Hoe de schilderijenscanner van het Rijks zomaar eens heel waardevol kan zijn bij het oplossen van misdrijven

Biologisch bewijs met scanner beter te vinden en veilig te stellen

De schilderijenscanner waarmee onder de meesterwerken van Rembrandt, Goya en Van Gogh werd gespiekt, kan ook worden gebruikt om misdrijven op te lossen.

Een slip in de scanner van het Rijksmuseum.

De technologie werd in het Rijksmuseum gebruikt om een zelfportret van Rembrandt onder de 'Oude man in militair kostuum' en een Spaanse ridder onder het 'Portret van Don Ramón Satué' van Goya bloot te leggen. Uit nieuw onderzoek blijkt dat het mobiele röntgenapparaat ook moeilijk te vinden sporen kan traceren op bijvoorbeeld kledingstukken van slachtoffers en daders van misdrijven.

Eén spettertje

Wetenschappers van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), de Universiteit van Amsterdam (UvA) en de Technische Universiteit Delft publiceerden hun resultaten afgelopen week in Scientific Reports. 'Toen ik hoorde wat de XRF-scanner met schilderijen kan doen, dacht ik meteen: ik wil een spijkerbroek uit een moordzaak in dat apparaat hangen', zegt Arian van Asten. 'Bepaalde metalen die je in schilderijen aantreft, vinden we bijvoorbeeld ook terug in schotresten.' De bijzonder hoogleraar forensische analytische chemie van de UvA is bij het NFI onder meer verantwoordelijk voor innovatie.

In sommige gevallen zijn bewijsstukken lastig te onderzoeken. Bijvoorbeeld als de dader donkere kleding droeg en slechts een spettertje bloed van het slachtoffer op zijn kleding kreeg. 'Dat spettertje bloed kan van doorslaggevend belang zijn in een strafzaak, maar het is niet altijd zo makkelijk te vinden', zegt Van Asten.

Bewijs veilig stellen

De schilderijenscanner legt dankzij de zogenoemde macroröntgenfluorescentiespectrometrie verschillende elementen bloot. Millimeter voor millimeter worden de objecten onderzocht op de aanwezigheid van bijvoorbeeld ijzer, zink of kalium. Van Asten: 'Spermasporen zijn soms ook lastig te vinden. We hebben wel een zogenoemde spermalamp, maar die werkt niet goed op een fluorescerende achtergrond.' Dat geldt bijvoorbeeld voor ondergoed in neonkleuren, maar ook voor witte lakens die gewassen zijn met wasmiddel speciaal voor de witte was.

'Het mannelijk sperma bevat zink. Voortaan kunnen we het bewijsstuk in de scanner leggen. Deze geeft precies aan waar de sperma zich bevindt en zo kunnen we een kwalitatief goed dna-spoor veiligstellen', zegt Van Asten. Het NFI beschikt vooralsnog niet over zo'n scanner, die al snel 'enkele tonnen' kost.

Volgens Peter de Knijff, dna-expert van de Universiteit Leiden en niet bij de studie betrokken, kan deze methode zeer waardevol zijn. 'Op dit moment zijn de testen waarmee je bijvoorbeeld de aanwezigheid van biologische sporen op kleding kunt vaststellen nog erg onzeker. We weten dat met de huidige technieken veel kleine vlekjes worden gemist. Deze nieuwe techniek zou daar dus een goede oplossing voor kunnen zijn. Uiteindelijk valt en staat alles natuurlijk met praktijktesten.' Een ander groot voordeel van deze methode is, volgens De Knijff, dat ze het spoor onaangetast laat.

Parallellen

Joris Dik, hoogleraar aan de TU Delft en deskundige op het gebied van materialen en kunst, ontwikkelde de XRF-technologie tien jaar geleden samen met de Universiteit van Antwerpen. Naast het Rijksmuseum hebben onder meer ook The National Gallery in Londen en het Metropolitan in New York het apparaat aangeschaft. Dik is samen met Van Asten betrokken bij deze studie. Hij verbaasde zich over de parallellen tussen het onderzoek naar kunstobjecten en forensisch onderzoek. 'Het object waarvan je alles wilt weten, wil je intact laten. Je wilt er niet aan peuteren, en niet mee rondsjouwen. Bij ons gaat het om de vraag: wie was honderden jaren geleden de maker? Bij het NFI draait het om de vraag: wie was enkele dagen, weken of maanden geleden betrokken bij een misdrijf?'

Toen hij bijvoorbeeld De Staalmeesters van Rembrandt onderzocht, ging er 'een soort boek' voor hem open. Wat bleek: Rembrandt werkte het wereldberoemde schilderij tweemaal in detail uit voor hij de compositie koos die nu in het Rijksmuseum hangt. Dik: 'We willen allebei een soort biografie van het object leren kennen: hoe is het ontstaan, wat is ermee gebeurd en in welke volgorde.'

Een T-shirt op de XRF-scanner.

Meerdere lagen

Volgens de onderzoekers is dit het begin, en nog niet het ei van Columbus. Het apparaat heeft nu nog 'een hele nacht' nodig om bijvoorbeeld een T-shirt te scannen. Ze hopen dat dit sneller kan en dat ze een variant van het scanapparaat kunnen ontwikkelen die makkelijker te vervoeren is. Dik: 'En we willen ook kijken of er een 3D-variant mogelijk is. Dan zouden we de lagen op een schilderij kunnen onderscheiden, en bij wijze van spreken tussen de oren van een kunstenaar kunnen kruipen.'

Voor het NFI zou dat betekenen dat het beter kan analyseren in welke volgorde er stoffen op het bewijsstuk zijn gekomen. 'Dat zou van waarde kunnen zijn bij bijvoorbeeld onderzoek naar vervalste documenten of verfonderzoek bij het doorrijden na een aanrijding', zegt Van Asten. 'Mijn wens is dat we op termijn zo'n scanner standaard kunnen gebruiken bij het vooronderzoek en op de plaats delict.' Tot die tijd zal hij niet schromen om het Rijksmuseum - waarmee het NFI een samenwerkingsverband heeft via onderzoekscentrum Nicas - te vragen of NFI'ers met lastig te onderzoeken bewijsstukken langs mogen komen in het Rijksatelier.


Zo ziet een XRF-scan eruit

T-shirt

1. Hier zijn vingerafdrukken in bloed te zien.

2. Dit is een vallende bloeddruppel, deze kan afkomstig zijn van bijvoorbeeld een bloedneus.

3. Dit is een uitgeademd bloedspoor. Dat gebeurt bijvoorbeeld als het slachtoffer bloed ophoest.

4. Hier is sprake van een zogenoemd impactpatroon. Het kan bijvoorbeeld iets zeggen over de plek van het slachtoffer toen hij/zij door de verdachte werd geslagen.

Scanresultaat van een t-shirt.

Slip

1. Op deze slip zit een urinevlek en een spermavlek (de grote vlek). Dat maakt bemonstering doorgaans lastig, omdat je een zo goed mogelijk dna-daderprofiel wilt veiligstellen en wilt voorkomen dat je uit de urinevlek ook dna van het slachtoffer haalt, waardoor je een gemengd dna-profiel krijgt.

2. Hier is precies te zien waar de spermavlek zit. NFI-deskundigen kunnen hierdoor de sporen gerichter veiligstellen. Dat betekent een kwalitatief beter dna-daderprofiel.

Scanresultaat van een slip.