Column

Het succes van het kleurboek voor grote mensen

Column Sylvia Witteman

Witteman denkt terug aan de tijd van de kleurboeken.

Beeld thinkstock

Gisteren las ik in de krant over een kleurboek voor volwassenen, Mijn geheime tuin. Daarvan zijn in Nederland alleen al 125 duizend exemplaren verkocht, een aantal waar zelfs succesvolle romanciers een moord voor doen. Een kleurboek dus, vol vogels, bloemen en vlinders.

Ik dacht aan mijn kleurboeken van vroeger. Van mijn ouders kreeg ik ze niet, die waren tegen. Binnen de lijntjes kleuren was een beperking van de creatieve kindergeest, een keurslijf van voorgekauwde normen en waarden. Zelf tekenen werd toegejuicht. Maar kinderen kunnen meestal niet zo goed tekenen, en ik al helemaal niet. Een manke kat, een koppotige kabouter, een perspectiefloos huisje met schoorsteen die scheef uit de gevel hing, dat werk.

Gelukkig hád ik wel kleurboeken, van goedertieren oma's gekregen die nog wisten wat een kind toekwam. Heerlijk werk was het. Niet alleen kleurde ik precies binnen de lijntjes, maar ook stond ik op een realistische weergave: hondjes met blauwe oren en oranje ogen, zoals mijn zusje ze zonder een spier te vertrekken afbeeldde, daar begon ik niet aan.

Je had zelfs kleurboeken waarvoor je geen potloden nodig had, maar alleen een kwastje en een glaasje water. Op het papier waren kleine spikkeltjes verf aangebracht, die zwart leken, maar bij bevochtiging hun ware kleur aan het papier afgaven. Zoiets moois, het was bijna niet te bevatten, en er kwam gelukkig in het geheel geen creativiteit bij kijken.

Op de kleuterschool mochten we soms iets heel leuks doen: we kregen ieder een voorgedrukte afbeelding van een hyacint en een rol roze of blauw crêpepapier. Van dat laatste maakten we propjes die we met gluton op die afbeelding plakten zodat er, tot mijn enthousiasme, een levensechte hyacint in reliëf verscheen. Bij ieder dezelfde, en ook dat was verrukkelijk.

Het allermooiste vond ik Ministeck, een rasterwerkje waarop je bijvoorbeeld een paardenhoofd via een sjabloon kon namaken met gekleurde plastic prikkertjes. Maar Ministeck gold in onze kringen als ronduit fascistisch. Om dit soort neigingen bij hun kind te onderdrukken deden mijn ouders me op een hip expressieclubje, 'Kreater' geheten.

U voelt de bui hangen. Wij kinderen moesten elkaar lukraak met vingerverf insmeren onder de weinig bezielende leiding van een stel slome haarboeren en vrouwen met patchouli en opdringerige oksels. Vingerverf! Abjecter expressiemateriaal moet nog worden uitgevonden.

Na een reeks gruwelijke zaterdagmiddagen vroeg ik voor mijn verjaardag of ik van Kreater af mocht. De opluchting toen mijn wens gehonoreerd werd, ik voel het nóg.

Kortom: ik begrijp het wel, dat succes van die kleurboeken voor grote mensen. Het is een vertraagde reactie op barre tijden.

s.witteman@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.