Het traditionele schoolrapport verdwijnt

Op het schoolrapport van de Veldkei in Assen staat tegenwoordig ook vermeld hoe het kind de tussentijdse Cito-toetsen heeft gemaakt....

'Het is onmiskenbaar een trend om de uitslag van tussentijdse Cito-scores op het rapport te zetten', meent Ton Gelmers, beleidsmedewerker van de Vereniging van Openbaar Onderwijs (VOO). 'Ouders zijn steeds kritischer, gedragen zich steeds meer als consumenten en eisen steeds meer informatie op.'

Het schoolrapport van de basisschool krijgt daardoor een objectiever karakter. De meesters en juffen baseren hun cijfers en inschatting van het kind steeds vaker op tussentijdse Cito-toetsen. Daarmee kan de prestatie van het kind worden afgezet tegen het landelijk gemiddelde.

Er zijn net zoveel soorten rapporten als er basisscholen zijn. De ene school geeft cijfers. De ander beperkt zich tot aanduidingen als goed, voldoende en zwak. De ene school meet vooral prestaties. De andere school beloont juist de inzet van kinderen. Maar alle scholen zijn bezig de informatie over de kinderen te objectiveren.

'Het traditionele rapport meet alleen het onderwijs op joúw school. Als je de kinderen in groep-zes lesstof aanbiedt die eigenlijk thuishoort in groep-vijf gaan de meeste kinderen natuurlijk met een mooi rapport naar huis', vertelt Janny Jansma, adjunct-directeur van het Anker in Amersfoort. 'Het is veel zinvoller om de prestaties van de leerlingen te vergelijken met leeftijdgenootjes in heel Nederland. Daarmee voorkom je ook dat je als school afglijdt zonder dat je er erg in hebt.'

Om die reden heeft inmiddels 80 procent van de scholen het Cito-leerlingvolgsysteem ingevoerd met de daarbij horende tussentijdse toetsen. Voor het oordeel in het rapport leunt de basisschool steeds zwaarder op hoe het kind die Cito-toetsen heeft gemaakt.

'Wij hadden behoefte aan een onafhankelijk ijkpunt om het niveau van onze kinderen te bepalen', vertelt adjunct-directeur Ali Santing van de Veldkei. 'Ook de ouders willen steeds meer informatie over hun kind.'

De Kosmos in Amersfoort zet de uitslag van de tussentijdse Cito-toetsen niet op het rapport. 'Maar het is wel een heel belangrijke bouwsteen voor het oordeel in het rapport', aldus Vincent Dekker, directeur van de Kosmos. 'Want in wezen is een rapport subjectief. Het blijft een inschatting. Daarom ben ik blij met de trend dat de prestaties van kinderen worden afgezet tegen een landelijke norm.'

Volgens de VOO zijn het niet alleen prestatie-gerichte scholen die veel waarde hechten aan de tussentijdse Cito-scores. Voor Montessori-, Jenaplan-, Dalton- en Vrije scholen is het ook een veelgebruikt instrument om zicht te krijgen op de ontwikkeling van de kinderen.

Rapportcijfers zijn op deze scholen veelal taboe. Op de Peppels in Boxmeer zijn zelfs kwalificaties als goed, voldoende of zwak uit den boze. 'Met dat soort termen geef je een waardeoordeel over een kind', legt schooldirecteur Peter van Dijk uit. 'Dat willen we uitdrukkelijk niet. Maar we willen wel graag aangeven hoe het kind presteert ten op zichte van het gemiddelde kind in Nederland.' En dus kunnen de leerlingen van de Peppels op hun rapport lezen of ze gemiddeld presteren of bovengemiddeld of ondergemiddeld. Niet in vergelijking met hun klasgenootjes, maar in vergelijking met al hun leeftijdgenootjes in de rest van Nederland.

'De tijd dat ouders omfloerst werden voorgelicht is voorbij', denkt Vincent Dekker van de Kosmos. 'In het verleden zeiden we vaak tegen ouders: Het gaat goed. Op zijn niveau doet hijerg zijn best. Ouders denken dan al snel dat hun kind naar de havo kan. Dat doen we niet meer.Ouders hebben er recht op te weten of hun kind op niveau presteert.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden