Het wonderlijke leven van Meertje Kaal ( 13 )

Ze gaat me voor naar haar slaapkamer en wijst niet zonder trots naar drie ingelijste vlechtmatjes aan de muur.


'Ik ging op mijn derde naar de kleuterschool. Toen ik binnenkwam die eerste keer, vond ik het er gewoon heel gezellig. De juffrouw had een passie voor het matjesvlechten. Ze heeft me haar passie zo sterk bijgebracht dat ik in korte tijd geen matje meer uit het oog verloor. De hele dag was ik aan het matjes vlechten. Mijn moeder was zo gek nog niet of ze gaf me ter aanmoediging ook een doos met matjes, waarna ik 's avonds thuis nog matjes aan het vlechten was. Ik raakte er helemaal overstuur van en ik moest met mijn moeder mee naar onze huisarts in Wormerveer. Hij heeft haar aangeraden me drie weken in een donkere kamer te leggen, goed te laten uitrusten en me nooit meer naar die kleuterschool te sturen. Dat heeft ze inderdaad gedaan. Ik heb drie weken in een donkere kamer gezeten en ze heeft me daar te eten gegeven. Ik mocht daarna nooit meer naar die school. Later heb ik me gerealiseerd dat dit advies me vermoedelijk een psychiater heeft bespaard. Het is niet de eerste keer in mijn leven geweest dat ik die gedachte had. Ik trok altijd op met vriendinnetjes die thuis een piano hadden. Jaren later heb ik zelf, het was begin jaren tachtig, twee piano's gekocht om die vroege frustratie de baas te worden.


Mijn enige ervaring met een psychiater was toen ik een psychiater en zijn studenten bezocht als studiemateriaal. Ze lieten me praten en vaak was ik dronken. Ik kwam de man daarna feestvierend tegen in een kroegje op de Parkweg. Ik heb mijn proefschrift afgemaakt, vertelde hij me, je was een geweldig voorbeeld, maar ik heb nu genoeg van je gehoord. Hij had geen idee dat ik er misschien ook aan was begonnen omdat ik van mijn dronkenschap af wilde. Ze zouden in de krant bij dit stukje een matje moeten zetten, een vlechtmatje. Mijn moeder bewaarde alles van mij, ze had toch het gevoel dat er iets van me terecht zou komen, ondanks alle ellende. Op die school zat een jongetje dat Cootje heette. Hij moest altijd achterin zitten en hij had het op mij voorzien. Hij heeft me een keer zo hard in mijn vinger gebeten, dat die er bijna af lag.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden