INTERVIEW

Het verhaal van een insider

Moord, marteling, het hoorde erbij, want 'werk is werk'. Alejandro was een van de half miljoen Mexicanen die werken voor een drugskartel. En is een van de weinigen die het kunnen navertellen.

Alejandro: 'Ik heb er nooit van genoten. Maar je went eraan.'Beeld Julius Schrank

Alejandro denkt zelden aan de mensen die hij heeft vermoord. 'Het heeft geen zin', vindt hij. 'Misschien dat God het me vergeeft en zo niet, dan is het nu toch te laat.' Hij heeft geen cent te makken, rijdt niet meer in dure auto's en de vrouwen staan niet langer voor hem in de rij. Toch is hij nu gelukkiger. 'Ik leefde jarenlang in het donker. Nu zijn er weer kleuren.'

Aan de keukentafel in zijn simpele woning, vertelt Alejandro (32) over zijn leven als soldaat in drugskartel Los Zetas. Met zachte stem beschrijft hij gedetailleerd de martelpraktijken, de geur van in zuur opgeloste lijken, de gezichtsuitdrukking van mensen vlak voordat ze onthoofd worden. 'Ik heb er nooit van genoten', zegt hij. 'Maar je went eraan. Het is werk.'

In beeld

Fotograaf Julius Schrank legde vast hoe de strijd aanwezig is in het dagelijks bestaan van het land. Bekijk hier de online special in woord en beeld.

Er zijn naar schatting een half miljoen Mexicanen werkzaam voor drugskartels. Veel jongeren treden toe uit armoede en een gebrek aan kansen in de samenleving. Anderen bewonderen de narco's en dromen van geld en macht. Eenmaal binnen is er geen weg terug: wie er uitstapt, wordt vermoord. De meeste carrières zijn van korte duur. Kartelleden sterven jong, of belanden voor lange tijd in de gevangenis. Alejandro had geluk.

Alejandro groeit op in Piedras Negras, in het noorden van Mexico. De stad ligt in een rotsachtig woestijngebied, pal aan de grens met de VS. Het is een belangrijke doorvoerhaven van drugs en verschillende criminele organisaties vechten voor controle over de regio.

De familie van Alejandro heeft het niet breed. Hij woont in een achterbuurt en is van kinds af aan omringd door armoede en geweld. Zijn vader is een dronkenlap die Alejandro aan de lopende band vernedert en in elkaar schopt. Hij vertrekt als Alejandro 13 jaar is en kijkt nooit meer naar zijn zoon om.

Lees ook:

Burgerwachten die een eind moesten maken aan de terreur van drugskartels.

Reportage van de Narco-hoofdstad Culiacán: het hart van de handel.

Heilige Dood

Zelf wordt Alejandro op zijn 16de vader en gaat van school. Net als een groot deel van de bevolking in de grensregio gaat hij aan het werk in maquilas, fabrieken waar belastingvrij kleding, auto-onderdelen en elektronica worden geproduceerd. Werknemers verdienen er 4 tot 6 euro per dag, veel te weinig om van rond te komen.

Alejandro's dochter is nog geen jaar oud als ze ziek wordt. Haar mond zit vol aften en ze wil niet meer drinken. Hij gaat naar een oom en vraagt hem geld te leen om medicijnen te kopen. In de winkel van zijn oom ontmoet hij een sjamaan die rituelen uitvoert rond de Santa Muerte, de Heilige Dood. 'Je dochter zal sterven', zegt ze. 'Maar ik kan je helpen.'

Alejandro weet dat de Santa Muerte een beschermheilige is van de drugskartelleden. Hij is geen vreemde in die wereld, twee van zijn ooms zitten in de drugsbusiness en in de buurt waar hij is opgegroeid staan op iedere straathoek dealers. De sjamaan voert een reinigingsritueel uit op zijn dochter, twee dagen later is de zuigeling genezen. Alejandro wordt fanatiek volgeling van de Santa Muerte en raakt goed bevriend met de sjamaan.

4

drugskartels waren er begin deze eeuw actief in Mexico, inmiddels zijn dat er meer dan tien. De autoriteiten hebben de afgelopen jaren verschillende kartelleiders weten uit te schakelen. De interne strijd die hierop volgde, heeft geleid tot verschillende afsplitsingen.

Haar broer Jorge werkt voor het Juarez-kartel. Hij geeft Alejandro wapens en een pick-uptruck en laat hem heroïne vervoeren naar de VS. Alejandro verdient goed geld, maar het is van korte duur. De Zetas, het kartel dat Piedras Negras controleert, accepteert niet langer dat het bevriende Juarez-kartel actief is in de stad. Ze dringen Jorges huis binnen en doden daar vier personen.

Alejandro rolt daarna in de handel in vals geld. 'Met een collega reisde ik het hele land door om valse bankbiljetten te wisselen door kleine aankopen te doen in winkels', vertelt hij. 'Van ieder briefje van 1.000 mocht ik 200 pesos in eigen zak steken. Af en toe nam ik een lading drugs mee van de ene naar de andere staat. Of wapens. Als het maar betaalde.'

Om de paar dagen stuurt Alejandro geld naar zijn vrouw. Hij mist haar en zijn dochter en besluit na acht maanden onafgebroken reizen een weekje terug te gaan. Maar er gaan hardnekkige geruchten dat zijn vrouw een affaire heeft met een ander en het geld dat Alejandro haar stuurde, blijkt te zijn opgegaan aan feestjes. Ze krijgen ruzie. 'Loop naar de hel', zegt ze. 'Ik wilde helemaal niet dat je terugkwam.'

55

miljoen Mexicanen leven in armoede: bijna de helft van de bevolking. Slechts de helft van de jongeren gaat na hun 15de nog naar school. Armoede maakt toetreden tot een criminele organisatie verleidelijk, het is een overlevingsstrategie.

'Ik was erg verliefd op haar', vertelt Alejandro. 'De scheiding deed pijn.' Hij steekt een sigaret op, neemt een slok bier. 'Ik begon steeds meer cocaïne te gebruiken. Later raakte ik verslaafd aan crack. Ik verkocht de televisie, de koelkast, alles om aan geld te komen.'

Zijn moeder woont inmiddels in de VS en maakt zich grote zorgen. Ze betaalt een mensensmokkelaar om Alejandro naar de VS te brengen. Hij weigert en begint te werken voor de Zetas. Eerst smokkelt hij wiet naar de VS, later gaat hij aan de slag als chauffeur voor een van de drugshandelaren. Na een paar jaar besluit hij soldaat van de Zetas te worden. Dat levert meer geld op.

Bodyguard

'Op mijn eerste werkdag brachten ze me naar de grote baas', vertelt hij. 'Die wilde me als persoonlijke bodyguard.' Commandant Peluche, destijds de leider van de Zetas in Piedras Negras, blijkt een kalende man van nog geen 1,60 meter lang. Het montuur van zijn bril is versierd met goud en diamanten. 'Hij vroeg of ik met wapens kon omgaan', aldus Alejandro. 'Ik zei dat ik op feestjes wel-eens met pistolen in de lucht schoot.' Peluche stuurt Alejandro op training.

Samen met andere nieuwelingen wordt hij twee weken lang afgebeuld. Ze krijgen conditietraining en leren hoe ze met automatische geweren moeten omgaan. Slapen doen ze buiten, op de grond. De man die hen traint is een naamloze ex-militair met een gezicht vol littekens. Alejandro: 'Een van de jongens loste per ongeluk een schot. De trainer knalde zo een kogel door zijn hoofd. 'Dat doen we hier met sukkels', bulderde hij.'

De Zetas zijn eind jaren negentig ontstaan uit een groep gedeserteerde Mexicaanse militairen uit een elitekorps. Aanvankelijk werken ze als bodyguards en huurmoordenaars voor het Golfkartel, maar de Zetas leidden in snel tempo nieuwe soldaten op en vanaf 2003 beginnen ze zich los te maken van het Golfkartel. Als Alejandro voor Peluche begint te werken is dat proces in volle gang.

Bij zijn eerste grote confrontatie, Zetas tegen het Golfkartel, staat Alejandro als aan de grond genageld. 'Mijn vriend Taro riep: 'Schieten lul.' Om ons heen ontploften granaten. Er waren zeker vijftig pick-uptrucks met gewapende mannen. Mijn hart ging als een bezetene tekeer. Wat doe ik hier in godsnaam?, dacht ik. 'Als je niet schiet, ben je een deserteur', zei Taro. 'Dan schieten ze jou dood.'

El Chapo. Joaquín Guzmán, alias El Chapo, is de baas van het Sinaloa-drugskartel. Hij werd op 22 februari 2014 gearresteerd. Op 11 juli dit jaar ontsnapte hij via een tunnel uit de gevangenis.Beeld EPA

Alejandro schiet, als een kip zonder kop. Geen idee of hij iemand raakt. Na ruim een half uur vuurgevecht trekt de vijand zich terug. 'We hebben vijf man verloren, maar zij hebben veel grotere verliezen', zegt de commandant. 'Vanavond is het feest mannen!' Ze krijgen geld, drugs en twee dagen vrij.

Op minder gevaarlijke dagen rijdt Alejandro met Peluche en zijn vrienden Taro en Kiri rond in Piedras Negras om 'belasting' te innen. Taxichauffeurs, café- uitbaters, restauranthouders, iedereen wordt afgeperst. Wie weigert te betalen of het geld niet heeft, wordt gemarteld of vermoord. Angst zaaien is een essentieel onderdeel van de strategie van de Zetas.

Na drie maanden zijn ze op een boerderij waar een paar federale politieagenten gevangen worden gehouden. 'Een van de commandanten zei: 'We zullen eens kijken of de nieuwelingen genoeg ballen hebben om dit werk te doen.' Hij keek me aan en vroeg: 'Welke van deze klootzakken wil je koud maken?'

'Ik zei dat ik niemand wilde vermoorden. 'Dan schiet ik jou door je hoofd', zei die commandant. Ik pakte mijn pistool en ging achter een van de agenten staan. Ik moest lachen, dat heb ik altijd als ik zenuwachtig ben. Ik schoot, maar er gebeurde niks. Iemand schreeuwde: 'Haal de veiligheidspal eraf, sukkel.' Ik schoot, zonder te kijken, door zijn hoofd.'

'Ik had nog nooit iemand vermoord', gaat hij verder na een korte stilte. 'In ieder geval niet bewust, van zo dichtbij.' Hij dempt zijn stem, op de patio van zijn huis doet een buurvrouw de was. 'Het voelde raar om iemand zijn leven te ontnemen. Ik was in shock, maar deed alsof er niets aan de hand was.'

Martelen

De Zetas werken nauw samen met soldaten en de lokale politie. Iedere twee weken krijgen politieagenten 275 euro, een royale aanvulling op hun karige salaris. 'Ze belden ons als ze een verdacht persoon hadden aangehouden', legt Alejandro uit. 'Een dealer bijvoorbeeld van wie ze niet wisten of hij voor ons werkte. Of een vreemde in de stad. Wij gingen er dan naartoe om te bepalen wat er met hem moest gebeuren.'

Ze nemen de verdachten mee naar safehouses voor verhoor. Daar kleden ze hen uit en hangen hen met de polsen en enkels aan elkaar gebonden aan een ketting aan het plafond. Met tape over de ogen en het hoofd naar beneden. Dan begint het ondervragen, af en toe laten ze de ketting vieren zodat het slachtoffer op de grond valt. Daarna volgen klappen.

De Zetas laten daarvoor houten planken maken van zo'n anderhalve meter lang. Aan de ene kant zit een handvat, de andere kant is breder en met ronde gaten zodat er minder luchtweerstand is. Ze slaan het slachtoffer letterlijk bont en blauw, drukken peuken op hem uit en dienen elektrische schokken toe.

Alejandro krijgt er handigheid in. Hij leert het moment herkennen dat iemand bijna bewusteloos raakt. Dan laat hij het slachtoffer een uur of drie met rust. Regelmatig hangt iemand drie dagen lang aan de ketting. De uitwerpselen druipen dan langs het hoofd naar beneden op de grond. 'Het was niet leuk om te doen, maar het moest. Wie weigerde, werd zelf toegetakeld.'

Soms probeert hij er onderuit te komen. Dan zegt hij dat hij zich niet lekker voelt of hij blijft extra lang op de wc. 'Er waren ook gasten die heel sadistisch waren. Ze plasten over de gevangenen, schoten voor de lol met luchtdrukpistolen op junkies of verkrachtten vrouwen.' Alejandro is even stil, in gedachten verzonken. 'Ik heb nooit vrouwen geslagen', zegt hij dan. 'Gelukkig heb ik nooit vrouwen hoeven slaan.'

Drank, drugs, vrouwen

Om geen sporen achter te laten, zagen de Zetas de lijken in stukken en lossen de lichaamsdelen op in zuur. Of ze verbranden hen in diesel. 'Daar hebben ze speciale mensen voor', legt Alejandro uit. 'Veelal illegale migranten uit Midden-Amerika of Mexicanen uit andere regio's die worden gedwongen dat werk te doen.' Alejandro is wel vaak aanwezig als ze op deze manier lichamen doen verdwijnen. Soms huilt hij 's nachts.

Het geld maakt veel goed. Alejandro verdient zo'n 3.000 euro per maand. 's Avonds gaat hij naar kroegen waar de uitbaters een speciale ruimte reserveren voor hem en zijn vrienden. Drank, drugs, vrouwen, alles is gratis en in overvloed. Vaak feesten ze de hele nacht door. Ze nemen meisjes mee naar dure hotels. Zijn vrienden van vroeger ziet hij niet meer, ze zijn bang voor hem.

Alejandro geniet van de macht, de mensen op straat tonen respect. Hij gebruikt zijn positie ook om persoonlijke rekeningen te vereffenen. Zo neemt hij de minnaar van de moeder van zijn dochter mee naar een safehouse en reageert drie dagen lang zijn woede op hem af. Rechters, aanklagers, politie, het leger, de gouverneur, iedereen is omgekocht. Slachtoffers kunnen geen kant op, aangifte doen heeft geen enkele zin.

Op een dag pakken ze een vrouw van een jaar of 40 op, ze had geld en drugs gestolen van een altaar van de Santa Muerte. 'Ze sloegen eerst met een hamer de handen van haar hulpje kapot', vertelt Alejandro. 'Een jonge jongen die we daarna lieten gaan.' Voor de vrouw is geen genade. 'Ik zag haar gezicht toen ze haar hoofd afhakten. Haar gekrijs ging door merg en been. Alsof het bloed zich vermengde met haar stemgeluid.'

De oorlog tussen het Golfkartel en de Zetas escaleert en alle soldaten krijgen opdracht jongens te rekruteren. Alejandro pikt een 15-jarige jongen op van straat. 'Wil je werken?', vraagt hij. De jongen knikt enthousiast en stapt in de auto. Ze moeten naar Veracruz, waar op dat moment hevige confrontaties plaatsvinden.

Ze zitten al drie dagen te wachten tot ze naar het zuiden kunnen reizen, met vijftig jongens in een boerderij. Er is geen eten, geen drugs, niks te doen. Alejandro heeft de 15-jarige jongen onder zijn hoede genomen. Het joch is zo mager dat hij niet kan lopen onder het gewicht van het kogelvrije vest en de munitiegordel. 'Voor het eerst begon mijn geweten echt op te spelen,' vertelt Alejandro. 'Het was nog maar een kind en ik wist dat hij als eerste zou sterven.'

Het is inmiddels middernacht, Alejandro draait een joint, het bier is bijna op. 'Daar in die boerderij begon ik na te denken over alle mensen die ik pijn heb gedaan', zegt hij. 'Ik kreeg spijt, ook om wat ik mijn familie aandeed. Toen besefte ik dat dit mijn oorlog niet was, dat ik eruit moest stappen.' Alejandro bespreekt het met Kiri en Taro, die hij al kent sinds de basisschool. Kiri begint te huilen, ze zijn allemaal bang. Ze weten wat er gebeurt met deserteurs, hebben hen vaak genoeg zelf moeten martelen.

Familie en vrienden rouwen bij het lichaam van een slachtoffer van een schietpartij tijdens een verjaardagsfeest.Beeld AP

Plotseling zijn er helikopters, de marine heeft het kampement ontdekt. Ze krijgen het bevel hun wapens te begraven en de boerderij in kleine groepjes te verlaten. Dit is het moment, denkt Alejandro. Hij verstopt zich in een schuurtje, samen met de 15-jarige die trilt van angst. Ze horen hoe de soldaten het hele dorp uitkammen, op zoek naar de ontsnapte kartelleden. Alejandro vraagt zich af wat erger is: de gevangenis in of door de soldaten worden uitgeleverd aan een rivaliserend drugskartel.

Maar de stilte keert terug. Als alle soldaten zijn vertrokken, lift Alejandro naar de nabijgelegen stad Nuevo Lare-do. Daar belt hij zijn moeder. 'Mama, ik heb het verprutst', zegt hij. 'Ik zit er tot over mijn oren in. Maar ik wil vluchten, ik wil dit niet meer.' Zijn moeder is boos. 'Je bent een stommeling', zegt ze. 'Je wilde makkelijk geld verdienen, nu zie je wat de consequenties zijn.'

Toch helpt ze hem. Ze belt Alejandro's halfbroer, die een buskaartje regelt. Eerst moet hij terug naar Piedras Negras, daar verschuilt hij zich in een hotel. De Zetas zijn al op zoek naar hem, woedend dat hij zich nog niet heeft gemeld. Zijn broertje brengt hem een tas met kleren en zet hem op de bus.

Hij is net op tijd vertrokken. In het huis van zijn halfbroer ziet hij op het nieuws hoe de situatie aan de grens steeds verder uit de hand loopt. Zijn bes-te vriendin en geliefde verdwijnt spoorloos. 'Ik belde Taro en die vertelde me dat ze het bevel hadden gekregen haar af te maken. 'Vergeet haar', zei hij.' Alejandro begrijpt het. Werk is werk.

Normaal leven

Het loopt slecht af met zijn vroegere vrienden. Commandant Peluche zit sinds 2012 in de gevangenis, Taro en Kiri zijn vermoord. Ergens is Alejandro daar blij om. Hoe minder mensen hem herkennen als voormalig Zeta-strijder, hoe kleiner het risico dat ze hem op een dag vinden en wraak nemen.

Sinds hij vijf jaar geleden aankwam in de stad waar hij nu woont, voelt Alejandro zich veilig. De Zetas hebben er geen voet aan de grond. Soms krijgt hij aanbiedingen. Iemand vraagt hem een in beslag genomen auto terug te halen en de agenten te vermoorden. Alejandro twijfelt, maar doet het niet. Een oude bekende vraagt hem een partij methamfetamine te vervoeren. Opnieuw weigert hij, hoewel hij het geld goed kan gebruiken.

Met horten en stoten probeert hij een normaal leven op te bouwen. Hij vindt een baan in het medicijndepot van een ziekenhuis, maar na een ruzie met zijn leidinggevende wordt hij ontslagen. Hij vraagt een verpleegster ten huwelijk, ze zegt ja. Maar nadat hij in een woede-uitbarsting haar beste vriend met een houten stok te lijf is gegaan, is de relatie voorbij. 'Daarna ben ik in therapie gegaan', aldus Alejandro. 'Om mijn woede te leren beheersen.'

Hij woont nu in een mooie stad, geniet van het centrum, drinkt af en toe koffie op een pleintje. Cocaïne en crack gebruikt hij niet meer, wanneer hij kan bezoekt hij zijn dochter die nu in Durango woont. 'Ik hecht nu waarde aan andere dingen', vertelt hij. 'Monarchvlinders kijken in de bergen bijvoorbeeld, of een muziekfestival bezoeken.' Hij is zijn halfbroer heel dankbaar. 'Hij heeft mijn leven gered.'

Sinds drie maanden heeft hij weer een meisje. 'Ze weet dat ik een duister verleden heb', zegt hij. 'Maar ik heb haar nog bijna niks verteld.' Liever denkt Alejandro na over de toekomst. Hij droomt ervan een hamburgertentje te beginnen en is bezig met het schrijven van een bedrijfsplan. 'Het worden gegrilde hamburgers', zegt hij. 'Met ui en ananas. Die maakt niemand hier.' Zijn ogen glimmen: 'Ik weet zeker dat ze goed zullen verkopen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden