Hoe de collectie moderne kunst in Uden werd 'opgeschoond'

Het Brabantse Uden heeft nog geen veertigduizend inwoners, maar een collectie moderne kunst om 'u' tegen te zeggen. De verzameling Brabantse kunst, waarvoor meer dan dertig jaar geleden de basis werd gelegd, omvat werk van gerenommeerde kunstenaars als René Daniëls, Henk Visch, Teun Hocks, JCJ Vanderheyden, Jan van Eyk en...

Van onze verslaggeefster

Truus Ruiter

UDEN

In de Udense Pronkkamer is nu een selectie te zien uit de Collectie Uden, waarvoor een bestandscatalogus is gemaakt. De aanleiding voor de presentatie is een 'grootscheepse opschoningsactie', die de gemeentelijke collectie van 1100 kunstwerken heeft teruggebracht tot honderdtwintig stuks. De collectie vroeg al jaren om een betere presentatie.

Het kunstbezit is in de periode 1964 - de toenmalige Udense burgemeester Gerard Schampers riep hoogstpersoonlijk een kunstaankoopcommissie in het leven - tot 1986 opgebouwd. Veel werk verwierf de gemeente door de Beeldende Kunst Regeling (BKR), maar ook waren er schenkingen en langdurige bruiklenen van de Rijksdienst Beeldende Kunst.

Tot voor kort hingen de kunstwerken verspreid over verschillende instellingen: in scholen, het gemeentehuis, bij de brandweer en sociale dienst. 'De omstandigheden waarin de kunst werd getoond was verre van ideaal', zegt Netty van de Kamp. Zij werd vorig jaar aangesteld als projectcoördinator Collectie Uden en mag zich sinds kort conservator van de Pronkkamer noemen, waarmee ze het beheer over de collectie heeft gekregen. 'Bovendien oversteeg de waarde van het object in veel gevallen de plek waar het hing.'

Alles werd teruggehaald - een enkel werk bleek mét een voormalige directeur te zijn verdwenen of zoekgeraakt na fusies - en het deed Van de Kamp goed te merken dat er soms met pijn en moeite afstand werd gedaan van de kunstwerken. De kunst werd gewaardeerd, al was het maar uit gewoonte. Echter, op een enkele uitzondering na, zal niets naar de oude plek terugkeren.

De conservators Elly Stegeman en Sonja Herst van De Beyerd in Breda, die als 'externe deskundigen' werden uitgenodigd in de selectiecommissie zitting te nemen, waren onder de indruk van de Udense verzameling. Voor De Muze als motor, een grote tentoonstelling over Brabantse kunstenaars in De Beyerd, kon Uden vorig jaar twee werken van Henk Visch en Theo Kuijpers uitlenen.

Van de 1100 kunstwerken is vorig jaar ongeveer de helft, in de meeste gevallen BKR-werk, teruggegeven aan de kunstenaars. Een paar honderd stuks blijven in de gemeentecollectie, die los staat van de Collectie Uden. Deze verzameling zal in wisselende tentoonstellingen op het gemeentehuis te zien blijven.

Het drastische opschoningswerk van de selectiecommissie is in Uden niet door iedereen in dank afgenomen. Tijdens de opening van de tentoonstelling in de Pronkkamer fulmineerde oud-burgemeester Schampers tegen de commissieleden, die zich te veel door hun eigen smaak hebben laten leiden, vindt hij. Volgens Schampers worden door hun keuze zowel de kunstaankoopcommissie van weleer als de eertijds aangekochte kunstenaars 'voor schut gezet'.

'We hebben op kunsthistorische en kunstzinnige kwaliteiten geselecteerd', zegt Van de Kamp, die duidelijk verlegen is met de kritiek. Haar opdracht van de gemeente was simpel: stel uit het gemeentelijke kunstbezit een museale collectie samen die een representatief beeld geeft van de ontwikkelingen van de beeldende kunst in Brabant sinds 1945. De vraag wanneer iemand een 'Brabantse kunstenaar' kan worden genoemd, was een lastige. 'Hij moet hier zijn roots hebben en langere tijd hier hebben gewerkt', zegt Van de Kamp, 'maar als hij lang in Brabant heeft gewerkt, mag hij ook van elders komen.'

Ze moet toegeven dat de noemer 'Brabantse kunst' niet impliceert dat er zichtbaar eenheid in de collectie bestaat. De kleine veertig werken die nu in de Pronkkamer hangen geven hun gemene deler, zeker op het eerste gezicht, niet gemakkelijk prijs. Maar Van de Kamp ziet bijvoorbeeld in het werk van Jan de Bie, Leon Adriaans en Johan Claassen wel een bepaalde verwantschap, in de inspiratie die ze uit de Brabantse natuur halen. Ook het werk van Jan van Eyk en Gérard Princée vertoont overeenkomst, in kleurgebruik, vooral aardetinten.

Het is de bedoeling dat de gedecimeerde Collectie Uden in de toekomst weer gaat groeien. De commissie heeft een aantal richtlijnen uitgezet en het wachten is op de politiek die moet beslissen over een nieuw aankoopbudget.

Collectie Uden, Beeldende kunst in Brabant 1945-1995. In Pronkkamer Uden, t/m 4 mei. Open: wo t/m vr 14 tot 17.30 uur, za en zo 13 tot 16.30 uur. Catalogus ¿ 40,-.

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.