Het verschil tussen God en Blair

Voormalig Volkskrant-correspondent Peter de Waard was gefascineerd door het fenomeen Tony Blair, de grootste politieke acteur op het wereldpodium. Hij schreef een spannend boek over hem....

De titel is simpel en direct: Tony Blair – Opkomst en ondergang van een politieke held. Even simpel en direct is de opzet: gewoon het verhaal vertellen, zonder opsmuk, als de ouderwetse verslaggever; ambachtelijk op pad met potlood en opschrijfboekje. Geef je ogen en oren de kost, neem een kijkje achter de coulissen ‘and Bob is your uncle’: alles komt voor elkaar.

Inderdaad, ruim vijfhonderd pagina’s dik, maar als je er eenmaal aan begint, kun je niet stoppen en wil je weten hoe het afloopt. Dwaas, want ook het slot – Blair treedt op 27 juni 2007 af – is geen geheim. Maar Peter de Waard, tot voor kort Volkskrant-correspondent in Londen, houdt de spanning erin met laconieke observaties, heerlijke anekdotes en drama in Britse stijl.

De Waard is geen wetenschapper die wil analyseren en becommentariëren. ‘Het boek’, zegt hij, ‘is geschreven zonder de vooringenomenheid van mateloze verering voor of grote weerzin tegen Tony Blair.’ Nee, de Waard was gefascineerd door het fenomeen: de grootste politieke acteur op het wereldpodium; de man die de sociaal-democratische beginselen van gelijkheid en herverdeling overboord gooide; bevriend was met de Italiaanse oud-premier Silvio Berlusconi; een land achterliet met een record aantal miljardairs; de moderne imperialist en diep gelovige christen die de wereld wilde verbeteren, vijf oorlogen voerde, waarvan één te veel.

Hij haalde inspiratie bij Margaret Thatcher en Pontius Pilatus, de prefect van Judea, die Christus liet kruisigen; zette George Bush en prinses Diana op een voetstuk; dacht dat hij over water kon lopen en hielp Jan Peter Balkenende uiteindelijk meer dan ‘zijn eigen’ Wouter Bos. Boeiend zoals De Waard de ontmoetingen met de Nederlandse kopstukken beschrijft, heel feitelijk, heel verhelderend. Op de avond van de verkiezingsnederlaag van Wouter Bos in november 2006 kwam er al een briefje van Downing Street met de tekst: ‘TB wants to know why Wouter lost.’

De Waard begint bij het begin, dat lijkt op een aflevering van Coronation Street: Blairs vader Leo was een onwettig kind, zoon van een acteur en zangeres, opgevoed bij pleegouders in Glasgow. Hij werd van marxist-leninist overtuigd Conservatief en kon als geslaagd advocaat zijn zoon naar een dure kostschool sturen. Als student (rechten) in Oxford zong Tony bij de Ugly Rumours, was nooit dronken en in politiek nauwelijks geïnteresseerd. Zijn moeder sterft als hij 16 is, zijn zusje is langdurig ziek. Het gezin zal bij Blair altijd op de eerste plaats komen. Maar dat gezin zal hij ook schaamteloos gebruiken in zijn toespraken en verkiezingscampagnes. Ook Tony wordt advocaat en trouwt met zijn slimmere collega Cherie Booth, dochter van een dronken B-acteur.

Tony is serieus, komt in aanraking met christen-socialisten, en met overtuiging vertelt De Waard hoe Blair, ondanks zijn Conservatieve achtergrond, toch lid van Labour wordt, een verscheurde partij waar hij weinig liefde voor koestert. Maar het is de enige partij waar hij zijn utopische ideeën over een betere samenleving in praktijk kan brengen. Het ‘aardige kostschooljongetje’ wordt gewantrouwd, en De Waard laat zien hoe hij met vallen en opstaan, handig en bezield, in 1983 zijn parlementszetel wint. Hij raakt bevriend met Gordon Brown, die betere papieren heeft om de top te bereiken.

Zes jaar later spreekt hij voor het eerst het Labour-congres toe, ‘geschoold in alle trucs van de retoriek, als een leadzanger in een pakkende popsong’. Bambi Blair wordt in ’94 partijleider en gaat ogenblikkelijk in de aanval. Hij durft de beruchte marxistische ‘Clause IV’, het nationaliseren van de productiemiddelen, te schrappen.

En, bijna even gedurfd: Blair stuurt zijn zoon ook naar een particuliere katholieke school, geen openbaar onderwijs, zoals van een sociaal-democraat met zijn geloof in gelijke kansen wordt verwacht. Dat zet veel kwaad bloed in eigen kring, maar charmeert de middenklasse waarvan hij het hebben moet. Zijn vrouw Cherie neemt voor vijfduizend pond per maand een voormalig toplessmodel van softpornobladen in dienst om haar imago op te vrolijken. Tony wint in 1997 na een onwaarschijnlik gelikte, militair georganiseerde campagne de verkiezingen: ‘Een nieuwe dageraad is aangebroken’, zegt de overwinnaar. En als hij vier maanden later bij de dood van prinses Diana spreekt over ‘the People’s Princess’ is hij, schijnbaar voor iedereen, ‘the People’s Prime Minister’. Het is zijn Finest Hour.

Tot aan zijn verkiezing was hij niet in het buitenland geïnteresseerd, maar binnen een jaar is Blair de populairste politicus ter wereld, Hij is de politieke magiër. In Washington wordt hij als een Hollywood-ster ontvangen. Als de grote verlosser zegt hij: ‘Wij willen onze waarden van democratie en vrijheid naar alle mensen in de wereld brengen.’ ‘Het lijkt’, schrijft De Waard nuchter, ‘een vrijbrief om overal in te grijpen.’

Zoals Blair politieke munt sloeg uit de dood van Diana, zo grijpt hij ook 11 september 2001 aan om Groot-Brittannië weer op de wereldkaart te zetten. Hij reist de wereld rond, maar, zo gaat de grap, er blijft verschil tussen God en Blair. God is overal, Blair is overal, behalve in Groot-Brittannië. Fascinerend zoals Blair zich met hulp van zijn spindoctor Alastair Campbell voorbereidt op de oorlog tegen Irak: uit diep politieke, bijna religieuze overtuiging, vanzelfsprekende solidariteit met Amerika en historische plicht, maar ook met weergaloos opportunisme en een zweem van grootheidswaanzin. En dat alles zonder steun van de Verenigde Naties, Frankrijk en Duitsland, zijn eigen Labourpartij, het Britse volk.

Het droeve verhaal van David Kelly, de wapeninspecteur die zelfmoord pleegde, en Blairs conflict met de BBC over de leugens over de massavernietigingswapens is bekend, maar De Waard zet het met treffende details in een nieuwe context.

Over Tony Blair is een boekenkast vol geschreven. Peter de Waard heeft de boeken goed gelezen. Als extra attractie biedt hij een interessante blik op de verhouding tussen de PvdA en Blairs New Labour dat lang als het grote voorbeeld gold. Ben Verwaayen, de baas van British Telecom en VVD-prominent, zegt: ‘Ik denk dat de geschiedenis hem een fraai plekje zal geven.’

Ideale zomerlectuur voor wie in politiek, theater en intrige geïnteresseerd is en niet meteen zijn gelijk bewezen wil zien.Peter Brusse

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden