Het onvermogen bedorven

In Brabant was Vincent van Gogh vastgelopen. Hij vertrok naar Antwerpen en vervolgens naar Parijs, om er intrek te nemen bij zijn broer....

Een groot deel van het leven van Vincent van Gogh is op de voet te volgen door de brieven die hij zijn broer Theo schreef, vers van de lever, direct en intens. De spanning van een ervaring die hij had meegemaakt, is er in mee te voelen, de schok rommelt nog na. De brieven hebben direct betrekking op zijn werk, hij zit er middenin, de ervaringen zijn nog niet tot afgewogen gedachten bezonken.

Van één periode ontbreken die briefverslagen, en dat is nu net een van de meest intrigerende van zijn leven, de kennismaking met Parijs en de ontmoeting met de moderne kunst, die zijn werk en zijn leven een beslissende wending zou geven. Hij hoefde in de eenzaamheid van zijn atelier zijn gedachten en twijfels niet meer in brieven aan zijn broer toe te vertrouwen, hij was in Parijs bij Theo ingetrokken en zag hem elke dag.

De schok van het nieuwe die hij daar mee maakte, moet immens geweest zijn. 'Hij meende inmiddels een taal te beheersen', zeggen de samenstellers van de tentoonstelling van zijn tekeningen in het Van Gogh Museum, 'maar bleek al die tijd een in onbruik geraakt, nauwelijks meer verstaanbaar dialect te hebben aangeleerd.' Hij kon weer opnieuw beginnen.

Verspreid over een reeks van jaren laat het Van Gogh Museum in Amsterdam de tekeningen van Van Gogh zien. De tentoonstellingen maken deel uit van een wetenschappelijk project, dat ook de samenstelling van een bestandscatalogus omvat. Het museum bezit ruim vijfhonderd tekeningen van Vincent van Gogh, verreweg de belangrijkste collectie ter wereld. De tekeningen zijn wegens hun kwetsbaarheid en lichtgevoeligheid vrijwel nooit te zien, deel voor deel wordt die collectie nu getoond.

In het project wordt alles opnieuw onderzocht en bestudeerd op papiersoort en materiaalgebruik, techniek en intentie, met elkaar vergeleken en nader gedateerd. Onderwerpen worden met opmerkingen in brieven in verband gebracht en vergeleken met wat vrienden en tijdgenoten over Van Gogh meldden. Zijn gang in de geschiedenis is nagegaan van logeeradres naar logeeradres, van plekje naar plekje waar hij zijn schildersezel of tekenkist neerplantte.

In vijf tentoonstellingen en zes delen van die catalogus wordt dat proces verantwoord. We zijn nu halverwege. De eerste twee tentoonstellingen vonden in 1996 en '97 plaats en betroffen de vroege jaren en Van Goghs Brabantse periode. We zijn nu aanbeland in het derde tijdvak, dat zo levensbepalend voor hem zou zijn.

Gestuntel

Die eerste twee delen waren al aangrijpend, omdat je zijn kunstenaarsschap langzaam zag groeien van onbeholpen gestuntel tot de eerste ervaring van eigen kunnen, ze liepen mooi paralel met in de brieven teruggevonden vertwijfelingen (''t is niet makkelijk die types die men zoo op straat ziet te maken') en verzuchtingen ('het teekenen is een harden en moeilijken strijd'). Het verslag van de ontrafeling van dat leven in de derde periode is ronduit fascinerend. Brieven hebben we ter toelichting niet meer nodig. Uit zijn werk zelf spreekt de ontdekking van zijn leven en de verwerking ervan, de kennismaking met de moderne kunst waarvan hij tot dan afgesloten was geweest.

Vincent van Gogh was in het Brabantse Nuenen bezig met studies naar het boerenleven, toen hij voelde dat hij vastliep. Hij zat er in isolement, miste contact met de kunstwereld. Hij was al een stap verdergekomen in zijn ontwikkeling, maar had nog behoefte aan een corrigerende hand, aan een confrontatie met de wereld van de beeldende kunst. Eind november 1885, 32 jaar oud, vertrok hij naar Antwerpen om zich in te schrijven aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten.

Hij probeerde er iets op te steken en tegelijk als zelfstandig kunstenaar te werken. Hij zwierf door de stad en langs de kaaien van de Schelde, waagde zich aan stadsgezichten en portretten voor de kunstmarkt, tekende op de academie naar gipsmodellen en 's avonds bij vrije tekenscholen naar levend model. De kunsthandel toonde zich niet erg gewillig voor stadsgezichten en een salonschilder zou hij nooit worden. Hij vond 'de gewone meiden en kerels' die hij in de zeemanskroegen en danslokalen trof 'interessanter dan de dames en de heeren' die hij op straat zag. En op de academie botste hij met een leerstijl die de zijne niet was. Na een paar maanden was hij alweer vertrokken.

Historieschilder

Met een aanbeveling van zijn oude vriend Breitner, die er ooit ook eens had gestudeerd, vertrok hij begin maart 1886 naar Parijs om er les te nemen in het atelier van de historieschilder Fernand Cormon, en trok in bij zijn broer Theo op Montmartre. Je kunt je alleen maar voorstellen wat een ontdekking Parijs voor hem moet zijn geweest. Hij ontmoette er Signac, Toulouse-Lautrec, Bernard, Gauguin, Seurat, Pissarro. Hij zag bij hen kleuren, die in niets leken op die van zijn sombere, herfstige Brabantse palet.

In Parijs ontdekte hij de wereld opnieuw en stortte er zich met hart en ziel in. De tentoonstelling van zijn werk en de gegevens uit het onderzoek naar zijn leven schetsen het beeld van een man die met wijdopen, gulzige ogen door de stad zwierf, zijn zakken altijd gevuld met tekenkrijt, die in alles en nog wat, in het hele leven een onderwerp zag, en zich haastte om alle verloren tijd in te halen en aansluiting te vinden bij het nieuwe dat hij had ontdekt.

Ook bij Cormon bleef hij maar een paar maanden en tekende er ijverig naar gips- en naaktmodellen. Emile Bernard zag Van Gogh er in de herfst van 1886 bezig: 'Zittend voor een gipsafgietsel van een klassiek beeld kopieert hij met engelengeduld de mooie vormen. Hij wil zich die contouren, die massa's en die glooiingen meester maken. Hij vlakt uit, begint met hartstocht opnieuw, veegt uit, en maakt uiteindelijk door zijn krachtig gegum een gat in zijn papier.'

Op de tentoonstelling zijn die tekeningen en die gipsmodellen weer even bij elkaar gebracht en kunnen we zien hoe hij die academische tekentechniek heeft ervaren. Hij had er al snel genoeg van. Het was hem te beperkt. Hij had inmiddels een eigen, vrij handschrift ontwikkeld. Het is mooi te zien in twee modeltekeningen van een klein naakt meisje, zittend op een krukje in het atelier van Cormon. De tekening van hem is een stuk levendiger dan die van zijn leermeester.

Moestuintjes

Van Gogh ging zijn eigen gang, tekende op straten en boulevards, in de nieuwe parken van de stad, op de oude bolwerken en forten die Parijs toen nog omsloten, in de moestuintjes, de cafés en danslokalen van Montmartre - soms niet meer dan een krabbeltje op de achterkant van een menu. En af en toe vond hij, net als in Antwerpen, een model in een hoertje dat in de buurt tippelde.

Er zitten in het overzicht twee merkwaardige tekeningen, die niemand verder nader kan duiden, een van een naakt paar dat krachtig de liefde bedrijft en een van een naakte vrouw die hurkend boven een waskom zit te plassen. Zulke erotische en expliciet seksuele onderwerpen komen in zijn werk verder niet voor. Misschien deed het leven in Parijs zich ook anderszins bij hem gelden. Verder is zijn werk uitsluitend gericht op de grote ontdekking die hij daar deed.

Hij zocht vol overgave om in zijn schilderijen en tekeningen de kleur te brengen van de nieuwe schilderkunst, die hij in Parijs had gevonden. Stap voor stap zie je hem de problemen ontdekken en overwinnen, de barrière nemen naar een nieuw leven. Zijn tekenstijl wordt losser en zeker; die oude houterige lijnen dunner en vloeiend. Voorzichtig komt die kleur in zijn tekeningen. Eerst bij beetjes nog, met wat gekleurd krijt; allengs volgt er meer en wordt een heel palet aangesproken. De ban is gebroken, het onvermogen bezworen. In de chronologie van de tentoonstelling voltrekt het proces zich voor je ogen; langzaam, maar adembenemend.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden