Reconstructie Fipronilcrisis

Het wondermiddel was toch te mooi om waar te zijn

Paniek onder consumenten, miljoenen eieren vernietigd, honderden bedrijven op slot: de fipronilcrisis van 2017 bracht een hele sector in verlegenheid. Hoe kon het zo mis gaan? De belangrijkste conclusie van de onderzoekscommissie-Sorgdrager: alle betrokkenen reageerden niet, te laat of ongecoördineerd.

Foto Harry Cock / de Volkskrant

De bedrieger

‘Dikke nieuwe kar en bus gekocht voor de strijd met bloedluis.’ Het zijn omineuze woorden die de onderzoekscommissie van oud-minister Winnie Sorgdrager heeft gevonden op de Facebook-site van één van de eigenaren van stalreinigingsbedrijf Chickfriend. Ze zijn van 5 februari 2014. Het bedrijf is dan een maand oud.

Het valt niet te reconstrueren of de Barneveldse onderneming dan al meteen aan de slag gaat met de verboden stof fipronil. Wel is zeker dat Chickfriend binnen de kortste keren een naam krijgt als een effectief bestrijder van bloedluis - een plaag waartegen al decennia vergeefs een middel wordt gezocht dat in de stallen gebruikt zou kunnen worden zonder gevaar voor de voedselveiligheid. Via mond-tot-mondreclame krijgt Chickfriend snel een grote klantenkring van nieuwsgierige pluimveehouders.

Chickfriend doet z’n best er betrouwbaar uit te zien. Op de bus prijkt het logo van het keurmerk IKB PSB - binnen de sector een garantie dat een bedrijf aan de wettelijke eisen voldoet. Het certificaat van Chickfriend slaat echter alleen op stalschoonmaak, niet op ongediertebestrijding.

Enkele pluimveehouders zijn wantrouwig. Zij vragen wat er in het wondermiddel zit. Het bedrijf weigert dat uit concurrentieoverwegingen te zeggen: ‘Dat is het geheim van de smid.’ De eigenaren willen slechts kwijt dat ze iets doen ‘met etherische oliën op basis van eucalyptus en menthol’. Eén boer die een specificatie vraagt, krijgt zowaar een certificaat te zien. Maar ook daarop is alleen sprake van olie en menthol. Fipronil wordt nergens genoemd.

Op de beweegredenen en de methoden van Chickfriend gaat de onderzoekscommissie niet in. Daarover moet de strafrechter zich nog buigen.

De chaotische toezichthouder

Twee jaar lang opereert Chickfriend onder de radar, maar in de loop van 2016 komen er signalen dat er iets mis gaat in de stallen. Die zomer meldt een pluimveehouder aan een inspecteur van de toezichthouder, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), dat Chickfriend een toegestaan bestrijdingsmiddel bijmengt met fipronil. De inspecteur meldt dat aan zijn teamleider, maar ‘krijgt weinig gehoor’. Daarom gaat de inspecteur verder omhoog naar het afdelingshoofd. Zij belooft de informatie door te geven aan een ander afdelingshoofd, maar daarna wordt het stil. De inspecteur verneemt er maandenlang niets meer over.

Uit Sorgdragers reconstructie blijkt dat de tip pas in februari 2017 weer wordt opgepikt. Dan is er ook al een tweede anonieme melding geweest bij het Meldpunt Misstanden Vleesketen van toezichthouder NVWA, op 18 november 2016. Opnieuw wordt Chickfriend genoemd en het gebruik van fipronil. 

Die tweede tip belandt bij de inlichtingen- en opsporingsdienst van de NVWA. Daar wordt een strafrechtelijk onderzoek gestart maar zonder de notie dat mogelijk de voedselveiligheid in het geding is. Er wordt niets gedaan om Chickfriend meteen te stoppen. De eerste tip uit de zomer bereikt de dienstdoende rechercheur bovendien niet. Dat is wel de bedoeling, maar de collega die hem probeert te informeren, stuurt per ongeluk een verkeerde e-mail. Zo blijft het beeld rommelig, totdat op 2 juni 2017 fipronil wordt aangetroffen in België en de Belgische voedselautoriteit wél meteen alarm slaat.

Concrete actie in Nederland laat nog een maand op zich wachten, omdat de NVWA en de Inspectie Leefomgeving en Transport het oneens zijn over wie moet ingrijpen. Pas op 3 juli schrijft een betrokken NVWA-teamleider aan zijn collega's dat hij ‘geen zin heeft in een verder spelletje doorschuifgedrag’. Hij stelt voor dat hij het heft in handen neemt en een inspectie bij Chickfriend organiseert ‘voordat dit ontploft en er mogelijk een schandaal over fipronil in eieren losbarst’. Die inspectie volgt op 7 juli. Op 22 juli bericht eerst dagblad De Stentor en dan het ANP over de zaak (‘Kippeneieren mogelijk vergiftigd’) en ontploft de zaak alsnog.

In de ongerustheid onder consumenten speelt de NVWA vervolgens zelf een rol als bestuurder Freek van Zoeren op 31 juli in Nieuwsuur een advies geeft: ‘Als je tot zondag zonder eieren kunt leven, dan zou ik dat aanraden.’ Veel consumenten laten eieren staan, supermarkten halen ze uit hun schappen. Ook pluimveehouders die nooit met Chickfriend werkten, worden gedupeerd.

Sorgdragers conclusie: de NVWA heeft onvoldoende gecoördineerd, te lang te weinig verantwoordelijkheid genomen, rommelig gecommuniceerd en haar taak als controleur niet waargemaakt.

De argeloze pluimveehouders

Bloedluis staat al jaren in de top drie van problemen waarmee pluimveehouders te maken hebben. ‘Wie een echte oplossing daarvoor vindt, kan veel geld verdienen’, weten experts uit de eierketen sinds jaar en dag.

En dan is het wondermiddel er opeens: het nieuw geïntroduceerde product Dega-16 van Chickfriend, waarover pluimveehouders op bijeenkomsten ‘dolenthousiast’ zijn. Nog op 22 juni 2017 wordt het product op Pluimveeweb.nl aangeprezen: ‘Geen risico voor kip en ei.’ Dat de verboden biocide fipronil wordt toegevoegd, weten de pluimveehouders niet.

Maar de meesten doen ook weinig om daar achter te komen. Chickfriends weigering om open te zijn over de ingrediënten, is slechts voor een enkele pluimveehouder reden om het reinigingsbedrijf weg te sturen. ‘Toch was dat de enig juist reactie’, oordeelt Sorgdrager nu. ‘Als boer ben je zelf verantwoordelijk voor wat er op je erf gebeurt.’

Op 21 juli wordt Chickfriend verzegeld. In het half jaar daarvoor zijn bijna 200 bedrijven behandeld. Die moeten allemaal dicht, wordt de sector tijdens een chaotische vergadering op 24 juli bevolen. Het is vakantie, er zijn veel ‘vervangers van vervangers’. De sector slaagt er niet in tot een plan te komen, waarna de toezichthouder NVWA het voortouw neemt.

Sorgdragers conclusie: ‘De bedrijfstak heeft de neiging zich in de rol van slachtoffer te plaatsen en niet in die van verantwoordelijke.’

De lakse politici

In de zomer van 2017 zijn minister Schippers (Volksgezondheid) en staatssecretaris Van Dam (Landbouw) politiek verantwoordelijk. Het is hoogzomer en midden in de kabinetsformatie, een onoverzichtelijke periode. Het duurt lang voordat de demissionaire bewindslieden hun zaken op orde hebben. Ze moeten zichzelf in brieven aan de Tweede Kamer enkele keren corrigeren.

Sorgdrager oordeelt dat de bewindslieden de zaak aanvankelijk onderschatten, te laat de regie nemen, ‘een vertekend beeld’ van de crisissituatie schetsen en daarmee de Kamer ‘onvolledig’ informeren.

Voor de nieuwe bewindslieden Bruins (Medische Zorg) en Schouten (Landbouw) is er werk aan de winkel: het ontbreekt aan samenhangend toezicht op de voedselveiligheid en de overheid vertrouwt te veel op het zelfreinigend vermogen van de boeren. ‘De waarborgen die zij hebben ingebouwd zijn ontoereikend. Het moet meer tussen de oren zitten dat zij met ons eten bezig zijn. Het is echt de hoogste tijd voor actie’, aldus Sordrager. 

Daarbij hekelt zij ook het politieke besluit van het vorige kabinet om de complexe fusieorganisatie NVWA meteen een bezuiniging op te leggen. ‘Iedereen die verstand heeft van zo’n fusieproces weet dat je dat niet moet doen.’

Bruins en Schouten beloofden maandag dat zij Sorgdragers ‘stevige conclusies’ ter harte zullen nemen. In het regeerakkoord is 25 miljoen extra uitgetrokken voor de NVWA, onder meer om extra inspecteurs aan te nemen. 

Wilt u dit verhaal liever beluisteren?  Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.