Het wordt hun tegen ons

Dat deze regering er is gekomen, is een revolutie

Martin Sommer

Terwijl de kabinetsformatie deze zomer in volle gang was, speelden ‘mensen van kaliber’ elders in Den Haag op een geheim tweede schaakbord om, zodra mogelijk, een zakenkabinet op afstand van de politiek te vormen. De nette rechtvaardiging was dat de kwaliteit van de huidige politici tekortschoot. Het werkelijke motief was dat Wilders met zijn abjecte ideeën niet in de buurt van de macht mocht komen. Bekende namen kwamen voorbij: Veerman, Wijffels, Rinnooy Kan. ‘De notabelen wilden het dorp redden’, schamperde een scepticus die van hoed en rand wist. Het kwam er niet van omdat, in de woorden van een betrokken zwaargewicht, SER-lid Louise Fresco, niemand wilde doorpakken.

Volkskrant-collega’s Wilco Dekker en Ben van Raaij tekenden de schaduw-formatie gedetailleerd op (Vervolg, 11 december). Daarna bleef het merkwaardig stil. Het hele land zit op WikiLeaks te turen, terwijl bij ons om de hoek aan de Kneuterdijk werd gecomplotteerd door notabel Nederland. Vergelijk dat eens met het boek Tegels lichten (1972) van de PC Hooftprijs-laureaat H.J.A. Hofland. Die beschrijft (eerste druk, blz. 79) het kenmerkende gedrag van de autoriteiten van de jaren zestig als volgt: ‘Er was een niet geringe, zelfbewuste minderheid die vond dat er al meer dan genoeg werd geëmancipeerd, dat al veel te veel mensen hun neus in de publieke zaak staken, en dat de parlementaire democratie dit hinderlijke proces alleen maar bevorderde, zodat een manier moest worden gevonden om in te grijpen (typische term uit de notabele woordenschat).’

Overleg
Die hoflandse verontwaardiging ontbreekt nu. Misschien uit gêne over het weinig democratische gehalte van het geheime overleg, waarschijnlijker omdat menigeen net als die autoriteiten van toen denkt dat het inderdaad tijd is paal en perk te stellen aan de laagvoorhoofdige bemoeienis met de politiek. De gelijkenis tussen het onversneden paternalisme van toen en nu is frappant. De terminologie ook: ‘Ervaren bestuurders, gezaghebbend leider, zaken goed regelen.’ Je kreeg dankzij de reconstructie van Dekker en Van Raaij een fraai inkijkje bij ons soort mensen. Neem het afscheidsfeestje van CDA-fractieleider Van Geel, waar ‘je zo 25 ministers kon recruteren’.

Het is een idée reçu dat de samenleving zoveel opener is geworden. In zekere zin is dat zo, kun je lezen in het vorige week verschenen rapport Naar een open samenleving? van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling. Nederland is door een enorme onderwijsspurt een echte meritocratie geworden. Niet afkomst, maar opleiding telt. Geen geringe prestatie. Maar dan blijkt dat de arbeidsmarkt die geweldige groei van gediplomeerden niet heeft kunnen bijbenen. Gevolg: te weinig banen aan de top, diploma-inflatie en sociale daling: zonen brengen het tegenwoordig minder ver dan hun vaders.
Het is nog altijd EU-beleid dat de helft van de Europese bevolking dit jaar(!) wetenschappelijk of hbo-geschoold zou moeten zijn. Dit heet de Lissabon-agenda. Ik heb dat altijd een idiote ambitie gevonden. Alsof de helft van de bevolking dat niveau in zijn mars had, zonder Theo-route of andere trucs om diploma’s op de straathoek uit te delen.

Diploma
Nu blijkt een tweede gevolg van die diploma-inflatie: een nieuwe vorm van afsluiting van de bovenkant. We zijn de meritocratie voorbij. Als iedereen een diploma heeft, is dat geen selectiecriterium meer en gaan minder fraaie, minder objectiveerbare factoren weer een rol spelen bij de totstandkoming van de elite. Stand en klasse werken niet meer, wel: ons soort mensen, met ons soort opvattingen. Dat geldt ook voor de bestuurlijke elite en de ambtenarij waar de partijkaart de laatste jaren alleen maar onmisbaarder is geworden. ‘Je herkent ze zo.’

Realiseer je je de geslotenheid van de bestuurskaste, dan is het bijna een revolutie dat dit kabinet er toch is gekomen. Nederland heeft nu een regering die zich weinig van de weldenkende mensen aantrekt. Des te opmerkelijker, omdat het voor een belangrijk deel zelf bestaat uit loepzuivere bestuurlijke insiders.
De SER, de vakbeweging, (mogelijk) het koningshuis, de adviesraden, het middenveld – ze zijn allemaal gepasseerd. Alleen de werkgevers hebben de steven gewend en geconcludeerd dat het de moeite was om zaken te doen. ‘Het was tijd om Wilders in het systeem te brengen’, zegt VNO-baas Van Kesteren in het artikel van Dekker en Van Raaij.

Hoe eenzaam dit kabinet wordt, zie je nu al aan de schrille tonen van het verzet – de natuur, de cultuur, het milieu, de medemenselijkheid, het staat allemaal op instorten als je de oppositie mag geloven. Wat veilig te voorspellen valt: Rutte en de zijnen gaan de wagens in een kring zetten. Het wordt hun tegen ons.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden