AnalyseCoronamaatregelen

Het theater en pretpark moeten dicht. Jammer dat niemand weet of het helpt

Bezoekers van het Concertgebouw in Amsterdam bezoeken een voorstelling.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Dinsdagavond zal het kabinet, naar het zich laat aanzien, met veel vastberadenheid nieuwe maatregelen bekendmaken om het virus sneller terug te dringen. Jammer alleen dat niemand kan zeggen wat het sluiten van bioscoop, pretpark en theater nu precies helpt.

Dáár, helemaal rechts op de ‘routekaart coronamaatregelen’, ergens tussen de kleurcode bruin (zeer ernstig) en zwart (lockdown). Daar zul je ze hebben, Mark Rutte en zijn kabinet, zoekend naar de weg terug.

Want het aantal ic- en ziekenhuisopnamen mag de afgelopen dagen dan zijn gestabiliseerd, daarmee is de kust nog niet veilig, zal Rutte dinsdagavond moeten zien uit te leggen. In aantallen is de situatie in het land immers nog zeer ernstig, geeft de routekaart aan: ruim tweehonderd opnamen per dag terwijl het predicaat ‘zeer ernstig’ al geldt vanaf tachtig, en ruim tweemaal méér dagelijkse ic-opnamen dan de twintig waar de code bruin geldt.

En dus zijn ‘strenge, landelijke maatregelen noodzakelijk’, zo leest Rutte op de crisiskaart, ‘om verdere escalatie te voorkomen en terug te keren naar een beheersbare situatie (waakzaam)’. Waakzaam, dat is het niveau waarop minder dan vijftig mensen per honderdduizend per week positief testen (het zijn er nu ongeveer vierhonderd), er minder dan tien covid-patiënten per dag op de ic belanden (nu ruim veertig) en er minder dan veertig mensen per dag worden opgenomen in het ziekenhuis (nu: ruim tweehonderd).

Hoe scherper de maatregelen, des te vlotter de weg terug, zette RIVM-hoofdwetenschapper Jaap van Dissel vorige week uiteen in de Tweede Kamer. Losjes doorberekend duurt het in het huidige tempo al snel tot eind januari voordat de alarmwaarden weer op ‘waakzaam’ springen en de routeplanner zijn geruststellende ‘bestemming bereikt’ meedeelt. Scherp de maatregelen twee weken lang aan, en vooral in december vermindert de druk op de zorg een stuk sneller, blijkt uit de RIVM-rekensommen.

Dus grijpt Rutte naar de maatregelen die op de routekaart onder het kopje ‘lockdown’ staan. De scholen en contactberoepen dicht? Liever niet. Blijft over: ontraad het reizen, sluit de musea, bioscopen, theaters en pretparken, en breng de groepsgrootte naar twee. Precies de maatregelen die het kabinet volgens gelekte informatie zou overwegen.

Denk niet dat er sprake is van een tot achter de komma doorgerekend wetenschappelijk solide advies. Het aantal bezoekers aan theater en bioscoop is al drastisch ingeperkt en uit de GGD-cijfers blijkt nergens dat musea of pretparken prominente broeinesten van het virus zouden zijn. Afgelopen zomer turfde de GGD twintig coronagevallen bij mensen die kort daarvoor in de Efteling waren geweest. Maar, benadrukte de GGD meteen: dat maakt het pretpark, met vijftienduizend bezoekers per dag, nog geen brandhaard.

Het gaat om het principe, stelt hoogleraar theoretische epidemiologie Hans Heesterbeek (Universiteit Utrecht). ‘Het virus verspreidt zich via contacten en elk contact dat je vermijdt is slecht voor het virus.’ Hij vergelijkt de maatregelen met de dronkenlap die in het donker zijn sleutels verliest, maar bij de straatlantaarn gaat zoeken omdat het daar licht is: ‘Ik vermoed dat van de vele soorten contacten die er zijn, dit hoort bij de contacten die makkelijk zijn te vatten in een heldere regel of richtlijn.’

Het is ‘een van de weinige opties’ die het kabinet nog heeft, stelt hoogleraar infectieziektemodellering Sake de Vlas (Erasmus MC), ‘zonder dat er extreem grote maatschappelijke en economische gevolgen ontstaan, zoals bij het sluiten van scholen.’ En de sluitingen zullen vast ‘een zeker gunstig effect’ hebben, denkt De Vlas. ‘Omdat ze geen compensatiegedrag opwekken, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het sluiten van de horeca. Daarbij kan het extra gunstig zijn dat de uitwisseling binnen oudere groepen, die vaker naar musea en theaters gaan, en tussen jong en oud – met opa en oma naar het pretpark – hiermee wordt verminderd', denkt hij.

Bezoekers in de Efteling. Om een te grote drukte te voorkomen, moeten tickets voor het attractiepark vanwege het coronavirus via een reserveringssysteem worden gekocht.Beeld ANP

Hoe dan ook: volstrekt onduidelijk is in hoeverre de maatregelen helpen om de verspreidingssnelheid ‘R’ van het virus terug te brengen. ‘R is alleen geschikt als grof middel om te zien of het geheel van maatregelen op het niveau van de hele populatie de epidemie de goede kant op krijgt’, benadrukt Heesterbeek. ‘Je kunt dit op het microniveau van soorten bijeenkomsten niet modelleren. Los van het grove: hoe minder bijeenkomsten, hoe beter.’

Dat punt waarop je aankomt op een plek waar volgens de routekaart helemaal geen wegen zijn. Terwijl een stem bij herhaling aandringt: ‘Probeer om te draaien.’ Dát is waar Rutte zich bevindt.

Met medewerking van Serena Frijters.

Hebben we wel zicht op commerciële testuitslagen?

Met een wildgroei aan commerciële testinitiatieven zou het zicht op de verspreiding in het virus in het geding kunnen raken. Komen de uitslagen van coronatests die buiten GGD-teststraten worden afgenomen wel in de statistieken? Volgens de laatste raming van het ministerie gaat het om 4.200 commerciële tests per dag. Die schatting lijkt (te) voorzichtig, maar in de buurt van de haast 60 duizend monsters die dagelijks door GGD’s en zorginstellingen worden genomen komt het aantal niet.

Omdat corona als een zogeheten A-ziekte is aangemerkt, zijn ook commerciële testaanbieders verplicht positieve testuitslagen te melden bij de GGD. Die start bron- en contactonderzoek op. En via de GGD belandt de positieve uitslag in principe ook in de dagelijkse RIVM-statistieken. Ter illustratie: van de 67.542 in week 43 gemelde besmettingen bij het RIVM, kwamen er 51.166 van GGD-testlocaties. Gedegen testaanbieders volgen de instructie. ‘Wij melden elke positieve test bij de GGD’, zegt een woordvoerder van U-Diagnostics, het bedrijf achter Het Huisartsenlab, een van de grootste commerciële testaanbieders.

Er zijn drie maren. Eén: zeker weten dat alle testaanbieders positieve uitslagen doorgeven, doet de GGD niet. Schattingen lopen op tot wel tweehonderd alternatieve aanbieders. ‘Overzicht hebben we niet en toezicht houden is onze taak niet’, aldus een woordvoerder van koepel GGD GHOR.

Twee: niet alle commercieel aangeboden (snel)testen worden door GGD en RIVM betrouwbaar geacht. Neem een positieve uitslag van een niet-gevalideerde bloedsneltest op antistoffen; die wíl de GGD uit principe niet registreren. ‘Dat zou de cijfers vervuilen.’ De Inspectie gaat nog verder. Bij alle niet-GGD-testlocaties zou een (bedrijfs)arts betrokken moeten zijn. En na een positieve commerciële test zouden mensen alsnog naar een GGD-teststraat moeten gaan voor een aanvullende PCR-test.

Drie: negatieve testuitslagen uit het commerciële circuit worden niet geregistreerd. Dit zou tot een overschatting van het besmettingspercentage leiden. Daarom baseert het RIVM zich bij het berekenen van dat percentage enkel op tests afgenomen in GGD-teststraten.

Jurre van den Berg

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden