Hier loopt de hele wereld

Veel jonge asielzoekers dromen van een carrière als profvoetballer. Nederlandse clubs zijn wel geïnteresseerd in de gemakkelijk scorende Antonio's, Hoesseins en Saïds....

EEN VELD, twee doelen. Je kunt richting de dijk voetballen, of richting het opvangcentrum. Daarmee is het voetbalterrein van opvangcentrum (OC) 's-Gravendeel wel zo'n beetje geschetst. Als Bert Buizert het veld betreedt, zinken zijn schoenen weg in de modder en moet hij oppassen dat hij zijn nek niet breekt over de molshopen.

Of de asielzoekers deze regenachtige middag komen voetballen, weet de sportinstructeur niet. Door het veld laten ze zich in elk geval nooit afschrikken, weet hij. 'Ze komen altijd. Maar de ene keer heb je er acht, de andere keer heb je er twintig. Zo gaat het nou eenmaal in een OC. Er is veel verloop. Ze blijven hier hoogstens zes weken. Soms zijn er veel voetballers, en de week erop zijn ze allemaal weer vertrokken.'

Op dit belabberde veldje, en op die andere veldjes bij het OC Dordrecht, en het asielzoekerscentrum (AZC) Gorcum waar hij ook als sportinstructeur werkt, ziet Buizert zo nu en dan een 'rasvoetballertje' lopen. Eentje met meerwaarde, noemt Bert dat, eentje die verdeelt en heerst. Zoals de 10-jarige Georgiër Zevak, 'een jochie met een dubbele versnelling'. Hij woonde met zijn familie in het opvangcentrum, had een fijne motoriek en een mooie wreeftrap.

Buizert, ex-prof van Feyenoord, FC Utrecht, Go Ahead Eagles en Dordrecht '90, heeft door zijn voetbalverleden veel contacten bij de clubs. Als hij een groot talent herkent, tipt hij zijn oude relaties. In het geval van Zevak belde hij Feyenoord. Of ze geïnteresseerd waren in een groot talent en of dat jochie een keer mocht meetrainen. Maar bij de Rotterdamse club werd de 10-jarige 'afgetest', zoals dat heet. Hij was technisch vaardig, maar moest tactisch nog veel leren, zo kreeg hij te horen.

En er was nog wat, iets dat volgens Buizert bepalender was dan het gebrek aan tactisch vernuft. 'Feyenoord durfde het risico niet aan', zegt hij. 'Ze wilden niet te veel in zo'n jongen investeren. Dat hoor ik vaker, ook bij andere clubs. Er bestaat altijd de kans dat alle tijd en vooral geld voor niks is geweest.'

Niemand kon de Rotterdamse club immers verzekeren dat Zevak op den duur geen problemen zou kunnen krijgen. Zou hij als vluchteling een A-status krijgen? Of zou hij, nadat Feyenoord zich eerst jaren over Zevak had ontfermd, uiteindelijk het land worden uitgezet?

Als een jonge misdienaar staat hij in de Pronkkeamer, het heilige der heiligen van de Sportclub Heerenveen, naast de verlichte schrijn met de mythische voetbalschoenen van Ús Abe: Alain Kabika Fundi Memba. Hij is 14 jaar en vluchtte een paar jaar geleden met zijn vader uit Zaïre naar Nederland. Hij geldt als een van de grootste talenten van de Friese club.

'Eigenlijk speel ik het liefst aan de linkerkant', zegt Alain Kabika in goed Nederlands, 'maar van de trainer moet ik in de spits spelen.' Op het trainingsveld van de eredivisieclub, waar C-junior Kabika even later meedoet met de B-juniorenselectie, blijkt dat dat nog niet zo slecht is gezien door jeugdtrainer Jansen: Kabika scoort aan de lopende band, vanuit het centrum.

Alain Kabika heeft, net als de tientallen andere jonge vluchtelingen die onderdak hebben gevonden in de jeugdselecties van Nederlandse profclubs, maar één wens: een carrière als profvoetballer, rijk worden, de doorstane ellende in het thuisland vergeten, achtergelaten familieleden naar het Westen halen.

'Vroeger, nog niet eens zo lang geleden, als Ajax of Feyenoord hier kwamen, zeiden wij: moet je zien, allemaal brúnen', zegt Joop Bleeker, die bij SC Heerenveen de begeleiding van jonge vluchtelingen op zich heeft genomen. 'Dat soort jongens hadden wij niet. En moet je nu eens kijken.' Een blik op de lijst met jeugdselectiespelers volstaat. Ze heten Saïd, Harvey, Antonio en Shaïr. Of Hung, Erdem, Hoessein, Anand, Jomal en Sadis. 'We hebben eindelijk kleur op de kaken', zegt Bleeker tevreden.

Achter het trainingsveld van Heerenveen loopt een bruggetje naar het AZC en OC, alsof de club het jong buitenlands talent zo gemakkelijk mogelijk wil maken de weg naar een voetbalcarrière in te slaan.

Als Joop Bleeker zijn dagelijkse rondje door het centrum maakt, wordt hij besprongen door kleine jongetjes. 'Mister Joop! Heb je scheenbeschermers?' 'Mister Joop! Ik moet nog voetbalschoenen hebben, maat 44.' Joop belooft keer op keer zijn best te zullen doen: hij is de beste klant van Scapino als daar de voetbalschoenen in de uitverkoop gaan en kan ook wel eens wat ritselen aan de overkant, bij de profclub.

EEN JONGEN met gebleekte dreadlocks stapt even van zijn fiets voor een praatje. Hij heet Ibrahima Sorry Cissé, speelt nog in de B-junioren van de amateurs van Heerenveen en komt uit Somalië. 'Sorry', zegt Sorry, 'ik ben de enige Afrikaan die Sorry heet.' 'Goeie speler', zegt Joop Bleeker. 'Staat op de nominatie om volgend jaar naar de profafdeling te gaan.' Waarmee het echelon buitenlandse vluchtelingen bij de SC (nu zeven van de 54 jeugdspelers in de A-, B- en C-junioren) verder zal worden uitgebreid. Bij de amateurs van de vv Heerenveen hopen nog eens dertig jonge vluchtelingen op hun doorbraak.

'Mentoren en docenten', zegt Herman van der Graaff, secretaris van de Feyenoord-jeugdafdeling, bieden regelmatig vluchtelingen uit asielzoekerscentra aan bij zijn club. Het moeten zéér goede voetballers zijn, willen ze worden toegelaten. En verder neemt de club 'geen jongens die moeilijk in de procedure liggen'.

'Onze lat ligt hoog. Wij adviseren die gasten om eerst lekker bij een cluppie in de buurt van het centrum te gaan voetballen. Als het dan wat blijkt te zijn, wordt ie door onze scouts echt wel opgemerkt. Maar je denkt toch niet dat wij gaan scouten in asielzoekerscentra?'

Dat misschien niet. Maar Feyenoord werd door agogische medewerkers van het OC 's-Gravendeel wel op het spoor gezet van de 17-jarige Pitshou Muzaliya Nduku uit Congo: 'een waanzinnige voetballer'. In zijn geval bleek de onduidelijkheid over zijn status en toekomst voor de club geen belemmering te vormen. Er werd zelfs een toernooitje georganiseerd om de Feyenoord-scouts van zijn kwaliteiten te overtuigen. Na een gesprek tussen het hoofd opleidingen van de club en de stichting De Opbouw, die de voogdij heeft over de AMA's (alleenstaande minderjarige asielzoekers) in Nederland, woont de Congolees nu in een Rotterdams appartement. Hij zit nog in de asielprocedure en maakt volgend seizoen kans op 'een contractje'.

Het nieuws dat er een talent uit het OC 's-Gravendeel was geplukt, ging snel rond. De eerste voetbalhandelaar meldde zich telefonisch ('Mijn naam is Wolf, ik ben een Amerikaanse voetbalmakelaar en werk vanuit België.'). Medewerkers van het opvangcentra werden ook persoonlijk benaderd door spelermakelaars voor informatie over de Congolees en over eventuele andere uitheemse talenten.

Andere clubs werken in de jacht op talent op structurele basis samen met AZC's of OC's in de buurt. De Graafschap in Doetinchem zegt tipgevers te hebben in de centra. In Roosendaal gaat RBC de banden aanhalen met AZC's in westelijk Brabant. Ook Fortuna Sittard heeft uitstekende contacten met centra in de buurt, zegt Fred van Barneveld, manager opleidingen. Belangrijk is volgens hem dat de speler 'binnen afzienbare tijd een ideale status krijgt. We hebben minder goeie ervaringen achter de rug met spelers die opeens het land uit moesten. Da's zonde van alle energie die je erin stopt.'

Karamoh, heet de laatste toevoeging aan de jeugdselectie van Heerenveen, een 17-jarige Liberiaanse AMA die door assistent-trainer Heising persoonlijk uit het AZC Delfzijl werd geplukt. Heerenveen zorgde voor een appartement en wacht nu op mooie dingen. 'Die jongen had nog nooit van zijn leven in een echt elftal gespeeld', zegt Heising. 'Maar het is verbazingwekkend wat hij met een bal kan. We hebben hem net op tijd opgepikt. Makelaars hadden hem ook in de smiezen: de aasgieren cirkelden al om hem heen.'

DAT DE concurrentiestrijd om jeugdig vluchtelingentalent scherper wordt, ondervond Heerenveen aan het begin van dit seizoen, toen een veelbelovende jonge asielzoeker, Abbas, plotseling naar Ajax verkaste. Ook Alain Kabika was dit seizoen al bijna gevlogen, naar PSV. 'Iemand had z'n vader verteld dat daar het schip met goud op hem wachtte. Die mensen hebben soms merkwaardige verwachtingen.' De club overtuigde Kabika ervan dat hij beter nog even in Friesland kon blijven. Heerenveen is nu op zoek naar een appartement voor vader en zoon, om de band verder te verstevigen.

Voormalige vluchtelingen hebben het eerste elftal van Heerenveen nog niet bereikt. 'Maar dat kan niet lang meer duren', zegt Bleeker, 'als je ziet wat voor talenten er rondlopen.' Bijkomend voordeel van die situatie is dat buitenlanders met de A-status niet het door het ministerie van Sociale Zaken voorgeschreven minimum-jaarsalaris van 380.000 gulden hoeven te verdienen, dat geldt voor andere niet uit de EU afkomstige voetballers van tussen de 18 en 21 jaar.

Bij Heerenveen weten ze dat, bij andere clubs is de speciale regeling voor mensen met de A-status - die voor onbeperkte tijd in Nederland mogen blijven, hier ook mogen werken en die binnen vijf jaar kunnen opteren voor het Nederlanderschap - minder bekend. Bewust misbruik van de regeling, door buitenlands talent 'in de procedure' te schuiven, is in elk geval niet wijdverbreid. Sterker, sommige clubs kennen de mogelijkheid niet eens.

Bert Buizert loopt over het voormalige kampeerterrein, waar de passerende asielzoekers hem uitbundig begroeten. 'De hele wereld loopt hier', zegt hij en steekt zijn hand op. 'Ik hoef niet te weten wat ze allemaal hebben meegemaakt. Nee joh, dan ga ik me veel te veel hechten aan die mensen.'

Er was dat ene 11-jarige jochie uit Joegoslavië. Een echt 'sportventje', net als Bert altijd was, sterk en dominant. Twee jaar lang liep ie op het opvangcentra met hem mee, was altijd aan Berts zijde te vinden. 'En toen moest hij weg. Daar was ik kapot van. Het was zo'n leuk voetballertje, zo'n leuk ventje. Ik was erg aan hem gehecht. Maar ja, zo gaat dat met asielzoekers. Soms zijn ze ineens vertrokken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.