Het volk hongert naar bloed en Dantons kop moet rollen

Jan Decorte is een fenomeen. Ooit viel de Vlaamse theatermaker op door zijn ultrakorte versies van de grote klassieken. Later probeerde hij het als politicus en nu is hij terug in het Antwerpse Toneelhuis waar hij alle vrijheid krijgt het toneel te maken dat hem voor ogen staat....

In Cirque Danton zet hij Büchners lijvige stuk over de Franse revolutie, Dantons Dood, naar zijn hand. Hij bewerkte de tekst in lastig leesbaar, maar goed verstaanbaar en poëtisch Vlaams, en uiteraard kortte hij het origineel met de helft in tot nog geen anderhalf uur.

Een groep jonge acteurs verbeeldt het volk, gestoken in simpele jakken. Tussen twee houten zuilen staat Decortes muze, Sigrid Vinks, als Robespierre. Net als zijn vriend St. Just is ook Danton (Decorte zelf met lange, wapperende grijze haren) in zwart rokkostuum gestoken. Drie voormannen van de revolutie die in een riskant stadium verkeert.

Het volk heeft honger, maar eerder honger naar bloed dan naar brood. De orde moet worden hersteld en Robespierre staat daarin lijnrecht tegenover Danton, de bourgondische volksheld. Danton denkt dat het volk hem wel zal verdedigen, maar hij heeft het mis. Zijn kop valt en Robespierre, de hypocriete voorvechter van de deugd, wint.

Decorte houdt niet van een omslachtige mise-en-scène. Hij zet zijn spelers simpelweg op een rij, terwijl de vrouw van Danton (Lisa Man) daar in haar blootje tussendoor danst. Haar lijf is bedekt met rode strepen. Want wat brengt een revolutie teweeg? 'De kopkes worden op een hoopke gelegd', zegt een actrice en langzaam trekt het volk zijn hemd uit en formeert zich halfnaakt op de grond tot een stapel lichamen. Dat beeld is aangrijpend. Ineens voel je hoe zo'n berg lijken een noodzakelijk bijproduct is van elke gewelddadige omwenteling.

Beeldende elementen zijn terloops in het spel vervlochten. En alles heeft betekenis. De lange tere hals van een giraffe op het toneel refereert aan de guillotine. Als een van de spelers met knijpers wit-rode anjers aan zijn vel vastmaakt, denk je aan de rood-wit-blauwe cocardes die het volk droeg als symbool van de revolutie.

Ditmaal toont Jan Decorte zich opvallend helder en betekenisvol, al is dit geen toneel voor het grote publiek. Eerder voor liefhebbers die willen weten wat deze zot nu weer heeft uitgespookt. De man die het Belgische parlement schokte door na de eerste rede van de kersverse koning Albert uit te roepen: leve de revolutie! Als variant laat hij een volks meisje nu eindigen met de uitroep 'leve de koning!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden