Het rijk der rubbertegels

Nederlanders leven al zestig jaar zonder echte rampspoed. Toch heeft iedereen de mond vol van veiligheid en raadt de overheid ons aan een noodpakket in huis te halen. Welk onheil hangt ons eigenlijk boven het hoofd?

Een zaklamp. Een transistorradio. Een rode lap, om de helikopters mee te wenken. Ziedaar enkele van de strohalmen waaraan u zich moet vastklampen als de rampspoed komt. Erg onverstandig als u de waterdichte ton met daarin het 'Noodpakket van Nederland' nog altijd niet in huis heeft, mopperde twee weken geleden nog de overheid, bij monde van minister Schultz van Hagen.


In een land waarvan een kwart onder zeeniveau ligt en dat ook nog eens daalt terwijl de zeespiegel langzaam stijgt, kun je maar beter het zekere voor het onzekere nemen. Al helemaal in een land waar de mensen hutjemutje op elkaar wonen, fabrieken soms grenzen aan woonwijken en je haast moet bukken voor de overscherende vliegtuigen.


En het zekere voor het onzekere nemen is wat we, zo op het eerste oog, dan ook doen. Toen vorige zomer de camera's in de Schipholtunnel uitvielen, besloot men meteen de hele tunnel af te sluiten, je weet maar nooit. Toen er in 2010 een nieuwe griep dreigde, had de overheid maar een klein duwtje nodig om over te gaan tot de massa-aankoop van vaccins. Noem een gevaar of er zijn ooit kamervragen over gesteld; bedenk een ramp en er is wel eens scenariostudie naar verricht.


Ziedaar de merkwaardige veiligheidsparadox van Nederland: altijd ijverig in de weer met gevaar en bedreiging, terwijl de zelfmoordterroristen, tsunami's en klodders lava ons toch niet direct om de oren vliegen. De rubbertegelgeneratie, noemen ze ons ook wel. Op de flats staan luchtalarmen terwijl het laatste vijandelijke vliegtuig al bijna zeventig jaar geleden achter de horizon verdween en van alle mensen die vorig jaar overleden, stierf 95,7 procent een natuurlijke dood, in plaats van door geweld of letsel.


Fysiek gevaar is in ons land vooral rampspoed van eigen makelij. Op de eerste hulp melden zich zeven keer meer mensen die een ongelukje hebben gehad bij het sporten dan door geweld. Door zelfdoding komen tweeënhalf keer meer mensen om dan door het verkeer en wie met letsel in het ziekenhuis ligt, heeft in de meeste gevallen gewoon een ongeval gehad in of om het huis.


Vallende ouderen

Een fijn en veilig land. We hebben na Zweden het laagste aantal verkeersdoden, zijn gidsland op het gebied van kindveiligheid en scoren hoog als het gaat om veiligheid op het werk en in huis. Ziedaar het Hollandse wonder: het aantal auto's steeg van 5 miljoen in 1990 tot haast 8 miljoen vandaag, maar het aantal verkeersdoden halveerde; het spoorwegnet werd voller en voller, maar de laatste treinramp met meer dan tien doden is alweer haast veertig jaar geleden (dat was in 1976 in Schiedam).


Een vreemd bijeffect heeft al die veiligheid ook. Nu de onmiddellijke gevaren wel zo'n beetje uit het straatbeeld zijn verdwenen, is fysiek gevaar iets ongrijpbaars geworden, een fenomeen dat pas opduikt als je de statistieken aandachtig bestudeert. Een verschijnsel waarop experts ons moeten wijzen.


Neem ongevallen. Uit de toptien van belangrijkste doodsoorzaken mogen de verschillende soorten ongelukken dan zijn verdwenen, in statistieken die meten wat ons leven het zwaarst belast, staat de nasleep van ongevallen en blessures wel degelijk prominent genoteerd, tussen aandoeningen als astma, dementie of alcoholverslaving.


Of zoom eens in op de categorie vallende ouderen, zegt directeur Marco Brugmans van VeiligheidNL, een preventieorganisatie die onder meer cijfers over persoonlijke veiligheid verzamelt. In 2011 overleden er 2.190 65-plussers aan de gevolgen van zo'n val, 33 keer méér dan er omkwamen bij de Bijlmerramp en de vuurwerkramp in Enschede bij elkaar.


Maar gescheurde pezen en gebroken heupen spreken minder tot de verbeelding dan een uitbraak van legionella of een doodgeschopte grensrechter. 'Mijn theorie is dat we gevaren ernstiger inschatten als je iemand op de een of andere manier de schuld kunt geven', mijmert Brugmans, meer op eigen titel dan uit hoofde van zijn organisatie. De grensrechter en de legionella-uitbraak zijn iemands schuld en worden een Kwestie, een punt voor op de agenda. Voor de duizenden die jaarlijks van de trap af kukelen, zijn er geen stille tochten, herdenkingsmomumenten of een roep om airbags in het trapportaal.


'Het is eerder het NL-Alert-tijdperk dan het rubbertegeltijdperk', zegt Brugmans. 'En tijd waarin we een systeem optuigen om de bevolking te alarmeren voor een ramp die zich zelden of nooit voordoet, terwijl er dagelijks onder onze neus slachtoffers vallen waaraan we gemakshalve maar geen aandacht besteden.' Rubberen tegels helpen tenminste, wil hij maar zeggen.


Maar in Delft haalt hoogleraar veiligheid en rampenbestrijding Ben Ale uit de statistieken weer net wat anders: er zijn ook rampen die te weinig plaatsvinden om op te vallen. 'We zijn bijvoorbeeld koploper in Europa op het gebied van rampen in de chemiesector. En bij sommige rampen moet je gewoon lang wachten. Het is niet zo dat een watersnood niet opnieuw kan gebeuren omdat de laatste 60 jaar geleden was. De kans op herhaling is klein, momenteel één op tienduizend. Maar het kan dus ook volgend jaar raak zijn.'


Een verraderlijke paradox: in rubbertegelland worden abstracte gevaren reëel, maar worden reële gevaren abstract. De Marokkaanse straatcrimineel mag dan de aandacht opeisen; de kans dat een kaaskop van eigen bodem u iets aandoet, is anderhalf keer hoger. En wat te denken van het vermeende gevaar van gsm-straling, hoogspanningsmast, genetisch gemodificeerd voedsel of wonen bij een kerncentrale? Bewijs dat er werkelijk mensen door ziek worden ontbreekt, maar de onrust is er niet minder om. Dat is de pest met veiligheid: wie 's nachts over straat loopt, voelt een ander soort gevaar dan de statistieken uitwijzen.


Aanval in de rug

Dan zouden we onze oudste vijand, de enige die ertoe doet eigenlijk, nog bijna vergeten. Dat is het water, de ploert met de duizend schuimkoppen die om de haverklap dood en verderf zaait op het zandstrand dat we Nederland noemen. Met de veiligheidscamera's gericht op de terroristen, de straatcriminelen en de verkeerswegen, word je al snel een soort Amerika, het land dat het zo druk had met menselijke vijanden dat het de natuur vergat. Het gevolg: een aanval in de rug door orkaan Katrina, die meer Amerikanen het leven kostte dan er tot dusver in Afghanistan zijn gesneuveld. Pas nadat de stad verdronken was, dempte men de dijk.


Maar goed, tot nu toe redden we het aardig. 'We wonen in de best beveiligde delta ter wereld', zegt Willem Ligtvoet van het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving). In 1825 eiste een recordstormvloed in ons land achthonderd levens; op 1 november 2006 kwam het record 20 centimeter hoger, maar was het meest in het oog springende leed dat van honderd paarden die bij Friesland ingesloten raakten door het water.


Alleen: dat kon wel eens veranderen. 35 tot 85 centimeter zeespiegelstijging, voorzien de klimaatprognoses voor deze eeuw, met als extreemste mogelijkheid een stijging van anderhalve meter. Intussen blijkt vooral van de rivierdijken eenderde niet meer aan de normen te voldoen. Ook dat is het lot van de veiligheidscultuur: dankzij betere meetmethoden zien experts nu beschadigingen, zwaktes en slijtages die eerder onopgemerkt bleven.


Geen paniek, zegt iedereen die je ernaar vraagt. Een afgekeurde dijk is immers wat anders dan een afgekeurde auto, zegt hoogleraar flood risk Matthijs Kok (TU Delft): de kans op extreem water is immers klein en de gebreken aan de dijken zijn dikwijls subtiel. 'Aan de andere kant: we krijgen veel spijt als er iets gebeurt dat we hadden kunnen voorkomen.'


Huizen op palen

Achter de schermen is intussen een debat opgelaaid over de toekomst. Over de hoofdlijnen is iedereen het wel eens: stevigere dijken, maar tegelijkertijd nadenken of de normen nog wel deugen en of het niet reëler is om verschillende gradaties van overstromingsrisico te gebruiken. De Randstad beschermen tegen de zee is immers heel wat anders dan Zuid-Limburg behoeden voor hoge rivierstanden. 'Misschien moet je zeggen: op sommige plaatsen langs de rivieren accepteren we een hoger overstromingsrisico', zegt Ligtvoet. 'En dan je ruimtelijke ontwikkelingen erop afstemmen: als je daar wilt bouwen, leg de wijk dan wat hoger. Of bouw drijvend, of op palen.'


Dan is er de uitvoering. De rivier de ruimte geven, meebewegen met de natuur; dat is de mode. 'Een rare emotie zit daarin', vindt Kok. 'Hoezo meebewegen met de natuur? Er zijn zulke immense natuurkrachten. Soms is beton echt nodig.' Of de zee nu stijgt of niet, experts zoals Kok zijn vol vertrouwen. 'We spuiten aan de kust wat zand erbij. Zo houden we het nog gemakkelijk twee eeuwen vol. En tegen die tijd heb je sowieso een heel andere wereld.' Ook het PBL maakt zich nog geen zorgen, aldus Ligtvoet. 'De zeespiegelstijging gaat zo langzaam dat we ons goed kunnen voorbereiden. Zelfs een versnelde zeespiegelstijging kunnen we prima aan.'


Misschien wel de grootste veiligheidsuitdaging is om te voorkomen dat de politieke en de maatschappelijke aandacht afdwaalt richting schijngevaren en modebedreigingen. In het rijk der rubbertegels is het gevaar overal en nergens: Nederland is zo veilig dat we de gevaren niet meer goed zien, maar te onveilig om genoegzaam achterover te leunen. Veiligheid vergt onderhoud, beseft ook Ligtvoet. 'In een land waar overstromingen niet meer aan de orde van de dag zijn, is dat weleens lastig, maar het is net als je eigen huis. Je kunt het onderhoud best een keertje overslaan. Totdat je dakspanten en vloerbalken beginnen te rotten: dan heb je het te lang laten liggen.'


Tsunami

Geen Aziatische toestanden: de kans dat Nederland ooit wordt getroffen door een tsunami zoals in Japan in 2010 of in Azië in 2004, is miniem. Nederland heeft voor haar kust de ondiepe Noordzee, die als golfbreker werkt.


Anderzijds liggen we aan een soort trechter: uitgerekend voor onze kust wordt het water bij noordwestenwind geregeld fors opgestuwd. En extreme rampspoed van meer exotische aard is niet ondenkbaar. Zo werd de Noordzee zo'n zevenduizend jaar geleden wel degelijk overspoeld door een tsunami, toen bij Noorwegen een stuk zeebodem afbrokkelde. Ook zware aardbevingen, met een kracht tot ongeveer 7, zijn denkbaar, al zijn ze gelukkig erg zeldzaam.


Daarnaast ondervindt ons land soms hinder van natuurgeweld in verre landen, zoals de reuzenuitbarsting van de spleetvulkaan Laki op IJsland (1783) en de zware zeebeving die Lissabon zwaar trof (1755). Die gaf bij ons 'eene sterke schommelende beweging in rivieren, meeren, vaarten, grachten, vijvers en slooten', aldus bronnen uit die tijd.


De volgende ramp: gebouw stort in

Let op: 'Er gaat een keer een gebouw naar beneden komen', zegt hoogleraar veiligheid en rampenbestrijding Ben Ale (TU Delft). In het voortdurende bordspel om de veiligheid is de bouwveiligheid momenteel een van de meer verwaarloosde vakjes, signaleert Ale. 'Er zijn minder regels, er is minder geld en er is minder toezicht', aldus de hoogleraar. De overheid heeft zich wat meer teruggetrokken, ook omdat ze niet aansprakelijk wil zijn.'


Rampenveiligheid kent een zekere varkenscyclus: direct na een ramp is er een roep om meer regels, maar als de herinnering aan de ramp vervaagt, verdampt de urgentie en worden soms ook de regels weer versoepeld. 'In de dereguleringskerk zijn we tegen die tijd vaak vergeten waarvoor we zo'n regel ook alweer hadden. En dan kun je het probleem weer terugkrijgen', zegt Ale.


Daarnaast zijn er ook nieuwe problemen, zoals fraude op internet. 'Er zijn dingetjes waar we steeds weer achter komen. Nu weer zitten de rails niet goed vast, dan weer moet je rotondes maken omdat er steeds meer verkeer is. Zo blijven we sleutelen aan de dingen waar we last van hebben.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden