Het Parool kan hoop putten uit revival van regio

'Een regionaal sufferdje', luidde steevast de misprijzende kwalificatie van Sytze van der Zee, de vorige week opgestapte hoofdredacteur van Het Parool, wanneer omvorming van zijn krant tot een puur regionaal dagblad ter sprake kwam....

IN EEN koel, zakelijk onderhoud bood Sytze van der Zee vorige week woensdagmiddag PCM-topman Cees Smaling zijn ontslag aan. De laatste had zich van meet af aan gekeerd tegen het plan van Van der Zee om Het Parool om te vormen tot tabloid. Smaling wist zich gesteund door de commissarissen van de krantenuitgeverij. Vóór de zomer hadden die hun afkeer van het vermaledijde tabloidplan laten blijken, wat het vertrek inluidde van Ronald Blom, mede-bestuurder van Smaling en samen met Van der Zee verantwoordelijk voor het tabloidplan.

De hoofdredacteur zelf bleef aan, maar wilde van andere plannen niets weten. In die sfeer van impasse groeide de onvrede op de redactie van Het Parool. Onduidelijkheid over de te volgen koers en over het verlies van arbeidsplaatsen, nu nog zo'n 120, versterkte de twijfel over het tabloidplan, te meer daar Van der Zee omtrent de precieze inhoud zijn redacteuren bitter weinig had verteld.

Terwijl de hoofdredacteur op vakantie in Sicilië was, werd half augustus op de Parool-redactie vrolijk gebrainstormd over alternatieven. De regionale optie, een vloek in de kerk van Van der Zee, werd uitgewerkt door een groepje vooraanstaande redacteuren, onder wie de pas aangetreden adjunct-hoofdredacteur Matthijs van Nieuwkerk. Terug van vakantie stond voor Van der Zee vast dat zijn vertrek onvermijdelijk was geworden. Zijn geloofwaardigheid zou er te zeer onder lijden wanneer hij alsnog een knieval zou maken voor 'een regionaal sufferdje'.

Daarmee viel het doek voor de hoofdredacteur die in de afgelopen tien jaar 'een landelijke krant met een Amsterdams accent' nastreefde. En die daarmee volgens velen van Het Parool weliswn AT 5 lijken te onderstrepen dat ook Amsterdammers behoefte hebben aan regionaal nieuws. En bovendien: waarom zou Den Haag wel zijn Haagsche Courant kunnen hebben en Rotterdam zijn Rotterdams Dagblad, maar de regio-Amsterdam niet, naast het bescheiden Nieuws van de Dag, zijn eigen Het Parool?

Op het eerste gezicht kan Het Parool enige hoop ontlenen aan kranten die zich zonder enig minderwaardigheidscomplex regionaal noemen en allerminst 'een sufferdje' willen zijn. Die kranten gedijen heel behoorlijk. Het gaat in ieder geval minder beroerd met ze dan gemeenlijk wordt gedacht. Het is waar dat ze de afgelopen vijftien jaar gestaag marktaandeel hebben verloren aan de landelijke dagbladen, maar die verschuiving is 'niet opzienbarend', zegt Piet Bakker, docent communicatiewetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Het marktaandeel daalde met nog geen 4 procent sinds 1980. De totale oplage van de 'regionalen' (nu krap 2,6 miljoen) slonk met nog geen 140 duizend - dat is het verlies van één of twee kranten.

In werkelijkheid verdwenen intussen veel meer regionale dagbladen. Couranten als de Winschoter, de Noordooster en de Tielse, dagbladen als De Typhoon, De Vallei en Het Vaderland, illustere titels als De Waarheid en Het Vrije Volk. Sommige gingen een schijnbestaan leiden als 'kopblad', waarbij alleen de naam werd gehandhaafd. De meeste gingen met titel en al kopje onder in een fusiegolf die noodzakelijk was om kosten te besparen. Want, zegt Bakker, 'al dat kleine nieuws is arbeidsintensief en dus duur'.

Met uitzondering van de Gooi- en Eemlander, een krant die familiebezit is en dat volgens directeur J. Hooft nog heel lang kan blijven ('We denken er één keer per jaar over na, en verder weet ik dat iedereen belangstelling heeft'), kwamen de regionale kranten zowat alle terecht in de schoot van een concern als VNU of Wegener. In 1983 waren er nog negentien uitgevers van regionale dagbladen; de grootste vier hadden toen 45 procent van de markt. Nu zijn er nog negen concerns, terwijl de grootste vier 83 procent verdelen.

'Er zijn nogal wat zwakke broeders verdwenen', zegt Bakker, 'maar slecht gaat het niet.' Na de shake out hebben de regionale kranten net als de landelijke te kampen met een lagere dekking - minder abonnementen per huishouden - en met concurrentie van huis-aan-huis-bladen, maar een doorsnee provinciaal dagblad heeft een oplage waarvan vijftien jaar geleden slechts kon worden gedroomd. Toen worstelden kranten als het Dagblad van Noord-Limburg of de Schager Courant met oplagen van enkele tienduizenden, nu heeft bijna elke grotere stad in de provincie een dagblad dat dagelijks honderdduizend of meer kranten verkoopt.

Bakker: 'Dat kan goed. Maar je kunt niet, zoals het Parool wil, een regionaal verspreide krant maken tegen landelijke kosten. Met een grote kunstredactie, met eigen mensen in Den Haag. De redactie van het Parool is eigenwijs en zelfgenoegzaam. Er wordt met een absoluut dedain gesproken over regionale verslaggeving.'

Zoals de fusiegolf aan Het Parool voorbijging, zo lijkt die krant ook over het hoofd te hebben gezien dat regionale dagbladen zich emancipeerden. Ze zijn zelfbewuster geworden en professioneler, zegt Leon de Wolff, ooit redacteur van NRC en HP, en nu adviseur van redacties. Waar tot voor kort elke krant 'landelijke allure' nastreefde, en 'NRC'tje wilde spelen', worden nu 'complete' kranten gemaakt, en groeit het besef, zegt De Wolff, dat regionale verslaggeving 'geen tweederangs journalistiek is'.

'Amsterdam is te klein voor een Amsterdamse NRC', zegt De Wolff. 'Je zal dus een list moeten verzinnen. Maar er is wel ruimte voor een regionale krant en dat hoeft geen sufferdje te zijn. Die tijd is voorbij. Regionale verslaggeving is leuk, er is niks mee, je kunt de mooiste sociologische doorkijkjes maken. Ook over de uitvoering van de muziekvereniging in Brummen. Daar kun je toch een heel aardig verhaal van maken? Het heeft te maken met status. Als het allemaal niet lukt, ga je maar naar een regionale krant. Dat is toch onzin.'

Geert-Jan Laan, hoofdredacteur van het Gronings Dagblad en van de Drentse Courant, heeft een einde gemaakt aan de discussie zoals die nog op de redactie in Assen voortwoekerde. Ook daar wilde men het liefst 'een Volkskrant van het noorden' maken. Die aandrang is geweken. 'De mensen willen geen NRC'tje. Anders namen ze hem wel. Wij zijn een populair ochtendblad. Onze voornaamste concurrent is De Telegraaf', zegt Laan, wiens twee kranten (met een gezamenlijke oplage van circa 70 duizend) lezers weghalen bij de landelijke dagbladen.

Laan heeft na zijn aantreden twee jaar geleden de indeling van de kranten omgegooid, en een scheiding aangebracht. Er zijn nu regionale katernen, waardoor de lezer niet meer 'van het wereldnieuws op de voorpagina bij de kleuterschool in Assen op de drie terecht komt'. Tegelijkertijd kiest hij radicaal voor regionaal nieuws. Een fietser uit Emmen die een dode vrouw aantreft, verdringt de Democratische Conventie in Chicago van de voorpagina.

Ooit was Laan adjunct-hoofdredacteur bij Het Vrije Volk, een krant die net als Het Parool 'landelijk' heette te zijn toen hij dat al lang niet meer was, aan zijn eigen tweeslachtigheid ten onder ging, en fuseerde tot het Rotterdams Dagblad. Laan: 'HVV durfde niet te kiezen voor de regio. Dat wreekt zich. Als je niet kiest, hang je. Je moet een volwaardige krant maken die zich niet schaamt voor zijn eigen regio. Je moet een emotionele band hebben, zelfs trots zijn. De mensen bijvoorbeeld niet constant vertellen dat ze in een armlastig heideveld wonen.'

Een compromisloze keuze voor de regio betekent ook dat een krant zijn beste verslaggevers in die regio inzet. In de jaren tachtig, zegt Laan, zat hij nog bij vergaderingen van de GPD - het samenwerkingsverband van regionale kranten -, waar het ontbreken van een correspondent in Tokyo ('o god, daar hebben we niemand') de grootste zorg was, 'terwijl ik iemand in Rotterdam-Zuid wilde hebben'. Nu aarzelt hij niet als een ervaren verslaggever van de centrale redactie naar de post Nieuweschans moet worden overgeplaatst.

Laan: 'Dat wordt niet altijd gezien als een promotie, nee. En je kunt iemand er ook niet toe veroordelen dertig jaar lang op de editie Barendrecht te werken. Maar als er knopen moeten worden doorgehakt, heeft de regio het primaat. Het is de kurk. Zelfs The New York Times drijft op zijn stadsredactie. En weet dat er niets moeilijker is dan regioverslaggeving. Het is controleerbaar. Vierentwintigduizend doden in Burundi kun je klakkeloos van de persbureaus overnemen. Maar als ik schrijf dat de stoep aan de overkant drie meter breed is terwijl dat twee meter moet zijn, staat de telefoon hier roodgloeiend.'

Waarom zou Het Parool niet kunnen wat het Groninger Dagblad kan?

Of het Rotterdams Dagblad dat sinds de fusie van Het Vrije Volk en Rotterdams Nieuwsblad volgens hoofdredacteur Jan Prins langzaam maar zeker groeit, 'weer een plaats in de Rotterdamse samenleving is gaan innemen', en net als de Gooi- en Eemlander ('Ik aarzel niet als ik de beste mensen in de regio moet inzetten', zegt directeur Hooft), zelfbewust kiest voor het eigen verspreidingsgebied - al tekent Prins daarbij aan dat een Rotterdamse krant minder regionaal 'oogt', omdat, zegt hij 'zonder denigrerend te willen zijn, Rotterdam per definitie internationaler is dan Assen'.

Voor Het Parool is het minder eenvoudig dan het lijkt. De Amsterdamse markt kent twee valkuilen die zich ook elders voordoen, maar in veel mindere mate. Zo hebben Amsterdammers sterk de neiging om alleen een landelijke krant te lezen. Volgens cijfers van SUMMO, de Stichting Uitvoering Multimedia Onderzoek, komt Het Parool op de Amsterdamse markt op de tweede plaats met een bereik per nummer van gemiddeld 111 duizend personen. De krant ondervindt op de thuismarkt vooral concurrentie van de landelijke kranten De Telegraaf (176 duizend) en de Volkskrant (109 duizend), terwijl ook NRC Handelsblad (66 duizend) een behoorlijk deel inpikt. Problematisch voor Het Parool is bovendien de relatief hoge leeftijd van de lezers. Ruim 40 procent van zijn Amsterdamse lezers is ouder dan 50 jaar, een percentage dat bij de landelijke concurrenten schommelt tussen de 18 procent (Volkskrant) en 34 procent (De Telegraaf).

De positie van Het Parool is daarmee even weinig benijdenswaarig geworden als die van Het Vrije Volk in zijn nadagen, omdat 'je kunt uitrekenen wanneer je laatste abonnee wordt begraven', zoals de laatste hoofdredacteur van HVV, Gerard Krul, eens vaststelde. De enige uitweg is het aantrekken van jongere lezers. Maar daar komt Het Parool in aanraking met het andere kenmerk van de Amsterdamse markt: 'ontlezing'. Vooral jonge allochtonen, van wie er in Amsterdam meer zijn dan elders, lezen überhaupt geen krant meer. Hun eventuele interesse voor AT 5-nieuws laat zich niet gemakkelijk in een abonnement op een vernieuwd Parool vertalen.

Dat sombere perspectief zal het animo onder Parool-redacteuren voor een puur regionale krant niet vergroten. Ze weten wat ze hebben. Niet wat ze krijgen. Ze maken nu een dagblad dat weliswaar zwaar verlies lijdt, maar waarvan tenminste nog de faam uitgaat dat het een voortreffelijke krant is.

De meest prangende vraag is, kortom, of de gemiddelde Parool-redacteur werkelijk enthousiasme kan opbrengen voor het alternatief. Want hoofdredacteur Van der Zee was niet als enige zeer gehecht aan de landelijke pretenties van zijn krant. Onder zijn leiding was de stadsredactie een ondergeschoven kindje waar sterverslaggevers zich niet vertoonden. Nu zullen zij zich om die posities moeten verdringen. Dat vereist een mentaliteitsomslag waaraan de nieuwe hoofdredacteur zijn handen vol zal hebben.

Vanaf vandaag start bij Het Parool de zoektocht naar een opvolger voor Van der Zee. De voornaamste kandidaat is de enig overgebleven adjunct-hoofdredacteur, de 35-jarige Van Nieuwkerk, tot voor kort chef van de kunstredactie. Naast een belangrijke groep supporters heeft hij, vooral door zijn snelle carrière bij de krant, ook weerstanden opgeroepen. Van Nieuwkerk zegt niet beschikbaar te zijn: 'Ik ben al hoofdredacteur van het voetbalblad Hard Gras, en een dubbel hoofdredacteurschap lijkt mij wat veel het goede.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden