Hij vocht zaak na zaak voor het recht om zijn kinderen te zien

Bas van 't Hoff over de eenzame strijd tegen de instanties

Rechercheur Bas van 't Hoff voerde een lange juridische strijd om na zijn scheiding het contact met zijn kinderen te herstellen. Hij richt zich vooral op de instanties, zoals de kinderbescherming en jeugdzorg. 'Ze lijken soms eerder het conflict te versterken dan te sussen.'

Bas van 't Hoff: 'Als ik al deze mappen zie, denk ik: waar heb ik de kracht vandaan gehaald?' Foto Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Bas van 't Hoff (56) was veertien jaar getrouwd toen zijn vrouw hem verliet. Op die dag in april 2000 nam ze hun drie kinderen mee: het meisje was toen 5,5 jaar oud, de jongens 1,5 en 3,5 jaar.

'De dag ervoor had ik nog kikkervisjes met hen gevangen en waren we naar de kermis geweest', zegt Van 't Hoff. 'En nu zat ik alleen in een eengezinswoning. Het kwam voor mij als een donderslag bij heldere hemel.'

Aanvankelijk dacht hij nog: het is voor even dat mijn kinderen niet bij mij zijn. Totdat doordrong: dit is permanent. 'Dan voel je je totaal verloren', zegt Van 't Hoff. 'Het is heel apart dat iemand zo de kinderen kan meenemen en de achterblijvende ouder nergens terechtkan.'

Rustig en bedachtzaam praat hij, zittend aan zijn eettafel in nog diezelfde jarentachtigwoning in Mijnsheerenland. Daarop staan dikke ordners met documenten van zijn jarenlange juridische strijd om zijn kinderen te kunnen zien. 'Als ik al deze mappen zie, denk ik: waar heb ik de kracht vandaan gehaald?'

Rechters treden strenger op bij echtscheidingen

Naar schatting in 5 procent van de 35 duizend echtscheidingen per jaar zien vaders - en tegenwoordig steeds meer moeders - hun kinderen niet meer door problemen met de naleving van de omgangsregeling.

Volgens hoogleraar familie- en jeugdrecht Paul Vlaardingerbroek van de Universiteit Tilburg verliezen ongeveer tweeduizend ouders per jaar het contact met hun kinderen.

Lees hier het hele artikel.

Duizenden ouders

Van 't Hoff is een van de duizenden ouders, voornamelijk vaders, die na hun scheiding langdurig hebben gestreden voor contact met hun kinderen. Dat kan gebeuren omdat bijvoorbeeld een ex de omgangsregeling niet nakomt.

Wat hem onderscheidt: Van 't Hoff, al dertig jaar rechercheur bij de politie, geeft niet op. Door zijn achtergrond, zegt hij, kan hij in een rapport zien waar de redenering rammelt, waar feiten en meningen door elkaar lopen. Meer dan 40 duizend euro heeft hij uitgegeven aan rechtszaken. 'Ik voer deze strijd ook voor andere ouders in deze situatie.'

Bij een scheiding zijn altijd twee kanten van het verhaal; de voormalige geliefden zijn vaak het zicht op het geheel kwijtgeraakt in hun verwoede strijd om het eigen gelijk. Het gaat in Van 't Hoffs betoog over de rol van de instanties, zoals de Raad voor de Kinderbescherming en Jeugdzorg, rechters en advocaten, bij het toewijzen van de kinderen. 'Zij lijken soms eerder het conflict te versterken dan te sussen.' De vele rapporten, rechterlijke uitspraken en andere documenten die de Volkskrant kon inzien, ondersteunen zijn lezing.

Kort na het vertrek van zijn vrouw belde Van 't Hoff de Raad voor de Kinderbescherming en de politie. Beide instanties zeiden: we kunnen niets doen. Na drie maanden viel er een brief van de advocaat van zijn vrouw op de mat. Ze wilde scheiden. Hij moest alimentatie betalen en zij wilde het gezag over de kinderen. Van 't Hof spande een rechtszaak aan. De rechter bepaalde dat de Raad voor de Kinderbescherming een onderzoek moest doen.

In september adviseerde de Raad voor de Kinderbescherming om de vader nog zes maanden contact met de kinderen te onthouden. 'Toen sloegen de stoppen door', zegt Van 't Hoff. 'Ik voelde dat ik het contact met mijn kinderen aan het verliezen was.'

In december kon hij het rapport inzien. Hij vond het document 'partijdig'. 'Dat zie je als rechercheur. De Raad voor de Kinderbescherming heeft als beleid het toewijzen van de kinderen aan de ouder waar ze verblijven. Om rust te creëren, is het argument. Daarmee faciliteer je de ouder die uit rancune de kinderen weghoudt bij haar ex-partner. Zo wordt het belang van kinderen geschaad, omdat hun contact met de andere ouder wordt ontnomen.'

Van 't Hoff ging weer naar de rechter. Die oordeelde in februari 2001 dat een andere instantie opnieuw onderzoek moest doen.

Onderzoeksbureau Fora kwam begin 2002 met een nieuw rapport met een heel andere inhoud. Vader heeft voldoende pedagogische kwaliteiten, van moeder is dit twijfelachtig, is de conclusie. Maar de Raad voor de Kinderbescherming zei tegen de rechter dat de kinderen zo lang bij de moeder waren dat ze daar maar moesten blijven. De rechter nam dat advies over.

Middelvinger

'Ik ben netjes opgevoed, maar toen heb ik m'n middelvinger opgestoken naar de rechter', zegt Van 't Hoff. Eind 2003 ging hij opnieuw naar de rechter, om een omgangsregeling met zijn kinderen af te dwingen. Die kreeg hij. Op zaterdag ging hij dan zijn kinderen ophalen in de buurt van Apeldoorn. Dat ging een paar maanden goed. Tot er weer strubbelingen kwamen. Dan waren bijvoorbeeld alle gordijnen dicht als hij bij hun huis aankwam op de afgesproken tijd. Toen is hij naar de politie gegaan. 'In een weekend eind 2005 hebben agenten, toen moeder niet opendeed toen ze aanbelden, de deur geforceerd.'

Is dat niet heel heftig voor de kinderen, als de voordeur van hun woonhuis op last van hun vader wordt opengebroken? 'Er is een omgangsregeling, die moet worden nageleefd', zegt Van 't Hoff. 'We zijn toen naar het strand gegaan en ik heb het de kinderen uitgelegd.'

Toen Van 't Hoff twee weken later weer voor de deur stond van zijn ex, was er niemand thuis. De politie reageerde nu terughoudend. 'Ze hadden op hun kop gekregen, had ik gehoord.'

In februari 2006 ging Van 't Hoff opnieuw naar de rechter. Die vonniste dat er een nieuw onderzoek moest komen door de Raad voor de Kinderbescherming. Die kwam in augustus 2007 tot een heel ander oordeel dan in het eerste rapport: dat moeder het probleem was in dit conflict. Het advies was dat de twee zoons bij vader zouden gaan wonen. De dochter zou bij moeder blijven.

Maar de rechter vond zich niet afdoende geïnformeerd met dit rapport. Er was twijfel of het wel een goed idee zou zijn om de kinderen van elkaar te scheiden. De rechter legde een ondertoezichtstelling op voor de kinderen, uit te voeren door Jeugdzorg. Ook mocht de vader de kinderen weer zien.

Lees verder onder de foto.

'De overheid is er medeverantwoordelijk voor dat ik mijn kinderen zo lang niet heb gezien.' Foto Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Met de ondertoezichtstelling kwam er een gezinsvoogd van de Jeugdbescherming van het Leger des Heils. 'Ik belde haar: wanneer gaan we beginnen met het uitvoeren van de omgangsregeling?', zegt Van 't Hoff. Hij merkte dat het stroef liep. Volgens de moeder wilden de kinderen niet bij hun vader zijn. 'De jeugdvoogd ging duidelijk achter de moeder staan. Al snel wilde de voogd het contact met mij beëindigen.'

Hij werd zwartgemaakt, zegt Van 't Hoff. Ging hij naar de school van zijn dochter om met leerkrachten haar voortgang te bespreken, dan omschreef de advocaat van zijn ex dat als 'het heimelijk bespieden van zijn dochter'. Ook daartegen heb ik een klacht ingediend, zegt Van 't Hoff. 'Ze is berispt.'

Eind 2009 stonden in weer een rechtszaak tot zijn verbazing de Raad voor de Kinderbescherming en Jeugdzorg lijnrecht tegenover elkaar. Waar Jeugdzorg vindt dat de drie kinderen bij de moeder moeten blijven, vindt de Raad dat de twee jongens naar de vader moeten. In januari 2010 oordeelde de rechter, na bijna tien jaar strijd, dat de twee jongens naar hun vader gaan. Toen kwamen de jongens, dan 11 en 13 jaar oud, bij hem wonen.

Leger des Heils

Van 't Hoff heeft een klacht ingediend tegen de in zijn ogen partijdige werkwijze van de gezinsvoogd van het Leger des Heils. De Nationale Ombudsman gaf hem in 2011 gelijk. Jeugdzorg heeft onvoldoende professioneel gehandeld, oordeelt die. 'Jeugdzorg heeft zich daarmee onderdeel van het conflict gemaakt en heeft zich meerdere malen onnodig sterk tegenover vader gepositioneerd. Hij is steeds opnieuw weggezet als niet meewerkend, rechtlijnig, standvastig, lastig en hoofdverantwoordelijk voor het ontstane probleem.' De ombudsman raadt de afdeling van het Leger des Heils aan haar werkwijze aan te passen en 'structureel meer aan zelfreflectie te gaan doen'.

Van 't Hoff besloot de jeugdbescherming van het Leger des Heils ook voor de rechter te dagen. Het gaat hem om het principe, zegt hij. 'De overheid is er medeverantwoordelijk voor dat ik mijn kinderen zo lang niet heb gezien. Het beleid van instanties om één ouder buitenspel te zetten, meestal de vader, maar tegenwoordig steeds vaker de moeder, richt zo veel schade aan. Dat wil ik bestrijden, voor anderen, na mij.'

Geheimhouding

In 2015 won Van 't Hoff de zaak. De klacht werd gegrond verklaard op de meeste punten. Maar op één punt wees de rechtbank de klacht af: jeugdbescherming Leger des Heils zou geen inbreuk hebben gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van hem en zijn kinderen. Daarom besloot Van 't Hoff toch in hoger beroep te gaan. Dat dient op 31 oktober van dit jaar.

Maar het Leger des Heils wil liever schikken. Van 't Hoff ontving een excuusbrief en een voorstel voor 7.000 euro schadevergoeding. Op voorwaarde van het intrekken van het hoger beroep en geheimhouding van de deal. 'Ze willen het verhaal niet in de openbaarheid', zegt Van 't Hoff.'

Inmiddels geeft Van 't Hoff lezingen over de materie. Als bestuurslid van het Vader Kenniscentrum staat hij andere ouders in deze situatie bij. Ook praat hij erover binnen de politie. Of er niet krachtiger zou moeten worden opgetreden als een van de ouders niet meewerkt aan een door de rechter opgelegde omgangsregeling. 'Misschien dat het ouders zou ontmoedigen om tegen te werken, als ze weten dat anders de politie voor hun deur staat. Als de politie niets doet, is zij in wezen medeplichtig aan het feit dat kinderen vervreemd raken van een van hun ouders.'

Hij toont een recente uitspraak van het Tsjechische hof: 'Uit Europese jurisprudentie blijkt nu dat het een taak van de overheid is om kinderen, behalve tegen fysiek geweld, ook te beschermen tegen de ouder die hen bij hun andere ouder wil weghouden. In Nederland ondersteunen overheidsinstanties in veel gevallen de ouder die de rechten van de andere ouder schendt.'

De overheid zou meer gezag moeten tonen, vindt hij. 'Ouders zou meteen na de scheiding duidelijk moeten worden gemaakt dat ze de rechten van de andere ouder moeten respecteren. En de ouder die niet meewerkt aan een bijvoorbeeld door de rechter opgelegde omgangsregeling, zou strafrechtelijk moeten worden aangepakt.' Die zou bijvoorbeeld een dwangsom moeten betalen of gegijzeld moeten worden. 'Want nu weet de moeder: ik kom ermee weg als ik de vader geen contact laat hebben met de kinderen.'

Na vele jaren strijd heeft Van 't Hoff veel zaken gewonnen. Maar het heeft hem en zijn kinderen nog meer gekost. Zijn kinderen hebben schade opgelopen in deze vechtscheiding. Ze hebben een moeilijke puberteit gehad, zegt Van 't Hoff. Met zijn dochter heeft hij nooit het contact kunnen herstellen. 'Zij heeft nu een dochter gekregen. Ik heb mijn kleinkind nog nooit gezien.'

Raad voor de Kinderbescherming

De Raad voor de Kinderbescherming wil niet ingaan op de casus van Bas van 't Hoff. 'Hoewel je als ouder het ouderschap deelt, betekent dit niet dat je recht hebt op de helft van (de tijd van) je kind. Een kind is niet deelbaar', zegt een woordvoerder van de raad.

'Wij hebben te maken met zeer complexe situaties waar al langdurig strijd is tussen de ouders. Als het ouders niet lukt tot goede afspraken te komen, moet er een knoop worden doorgehakt. Dit is altijd maatwerk. Voor een kind blijven beide ouders belangrijk. Wanneer de rechter een knoop moet doorhakken zijn er eigenlijk alleen maar verliezers. Het streven is het aantal strijdende ouders te verminderen. Strijd tussen de ouders is schadelijk voor kinderen.'