Hippe vogels

Ze troffen elkaar in het veld, en lieten niet meer los. Vogelvrienden, misschien wel voor het leven: de hoaxbirders, een clubje jonge vogelaars dat zich ontworstelt aan het Nico-de-Haan-imago van de vogelwereld....

‘Chris merkte een of ander debiel, licht, langstaartig beestje op dat hij (met zijn ongekende fingerspitzengefühl) niet snel genoeg kon determineren.

Terwijl Teun en Chris over de determinatie gingen clinchen, werden ze luidkeels teruggeroepen. Bang om een ongekende mega te missen, renden ze terug om uit te vinden dat het een schitterende wielewaal was... op 3 km afstand.’ Verslag van een uitstapje door de hoaxbirders. De wie? De hoaxbirders, de geuzennaam die vier jonge, hippe vogelvrienden zichzelf gaven op de gelijknamige website (www.hoaxbirders.tk). Bevlogen vogelaars van onder de twintig, uitgerust met baggy broeken, brede zonnebrillen en de juiste sneakers. En een tomeloze liefde voor de vogels dus.

Vogelaars? Dat zijn toch die stoffige oude mannen met een ringbaardje, een geblokte wollen trui en groene kaplaarzen? Mannen die in het doffe dieptepunt van hun midlifecrisis en bij gebrek aan minnaressen nieuwe zin vonden in pietjeskijken?

Nee dus. Toegegeven, de vogelaarswereld zelf doet niet altijd erg zijn best zich van zijn clichés te bevrijden, maar het kan anders. Het vogelen heeft een vlucht genomen, en tussen de kijkers bevinden zich tegenwoordig ook dertigers en veertigers die zich schoorvoetend bekennen tot het kijken, en ook zien.

‘Met jonge vogelaars wil het niet vlotten’, schreef het Nederlands Dagblad onlangs na een bezoekje aan het jaarlijkse Vogelfestival in de Flevopolder. Tussen de tienduizend bezoekers viel geen gelkuif te bespeuren. ‘De vele spelcomputers en sportverenigingen zijn een geduchte concurrent’, aldus de krant.

Onzin. De ‘hoaxbirders’ hebben het niet zo op het circus van verrekijkerverkopers en reisbureaus, dat hen net te commercieel is.

Maar ze zijn er, in het veld met hun kijkers, meewarig of vol onbegrip aangestaard door passerende fietsers die het niet kunnen laten iets te roepen. ‘Ben ik in beeld?’ Ze weten: het is nog steeds niet erg sexy om te zeggen dat je vogelaar bent. Maar daar gaan de jonge vogelvrienden wat aan doen, met een website vol grappen en grollen. In de vogelaarswereld groeit hun bekendheid.

Onlangs werd een van hen al herkend: ‘Hé, jij bent er een van de hoaxbirders!’ Hoaxbirders – ‘nepvogelaars’, die een dagje vogels kijken bij voorkeur afsluiten met een pint of vijftien, eerder dan met Petersons vogelgids. Jongens zijn het, maar aardige jongens. Even voorstellen, in hun eigen woorden: Christian Brinkman (18). ‘Nestor, maar minst serieus. Kritisch tot hij het bloed onder je nagels vandaan heeft gehaald, dan is-ie weer lief. Tekenaartje en detailfreak. Libellenfanaat met vlinder-obsessie.

Ontdekt zelden iets, alleen als de nood hoog is. Gooisch balletje.

Warning: houdt van de Engelse taal.’ Teun van Kessel (17). ‘Jongste telg met meeste soorten. Casanova en hartenbreker. Laat haast niks schieten, behalve de echte mega’s als kroonboszangers, sperweruilen en Amerikaanse bosruiters.

Heeft sinds kort geen haar meer, kan ook erg goed pannekoeken bakken.’

Thijs Fijen (17). ‘Optimist ten voeten uit, bezig baasje met leidersinstinct.

Laat weleens iets schieten, want moet vaak in de friettent werken van zijn kale baas. Wel is hij afgelopen jaar gestopt met voetballen, waardoor hij nog meer tijd heeft voor vogeltjes.’ De hoaxbirders dus, aangenaam. Deze weken, na de voor vogelaars altijd wat lome zomertijd, staan ze weer in velden, op dijken, met kijkkanonnen op statief, camera’s, en een biertje aan het eind van de middag. De najaarstrek – daar moeten ze bij zijn.

Het Zeeuwse Breskens is hun favoriete plek: door zogeheten stuwing van wind en de grens van zee en land worden vogels op doortocht er bijeengedreven. Zomaar drieduizend zwaluwen op een dag, recht boven je hoofd – kicken! Bijeneters, kiekendieven, wielewalen en een kwak schoten er voorbij.

Op hun website staat het allemaal te lezen, tussen de blijdschap als een van hen met een auto komt voorrijden om de Zeeuwse dijken af te struinen: Eindelijk een keer níét op de fiets ‘een dagje je reet aan gort rijden op de ruige boerenweggetjes die de omgeving rijk is’.

Tussen de ironie en zelfspot sijpelt hun liefde door, voor vogel en vogelaar: ‘De francofone voorhoede kreeg eens in de zoveel tijd een belletje van een Belgisch team in de Clethemspolder. Alleen al het zoete toontje waarop Christophe Gruwier ‘Roodstuitzwaluw, Clethemspolder’ zei, zou je dag al goed maken. De vogel dan ook zien was niets meer of minder dan een geinig extraatje.’ Behulpzaam lichten ze hun eigen jargon toe. Roept er een ‘Wita!’, dan weet de rest genoeg: wintertaling. Een ‘Zillie’: zilverreiger, meestal de grote. Robotap? Ja, natuurlijk: roodborsttapuit. En hebben ze het eindelijk over ‘AZ’, dan gaat het meestal toch weer niet over Louis van Gaal en zijn ploeggenoten, maar over een nog niet precies geïdentificeerde Alk of Zeekoet.

Dat vogels kijken ook zonder gietijzeren ernst kan, leerden ze van de ‘Punkbirders’, een Brits gezelschap van een tikje maffe, maar bezeten vogelaars dat zich op dezelfde wijze tracht te onderscheiden van het traditionele, pluizige wereldje. Ook zij onderhouden een website vol nieuws en weetjes betreffende de vogel (www.freewebs.com/punkbirder/latestsightings.htm), en het is de toon die het hem doet, vol zelfspot en humor.

De hoaxbirders zitten voor hun site al een tijdje te dubben over het maken van een ‘beetje Draadstaal-achtig filmpje’ over Nico de Haan, de eeuwige televisievogelaar. Een parodie, om het clichébeeld even weg te zetten. Niets ten nadele van Nico de Haan, ook zij hebben veel te danken aan ’s mans wijsheid en deskundigheid.

‘Heel veel mensen zijn door hem gaan vogelen. Met zijn cd’s vol vogelgeluiden heb ik leren vogelen.

Handig, al die ezelsbruggetjes’, zegt Thijs. Maar dat beeld, die karikatuur, dat kan natuurlijk niet meer in 2008. Christian: ‘Als je nu ergens op een populaire plek gaat vogelen, is één op de tien zo’n standaardtype, met ringbaardje en geitenwollen sokken.’ Thijs: ‘Echte jongeren van onze leeftijd, dat zijn er ook maar één op de tien. Er is onder de vogelaars een grote middengroep ontstaan.

De dertigers en veertigers’.

Christian: ‘Ik denk dat beginnen met vogelen op je 25ste, als je midden in de kleine kinderen zit, lastiger is. Je moet er vroeg in zijn gerold, of het komt later. Of nooit.’ Met hun site hopen ze de nieuwe generatie vogelaars te binden.

Die is er, maar je ziet of hoort ze nauwelijks. Christian, behept met een voorliefde voor de Engelse taal, kijkt met jaloerse blik naar de overzeese buren. Hij zag eens een jongen in een T-shirt met de tekst: ‘I love great tits’. Daaronder de reusachtige afbeelding van een koolmees, die andere betekenis van de term ‘great tit’. Puberhumor, maar lachen. Christian: ‘Dat lukt in het Nederlands niet, jammer genoeg’.

Vogelen kwam zomaar in hun leven, vrij toevallig. Christian: ‘Ik bladerde laatst door het boek dat mijn ouders bijhielden toen ik klein was. Daarin stond het eerste woord dat ik ooit zei: ‘Ogel.’ Blijkbaar was ik er toen al mee bezig.’ Ze troffen elkaar in het veld, en lieten niet meer los. Vogelvrienden, misschien wel voor het leven. Sinds kort studeren ze alle drie bosen natuurbeheer, al is het verspreid over mbo-, hbo-, en universitair niveau. Ieder hoopt zo ooit zijn vogelmanie te gelde te kunnen maken, als onderzoeker of betaald vogelteller.

Vroegen hun ouders zich nooit af of hun gezonde jongens niet op voetbal moesten? Thijs: ‘Ik ben juist gestopt met voetbal om meer te kunnen vogelen.

Vroeger maakten mijn ouders zich daar zorgen om, omdat ik een beetje te veel vogelde. Nu niet meer.’ Teun: ‘Had ik ook. Ik ben nu van de havo naar het mbo gegaan.

Mijn ouders denken dat dat door het vogelen komt.’ Thijs: ‘Ik heb wel gehad dat ik tijdens de les op school een sms’je kreeg dat er ergens een vogel gezien was. Dan kriebelt het.’

Teun: ‘Ik heb ooit paar dagen gespijbeld om te vogelen. Dat weten mijn ouders nog niet eens.’

Wat hen trekt: de schoonheid, de opwinding, de snelheid van de halve seconde waarin je je beslissende diagnose soms moet stellen: maar weinig vogels zijn bereid te wachten tot ook de laatste zijn vogelgids (Vogels van Europa en Noord-Afrika) helemaal heeft doorgebladerd. Jonge jagers zijn het. Thijs: ‘Je kunt blijven kijken, nooit raak je uitgeleerd.’

Broekies lijken ze misschien in de vogelwereld, maar toch hebben ze een indrukwekkende lijst waarnemingen door het hele land. Roodstuitzwaluwen, Cetti’s zangers, bruine kiekendieven, duinpiepers, een manke kraanvogel (en Pekingeend) gieren door hun verslagen. Onderschat hen niet. Thijs: ‘In Zeeland hebben we eens de zwartkopgors gespot. Dat geef je dan door. Bekende vogelaars van naam reageerden ongelovig op onze melding. Later zijn ze toch maar komen kijken, en drie dagen later stonden er een paar honderd vogelaars te turen. Dan ben je dus wel even de held.’ Soms trekken zeldzame vogels weliswaar honderden twitchers (soortenjagers), maar kan het beestje de jongeren maar matig boeien. ‘Meer een roestige tjiftjaf.’ Hun favorieten blijken doodgewone dieren. Christian gaat in het voorjaar op zoek naar de zwarte specht, maar het meest wordt hij geraakt door ‘ordinaire’ spreeuwen: ‘Zo’n bal in de lucht met een paar duizend vogels die allemaal één kant opdraaien, betoverend blijft dat.’

Thijs: ‘Ik ben met weinig tevreden. Een visarend, dat vinden veel vogelaars te mager, maar mijn dag is dan al goed.’ Teun houdt het op een stormvogeltje. ‘Met windkracht 9 op een dijk in West-Kapelle, en dan een vogeltje zo groot als een spreeuw over zee zien vliegen. Niet spectaculair gekleurd, gewoon wit met zwart. Maar dat die beesten heel de wereld rondzwerven, dat is toch geweldig?’

Trouwens: bij Den Helder hadden de vrienden eens twee mussen vol in beeld. ‘Als je goed kijkt, zijn dat eigenlijk hartstikke mooie beesten.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.