt hij.

Ook Çetin en de metro-Turk zijn onderdelen van de puzzel die Turkse man heet. Maar heel groot zijn die stukjes niet. De doorsnee man - zegt iedereen die ik spreek - is ouderwets en heeft er moeite mee zich aan te passen, nu de vrouwen wél veranderen en hun maatschappelijke positie versterken.

Aan het verdelen van huishoudelijke taken - voor Nederlandse stellen op z'n minst punt van discussie - worden in Turkije weinig woorden vuil gemaakt. Niet aan de orde. Turkije staat op 31 in een lijst van 32 landen waar door de OESO werd gemeten hoeveel tijd de man in het huishouden steekt. Precies 21 minuten scoort de Turkse man, 2 minuten meer dan de man in India.

'Alle Turkse mannen zijn seksistisch', zegt Sahika Yüksel, psychiater en actief in de Turkse vrouwenbeweging. 'Misschien 1 procent niet. Maar die 99 procent mannen worden in hun omgeving als goede, echte mannen gezien. Helaas houden de meeste vrouwen niet van niet-seksistische mannen. 'Een echte man', dat is wat ze willen: adam gibi adam.'

Foto Paul Faassen

IJdel

Alev Scott schetst in haar boek de masculiene sfeer van de bankkantoren waar ze Engels doceerde. 'Net zoals we ontzet zijn als we naar Mad Men kijken, zo was ik dat door de Turkse kantoorpolitiek', schrijft ze. De mannen kwekten er vol zelfvertrouwen op los (waardoor hun Engels snel beter werd), de vrouwen zwegen bedremmeld en zeiden pas iets als hun dat werd gevraagd.

Er is nog iets dat me gaandeweg opvalt in Istanbul. Met groeiende verbazing, lichte wanhoop zelfs, laat ik mijn blik glijden langs duizenden passanten in de omgeving van het Taksimplein, het hart van de metropool. Naast de vele blote vrouwenbenen (het is zomer) valt vooral dit op: er zijn vrijwel geen snorren. Gladde mannenwangen, dat wel. Driedagenbaarden. Veel hipsterbaarden. Maar snorren, ho maar. Zelfs in de Gay Pride zijn ze nauwelijks te ontwaren, ook niet van het type Village People.

In kapsalon Dikmen, 600 meter voorbij het Taksimplein in de hippe wijk Cihangir, haalt kapper Yasin (38) de schouders op over de snor. 'Politieke betekenis heeft de snor niet meer', zegt Yasin, zelf drager van iets vlassigs rond de kin. Mode bepaalt de gezichtsbegroeiing. Jonge mannen komen bij hem aanzetten met foto's van zangers en soapsterren en zeggen: zó wil ik er uitzien. Met feminisering van de man heeft dat volgens Yasin niets te maken. Gewoon die oude masculiene eigenschap: de pauwenveren opzetten.

Alev Scott beschrijft 'Macho Man' als een 'uitermate ijdel' persoon. 'Hij zal je snel vertellen dat hij op dieet is en een tattoo heeft. Voor Turkse mannen is om het uiterlijk geven niet onmannelijk. Hun mannelijke identiteit is veilig als ze geld verdienen en succes hebben bij de vrouwen. Als een man zich een mooi pak of een duur luchtje kan veroorloven, bewijst dit dat hij geld heeft.'

De Turkse editie van de mannenglossy GQ biedt een inkijkje in de ziel van Macho Man. Hij houdt van goudkleurige BMW's, jonge vrouwen in bikini, voetbal, goed eten en cosmetica. De acteurs Murat Cemcir (vijfdagenbaard) en Ahmet Kural (tweewekenbaard) vullen een reportage van elf pagina's en in een fotospecial showt een Turks model de zomermode als een glasgeschoren Elvis op Hawaii, met ukelele en al. Geen snor te bekennen.

In transitie

Zo begin ik te beseffen dat ik op een vals spoor zit. De snor is niet langer graadmeter voor 'de stand van de man' in Turkije. Een peiling van Piar-Gallup Market Research bevestigt mijn indruk dat de snor op zijn retour is. In 1993 droeg 77 procent van de Turkse mannen een snor, in 2011 nog maar 34 procent. En de trend zet zich door.

Dat schiet niet op. Mijn onderzoek dreigt te mislukken. Zelfs een bezoek aan plastisch chirurg Selahattin Tulunay levert weinig op. Estepalace, zijn kliniek voor haartransplantatie, heeft de gezichtshaartransplantatie als specialisme. Tulunay claimt misschien wel 's werelds beste snorrenchirurg te zijn. Dat de kliniek in Turkije ontstond zal geen toeval zijn, maar toch: de cliënten zonder natuurlijke gezichtsbeharing komen uit alle continenten.

Ik besluit de hulp in te roepen van de wetenschap.

In de stad Izmir vindt een sociaal-wetenschappelijk congres plaats over Men and Masculinities, het eerste in zijn soort in Turkije. Turkse en buitenlandse wetenschappers proberen drie dagen lang het merkwaardige fenomeen man te doorgronden.

Drie vrouwelijke sociaal-psychologen uit Turkije presenteren een studie naar de Turkse man als vader en echtgenoot. Zij hielden diepte-interviews met vijftig mannen uit alle sociale klassen en uit alle delen van het land.

Belangrijkste conclusie, zegt prof. Hale Bolak Boratav van de Istanbul Bilgi Universiteit: de Turkse man is 'in transitie', maar het gaat heel langzaam. Eigenlijk zijn mannen alleen als vaders echt veranderd. De opvoeding is liefdevoller geworden, minder afstandelijk en autoritair.

De relatie met de echtgenote is nog grotendeels ouderwets. 'Attitudes met betrekking tot de hiërarchie tussen man en vrouw en de arbeidsverdeling in het huwelijk zijn het minst vatbaar voor verandering', aldus de studie.

Foto Paul Faassen

Traditie

Hun identiteit bevestigen Turkse mannen vooral in het publieke domein: succesvol zijn op het werk, prestige hebben tegenover vrienden. 'Tekortschieten hierin is een bedreiging voor hun mannelijkheid', aldus de onderzoekers. 'Er ligt een enorme druk op mannen. Veel wordt van hen verwacht, zowel thuis als in de samenleving.'

Dat zag ik eerder, in mijn mannenonderzoek in andere landen. De man moet aan hoge eisen voldoen. Het begrip 'kostwinner' heeft in het Midden-Oosten een ruimere betekenis dan bij ons. Hij draagt zorg voor ieders wel en wee in de hele extended family.

Maar dat is de helft van het verhaal. Mannen staan ook onder druk doordat vrouwen emanciperen. Ze gaan naar school, krijgen minder kinderen, betreden de arbeidsmarkt, verwerven eigen inkomen. Dat maakt dat de bordjes thuis worden verhangen; de vrouw geeft weerwoord, de man verliest territorium. 'De man voelt zich bedreigd', werd me verteld door - los van elkaar - drie gezinstherapeuten in Beiroet.

Een 'modern, liberaal discours' over de man-vrouwverhoudingen bestaat tegenwoordig óók in Turkije, volgens de sociaal-psychologen. Meestal 'zijn het de vrouwen die de ideeën over gelijkheid meenemen naar huis', ook al blijven velen op de masculiene vent vallen.

Bureau Ipsos MORI peilde in 2013 in twintig landen reacties op de stelling: 'De rol van de vrouw in de samenleving is een goede moeder en echtgenote te zijn'. Nergens was het verschil tussen de antwoorden zo groot als in Turkije: 23 procent van de vrouwen zei 'eens', tegen 49 procent van de mannen.

Vooral stedelijke en hoogopgeleide mannen zijn zich bewust van de moderne ideeën, maar tot echte gedragsverandering leidt het nog niet. 'De erfenis van de traditie is springlevend', zegt Boratav.

Feminist met een snor

Verkeert de Turkse man dus in een crisis, zoals wordt gezegd over de westerse man? Nee, zo wil ze het niet noemen. Hooguit is hij in verwarring. En wat vooral opviel, zegt de onderzoekster, is de gewoonheid van de meeste mannen. 'Ja, ze zijn het product van een patriarchale samenleving, maar extremiteiten hebben we niet gezien. De meesten zijn gek op hun vrouw, ook al hebben ze klachten over haar, en met de kinderen proberen ze er het beste van te maken.'

Tot slot ga ik te rade bij de ongewone man Mehmet Bozok, organisator van het congres en zo'n beetje de aartsvader van de Turkse mannenbeweging. Als socioloog aan de universiteit van Maltepe houdt het onderwerp hem al twaalf jaar bezig. Hij is lid van de groep Mannenpraat en schreef Vragen en antwoorden over mannelijkheid, een handboek voor jongens.

Centraal daarin staan de drie rites die de Turkse jongen tot man maken: de besnijdenis, militaire dienst en het huwelijk. 'Elke Turkse man is een geboren soldaat', luidt een bekende zegswijze. 'Gelukkig heb ik niet in het leger gezeten', zegt Bozok. 'Het is de plaats waar 'echte mannen' worden geproduceerd. Een initiatie. Daarna ben je lid van de broederschap.'

Optimistisch over de Turkse man is de socioloog niet. Hij ziet een conservatieve, islamitische wind door de politiek waaien. Oude gezinswaarden worden weer benadrukt. En sterke man Erdogan is niet bepaald het juiste rolmodel.

Mehmet Bozok is een kleine, gezette man met een gehaaste pas, die in het straatbeeld volstrekt niet opvalt. En hij heeft een forse snor! Hoezo dat, Mehmet?

Hij grinnikt betrapt. 'Ja, dat moet van mijn vrouw. Ik wil hem afscheren, maar dat mag niet. Ik ben een feminist met een snor.'

Meer over