Tien vragende ratrace naar het vaccin

Het vaccin tegen corona, hoe is het daar toch mee?

Beeld Matteo Bal

Al voor het eind van het jaar is er een inenting tegen corona, zo ging het deze week opeens rond. Vijf kandidaat-vaccins worden zelfs al getest op mensen. Ruis, of reden voor optimisme? Tijd voor een bijprater in tien vragen.

Eind dit jaar een vaccin! Hoe zit dat?

‘De voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen, verwacht dat er aan het eind van dit jaar een corona­vaccin ligt’, zo meldden diverse Nederlandse nieuwssites deze week. ‘Von der Leyen: vaccin eind dit jaar’, werd dat in de krantenkoppen zelfs. Hoopvol, want Von der Leyen is van oorsprong arts.

Maar in werkelijkheid zei Von der Leyen het, in een gesprek met Bild, toch belangrijk genuanceerder: ‘Ik hoop dat ze tegen het eind van het jaar een vaccin zullen hebben ontwikkeld.’ Iets hopen of iets verwachten – het maakt toch uit.

Dan zingt Von der Leyen nog een toontje lager dan een maand geleden ook. In een videotoespraak verklaarde ze toen dat er ‘misschien voor de herfst’ een ­vaccin ‘op de markt’ is. Daarop aangesproken, was haar verweer dat ze slechts herhaalde wat het Duitse vaccinbedrijf ­CureVac haar had verteld.

Maar toch: zou het kunnen, een vaccin voor het eind van het jaar?

Weinig experts achten dat haalbaar. Zeker, ‘de wereldwijde onderzoeksinspanning in reactie op de pandemie is ongekend in omvang en snelheid’, schreven wetenschappers van de Coalitie voor epidemiologische voorbereidingsinnovaties (CEPI) deze week in een analyse. Maar zelfs dan is een vaccin op zijn vroegst begin 2021 beschikbaar, en hooguit op zeer beperkte schaal, voor hulpverleners en noodsituaties, aldus de groep.

Daarbij speelt een semantische kwestie, want wanneer is een vaccin een vaccin? Ter indicatie: al drie uur nadat China op 11 januari de genetische code van het virus op internet had gezet, had moleculair geneticus Kate Broderick van het Californische bedrijf Inovio een kandidaat-vaccin klaar. Maar dan moet het testen nog beginnen.

‘Hoelang ga je daarmee door voordat je zegt: nu is het vaccin klaar, we gaan het gebruiken?’, zegt moleculair viroloog Marjolein Kikkert (LUMC). ‘Normaal zijn daar afspraken over. Maar bij deze uitbraak zou dat anders kunnen gaan.’

Hoe ver zijn we eigenlijk?

Volgens een overzicht van de Wereld­gezondheidsorganisatie WHO zijn er momenteel wereldwijd 70 vaccins in ontwikkeling. De CEPI turft 115 initiatieven, waaronder 73 serieuze kandidaten. ‘En het kunnen er best meer zijn’, denkt Kikkert. ‘Want ongetwijfeld staan allerlei kleine laboratoria en bedrijven er niet op.’

De aspirant-vaccins komen uit negentien landen, uiteenlopend van India tot Japan en van Nieuw-Zeeland tot Frankrijk. Nederland is vertegenwoordigd met het Leidse biotechbedrijf Janssen, dat zijn al eerder ontwikkelde ebola­vaccin wil ombouwen tot covid-inenting. Haast driekwart van de vaccin­makers zijn commerciële bedrijven, de meeste overigens relatief nieuw en onervaren. De rest bestaat uit universiteiten of overheidsorganen, al dan niet in ­samenwerking met een bedrijf.

En ja, volgens de CEPI-cijfers is men vijf kandidaat-vaccins al op de mens aan het testen op veiligheid. De primeur voor de eerste toegediende prik aan een proefpersoon ging op 16 maart gelijktijdig naar het Amerikaanse ­Moderna en het Chinese bedrijf CanSino. Waarna CanSino vorige week bekendmaakte dat het al door wil naar de volgende onderzoeksfase, met meer proefpersonen.

Dat schiet lekker op. Waarom zijn experts dan toch zo terughoudend?

Alleen al omdat veruit de meeste vaccins uiteindelijk afvallen, zegt Cécile van Els, immunoloog bij het RIVM en hoogleraar vaccinologie in Utrecht. ‘Het is een slagveld. 90 procent afvallers, daar kom je makkelijk aan. En soms houd je aan het eind van de rit zelfs helemaal niets meer over’, zegt ze.

Denk maar aan hiv, dat virus waar­tegen na dertig jaar onderzoek nog altijd geen vaccin is. Even leek fabrikant Merck, na jaren van mooie onderzoeksuitkomsten, een vaccin te hebben. Tot de resultaten terugkwamen van het eerste echt grote onderzoek onder gewone burgers: het ‘vaccin’ bleek nog minder te beschermen dan een placebo, een nepprik.

‘Het blijft toch biologie’, zegt Kikkert. ‘Er gebeuren altijd dingen die je niet voorziet.’

Goed, maar we hebben haast. Waarom duurt dat vaccinonderzoek zo lang?

Omdat vooral het onderzoek naar de veiligheid gaat zoals je een krakende oude vloer verkent: stapje voor stapje, en slechts heel geleidelijk met steeds meer personen tegelijk. En omdat er tussen de afzonderlijke onderzoeksstappen nu eenmaal vaak wachttijd zit.

‘Het immuunsysteem is aan het leren. Dus moet je wachten’, schetst Van Els. ‘In de eerste fase geef je twee doses, met drie of vier weken ertussen. Daarna moet je de proefpersonen testen, hun bloedmonsters analyseren, wachten op de resultaten. Zo gaan er al snel drie maanden overheen.’

En dat is dan nog maar fase één van het patiëntenonderzoek. In de tweede fase test men het vaccin op een grotere groep, en onderzoekt men behalve de veiligheid, in meer detail of de inenting eigenlijk wel werkt, en in welke dosering. Dat betekent: proefpersonen werven, vergunningen aanvragen, inenten, wachten, weer inenten, weer wachten, bloed afnemen, analyseren, wachten. ‘Dat kost al snel vijf maanden. En dan ben ik echt heel optimistisch, hè?’, zegt Van Els.

Om een indruk te geven: het huidige record ‘snel vaccin maken’ – tegen ebola – staat op vijf jaar. Tien tot twintig jaar is de meer gebruikelijke termijn.

Laboranten van de het Amerikaanse biotechbedrijf Mirimus kijken naar covid-19-samples van een herstelde coronapatiënt. Beeld Misha Friedman / Getty

Maar de hele wereld ligt plat! Wat is nou het ergste wat er kan gebeuren als je die veiligheidstests overslaat?

Nou: het vaccin kan het coronavirus misschien hélpen, om maar eens iets te noemen. Af en toe wil een inenting de boel weleens verergeren. Het virus gebruikt het vaccin dan als een soort moleculaire routekaart, om harder te kunnen toeslaan. 

‘En dit nieuwe coronavirus heeft wat dat betreft verdachte eigenschappen’, zegt Kikkert, op basis van bepaalde details van het virus. ‘Vandaar dat je een kandidaat-vaccin eerst zeer goed moet onderzoeken.’ Een andere mogelijkheid is dat het virus ‘afketst’ op het vaccin en evolueert tot een nog sterkere variant. Wil je ook niet.

Voor vaccins gelden sowieso strenge eisen: ze zijn immers bedoeld voor gezonde mensen, die er niet ziek van mogen worden. En doorgaans zijn ze bedoeld om enorme aantallen mensen te enten. Het zou een ramp zijn als die door haastwerk straks zijn ingespoten met een vaccin dat het virus helemaal niet tegenhoudt, of dat ernstige bijwerkingen geeft.

‘Je kunt niet beknibbelen op de veiligheid’, zegt Van Els.

Wat doet men intussen om de boel te versnellen?

Overheden en regulerende organen proberen in elk geval het pad dat het vaccin straks door de bureaucratische molen moet afleggen waar mogelijk alvast wat te effenen. Zo bepaalde Nederland deze week dat vaccinbedrijven die genetische manipulatie gebruiken bij de zoektocht naar een vaccin, de vergunning daarvoor met spoed kunnen aanvragen: normaal een procedure die vier maanden kan duren, nu kan het in 28 dagen. Ook maakte het kabinet woensdag 50 miljoen euro extra over naar de CEPI, om de vaccinontwikkeling extra te steunen. 

De wetenschap zal intussen de verschillende onderzoeksfases in elkaar proberen te schuiven. Probeer een al bestaand vaccin om te bouwen tot iets nieuws, zodat je niet helemaal vanuit het niets hoeft te beginnen. Begin alvast aan de eerste mensproeven als de tests op proefdieren nog gaande zijn. Of probeer het vaccin tijdens de tweede onderzoeksfase vast nuttig in te zetten, door het bijvoorbeeld te testen op kwetsbare patiënten of zorgverleners.

Diverse laboratoria overwegen bovendien een bijzonder, maar ethisch omstreden geitenpaadje: stel vrijwilligers expres bloot aan het virus, om te zien of het vaccin werkt. De normale gang van zaken is dat men proefpersonen inent en dan wacht tot het virus ‘vanzelf’ genoeg proefpersonen heeft bereikt, om te kunnen zeggen of het vaccin werkt. Maar dat vergt uiteraard veel tijd.

In Leiden zegt Kikkert zo’n ‘humane uitdagingsstudie’ wel te willen overwegen. ‘Als je het zo kunt inrichten dat het veilig is, waarom niet?’, zegt ze. Maar daar wringt nu net de schoen. Af en toe pakt het virus helemaal verkeerd uit bij jonge, gezonde mensen, om redenen die virologen niet goed begrijpen. ‘En het zou natuurlijk een ramp zijn als een van je proefpersonen op de intensive care belandt’, zegt Kikkert.

En als er eenmaal een vaccin is?

Laat het een jaar duren, of twee: op een gegeven moment zullen de eerste vaccins klaar zijn. Die moeten dan eerst officieel worden goedgekeurd en toegelaten worden tot de markt door het Europese Medicijn Agentschap EMA, voordat men ze in Nederland kan inzetten.

In ons land komt dan de machinerie in beweging: normaal gesproken adviseert de Gezondheidsraad de minister, en als die dat advies volgt, krijgt het RIVM opdracht om de vaccins aan te schaffen en de toediening ervan te regelen.

Maar dat is de theorie. In praktijk zullen er ongetwijfeld in het begin te weinig vaccins zijn. Dat kan een recept zijn voor gedoe, zo bleek wel tijdens de pandemische Mexicaanse griep van 2009. Nederland sloeg gauw vaccins in voor de hele bevolking. Maar toen de griep minder ernstig uitpakte dan verwacht, waren de rapen gaar. Waarom al die vaccins gekocht? Inmiddels heeft de E U wel een procedure voor de gezamenlijke inkoop van middelen tegen pandemische bedreigingen: wellicht kan die helpen.

Achter de schermen treffen de betrokken organen nu al voorbereidingen, denkt Van Els. Zo zal men de dossiers voorbereiden: waaraan moet een vaccin straks voldoen om te worden toegelaten? ‘Alle procedures moeten straks in de snelkookpan. Het voorwerk om dat te stroomlijnen, daarmee moet je nu al beginnen’, zegt Van Els.

Terug naar de kandidaat-vaccins. Wat zit er in de pijplijn?

Ruwweg vallen de kandidaat-vaccins in drie groepen uiteen. Bedrijven zoals Moderna werken met een stukje erfelijk materiaal dat men in het lichaam inspuit, waarna het lichaam het ‘recept’ afleest en er viruseiwit mee bereidt waar het immuunsysteem op aanslaat. Makkelijk en snel te maken, vandaar dat het al op proefpersonen wordt getest. Een goede kanshebber, denkt Kikkert.

Onder meer Janssen volgt een iets andere aanpak. Men bouwt genetisch materiaal van het virus in in een ander, onschadelijk virus, zodat er een soort virus van Frankenstein ontstaat: een onschuldig verkoudheidsvirus, uitgedost met de uitsteeksels van het coronavirus. ‘Het voordeel daarvan is dat je het immuunsysteem de hele infectie laat zien’, zegt Kikkert. ‘Je immuunsysteem denkt echt: dit is een virus.’

En dan is er de rest. Zo’n twintig bedrijven van de CEPI-lijst proberen het immuunsysteem kwaad te maken met losse onderdelen van het originele ­virus, zoals zijn voornaamste uitsteeksel, het ‘spike’-eiwit. Andere gebruiken daarvoor nepvirusdeeltjes genaamd ‘virus-achtige partikels’, of doodgemaakt of verzwakt coronavirus. Dat laatste is een klassieke manier van inenten, maar heeft wel nadelen, zegt Kikkert: ‘De industrie is er huiverig voor omdat je dan toch een gevaarlijk virus in grote hoeveelheden moet kweken en oogsten.’

Maar wie is nou de grootste kanshebber?

Wisten we het maar. Alles zal afhangen van hoe de subtiele dans tussen immuunsysteem en ontwerpvaccins precies uitpakt – een proces, dat niemand goed kan overzien. ‘Je wilt een volwaardige immuunrespons aanleggen, met twee verdedigingslinies’, zegt Van Els. ‘Antistoffen moeten het virus straks meteen vastpakken. En T-cellen moeten virus opruimen dat verstopt zit in lichaamscellen.’

Met de tsunami van vaccins-in-wording is het denkbaar dat verschillende doelgroepen een eigen vaccin krijgen, denkt het CEPI: de kids een kindervaccin, opa en oma het seniorenvaccin, zwangere vrouwen een speciale zwangerschapsvariant.

Ook de vaccinontwikkeling is bezig geheel nieuw terrein te betreden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden