Hier een focking fundamentalist, daar een erfgename van Voltaire

Hoe leg je buitenlanders uit dat de Nederlandse critici van Ayaan Hirsi Ali geen marginale reactionaire populisten zijn, vraagt Joost Zwagerman zich af....

Nicolas Sarkozy en Ségolène Royal, de schrijfsters Annie Ernaux en Elisabeth Badinter, en de filosofen Julia Kristeva, Bernard-Henri Lévy en Pascal Bruckner: noem twintig onderwerpen en zij zullen het onderling hartgrondig oneens zijn. Maar allemaal noemen zij zich vrienden van Ayaan Hirsi Ali. Niet omdat zij het in alles met haar eens zijn, maar omdat Hirsi Ali nu al jaren aanhoudend met de dood bedreigd wordt, louter vanwege religiekritiek. Komt men aan haar, dan komt men aan ons allen. De gewoonste zaak van de wereld, zou je denken. Maar dan kennen de Franse intellectuelen hun Nederlandse collega’s nog niet.

De vrienden van Ayaan – zouden ze daar in Frankrijk wel weten dat die woorden in Nederland de laatste jaren vrijwel uitsluitend nog geringschattend gebruik werden? ‘Vrienden van Ayaan’, was dat niet een clubje uitbuikende neoconservatieven die hun xenofobie probeerden te maskeren door adhesie aan een Somalische voorvechtster van vrouwenrechten? Voor Geert Mak bijvoorbeeld waren die ‘vrienden van Ayaan’ synoniem aan ‘handelaren in angst’. Sinistere figuren, zoveel was wel duidelijk.

Natuurlijk wordt er nu in Nederland meesmuilend gedaan over de vermeende bombast van die Franse intellectuelen die de trom roeren. Maar wat beweerden sommige van ónze vooraanstaande intellectuelen, voorzover zij niet tot die dubieuze ‘vrienden van Ayaan’ behoorden, in de tijd dat Hirsi Ali ernstig door moslimextremisten met de dood werd bedreigd? Kwamen zij toen, of zij het nu met haar eens waren of niet, net als de Fransen nu, voor haar vrijheid van meningsuiting op?

Bij ons ging het ietsje anders. De vooraanstaande intellectueel Jan Blokker diskwalificeerde Hirsi Ali’s emancipatiestrijd voor moslima’s als gezwets van een ‘middelbare schoolmeisje van muloniveau’. Niet lang na de moord op Van Gogh meldde Blokker in een interview dat hij voor niemand bang was, dus ook niet voor moslimextremisten in ons land. Maar ‘de fundamentalistische kant’ van Hirsi Ali, die vond Blokker ‘doodeng’.

De vooraanstaande intellectueel Hugo Brandt Corstius noemde Hirsi Ali een gek, een leugenaar, een brandstichtster, een ‘focking fundamentalist’ en beschuldigde haar ervan de Nederlanders ‘op te stoken’. Hirsi Ali uitte zich volgens hem racistischer dan het racisme dat zijzelf had ondervonden. Ook beweerde hij dat Hirsi Ali Nederland wil veranderen in een land – ik verzin het niet – waarin vrouwen die een hoofddoekje dragen zullen worden onthoofd.

De vooraanstaande intellectueel J.A.A. van Doorn rondde de schrijftafelmoord op Hirsi Ali af door te benadrukken dat zij, onder het mom van religiekritiek, alleen maar anticipeert op gewelddadige reacties en daarbij indirect schuldig is aan uitlokking van geweld.

Anno 2008 roepen sommigen op tot het ‘matigen van je toon’, omdat het islamdebat onnodig is verruwd. Die oproep wordt altijd gedaan aan één partij in het debat. Nooit kapittelde iemand Blokker of Brandt Corstius, wél moet bijvoorbeeld Afshin Ellian van de toonmatigers zijn toon matigen. Maar wie kan aanwijzen waar Ellian ooit ook maar voor een fractie zo heeft gescholden als Blokker en Brandt Corstius? Evenmin heeft Hirsi Ali ooit één moslim uitgescholden of gekleineerd. Haar kritiek gold altijd uitsluitend de leer.

Als Afshin Ellian eens ferme taal gebruikt, is hij een handlanger van het fundamentalisme. Als Brandt Corstius Hirsi Ali een gevaarlijke gek noemt, dan is hij een kostelijke satiricus. Herinneren we ons nog hoe medio jaren tachtig een CDA-minister uit het kabinet Lubbers door Brandt Corstius met Eichmann werd vergeleken? Wat vond weldenkend Nederland dat toen snedig en gewaagd. Vijfentwintig jaar later, nu de tijden ietsje ingewikkelder zijn, wordt pijnlijk duidelijk hoe pathetisch en meelijwekkend dat gescheld van Brand Corstius toen al was.

Met zo veel munitie die je wordt aangereikt door ‘onze vooraanstaande intellectuelen’ is het niet zo gek dat het kabinet Balkenende IV fier besluit de beveiliging van Hirsi Ali in het buitenland stop te zetten. Dat op het lichaam van het slachtoffer van de politieke moord die Nederland in 2004 ontwrichtte, een brief werd achtergelaten waarin stond dat Hirsi Ali al lang dood was geweest als zij onbeveiligd was gebleven, is een detail. Dat was 2004, en welke scherpslijper maalt nog om de brief van die godsdienstwaanzinnige eenling? Ook het feit dat bedreigingen uit moslimextremistische hoek niet verjaren – zie de recente verijdelde moordaanslag op Kurt Westergaard in Denemarken – is kennelijk geen factor van belang in de afweging Hirsi Ali ook in het buitenland te beschermen.

Maar toen was er Frankrijk. Naast Lévy is ook Pascal Bruckner initiatiefnemer van de poging Hirsi Ali alsnog beveiliging te garanderen. Wie is deze Bruckner? Trouw noemt hem een ‘prominente Franse intellectueel’; Elders staat ‘invloedrijke filosoof’.

Fout! Wat zegt onze vooraanstaande intellectueel Hugo Brandt Corstius over hem? Dit: ‘Bruckner is gek, dat weet in Frankrijk iedereen.’ O. Weten Sarkozy, Ségolène Royal en al die andere Franse politici wel dat zij zich laten verblinden door het initiatief van een gek?

Stel dat wij op onze beurt in Frankrijk aan de filosofen Bruckner en Lévy moeten vertellen wie de hier genoemde vooraanstaande Nederlandse intellectuelen precies zijn. Hoe leg je uit wie Brandt Corstius, Blokker en Van Doorn zijn? De eerste, Brandt Corstius, duidt Balkenende en Rouvoet bij voorkeur aan met ‘christenhonden’, noemde een hoogleraar in de criminologie die zich specialiseerde in hersenonderzoek een opvolger van Joseph Mengele en tekende dus voor de Eichmann-vergelijking toen een CDA-minister voorstelde een onderdeel in de bijstandswet te wijzigen.

De tweede noemt het Riagg ‘de grootste maffia van Nederland’, vindt alle psychologen en psychiaters ‘misdadigers’ en ‘zwendelaars’ en noemt een presentator van een christelijke omroep bij herhaling een christenhondenkop. Maar andermans kritiek op de islam, als het gaat om erkenning van vrouwenrechten en homoseksuelen, vindt hij getuigen van ‘doodeng’ fundamentalisme.

De derde kan het zich voorstellen dat gekrenkte moslims geweld gebruiken (een ‘optater’ verkopen) tegen een jonge afvallige die zich onbezonnen en kritisch uitlaat over de islam. Ook keurt hij de ‘gemakzuchtige lankmoedigheid’ af van christenen die zich gekwetst voelen in hun geloofsbeleving. Zij kunnen een voorbeeld nemen aan gekwetste moslims. Van Doorn: ‘Gelukkig dat moslims zoveel waarde hechten aan hun eer dat ze bij onnodige beledigingen oprecht kwaad worden.’ En als mensen een verklaring opstellen om afvallige moslims te steunen in hun pogingen ook echt openlijk van die afvalligheid te getuigen, gaat deze Van Doorn tellen hoeveel Joden er tot de ondertekenaars van die tekst behoren.

Vermoedelijk veronderstellen die Franse intellectuelen dat het hier gaat om drie reactionaire populisten die zich bevinden aan de periferie van het debat. Wat je aan die Fransen onmogelijk kunt uitleggen is dat tenminste twee van deze publicisten beschouwd worden als boegbeelden van weldenkend links-liberaal Nederland. En dat is natuurlijk ook niet uit te leggen. In welk ander land scheldt een zich links noemende publicist een islamcritica uit voor brandstichtster en fundamentalist? Wie in het buitenland kan begrijpen dat een schijnbaar eerbiedwaardige socioloog zonder oogknipperen opschrijft dat een afvallige met onbesuisd taalgebruik ‘terecht’ een paar ‘optaters’ kan verwachten?

De Amerikaanse publicist Anne Applebaum constateerde onlangs verwonderd dat het sommige Europeanen ergert dat Ayaan Hirsi Ali voortvarend en met internationaal succes hun eigen secularisme heeft geadopteerd en dat zij zich hartstochtelijk en met kennis van zaken beroept op de vrije westerse waarden. Ze is de erfgename van Voltaire, zegt Bernard-Henri Lévy in Frankrijk. Ze is een focking fundamentalist, zegt Brandt Corstius in Nederland. Die uitersten in waardering en de woorden die ervoor gekozen worden, tonen de verschillen in toon, inzet en intellectueel gehalte van het islamdebat in beide landen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden