Hitler, de eenzaamste man aan de frontlijn

Klakkeloos werd aangenomen dat Adolf Hitler als een halve held uit de Eerste Wereldoorlog terugkeerde. Een Duitse historicus toonde aan dat de werkelijkheid een stuk ontluisterender is.

Adolf Hitler was een oorlogsheld. Vier jaar deelde hij het slijk van de loopgraven met zijn kameraden, trotseerde kogels en granaten en was wegens grote moed onderscheiden met het IJzeren Kruis. Dat hij de Eerste Wereldoorlog überhaupt overleefde was puur toeval. Althans, zo presenteerde Adolf Hitler zich aan het Duitse volk. De meeste historici namen dit verhaal in hoofdlijnen over. Maar de Duitse historicus Thomas Weber dook dieper in de archieven en ontdekte dat er niets klopte van Hitlers heldenverhalen.


Hitler werd door frontsoldaten een Etappenschwein genoemd, een soldaat die dienst deed in de relatief veilige linies achter de loopgraven. Het IJzeren Kruis had hij slechts te danken aan zijn goede connecties met zijn officieren. Ironisch genoeg kreeg hij deze onderscheiding op voordracht van een Joodse commandant.


'De Britse kranten schreven naar aanleiding van mijn boek dat Hitler een lafaard was. Dat heb ik nooit gezegd. Hij was koerier achter het front. Dat was een gevaarlijk baantje, ik zou niet graag met hem willen ruilen. Maar hij liep veel minder gevaar dan de soldaten in de loopgraven', zegt Thomas Weber, docent aan de universiteit van Aberdeen, die vorige week in Amsterdam de Nederlandse vertaling van zijn boek presenteerde, Adolf Hitler en de Eerste Wereldoorlog.


Tussen 1914 en 1918 was Hitler een doodgewone soldaat. Daarom waren er maar weinig bronnen, afgezien van zijn eigen opschepperijen in Mein Kampf. Aanvankelijk wilde Weber Hitlers regiment onderzoeken. 'Ik dacht: als ik meer weet over het regiment, begrijp ik ook meer van de context waarin Hitler de Eerste Wereldoorlog meemaakte. Maar tot mijn verrassing vond ik ook veel nieuwe informatie over Hitler zelf', zegt Weber. 'Sommige archieven waren slecht ontsloten. Mede daardoor waren documenten nog nooit bekeken.'


Elf dagen

Hitler diende slechts elf dagen aan het front. Hij vocht mee in de eerste slag bij Ieper, waarbij een kwart van zijn regiment sneuvelde. Maar Hitler overleefde en werd als koerier aangesteld. Hij bracht berichten van het regimentshoofdkwartier naar het bataljonshoofdkwartier, in de achterste linie van het front. Hitler is maar zelden in een loopgraaf geweest. 'In het boek staat een foto van de acht koeriers van Hitlers regiment. Ze hebben allen de oorlog overleefd, op eentje na, maar die werd overgeplaatst naar Roemenië. Het is niet bekend of hij daar ook koerier was', zegt Weber.


Het beeld dat hij zijn berichten zigzaggend tussen de kogels en granaten moest afgeven, is dan ook zwaar overdreven. Hitler lag soms onder vuur van de artillerie, maar had nooit te maken met machinegeweervuur, dat veel meer slachtoffers maakte. Ongevaarlijk was het werk natuurlijk niet. Hij raakte twee keer gewond. Een keer werd hij getroffen door een granaatscherf, een keer raakte hij blind doordat hij in aanraking was gekomen met mosterdgas. De hoeveelheid was echter zo klein dat zijn gezichtsvermogen niet echt was aangetast. In het militair ziekenhuis werd hij dan ook niet behandeld op de afdeling oogheelkunde, maar op de afdeling psychiatrie wegens 'oorlogshysterie' en 'hysterische blindheid'. De oorlog was hem simpelweg te veel geworden.


Hitler bleef de hele oorlog koerier: 'Hij was een goede, gewetensvolle soldaat. Hij klaagde nooit en deed altijd wat hem werd opgedragen. Zijn superieuren waren blij met hem. Er is echter nooit sprake van dat hij tot onderofficier zou worden bevorderd. Ironisch genoeg beschikte hij absoluut niet over leiderschapskwaliteiten. Hij was een vreemde man met gebrekkige sociale vaardigheden. Niemand wilde hem de leiding over ook maar één andere soldaat toevertrouwen.'


Hitler zelf lijkt het onderscheid tussen frontsoldaten en Etappenschweinen achter het front niet zo scherp te hebben gezien. Bij een ontmoeting een paar honderd meter achter het front had hij zijn epauletten afgedaan. In gevechtszones was dat gebruikelijk, om te voorkomen dat de eenheid door de vijand zou worden herkend. De soldaten die uit de loopgraven kwamen, hadden hun epauletten gewoon op, omdat ze vonden dat ze buiten de gevechtszone waren.


Ontgoocheld

In 1922 keerde Adolf Hitler ontgoocheld terug van een reünie van zijn regiment. De frontveteranen negeren hem, omdat ze vinden dat hij nooit werkelijk gevaar heeft gelopen. Het is een zware klap voor Hitler, die zijn regiment als een surrogaatfamilie beschouwde. Bij een met veel publiciteit omgeven reünie in 1934 kwam hij zelf niet opdagen.


Begin jaren dertig werd hij scherp aangevallen door enkele voormalige regimentsgenoten, die onthulden dat Hitlers oorlogsverleden lang niet zo glorieus was als hij zelf deed voorkomen. Hitler wist deze kritiek succesvol de kop in te drukken, enerzijds door keiharde rechtszaken te voeren, anderzijds door de verhalen af te doen als rancune van politieke tegenstanders. Weber: 'In een Amerikaans archief vond ik een mooie brief van een medekoerier. Die schreef: kom op, Adolf, we hebben onze plicht gedaan, maar jij weet net zo goed als jij dat we lang niet zo veel gevaar liepen als de soldaten aan het front.'


Weber suggereert ook dat Hitler bevattelijk was voor de 'dolkstootlegende' - de rechts-nationalistische mythe dat Duitsland de oorlog verloor door een 'dolkstoot' in de rug van socialisten en Joden - omdat hij de ergste verschrikkingen van de oorlog niet meemaakte. 'Natuurlijk zag hij ook veel ellende. Maar hij verbroederde zich nooit met de soldaten aan het front', zegt Weber. Bovendien was hij wegens verwondingen in Duitsland op de momenten dat er het hevigst gevochten werd. Hij maakte derhalve niet mee hoe de Duitsers geen dolkstoot, maar een frontale aanval te verduren kregen.


Wie Webers boek leest, krijgt bijna medelijden met Hitler. Hij was waarschijnlijk de eenzaamste man in de oorlog. Hij schreef en ontving zelden brieven. Anders dan de meeste andere soldaten kreeg hij nooit een pakketje met lekkernijen. Hij stond weliswaar op goede voet met zijn officieren en collega-koeriers, maar mengde zich zelden onder de andere soldaten. Toen zij op verlof de cafés en bordelen van Lille onveilig maakten, trok Hitler zich terug om gebouwen te tekenen.


Zijn beste vriend was het zwerfhondje Foxl waarover hij zich ontfermd had. 'Hij rookte niet, hij dronk niet, hij maakte nooit lol. Hij was niet in staat om emotionele banden met anderen aan te gaan', zegt Weber. 'Mensen beschouwen hem als een zeer vreemde figuur.'


Thomas Weber heeft veel nieuwe gegevens boven water gehaald, maar maakt het raadsel Hitler alleen maar groter. Vaak is aangenomen dat Hitlers antisemitisme een product was zijn armoedige periode in het vooroorloogse, multi-etnische Wenen. De Oostenrijkse historica Brigitte Hamann heeft echter laten zien dat Hitler in die tijd helemaal niet zo'n antisemiet was en volop zaken deed met Joden. Ook de Eerste Wereldoorlog is vaak beschouwd als een periode die Hitler heeft gevormd. Maar Weber toont aan dat Hitlers oorlog lang niet zo dramatisch was als hij zelf altijd heeft gezegd.


Ook zijn politieke ideeën waren nog niet uitgekristalliseerd. Hij trakteerde zijn medesoldaten wel eens op rechts-nationalistische tirades, maar die waren gericht tegen het Habsburgse Rijk of de geallieerde vijand. Van de nazi-ideologie was hij nog ver verwijderd.


Raadsel

Het grootste raadsel schuilt echter in de persoonlijke transformatie die Hitler onderging in 1919, toen hij terugkeerde in München. Aanvankelijk was hij totaal in de war. Hij liep zelfs mee in de begrafenisstoet van Kurt Eisner, de man die Beieren tot een socialistische republiek uitriep en door een rechtse nationalist werd vermoord. Op filmmateriaal is te zien hoe Hitler achter de kist liep, met een zwarte rouwband en een rode armband die socialistische revolutie symboliseerde. Maar in december 1919 werd hij lid van de Deutsche Arbeiterpartei, de latere NSDAP.


Toen hij in 1920 op 31-jarige leeftijd het leger verliet, was hij een eenzame, maatschappelijk mislukte veteraan, door iedereen beschouwd als een vreemde vogel zonder leiderscapaciteiten. Hoe kon deze man van de NSDAP een succesvolle partij maken?


Weber: 'Het is niet zo verrassend dat Hitler na de oorlog in extreem-rechts vaarwater terecht kwam. Maar het is wel verrassend dat hij opeens geen volgeling meer is, maar een leider. Waarom is hij geen manusje-van-alles voor de NSDAP geworden? Dat zou veel meer in de lijn der verwachtingen hebben gelegen. In München heeft zich in korte tijd een radicale verandering in persoonlijkheid voorgedaan. Wat er precies gebeurd is, weten we niet, ook omdat er maar weinig bronnen over zijn. Na dit boek was ik een beetje Hitler-moe, maar ik wil toch verder in die periode duiken. Maar het is best mogelijk dat het raadsel nooit opgelost zal worden.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden