Het sportstadion van Barcelona is altijd en overal een vrijplaats van politieke gevoelens geweest

Sluit de ogen en beleef de mooiste Barcelona-momenten opnieuw, ieder voor zich: een bezoek aan Camp Nou, aan de bewegende kunst van Messi. De beklimming van de smalle trapjes in de Sagrada Familia. Lummelen op de boulevard bij de haven. Gebakken ansjovis eten op een van de tientallen pleintjes waar je de rest van je leven zou willen zitten.

Barcelona is symbool voor vrijheid, plezier en romantiek. Barcelona werd, zeker na de Olympische Spelen van 1992, een toeristische trekpleister zonder weerga, het favoriete uitstapje van miljoenen Nederlanders, met de voetbalclub als kijkcijferkanon. Maar zondag is het bijna oorlog als de Catalanen willen stemmen over onafhankelijkheid, een stemming die door de regering in Madrid bij voorbaat illegaal is verklaard. De beelden van botsingen tussen burgers en militairen van het centrale gezag zijn onverteerbaar voor wie democratie liefheeft.

Het gaat er hier even niet om wie gelijk heeft, het is vooral de verbijstering die beklijft. Kijkcijferkanon Barcelona voetbalt op deze bizarre middag in een leeg Camp Nou, nadat lang twijfel heeft bestaan over het doorgaan van de wedstrijd tegen Las Palmas.

Voetbal in Barcelona is ook politiek. Wie anders denkt, vergist zich. De Catalaanse nationale ploeg speelt geregeld een 'interland' in de stad, met menig speler van Barcelona als dragende pion. In het stadion is uiting van Catalaans nationalisme gewoon. Aanvoerder van de nationale ploeg Sergio Ramos, speler van Real Madrid, liet Barcelona-collega Gerard Piqué afgelopen week weten dat hij zijn Catalaanse gevoelens niet zo moet uitdragen, want dat kan nadelig uitwerken op het succes van de nationale ploeg van Spanje. Piqué, Catalaan in hart en nieren, verspreidde zondag op Twitter doodleuk een foto van zijn gang naar de stembus.

FC Barcelona tegen UD Las Palmas in een leeg stadion.Beeld AFP

Hoewel de situatie totaal anders is dan ruim veertig jaar geleden, roept de situatie herinneringen op aan vroeger, aan tijden van generaal Franco, toen Spanje nog een dictatuur was. In de documentaire The Last Match zitten schitterende beelden, onder meer met activist Xavier Folch, rond de eerste wedstrijd van Johan Cruijff in Camp Nou in 1973. Cruijff, met zijn wapperende haren symbool voor rock & roll en voor het vrije Nederland, schrijft een kaartje naar Folch in de gevangenis, op verzoek van een vriend van de activist. Cruijff schrijft: 'Ik hoop dat je Barca snel weer kan zien spelen.' Het is zoiets als: binnenkort ben je vrij.

Ouderen in Barcelona huilen nog steeds om de 0-5 bij Real Madrid in 1974, toen Cruijff superieur was, een paar dagen na de geboorte van zijn zoon met de Catalaanse naam Jordi. Het sportstadion is altijd en overal vrijplaats van politieke gevoelens geweest, want de massaliteit wakkert lef aan en garandeert anonimiteit. De slogan van voetbalclub Barcelona luidt Més que un club. Meer dan een club. De betekenis is wrang zondag. Lionel Messi, bij uitstek de apostel van vrije gevoelens op het voetbalveld, dartelt langs lege tribunes. Buiten kraait het oproer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden