ReconstuctieMartelingen in Syrië

Hoe de held van het ‘Slachthuis van Assad’ uit Hillegom verdween

Mazen al Hummada, februari 2014 in Hillegom. Hij werd in Syrië aan zijn polsen opgehangen. ‘Ik voelde de spieren in mijn polsen langzaam scheuren.’Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Mazen al Hummada overleefde de martelkelders van het Syrische regime van Assad en deed wat bijna niemand durfde: hij vertelde de wereld erover. Hij vluchtte naar Nederland. Maar nu is hij spoorloos. Zijn familie vreest dat hij weer in Syrië zit.

In het laatste telefoongesprek voordat hij spoorloos verdwijnt, zegt Mazen steeds hetzelfde: ‘Bid alsjeblieft voor me.’ Zijn stem trilt. Hij klinkt angstig, vindt zijn neef die het gesprek voert. Net alsof er iemand meeluistert. Mazen vertelt wat zijn familie hoopte nooit te zullen horen: hij is terug in Syrië. ‘Ik ben op het vliegveld van Damascus.’

Nog een keer zegt Mazen: ‘Neef, bid voor me.’

Dan wordt de verbinding verbroken.

Het is zondag 23 februari, vlak na middernacht. Aan de andere kant van de lijn, in het Duitse Krefeld, blijft neef Ziad vloekend achter. ‘Verdomme Mazen, dacht ik, waarom ben jij teruggegaan naar Syrië?’

Mazen al Hummada (42) leidde de afgelopen jaren een ogenschijnlijk veilig bestaan in het Nederlandse Hillegom, hartje Bollenstreek. Maar hij is geen gewone Syrische vluchteling. Hij is een van de handvol Syriërs in Europa die het aandurfden om in het openbaar te getuigen over de martelingen die zij ondergingen in de gevangenissen van president Bashar al-Assad.

Mazen vertelde zijn verhaal aan politici en mensenrechtenjuristen in Washington, Genève en Londen. ‘Hij was echt prominent in Europa’, zegt hoogleraar Ugur Üngör, die bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie (Niod) onderzoek doet naar martelingen in Syrië. Waarom gaat Mazen, dit boegbeeld van het verzet tegen Assad, terug naar Syrië, het land waar hij eerder bijna is doodgemarteld?

Mazen groeit op in een dorp vlak bij Mohassen, een stad in het oosten van Syrië met als bijnaam ‘Klein Moskou’. Veel bewoners zijn communist en kritisch over het regime van Assad lang voordat dit in Syrië in de mode raakt. Mazen heeft een goede baan bij een Franse leverancier van olie-boorinstallaties. Wanneer de Arabische Lente overslaat naar Syrië, doet Mazen mee met het organiseren van straatprotesten tegen Assad.

Zoals zo veel demonstranten wordt Mazen gearresteerd. De eerste twee keer komt hij gauw vrij. De derde keer, in maart 2012, wordt Mazen opgepakt door de inlichtingendienst van de luchtmacht in Damascus. Hij zit anderhalf jaar vast, onder meer in een gevangenisziekenhuis met de bijnaam ‘het Slachthuis’.

Na zijn onverwachte vrijspraak, die hij zelf achteraf niet goed kan verklaren, wordt duidelijk dat hij Syrië moet verlaten. In 2014 arriveert Mazen als asielzoeker in Nederland. Een magere man met een beschadigd lichaam en een trieste blik. Hij is gefascineerd door de fietsen op straat. Kan hij nog gelukkig worden? Mazen weet het niet. Noemt zichzelf soms ‘een spook’. Hij leeft nog. Maar ook niet meer dan dat.

Zijn zus en zwager wonen in Hillegom. In diezelfde plaats krijgt Mazen een kleine flat toegewezen op de eerste verdieping van een sociale woningbouwcomplex. Zoals alle nieuwkomers moet hij naar inburgeringscursus. Maar het lukt hem niet om Nederlands te leren. ‘Ik kan niet alles onthouden, mijn hoofd zit te vol’, zegt hij tegen zijn zwager Amer Obed.

Wilt u dit artikel liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie

Doodmartelen

Wat Syrië onderscheidt van veel andere dictaturen in de moderne geschiedenis, is dat duizenden gevangenen sinds de opstand in 2011 bewust zijn doodgemarteld. In de wereld van vergelijkend martelonderzoek geldt dit als uitzonderlijk. ‘Iemand doodmartelen is een inefficiënte vorm van executie’, zegt Ugur Üngör, die onderzoek doet naar mensenrechtenschendingen door het Assad-regime. ‘Na 2011 wordt niet meer gemarteld om informatie, maar om de bevolking bang te maken.’

De meeste Syriërs die de martelkelders van Assad overleven, zwijgen over hun ervaringen, uit schaamte en angst voor wraak. Mazen doet het anders. Nog voor zijn vlucht uit Syrië vertelt hij voor het eerst zijn verhaal aan een onderzoeksgroep van activisten. In Hillegom werkt hij samen met de Commission for International Justice and Accountability, een door westerse overheden betaalde mensenrechtenorganisatie die probeert ambtenaren van het regime voor de rechter te brengen.

In de documentaire Syria’s Disappeared vertelt Mazen over de verhoren door de inlichtingendienst van de luchtmacht die hij naar eigen zeggen onderging. Mazen zegt dat hij slechts demonstraties heeft gefilmd. Zijn wapen? ‘Een Toshiba-camera.’ Maar volgens zijn ondervrager heeft hij militairen gedood en controleposten aangevallen. Als hij weigert te bekennen, trekt zijn ondervrager zich terug.

Vier assistenten slaan Mazen in elkaar. Breken enkele ribben. Hangen hem met geboeide polsen aan een raamkozijn, zijn voeten bijna een halve meter boven de grond. ‘Ik voelde de spieren in mijn polsen langzaam scheuren’, zegt hij daarover in 2014 tegen de Volkskrant. Tot slot moet Mazen zich uitkleden. Zijn beulen zetten een grote nijptang op zijn geslachtsdeel.

‘En die tang knijpen ze dicht en dicht en dicht tot ze de penis afknijpen’, zegt Mazen in Syria’s Disapppeared. Tegelijkertijd wordt hij verkracht met een scherp voorwerp in zijn anus.

Net zolang tot hij belooft alles te bekennen aan de ondervrager, die in een kamer verderop zit te wachten.

Ziekenhuis 601

Seksueel geweld is in Syrische gevangenissen schering en inslag. Dat een slachtoffer hier met naam en toenaam over praat, is uitzonderlijk. Maar wat het relaas van Mazen uniek maakt, is dat hij een overlevende is van ziekenhuis 601 in Damascus, alias ‘het Slachthuis’.

Volgens mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch is dit een van de twee ziekenhuizen waar tussen 2011 en 2013 in totaal ruim 6.000 gevangenen zijn gedood. Een militaire fotograaf die bekend is geworden onder de codenaam ‘Caesar’ smokkelde foto’s van slachtoffers het land uit toen hij in 2013 overliep naar het Westen.

Mazen belandt in ziekenhuis 601 omdat hij bloed plast na een zoveelste mishandeling. In het toilet ziet hij drie lijken van gevangenen. Vastgeketend in zijn bed moet hij toekijken hoe een lotgenoot wordt doodgeslagen. Mazen begrijpt dat hij in deze horrorshow het volgende slachtoffer kan zijn en besluit dat hij op slag is hersteld. Of hij terug mag naar de gevangenis? Daar wordt hij weer aan zijn polsen opgehangen: de bewakers lijken gefrustreerd omdat hij nog leeft.

Mazen houdt blijvend letsel over aan de martelingen. ‘Begin daar niet over’, huilt hij als zijn zwager Amer Obed hem nietsvermoedend vraagt wanneer Mazen, ogenschijnlijk een man in de bloei van zijn leven, nu eens gaat trouwen.

Hij bezoekt Arq Centrum ’45, gespecialiseerd in behandeling van oorlogstrauma’s, stelt zijn zwager Amer. Maar algauw houdt hij de therapie voor gezien. ‘Dan was hij daar in een afgesloten ruimte, daar kon hij niet goed tegen.’ Mazen verliest de controle over zijn leven. Volgens Amer, die vlakbij woont, stapelt de troep in Mazens flat zich op, terwijl Mazen zelf zijn dagen blowend en rokend slijt achter zijn laptop.

Mazen al Hummada in 2019.

Nederlandse bureaucratie

Mazen raakt verstrikt in de Nederlandse bureaucratie. In de kleine gemeenschap van anti-Assad-activisten geldt hij als held, ook al is hij moeilijk in de omgang. Maar de Nederlandse overheid ziet hem in de eerste plaats als een werkloze asielzoeker. Dat botst als een medewerker van de sociale dienst in Lisse, de ISD Bollenstreek, achterhaalt dat Mazen weer eens naar het buitenland is gevlogen om internationaal zijn verhaal te doen.

Het is niet de bedoeling dat hij zomaar ‘op vakantie’ gaat, zegt ze volgens Amer, die bij het gesprek tolkt. Mazen moet reizen vooraf aankondigen. Dan wordt zijn uitkering gekort gedurende de dagen dat hij in het buitenland is. Dat Mazen getuige is in een zaak van internationaal belang, maakt bij de ISD Bollenstreek weinig indruk. ‘De manier waarop de ISD hem ondervroeg leek op de geheime dienst in Syrië’, zegt Amer. ‘Ze oefenden veel druk uit.’

De ISD Bollenstreek zegt vanwege ‘de privacy van onze klanten’ niet op deze zaak te kunnen reageren. Wel stelt de sociale dienst in het algemeen dat het doel is ‘inwoners zo zelfstandig mogelijk te laten zijn op het gebied van werk, inkomen en zorg’. Het ontvangen van een uitkering gaat samen ‘met rechten en plichten’. ‘Als iemand zich niet aan de regels houdt en iemand reageert na herhaaldelijke verzoeken niet, dan kan het zijn dat de ISD een uitkering stopt.’

Het breekpunt

Op 12 november 2019 gaat het mis. Bij thuiskomst ontdekt Mazen dat zijn sleutel niet meer in het voordeurslot past. Hij is door Woningstichting Stek uit zijn flat in Hillegom gezet. Later zal hij aan zijn zwager Amer vertellen dat hij de huur al maanden niet betaald heeft.

Ontruiming is het laatste middel als pogingen om een huurder te helpen met het wegwerken van huurachterstanden mislukken, zegt woordvoerder Liesbeth Gort van Woningstichting Stek. Ze wijst op het speciale ‘Vroeg eropaf’-team in de Bollenstreek, dat eerst aanklopt voor ‘stut en steun’ bij huurders met een betalingsachterstand. ‘We komen daarbij natuurlijk ook veel ggz-problematiek tegen’, zegt Gort. ‘Met het sociaal team van de gemeente en het zorgnetwerk proberen we dan naar oplossingen te zoeken.’

‘We houden altijd rekening met bijzondere omstandigheden en dat hebben we hier ook gedaan. Maar als werkelijk niets helpt, staat een woningcorporatie ‘met de rug tegen de muur’’, zegt Gort. Een ontruiming wordt door de rechter goedgekeurd en altijd vooraf aangekondigd bij de bewoner.

Mazens laptop, met daarop mogelijk bewijsmateriaal tegen de Syrische regering, wordt bij de ontruiming meegenomen door de deurwaarder, O.J. Boeder te Haarlem. Hij wil geen vragen beantwoorden over deze ‘individuele zaak’. In algemene zin, stelt hij, worden bij een woningontruiming zaken met een economische of persoonlijke waarde ‘bij een extern opslagbedrijf bewaard.’ ‘De huurder kan tot dertien weken deze spullen ophalen, daarna worden deze vernietigd.’

‘Paranoïde’

Maar Mazen leeft in een andere werkelijkheid. Hij vertelt een kennis in Schotland, de publicist Idrees Ahmad, dat ‘mensen van Nederlandse inlichtingendiensten hadden ingebroken in zijn huis en documenten in beslag namen’. Ahmad voegt eraan toe dat Mazen ‘erg paranoïde’ was.

Zonder huis en bezittingen trekt hij in bij zijn zus Maha en zwager Amer in Hillegom. Daar zit hij op de grond, gewikkeld in een deken. Hij eet nauwelijks. Blowt veel. Brabbelt nachtenlang tegen de telefoon. ‘Ik dacht: tegen wie zit hij toch te praten?’, zegt Amer. ‘Maar er was niemand aan de andere kant van de lijn, hij had het tegen zichzelf.’

‘Ik wil terug naar Syrië’, zegt Mazen bij herhaling. Omdat hij zo verward lijkt, neemt niemand dit plan serieus.

Op 15 februari vertrekt Mazen uit Hillegom. ‘Ik ga naar vrienden in Duitsland’, zegt hij bij het afscheid. Zijn zus, zwager en neef denken dat hij mogelijk contacten had met Syriërs in Berlijn die voor het regime werken. Mogelijk was hij uit op een deal: hij terug naar Syrië, in ruil daarvoor meerdere familieleden vrij die daar nog in de gevangenis zitten. Op sociale media doen geruchten de ronde dat Mazen hiervoor de Syrische ambassade in Berlijn heeft benaderd. Op de diplomatieke post aan de Rauchstrasse wordt deze week de telefoon niet opgenomen.

Syrische ambassades in Europa zijn een gekende uitvalsbasis voor spionnen van Assad. ‘Die ambassade-maffia probeert vluchtelingen in Duitsland onder controle te houden’, zegt Ziad, Mazens neef in Krefeld. Volgens Niod-onderzoeker Ugur Üngör is het ‘honderd procent zeker’ dat Syrische inlichtingendiensten ook actief zijn in Nederland.

Terug in Syrië?

Het eerste bericht dat Mazen in Syrië zou zijn, verschijnt op zaterdag 22 februari op een pro-regime-Facebookgroep. Daarop belt neef Ziad met Mazen. Dit gesprek, gevoerd via Whatsapp, is het enige bewijs dat Mazen op dat moment in Damascus verblijft. Volgens Ziad zegt Mazen dat hij van de Syrische autoriteiten mag kiezen: of hij ondergaat in Damascus ‘een klein onderzoek’, of hij neemt op zondag 23 februari de rechtstreekse vlucht naar Khartoem, de hoofdstad van Soedan, om vanuit daar terug naar Nederland te reizen.

‘Ik vond het raar en ongeloofwaardig klinken’, zegt Ziad. ‘Maar dat is wat hij zei. Hij was niet in goede staat, hij praatte vreemd. Alsof ze hem pillen hadden gegeven, of drugs.’ Ziad drukt hem op het hart om te proberen Syrië te verlaten, ‘maakt niet uit naar welk land’. Om 12 minuten na middernacht op zondag 23 februari kijkt er voor het laatst iemand op Mazens Whatsapp.

De politie in Nederland onderzoekt Mazens verdwijning. De districtsrecherche Leiden-Bollenstreek vraagt getuigen om zich te melden. Een woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken laat weten dat Nederland ‘geen consulaire bijstand kan leveren in Syrië’ en dat tot nu toe geen navraag is gedaan naar de huidige verblijfplaats van Mazen. Hoe Mazen überhaupt naar Syrië kan zijn gereisd, is onduidelijk. Volgens zijn familie had hij geen geldig paspoort meer.

‘Een politieke en morele overwinning voor het regime’, noemt onderzoeker Üngör de vermoedelijke terugkeer van Mazen naar Syrië.

In hun doorzonwoning in Hillegom hopen zijn zus en zwager op een teken van leven. Mazen was in Nederland al kwetsbaar, laat staan als hij in handen is gevallen van ambtenaren van Assad. ‘Het regime heeft vuile manieren’, zegt zwager Amer. ‘Wij vrezen dat Mazen over een tijdje gedwongen op de Syrische televisie komt om te zeggen: alles wat ik eerder heb verklaard, is niet waar.’

Lees ook:
Politie onderzoekt de verdwijning uit Hillegom van prominente gemartelde Syrische asielzoeker 
De Syrische asielzoeker Mazen al Hummada geldt internationaal als een belangrijke getuige over martelingen door het regime van de Syrische president Assad. ‘Bid voor me,’ was het laatste dat zijn familie van hem vernam.

Interview Mazen Hamada
‘Ik voelde de spieren in mijn polsen langzaam scheuren en schreeuwde het uit van de pijn’, vertelt Mazen Hamada in 2014 tegen de Volkskrant over de gruwelijke martelingen die hij onderging in Syrië.  

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden