Het succes van Aruba

Het gaat uitstekend met Aruba, achttien jaar nadat het eiland een status aparte kreeg binnen het koninkrijk. Met de toeristen stromen de dollars binnen....

'Kom binnen dear', gebiedt de spelletjesdame met onvervalst New Yorks accent. 'It's fun! En het wordt steeds leuker.' Bingo-tijd in het Aruba Renaissance Resort. Amerikanen met hoofddeksels in de vorm van geweien verstoren de rust bij het zwembad. Een hotelgast vlucht hoofdschuddend weg. Onderweg naar het bounty-eiland van het hotel, pal tegenover luchthaven Reina Beatrix, vallen de monden wagenwijd open bij het zien van de azuurblauwe stranden.

Want het is toch o zo mooi op beautiful Aruba.

Bij het diner in de grote hotels langs Palm Beach, net verkozen tot 's werelds beste strand voor gezinnen door het Amerikaanse Travel Channel, klinkt het alsof je bent beland op de set van de tv-serie The Sopranos. Families uit New Jersey en New York bepalen hier het beeld. Jolijt, genieten van dit tropische stukje Dutch Caribbean, is ook het devies als de 'Kukoo Kunuku'-partybus 's avonds met luidruchtige Amerikanen door Oranjestad trekt. Aruba is toch fun?!

Alle zes restanten van Nederlands koloniale geschiedenis, de vijf Antillen-eilanden en Aruba, zijn volop gezegend met zon en strand. Alleen, waarom is het ene eiland - Aruba - reeds jaren het toonbeeld van economische voorspoed, terwijl een ander (Curaçao) synoniem is voor verpaupering, wanbeheer en bolletjesslikkers?

Juan Chabaya Lampe (84), kunstenaar, muzikant en medeschrijver van het Arubaanse volkslied, ontvangt in zijn woning op een steenworp van de drukke stranden, in korte broek en vuurrood tropenshirt bedrukt met de vlaggen van alle Caribische eilanden. Lampe dankt Betico Croes, 's lands voorvechter van het uittreden uit de Antillen, dat hij het twee decennia terug 'zo goed had gezien'.

De muzikant verheft zijn stem. 'Als we in 1986 onze status aparte niet hadden gekregen, zouden wij nog steeds lijden onder het juk van de Curaçaoënaren. We zouden echt niet zo'n succesverhaal hebben. Weet je wat ons geheim is? Wij behandelen de toeristen met liefde. Want zo is de Arubaan: gastvrij en vriendelijk. Op Curaçao heeft de bevolking een totaal andere instelling. En de toerist voelt het.'

'Kleinstaterij', zo kwalificeerde oud-minister Van der Stee van Nederlands-Antilliaanse Zaken eind jaren zeventig het Arubaanse streven de Antillen te verlaten. Toenmalig premier Evertsz van de Antillen gaf Aruba zelfs geen enkele kans op overleven. 'Het was pertinent een fout van Nederland om Aruba uit de Nederlandse Antillen te halen', betoogde hij in 2001 in het boek Het Koninkrijk in de Cariben van Gert Oostindie en Inge Klinkers. 'Aruba met 80 duizend man kan niet bestaan als zelfstandig land.'

Maar achttien jaar nadat Aruba een apart land werd binnen het koninkrijk, hebben de inmiddels 95 duizend inwoners van het nauwelijks tweehonderd vierkante kilometer grote eiland het ongelijk van Evertsz cum suis ruimschoots aangetoond. Sterker nog, precies vijftig jaar na de opstelling van het statuut dat de verhoudingen binnen het koninkrijk regelt, lijkt Aruba het enige succes.

De explosieve groei sinds 1986 van het toerisme heeft het eiland in korte tijd veranderd in een koninkrijksdeel met amper werkloosheid, een stabiel politiek klimaat en een toenemende welvaart.

Anno 2004 heeft Aruba het op een na hoogste inkomen van de Cariben. Wat is het geheim achter het succesverhaal Aruba? Belangrijker: kan het eiland als voorbeeld dienen voor Curaçao dat al jaren wordt geplaagd door leegloop, hoge criminaliteit en economische neergang? Op Curaçao wordt de roep om een status aparte steeds luider. De tegengestelde ontwikkeling van beide eilanden, op nog geen halfuur vliegen van elkaar, is opmerkelijk.

Beide hadden in 1986 een vrijwel identieke economische uitgangspositie. Door de sluiting van de olieraffinaderijen op Aruba (Lago) en Curaçao (Shell), tot dan de motoren van de lokale economieën, stond plotseling een fiks deel van de beroepsbevolking op straat. Concentreerde Curaçao zich met name op de offshore-sector als nieuwe bron van inkomsten, Aruba omarmde het toerisme.

'Iedereen op het eiland, overheid, bevolking en bedrijfsleven, was het hierover eens', benadrukt Myrna Jansen (48), directeur van het Arubaanse toerismebureau ATA en oud-werknemer van Lago. 'Toerisme moest het worden, we hebben vooral de Amerikaanse markt aangeboord. Voor 1986 was er geen noodzaak voor grootschalig toerisme, want de raffinaderij leverde toch al genoeg geld op.'

Harold Malmberg (70) kan zich die tijd nog goed herinneren. 'Tot in de nacht werd er vergaderd', vertelt Malmberg, jarenlang ondervoorzitter van de hotelorganisatie Ahata. 'De planning werd gezamenlijk gedaan, ook de vakbonden werden erbij betrokken.' Anno 2004 stevent Aruba af op het beste toerismejaar ooit.

Meer dan 720 duizend bezoekers worden verwacht. Telde het eiland in 1986 slechts tweeduizend hotelkamers, nu zijn het er zo'n zevenduizend. Ter vergelijking: het veel grotere Curaçao heeft zo'n drieduizend kamers.

'Als Betico Croes Aruba nu zou zien, zou hij terecht trots zijn. Overal waar je komt, zie je ontwikkeling en vooruitgang', zegt Glenbert Croes, parlementslid en zoon van de bekende politicus Croes senior heeft de opbloei van Aruba niet kunnen zien: een dag voor de status aparte zou ingaan, raakte de MEP-voorman in coma na een verkeersongeluk.

De vraag is echter of Curaçao nu ook zo'n succes zou hebben als het zich actief op het toerisme had gestort. Wandel door het van belastingvrije winkels vergeven Oranjestad en de Arubanen, nazaat van indianen en Nederlandse kolonisten, zal die vraag resoluut met nee beantwoorden.

Het stereotype beeld van Curaçaoënaars, de afstammelingen van slaven, is na achttien jaar status aparte nog altijd niet uitgebannen op Aruba. Het is het beeld van de hautaine, luie en onvriendelijke eilandbewoner. 'Met hun instelling zouden ze dit alles nooit voor elkaar hebben gekregen', gebaart automonteur Rudy (37) die met zijn gezin in de Havenstraat wandelt. 'Nooit. Wie zorgt voor overlast in de Nederlandse steden? Wie zijn die bolletjesslikkers?'

Malmberg, eigenaar van de grootste tourorganisatie op het eiland, De Palm Tours: 'Arubanen staan erom bekend dat ze de koppen bij elkaar steken als ze voor een uitdaging staan. Ook als we het niet met elkaar eens zijn. De ruwe grondstoffen, mooie stranden en vriendelijke mensen hadden we al in 1986. Het kwam er alleen op aan de handen uit de mouwen te steken. Curaçao is een andere samenleving. De onderlinge wedijver is er veel groter. Hier schelden we elkaar de huid vol, maar naar buiten toe zijn wij een team. Saamhorigheid vinden Arubanen heel belangrijk.'

Op zijn aangename tuinterras, waar de wind constant langs de palmbomen waait, onderschrijft oud-politicus Oscar Henriquez (78) deze analyse. 'De Arubaan is ontzettend vaderlandslievend. Hij is zelfs overdreven nationalistisch.' Toerismedirecteur Jansen: 'We hebben een heel andere geschiedenis dan Curaçao. Aruba heeft geen slavernij meegemaakt. Dat is van invloed op je houding. Ik voel mij gelijk aan de Amerikaan of Europeaan die als toerist naar ons eiland komt.'

Als iemand zou kunnen weten waarom het zo is misgegaan met Curaçao, dan is het oud-minister van Financiën van de Antillen, en ex-eilandbestuurder en gezaghebber ('burgemeester') van Aruba: Henriquez. De helft van zijn leven bracht hij door op Curaçao waar hij onder meer de grootste bank, Maduro, leidde. Henriquez: 'Curaçao is vergeleken met Aruba erg verpolitiekt. Beslissingen worden genomen op basis van politieke belangen en niet zozeer op basis van het landsbelang. Als het gaat om het gezamenlijk belang, komen dingen niet altijd van de grond.'

De oud-politicus noemt een actueel voorbeeld: de criminaliteitsbestrijding op Curaçao. Elk jaar worden op het 130 duizend inwoners tellende eiland ruim vijftig moorden gepleegd, voornamelijk in het drugscircuit. Als op Aruba, dat veiligheid hoog in het vaandel heeft staan in het belang van het toerisme, jaarlijks een paar doden vallen in het criminele milieu, is het veel.

Henriquez: 'Op Curaçao wordt al jaren gesproken over het aanpakken van deze golf van criminaliteit. Maar er gebeurt niets. Dat zou hier echt ondenkbaar zijn. De controverses en tegenstellingen zijn op Aruba niet zo groot. We hebben wel politieke conflicten maar ze belemmeren de ontwikkeling van het eiland niet.' Velen op One Happy Island, zoals de Arubaanse regering het eiland heeft gedoopt, erkennen dat het Arubaanse succes niet mogelijk zou zijn geweest zonder de duizenden immigranten uit vooral Colombia en Venezuela.

Hield Curaçao angstvallig de deur dicht voor buitenlanders, zelfs voor Nederlanders, Aruba gooide de grenzen juist wagenwijd open voor arbeiders, om hotels te bouwen en schoon te houden. Tussen 1991 en 2000 groeide de bevolking met 36 procent. 'Jammer genoeg', verzucht touroperator Malmberg in zijn kantoor, 'hebben we niet genoeg Arubanen gemaakt'. Opvallend genoeg heeft deze toename van de bevolking niet tot grote integratieproblemen geleid.

'De komst van zoveel vreemdelingen heeft zeker invloed op onze identiteit', zegt Glenbert Croes die onlangs zelf met een Cubaanse is getrouwd. 'Maar ik zie geen jaloezie onder de Arubanen. Ze voelen wel de druk bij het zoeken naar een baan. Want een vreemdeling aannemen, is voor sommige werkgevers goedkoper.' Nu de roep om het opheffen van de Antillen en het verlenen van een status aparte aan Curaçao en Sint Maarten steeds sterker wordt, is dus de vraag of Aruba als voorbeeld voor beide eilanden kan dienen.

Als je bent gezegend met mooie stranden en prima weer, waarom zou je daar dan geen gebruik van maken? Toerisme is per slot van rekening een van de snelst groeiende sectoren in de wereld. 'Waarom niet', zegt Jansen spontaan. 'Curaçao heeft een groot toeristisch potentieel. Het is groter en net zo mooi. Maar dan moet die vastberadenheid die wij in 1986 hadden, er wel zijn.'

Malmberg: 'Curaçao heeft genoeg kader. Dus dat is het probleem niet. Maar zo'n beslissing moet door iedereen worden gedragen. Als de overheid haar eigen gang gaat en vakbonden en bedrijfsleven er niet bij betrekt, wordt het een chaos.'

Muzikant Lampe ziet ook het potentieel van Curaçao. 'Maar ze hebben echt niet zo'n mooie beach als Aruba. Als je op Curaçao bent, denk je: caramba, wat een mooie stranden. Maar wat ze hebben, is jaren geleden aangelegd met zand van Aruba.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden