Het perfecte carnavalskostuum

Cécile Narinx: 'Een goed carnavalspak kan sneeuw, regen en bier doorstaan'

Wat je aantrekt met carnaval weet hoofdredacteur van Harper's Bazaar en geboren Maastrichtse Cécile Narinx.

Hoofdredacteur en geboren Maastrichtse Cécile Narinx. Beeld Frank Ruiter

'Ik ben een herintreder. Ik heb mijn hele jeugd carnaval gevierd, maar toen ik ging studeren en verhuisde kreeg ik ook Hollandse vrienden. Dan verdwijnt het vanzelfsprekende gevoel.

'Tot ik twee jaar terug werd uitgenodigd voor de sleuteloverdracht van de Maastrichtse burgemeester aan prins carnaval. Dat is een enorme eer. Alles kwam terug. Het bloed ging weer schuimen. Sindsdien ben ik terug.

'Dit jaar valt het spijtig genoeg samen met de Milaanse modeweek, maar die verlaat ik gewoon vervroegd: ik wil er op zondag bij zijn. Dat is toch de mooiste dag.

Tekst gaat verder onder de foto.

Beeld Frank Ruiter

'Limburgs carnaval is anders dan Brabants. Boerenkielen - wat een armoe. Maastrichts carnaval is een spektakel van kleuren, veren, sjaals, kostuums, mantels en hoeden. Sommige 'pekskes' zijn zo breed, dat mensen amper een deur door kunnen. Anders dan in Brazilië is het niet de bedoeling de contouren van je lichaam te laten zien.

'Een goed kostuum moet warm genoeg zijn. Je bent grotendeels buiten. Een goed carnavalspak kan sneeuw, regen en bier doorstaan. Binnen moet het ook weer niet te warm zijn - daarom zijn oude bontjassen ideaal. Ik ben tegen bont, maar als je nog ergens een oude hebt liggen zijn ze heel praktisch.

'Ook belangrijk: je moet er snel mee naar de wc kunnen. Geen pakken uit één stuk of met 35 knoopjes dus. Verder moet je nog een slimme plek voor je geld hebben. In een onderrok of buideltje aan een koord. Je hebt geen hand vrij voor een tasje als je in een café naar je vrienden manoeuvreert met in elke hand vijf pils.

Tekst gaat verder onder de foto.

Cécile Narinx

Cécile Narinx (Maastricht, 1970) is hoofdredacteur van modeblad Harper's Bazaar. Daarvoor werkte ze eerst als redacteur en later als hoofdredacteur bij de Nederlandse Elle. Ze maakt deel uit van gelegenheidscarnavalstrio Ziek, zwak en misselijk, onder meer bekend van de single Ge bent wel dik maar nie gezellig uit 2012.

Beeld Frank Ruiter

'Tot slot is een instrument essentieel. De muziek is lokaal en de tekst in dialect. Die zing je luidkeels woord voor woord mee, terwijl je jezelf begeleid op een eenvoudig te bespelen instrument zoals een tamboerijn of toeter.

'Het top tot teen-principe is cruciaal, zonder hoed, pruik of masker is het kostuum niet af. Een uitdossing in Maastricht hoeft niets voor te stellen. Als je stewardessen, roodkapjes of Tiroler meisjes ziet, is het vaak import. De schmink is van groot belang en dan bedoel ik echt onherkenbaar beschilderd.

'Eigenlijk moet je het kostuum zelf naaien, maar daar heb ik geen tijd voor. Vorig jaar droeg ik een oude ballroomjurk, een groene trui, een legerpet met daarop een kreeft genaaid en ik had mijn gezicht groen geschminkt. Ik werd toch iets te veel herkend. Normaal vind ik dat niet erg, maar ik vind het wel lekker om op carnaval één keer totaal onherkenbaar te zijn - zoals het verkleden op carnaval van origine ook is bedoeld. Daarom wordt het dit jaar een pruik en ik overweeg een plaksnor: het is vaak mijn moedervlek die me verraadt.'

Beeld Frank Ruiter
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.