Heup doet leven

Wat is er gebeurd met mijn versleten heup?

Volkskrant-verslaggever John Schoorl is met zijn 52 jaar niet bepaald een doorsneeheup-patiënt. Bovendien is hij nogal nieuwsgierig. Dus gaat hij op zoek naar wat er is gebeurd met zijn versleten heup.

Foto Adrian Woods

Er rijdt een dikke man op een brommer voorbij, terwijl de vriezer wordt geopend en 280 potjes met afgezaagde heupkoppen zijn te zien. Tenminste, die zou je kunnen zien, maar door de lage temperatuur (minus 80 graden Celsius) zijn de heupkoppen onherkenbaar en kunnen het ook brokken Saksische leverworst of hondenkluiven zijn.

Namen staan er niet op de bakjes en ook geen selfies van de oorspronkelijke eigenaren, wel onleesbare serienummers. En wat ook zeker is, is dat in deze vriezer heupkoppen liggen van nog levende donoren, LD heet dat, Living Donor. Deze heupkoppen zijn afkomstig van mensen die jarenlang heupklachten hadden en die onlangs een kunstheup hebben gekregen. De andere zestien vriezers in deze ruimte op een Leids bedrijventerrein zijn gevuld met allerhande botten en weefsels van dode donoren.

Dit hier is de botbank van stichting Bislife, een van 's lands grootste inzamelaars van heupkoppen. Tweeëntwintig ziekenhuizen leveren de botten in voor een tweede leven, zoals de naam Bislife al doet vermoeden. In Nederland hebben nog 25 botbanken een vergunning tot bewaren, waaronder Sanquin, ook een grote, en vooral bekend als bloedbank.

Van binnen kun je naar buiten kijken, waar de populieren met de wind meewaaien en een Volvo-bestuurder aan het hannessen is met inparkeren. Van buiten zie je geen vriezers of medewerkers aan het werk. In de hoek staat een draagbare radio, daar neergezet om de stilte tijdens het werk te doorbreken. Stel je toch eens voor dat Hips don't lie van Shakira en Wyclef Jean hier is te horen, terwijl de vriezer wordt bijgevuld.

I'm on tonight, my hips don't lie

And I'm starting to feel you boy

Artikel gaat verder onder video

Prijs

Met deze productie heeft John Schoorl de NOV Zorg voor Beweging Mediaprijs 2015 gewonnen. Een deel van het lovende juryrapport: 'De tekst is met humor en relativeringsvermogen geschreven en heeft vaart. De mogelijkheid om bij een heupvervangende operatie de heupkop te doneren, krijgt door het artikel veel aandacht; dat is goed en nodig.'

'Op zoek naar mijn heup'

Nog nooit had Marja van Wijk, 'Verantwoordelijk Persoon' (haar wettelijke functienaam, en zo heet het echt) bij Bislife deze ruimte met vriezers voor een buitenstaander geopend, zegt ze. Niemand heeft het haar simpelweg ooit gevraagd; ik was de eerste die haar benaderde.

'Geachte mevrouw Van Wijk,

Ik ben op zoek naar mijn heup, of beter gezegd, mijn heupkop. U krijgt er meer dan 2.000 per jaar. Dat weet ik. In Nederland worden 3.500 heupkoppen gedoneerd. Ik ben op zoek naar de mijne, kunt u me helpen bij mijn zoektocht. Waar is mijn heup gebleven?'

Ik lig in een ziekenhuisbed en tegenover me eet de zus van kamergenote Willy een zak kroketten leeg die ze wegspoelt met chocomel. Willy is getrouwd met Henkie, en Henkie zit in een scootmobiel. Dat komt omdat hij tijdens het uitbenen in een abattoir een mes liet vallen op zijn voet en zijn twee tenen sneuvelden.

Ik heb een nieuwe linkerheup en vanaf de zevende verdieping van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam kan ik de Rembrandttoren zien en mijn vroegere werkplek, het oude Volkskrant-gebouw. Ik ben een van de 25 duizend Nederlanders die dit jaar een nieuwe heup heeft gekregen, in een van de 98 ziekenhuizen waar het wordt gefikst, door een van de achthonderd orthopeden. Werden er in 1980 nog 6.750 nieuwe heupen ingezet, nu zitten we op het vierdubbele, en verwacht wordt dat de komende dertig jaar heupslijtage flink zal toenemen, onder meer door overgewicht. Een heupoperatie kost bijna 10 duizend euro, dus op jaarbasis gaat er 260 miljoen euro om aan nieuwe heupen, en dat bedrag stijgt.

Attentie! Attentie!

Mijn nieuwe heup zat er al een tijd aan te komen, het was onvermijdelijk, al pas ik niet in het plaatje van de gemiddelde heuppatiënt: een 70-jarige vrouw. Reeds op een röntgenfoto uit 2006 was goed te zien dat de boel versleten was en dat het beter was de voetballoopbaan subiet te beëindigen. Het was botsend bot op bot, met gaten erin, en aan de zijkant zaten merkwaardige uitstulpsels. Het leverde behalve sluimerend gemor in ieder geval een gedicht op, verwijzend naar mijn muzikale huisvriend, Elvis the Pelvis, de man die de heup muzikaal op de kaart zette.

Don't Be Cruel

Attentie! Attentie!

Een radiologiebericht!

Beiderzijds in de heupgewrichten

Duidelijke gewrichtsspleetversmalling,

Met name mediaal en beginnende afplatting

Van de heupkop met beiderzijds

Beginnende haakvorming aan de heupkoppen,

Links meer dan rechts.

Mijn pelvis, ja echt Elvis, heeft

Een beperkte endorotatie.

Het schudden

Is wreed geworden.

Ik lig in het ziekenhuisbed en het bed wordt ready gemaakt, ready for take-off. Sjezend door de ziekenhuisgangen ga ik op weg naar de röntgenafdeling om te kijken of deze nieuwe glimmende heup, de Alloclassic met een roze keramische bol Biolox in een Allofitkom, gemaakt door de Amerikaanse heupenmoloch Zimmer, goed op zijn plek zit.

Restafval, staat er met grote letters op de groene bak, om de hoek bij de röntgenafdeling. Wat zou daar in liggen? Leeggeschepte blikken erwtensoep? Niet opgegeten roze koeken? Medisch afval, wellicht, probeer je er maar geen voorstelling van te maken als het gaat om menselijke resten.

Huppetee weg ermee

Zou mijn heup daar in terecht zijn gekomen? Gewoon in een bak, huppetee weg ermee?

Of nee, dat kan niet, ik heb een week voor de operatie een heupkopdonatieformulier ingevuld. Ik sta de heupkop af, voor hergebruik, me niet realiserend wat dat hergebruik zou kunnen zijn.

Ik neem niet aan dat mijn aangevreten heupkop een Somalisch supermodel verder moet perfectioneren of een arme moeder in Azerbeidzjan eindelijk van haar pijn verlost, of een kromgetrokken boer in Surhuisterveen.

Maar waar komt de heup terecht?

Rudolf Poolman zit op zijn rode Brompton-vouwfiets en heeft een fietshelm op. Hij fietst van zijn huis in Aerdenhout naar het station in de buurt en dan van Amsterdam CS naar het OLVG, waar de 43-jarige orthopeed vandaag een heupoperatie moet verrichten - de mijne. Vier doet hij er per week, zeg maar zo'n 160 per jaar, en dat komt opgeteld uit op pak 'm beet 1.600 heupen die hij heeft gedaan gedurende zijn loopbaan.

Poolman vindt heupen leuk om te doen, vanwege het directe resultaat. Er is een probleem en er is een oplossing. Een nieuwe heup erin zetten is een positief vak met vrolijkmakende kenmerken. Een mens met klachten wordt een mens zonder klachten.

En daar komt nog bij dat het iets is dat je met je handen kunt doen. Zijn vader leerde hem timmeren en bij de studentenroeivereniging was hij de materiaalman. Het ambachtelijke dat bij orthopedie hoort, spreekt hem aan.

Hij is opgeleid door René Marti, de Zwitserse orthopeed die herhaaldelijk de enkel van Marco van Basten opereerde. Poolman heeft een goede reputatie, zoals dat heet in de medische wereld. Hij laat zich niet gek maken door modegrillen in zijn vakgebied. Omdat hij veel specialisten in opleiding begeleidt, denkt hij veel na over zijn vak, hetgeen hem scherp houdt.

Foto Adrian Woods

Een posterolaterale operatie

Twee weken voor deze operatie heeft hij overleg gehad met zijn team. Ze wisten dat het een relatief jonge patiënt betrof die hij zelf drie keer had ontmoet. Het strijdplan was zo klaar. Heel simpel eigenlijk: het moest een posterolaterale operatie worden, waarbij de heup vanaf de achterzijde werd benaderd, onder de bilspier door. Door de huid heen wordt de speklaag geopend, een spier opengespleten en de spieren (exorotatoren) en kapsel achter de heup losgemaakt.

Poolman ging achter twee computerschermen zitten en het softwareprogramma van Agfa Orthopaedic Tools hielp hem de komende operatie digitaal te visualiseren. Je kon het vergelijken met het samenstellen van je IKEA-keuken, zegt hij. Kastje hier, kastje daar, kleurtje erop, daar de ijskast en daar de vaatwasser. Zo deed hij het ook met de heup, en hij sleepte de Alloclassic en Allofit al in de röntgenfoto, na de heupkop digitaal te hebben verwijderd. Met twee muisklikken was het gebeurd, en hij trok ook nog een lijn van de linker- naar de rechterheup om er zeker van te zijn dat ook digitaal de lengte van de benen gelijk bleef.

De nieuwe heup van geruwd titanium is ongecementeerd: niet vastgelijmd, want de patiënt is jonger dan 55 jaar.

De patiënt hoeft ook niet te vrezen dat hij de metaal-op-metaal-prothese krijgt, ook wel de horrorheup genoemd. Vier jaar geleden bleek dat deze heupen met een grote metalen kop en kom grote problemen opleveren. Door de wrijving kunnen minuscule metaaldeeltjes loslaten en in het lichaam terechtkomen. De firma Depuy deed zelfs een recall in 2010: 93 duizend kunstheupen van deze Amerikaanse prothese-reus moesten terug naar de fabrikant.

Lekker dan, want het gaat niet om kinderschoentjes die je moet inleveren omdat de sluiting niet deugt. Nog steeds zijn in Nederland driehonderdvijftig heuppatiënten aan het procederen, onder aanvoering van advocaat Joël van der Goen.

Poolman heeft deze protheses in zijn ziekenhuis nooit geplaatst, wel doet hij nu de nodige revisies. Slechte oude eruit, goede nieuwe erin.

Foto Adrian Woods

Tien minuten

In de operatiekamer zijn behalve de patiënt nog zeven mensen aanwezig. De heupkop eraf zagen is een klusje van niks. Tien minuten met een elektrische zaag, een soort decoupeerzaag, en de 54 mm brede heupkop ligt eraf. Met een frees worden de randen van de heupkom geëgaliseerd, tot de goede maat. Daarna stelt Poolman het bovenbeen in de juiste stand en dan gaat, na een proefpasserij, de nieuwe heup erin.

Ingepakt in een gaasje wordt de oude heupkop door de OK-assistent in een steriel containertje gelegd, en daarna in de koelkast. De heupkop moet beschikbaar blijven, want voor hetzelfde geld is er bot nodig om hier en daar de nieuwe heup op te vullen. In dat geval wordt de heupkop door de SVan Wijk kan het niet anders zeggen. Op de patiëntenformulieren staan mijn handtekening en die van orthopedisch chirurg Rudolf Poolman. Maar waar nu te lezen is 'plak hier het etiket met donornummer', had dus het etiket met donornummer moeten worden geplakt, in tweevoud, en had niet een gapende leegte zichtbaar mogen zijn. In de operatiekamer is iemand die etiketten vergeten, waardoor de donatie niet meer telt. Een medisch-administratieve misser, dus.

En dan wordt bij Bislife de heup ongevraagd uitgezwaaid. Vergeet ook niet dat de heupkop voor de Leidse stichting een waarde vertegenwoordigt van bijna 500 euro, dus het is ook nog weggegooid geld, ook voor Bislife. Maar er wordt geen enkel risico genomen.

Mijn heupkop is dus in een blauwe rolemmer met geel deksel terechtgekomen, samen met andere heupkoppen waar wat mee is.

Etiket vergeten.

Administratiemisser.

Afgekeurd.

Rol-emmer.

Mooie boel.

Daar gaat mijn magische ontmoeting in een vinexlocatie, waar ik onder een carport geknuffeld wordt door een vrouw van middelbare leeftijd die haar instabiele bekken door een beetje mij stabieler zag worden. Geen afspraak in een wegrestaurant met een gevierde meubelretailer, met internationale, vooral Aziatische vertakkingen, die zijn zeer pijnlijke gat in zijn kaak door mijn donatie succesvol opgevuld zag worden. Weggemieterd, gewoon weggemieterd.

Ik open de deksel van de emmer en zie dat deze dag veel heupkoppen het niet hebben gehaald. Van de 2.300 stuks per jaar sneuvelen er zeker 300, om tal van redenen.

Nog dezelfde dag dat mijn heupkop medisch afval is geworden, haalt een vrachtwagen van de Van Vliet Groep uit Nieuwegein, onderdeel van het grootste Europese beurs-genoteerde afvalbedrijf Shanks, 'm op.

Al het ziekenhuisafval zamelen ze daar in, op het terrein in Nieuwegein, in plastic vaten van 60 liter. Met 23 vaten van ziekenhuizen uit Groningen of Nijmegen belandt dat afval in een container, en dan is daar de rit naar de laatste halte: Zavin in Dordrecht.

Zavin staat voor Ziekenhuis Afval Verwerkings Installatie Nederland en is het enige bedrijf in Nederland waar ziekenhuisafval wordt verwerkt. De installatie is zeven dagen per week, 24 uur per dag in bedrijf en wordt gerund volgens een vijfploegensysteem, met ploegen bestaande uit drie man.

De heupkop in het plastic vat wordt, samen met zeven andere vaten, op de lopende band gezet om langzaam maar zeker in de oven terecht te komen. Daar gaat de fik erin, op 800 graden, en de heupkop eindigt als koolstof.

Wat wel mooi is, is dat Zavin een zo hoog mogelijk rendement aan energieterugwinning nastreeft: het ziekenhuisafval levert stroom op.

Mijn brandende heupkop geeft elektriciteit om zeg maar vijf minuten met een leeslamp door Moby Dick te bladeren.

Of om met de op de smeulende heupkop gewonnen stroom precies Hips don't lie van Shakira en Wyclef Jean te kunnen afspelen, in 3 minuten en 38 seconden.

I'm on tonight, my hips don't lie

And I'm starting to feel you boy

Come on let's go, real slow

Baby, like this is perfecto

Heupen liegen niet.

Dag heupkop.



[Author] John Schoorl


Ik sta de heupkop af, voor hergebruik, me niet realiserend wat dat


hergebruik zou kunnen zijn


De heupkop eraf zagen


is een klusje van niks. Tien


minuten met een elektrische zaag


'Hallo,


ik ben de


voormalige


eigenaar


van de


heupkop


die u nu


vermalen in uw linkerkaak hebt.


En, beval


ik?'

pieringsmolen - denk aan een gehaktmolen - gehaald en wordt een portie botchips vermengd tot een botvulmiddel, een soort tapenade, in het eigen lichaam teruggestopt.

Na anderhalf uur in de operatiekamer en een uur opereren, ben ik, patiënt 0436870, klaar. Mijn heupkop ligt in de koelkast en heeft een nummer gekregen, LD33191. Daarbij in een soort tupperwarebakje: buisjes bloed, botkweek, vragenlijst en toestemmingsformulier.

Mijn heupkop gaat de wijde wereld in, de reis kan beginnen.

Aan het einde van de dag weet een chauffeur van JBM Koeriers wat hem te doen staat. De afdeling Tissue Services van Bislife is gebeld door een operatie-assistent van het OLVG dat de heupkoppenoogst van die dag kan worden opgehaald. Samen met nog twee heupkoppen, verpakt in dozen, gaat mijn heupkop in een heupkopkit in de gekoelde auto.

Veertig minuten later zet de chauffeur de doos met heupkoppen in een roestvrijstalen koelkast onder de trap bij Bislife in Leiden. De volgende dag wordt de doos opengemaakt en wordt alles gecontroleerd en uitgezet. Een bloedtestbedrijf test het bloed op overdraagbare infectieziekten, het microbiologisch lab bekijkt de botkweek op bacteriën en de heupkop gaat in de vriezer, in quarantaine. Als alle testen zijn gedaan, is de heupkop klaar voor zijn nieuwe leven.

Niet dat een heupkop in zijn nieuwe leven terugkeert als heupkop. Dat gaat natuurlijk niet, met een slechte. Een chirurg krijgt de hele kop tot zijn beschikking en gebruikt wat hij nodig heeft. Hij kan hem verzagen, er wat van afkrabbelen of vermalen tot botchips, soms croutons genoemd.

Mijn heupkop kan terugkeren in iemands kaak, bekken, knie, of rug. Een bij Bislife aangesloten ziekenhuis hoeft maar te bellen en de heupkop is onderweg, in bevroren toestand, liggend op droogijs. Eén heupkop mag overigens niet terugkeren in meerdere mensen. Dat heeft te maken met de traceerbaarheid: het is niet de bedoeling dat overal een beetje van mij terechtkomt en men het zicht verliest op waar ik als transplantaat ben terechtgekomen.

Wie uiteindelijk de gelukkige ontvanger is van mijn heupkop, is geheim. Marja van Wijk van Bislife wil een poging wagen en intern informeren of ze hierbij een rol kan spelen. Ze mag niks zeggen over degene die mijn heupkop heeft ontvangen, maar ze kan wel eens navraag doen.

Ze gaat op zoek, het blijkt te achterhalen, daar komt het op neer, ik hoor er nog van. Het kan nog een mooie ontmoeting worden, zo stel ik me dat voor. Hallo, ik ben de voormalige eigenaar van de heupkop die u nu vermalen in uw linkerkaak hebt. En, beval ik?

De vriezer met 280 potjes met afgezaagde heupkoppen in doosjes gaat dicht en Van Wijk steekt over naar het hoofdgebouw van Bislife. Gezeten aan een vergadertafel komt daar het dossier LD33191 tevoorschijn. Ze heeft slecht nieuws, in het licht van de intermenselijke reis die mijn onderdeel zou gaan maken: heupkop afgekeurd, zo luidt de keiharde en niet te betwisten conclusie.

Afgekeurd? Hoezo?

Een gapend gat

Van Wijk kan het niet anders zeggen. Op de patiëntenformulieren staan mijn handtekening en die van orthopedisch chirurg Rudolf Poolman. Maar waar nu te lezen is 'plak hier het etiket met donornummer', had dus het etiket met donornummer moeten worden geplakt, in tweevoud, en had niet een gapende leegte zichtbaar mogen zijn. In de operatiekamer is iemand die etiketten vergeten, waardoor de donatie niet meer telt. Een medisch-administratieve misser, dus.

En dan wordt bij Bislife de heup ongevraagd uitgezwaaid. Vergeet ook niet dat de heupkop voor de Leidse stichting een waarde vertegenwoordigt van bijna 500 euro, dus het is ook nog weggegooid geld, ook voor Bislife. Maar er wordt geen enkel risico genomen.

Mijn heupkop is dus in een blauwe rolemmer met geel deksel terechtgekomen, samen met andere heupkoppen waar wat mee is.

Etiket vergeten.

Administratiemisser.

Afgekeurd.

Rol-emmer.

Mooie boel.

Daar gaat mijn magische ontmoeting in een vinexlocatie, waar ik onder een carport geknuffeld wordt door een vrouw van middelbare leeftijd die haar instabiele bekken door een beetje mij stabieler zag worden. Geen afspraak in een wegrestaurant met een gevierde meubelretailer, met internationale, vooral Aziatische vertakkingen, die zijn zeer pijnlijke gat in zijn kaak door mijn donatie succesvol opgevuld zag worden. Weggemieterd, gewoon weggemieterd.

Ik open de deksel van de emmer en zie dat deze dag veel heupkoppen het niet hebben gehaald. Van de 2.300 stuks per jaar sneuvelen er zeker 300, om tal van redenen.

Nog dezelfde dag dat mijn heupkop medisch afval is geworden, haalt een vrachtwagen van de Van Vliet Groep uit Nieuwegein, onderdeel van het grootste Europese beurs-genoteerde afvalbedrijf Shanks, 'm op.

Al het ziekenhuisafval zamelen ze daar in, op het terrein in Nieuwegein, in plastic vaten van 60 liter. Met 23 vaten van ziekenhuizen uit Groningen of Nijmegen belandt dat afval in een container, en dan is daar de rit naar de laatste halte: Zavin in Dordrecht.

Zavin staat voor Ziekenhuis Afval Verwerkings Installatie Nederland en is het enige bedrijf in Nederland waar ziekenhuisafval wordt verwerkt. De installatie is zeven dagen per week, 24 uur per dag in bedrijf en wordt gerund volgens een vijfploegensysteem, met ploegen bestaande uit drie man.

De heupkop in het plastic vat wordt, samen met zeven andere vaten, op de lopende band gezet om langzaam maar zeker in de oven terecht te komen. Daar gaat de fik erin, op 800 graden, en de heupkop eindigt als koolstof.

Wat wel mooi is, is dat Zavin een zo hoog mogelijk rendement aan energieterugwinning nastreeft: het ziekenhuisafval levert stroom op.

Mijn brandende heupkop geeft elektriciteit om zeg maar vijf minuten met een leeslamp door Moby Dick te bladeren.

Of om met de op de smeulende heupkop gewonnen stroom precies Hips don't lie van Shakira en Wyclef Jean te kunnen afspelen, in 3 minuten en 38 seconden.

I'm on tonight, my hips don't lie

And I'm starting to feel you boy

Come on let's go, real slow

Baby, like this is perfecto

Heupen liegen niet.

Dag heupkop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.