Het olifantenpaadje: nieuw doch vertrouwd

Jeanne Prisser bericht over wat zich afspeelt in de voorhoede van de beeldende kunst. Deze week: schuldbewust wandelen over het olifantenpaadje van Ton Zwerver en een lichtwolk als yogaleraar: adem in, adem uit.

Breathing Cloud Beeld Dorette Sturm

Amsterdam, 8 november

Het was tijd voor iets nieuws en daarom zocht ik het bij een kunstenaar van een zekere leeftijd. Oud zult u mij niet horen zeggen, maar feit is dat Ton Zwerver, wiens recentste werk nu te zien is bij C+H art space in Amsterdam-West, al heel wat jaren meeloopt. Reeds in de jaren tachtig was hij bezig met het stapelen van meubels en allerhande huisraad voor wat hij zijn 'huiskamersculpturen' doopte.

Als een doorknede dompteur liet hij stoelen en stellingkasten op pootjes en hoekjes balanceren, knoopte er gekleurde plastic tasjes aan vast en vervaardigde beeldhouwwerken van kleurrijke teilen, vergieten en emmers. Nadat hij zijn creaties had gefotografeerd, haalde hij ze weer uit elkaar, zodat ze alleen nog verder leefden in een tweedimensionale wereld. En hij deed dit alles lang voordat de veel jongere Melanie Bonajo, Elspeth Diederix en Marc Philip van Kempen zo'n twintig jaar later iets soortgelijks gingen doen. Toen was Zwerver al naar de achtergrond gedwaald.

Voordat u gaat steigeren: ik ben geenszins van plan op deze plek te iezegrimmen dat het vroeger allemaal beter was of dat jonge kunstenaars en tentoonstellingsmakers geen benul hebben van het verleden. Mijn pen is niet zuur, eerder bitterzoet. Ik wijs erop dat het uitermate verfrissend kan zijn om te (her)ontdekken wat er al lang was en deemoedig te beseffen dat de kunstgeschiedenis niet alleen uit verharde wegen bestaat, maar ook uit olifantenpaadjes.

Een sculpturale interventie van Ton Zwerver Beeld Ton Zwever

Ton Zwerver is een olifantenpaadje. Ik wandelde er met veel plezier en ook wat schuldbewust overheen: zelfs ik was deze kunstenaar vergeten. Tot ik het nieuwe werk bij C+H zag. Het waren foto's die nog steeds voortborduurden op vroeger, maar waarin Zwerver was verdergegaan: verstilde, curieuze portretten van gemaskerde mensen in wier huizen hij wederom meubilair had gestapeld. Een vrouw had een gigantische kamerlinde op haar rug, een man met een hoofd van zilverfolie zocht wanhopig naar het lichtknopje. Het oogde huiselijk en tegelijkertijd best eng. Waren deze mensen baas in eigen huis of werden ze geknecht door hun spullen?

Dat nieuwe en tegelijk vertrouwde beviel me.

C+H bleek zich overigens uitstekend te kwijten van zijn kunsthistorische taak. In een zijkamertje hing het werk van de jonge Femke Dekkers, die in haar eigen atelier ook stapelt en bouwt en het resultaat vervolgens fotografeert alsof alle diepte is verdwenen. Jong, oud, nieuw, rijp - het liep hier dwars door elkaar, zoals het hoort. Leeftijdsloos zweefde ik de galerie uit.

Amsterdam, 11 november

Maandag: Breitner-weer. Dinsdag: een hemel van lood. Woensdag: licht, aargh, ik voelde een dringende behoefte aan licht. De lichttentoonstelling in het Centraal Museum - vier kloeke sterren in deze krant - was al besproken; derhalve spoedde ik mij naar het CBK in Amsterdam-Oost voor een tentoonstelling bestaande uit zeven lichtinstallaties, Lichtbaden heette ze.

Dat 'baden' klonk me toe als zonnebaden, wat me weer deed denken aan 'zonnebanken', een te mijden activiteit, me dunkt, ik ben verdorie Nel Veerkamp niet. Edoch, in de aankondiging werd gerept van installaties die opvielen door hun 'hypnotiserende ritmiek', objecten die bovendien bekeken konden worden vanuit comfortabele strandstoelen (ha!): 'Interpassieve kunst.'

Ik arriveerde rond vijf. De dag kleurde donker. De lucht vulde zich met duistere stofdeeltjes, ze oogde alsof iemand er een reusachtige stofzuigerzak in uitklopte. Goed, het was domweg schemerig, daar aan de rand van de Watergraafsmeer, een schemer die de lichtkunst binnen des te beter deed uitkomen. Echter, voordat ik aan kijken toekwam, hoorde ik een geluid. Het klonk diep en amechtig als zo'n beademingsapparaat naast het bed van een patiënt in een ziekenhuis. Het prikkelde mijn nieuwsgierigheid maximaal, maar eerst maakte ik een rondje door de expositie.

Die was gevuld met geestverkwikkende installaties. De meesten speelden evenzeer met licht, als met de neveneffecten ervan, met schaduw. Nicky Assmann en Joris Strijbos toonden bijvoorbeeld twee draaiende lampen die een rooster beschenen en zo hallucinante patronen op de muur wierpen; na een tijdje deden ze mijn netvlies tintelen. Een andere kunstenaar wekte bewondering met een zwart doosje dat vinnig geometrische patronen op de muur projecteerde; een ding voor in een club. Buiten passeerde een zingende rups van licht, maar die hoorde niet bij de expositie, dat waren St.-Maartenlopers. En op de achtergrond klonk nog steeds dat zuurstofapparaat, of was het ook was. Het bleek een kunststof wolk (van Dorette Sturm).

Hij bewoog, en wat meer: hij gaf licht van binnenuit. Haalde hij adem, de wolk, dan lichtte hij fel op, blies hij uit, dan werd het donker in zijn binnenste. Deze wolk - ik kon hem wel waarderen. Hij bracht me wat twee echtgenoten en een niet nader te noemen aantal andere heren me nimmer brachten: kalmte in mijn onstuimige gemoed. Adem in, zei de wolk, en ik ademde in. Adem uit, zei de wolk en kijk: daar ademde ik al uit. Ad infinitum. De wolk, het moest gezegd, was de yogaleraar die ik me altijd al gewenst had. Dát - en de beste Darth Vader-imitator aller tijden.

Info

Ton Zwerver & Femke Dekkers: Between Four Walls C+H art space, Amsterdam, t/m 21/11

Lichtbaden CBK Amsterdam, t/m: 9/1/2016

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden