Het uur U voor Plasterk

Goede bedoelingen, daar beginnen veel rampen mee.

In NRC Handelsblad (12 april) stond een verhelderend interview met Clan Visser ’t Hooft, de ‘moeder’ van het Studiehuis. Vriendelijke, integere vrouw. Was vroeger vast een inspirerende leerkracht, op de scholen met ‘volbloed gymnasiasten’ en leraren die ‘ook lector waren aan de universiteit’, op de hagelwitte Werkplaats Kees Boeke, waar de prinsesjes schoolgingen en op het Hilversumse Roland Holst College dat zij als rector uit het slop trok.

Je kunt de mislukking van het Studiehuis en de Basisvorming deze keurige idealiste niet aanrekenen. Netelenbos en Wallage drukten de enthousiast door haar beleden vernieuwingen door, doof voor kritiek en wetenschappelijke twijfel, dwarsliggende schoolleiders intimiderend, en met de zegen van de Algemene Onderwijsbond en de Tweede Kamer.

Dat blijkt weer eens uit het interview dat onder dat met Visser ’t Hooft staat, met oud-conrector Jan Jimkes. Omdat hij zag dat de Tweede Fase een ‘organisatorisch monstrum’ was, sloeg hij alarm. Netelenbos reageerde niet. Tijdens het verhoor door de commissie-Dijsselbloem beweerde ‘apparatsjik’ Netelenbos hardnekkig hetzelfde als tien jaar geleden; zij was nog altijd diep tevreden over haar prestatie. Zo iemand moet worden geweerd uit publieke functies.

Onder de maat

In dezelfde NRC staat ook een interview met Paul van Dam, voormalig hoofd basisonderwijs van het Cito – de drie interviews met nu gepensioneerde betrokkenen van weleer geven een haarscherp beeld van het onderwijsdrama. Een jaar geleden waarschuwde Van Dam in de Volkskrant dat periodieke peilingen van het Cito aantoonden dat het niveau van het basisonderwijs al twintig jaar onder de maat is. De onderwijsbewindslieden waren niet geïmponeerd, al moeten ze nu toegeven dat het niveau is gekelderd.

Van Dam geeft een voorbeeld van een rekensom die in 1958 op het toelatingsexamen voor de middelbare school werd gegeven. Het is een som die vermoedelijk weinig hedendaagse achtstegroepers kunnen oplossen, en ik zou de leerkracht die dat kan graag willen ontmoeten. Ik, die in 1968 van de lagere school kwam, weet me geen raad met deze gecompliceerde som met twintig breuken.

Het is goed dat Van Dam een rekenvoorbeeld geeft, want het falende niveau wordt gemakzuchtig aan de taalarmoede van de toegestroomde allochtonen toegeschreven – de taal van het rekenen is internationaal. Ook moet hij mensen teleurstellen die menen dat kinderen tegenwoordig enorm uitblinken in communiceren en creativiteit: óók in spreekvaardigheid, argumenteren en zelfs zingen mat hij achteruitgang.

Negatieve pers

Visser ’t Hooft komt niet van haar dwaling terug. Nog altijd meent zij dat ‘léren leren’ en ‘zelfstandigheid’ dé middelen zijn om het kind, dat zo heel anders is dan twintig jaar geleden, te activeren. Dat deze onderwijsfilosofie bij Gooise kindertjes uit de hogere middenklasse soms goed viel, maar voor kinderen uit een groeiende onderklasse dramatisch uitpakte, is niet tot haar doorgedrongen. Het mislukken van het Studiehuis wijt zij voornamelijk aan de ‘zeer negatieve pers’, de niveauverlaging aan de democratisering van het onderwijs.

Dat is wel heel makkelijk. In welk opzicht zijn kinderen van nu zo vreselijk ‘anders’ dan vroeger? Een kind heeft zelden een gretige leerhonger. We hebben ze anders gemaakt, door steeds minder te eisen en steeds minder ambities te koesteren. Ook op een lts of huishoudschool leerden kinderen op een basisniveau lezen, spellen en rekenen. Die inspanning wil het onderwijs kennelijk niet meer leveren. Of het kan dat niet meer, door het dalende kennisniveau van de leerkrachten.

Visser ’t Hooft, zélfs zij, vindt: ‘Alles moet worden ingezet op de kwaliteit van de leraar.’ Betere salarissen, minder uren, tijd voor nascholing. Ze wijst op de ‘desastreuze gevolgen’ van de verlaagde salarissen van universitair gevormde leraren. Maar de karavaan die zij en de haren in gang hebben gezet, streeft het tegendeel na en dendert onverdroten voort. Zoek op de sites van commerciële instituten als KPC en APS naar lerarencursussen die inzetten op kennisverhoging, en je vindt er niet één.

Zalvende hypocrisie

Cursussen worden aanbevolen onder het motto ‘Minder boeken, meer praktijk’ en hoe ‘zestig leerlingen te laten werken in een grote, open ruimte’. Schoolbestuurders kunnen er opsteken hoe hun ‘functiegebouw’ door te lichten, opdat het nog goedkoper kan. Managers leren hoe ze tegenstribbelende leraren die geen coach willen zijn, kunnen ‘boeien en binden’ – wat een zalvende hypocrisie.

Voor Plasterk klinkt deze week een tweevoudig Uur U. In de onderhandelingen met vakbonden en schoolbestuurders zal duidelijk worden hoe zijn miljard voor de leraren besteed wordt. Als hij een niveauverhoging nastreeft, moet hij een forse, door de overheid bewaakte salarisverhoging voor academici doorzetten, tegen de wil van de besturen in. En in de Tweede Kamer wordt gedebatteerd over de commissie-Dijsselbloem, aan de vooravond van een dreigende nieuwe ramp, de landelijke invoering van het competentiegerichte leren in het mbo. Plasterk kan nu beslissen zich niet te scharen in de treurige rij van mislukte onderwijsministers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden