Het Nationale Ballet danst baldadig, beleefd en bezeten

Het Nationale Ballet met Is it far to go? van Itzik Galili, Ogenblikken van Rudi van Dantzig en Even the Angels fall....

DANS

Is het nog ve-èr? Bij die uitdrukking hoort het gedrein van iemand die met knellende schoenen een te lange wandeling is begonnen. Zo'n stemmetje galmt ook door in de titel van de tweede gastchoreografie van Itzik Galili voor Het Nationale Ballet: Is it far to go? Voor het eerst in zijn carrière werkt de Israëlische autodidact met spitzen en de aanblik van die slopende teenpunten moet een masochistisch trekje in hem hebben losgemaakt.

In zijn choreografie voor vijf paren gunt hij de vrouwen nauwelijks rust. Hoog moeten de benen. Telkens weer. Of dwars en diagonaal. Hoewel hij zijn energieke en acrobatische danstaal redelijk heeft ingetoomd, valt die nauwelijks uit te voeren op spitzen zonder steun van dansers onderling. De vijf ballerina's zijn dan ook veroordeeld tot de zij van hun partners. Het spel van leunen en steunen schroeft Galili zelfs op door alle rompen te voorzien van lussen waaraan gehangen kan worden. Zo hellen dansers in de tweede helft van het ballet regelmatig over om uit het lood hun beweging af te maken.

Die frisse drukte komt ook gehaast over. Alsof er nauwelijks tijd is om sequenties te laten uitkristalliseren. Samen met het drijvende ritme van de bekende vioolsonates van Bach (Chaconne in d-mineur) veroorzaakt dat ademnood bij de toeschouwer. Pas wanneer de donkere, grote Rubinald Rofino Pronk een korte, krachtige solo neerzet, daalt er rust over Galili's tiental. Sofiane Sylve mag het karwei afmaken met een woest gebaar dat Is it far to go? met terugwerkende kracht een baldadig karakter verschaft.

Een toonbeeld van rust is daarentegen de herneming van Ogenblikken (1968) van Rudi van Dantzig op de statige muziek van Anton Webern. Tegen de achtergrond van een blauwe kunstbol met per scène wisselende rode details starten vier dansers gebeeldhouwde bewegingsmotieven om ze daarna bedaard te verdubbelen en te spiegelen met drie collega's. Andrew Kelly neemt het voortouw: met zijn stoere torso in een donkerblauw pak oogt hij als een geboren leider. Toch weet hij de afstandelijke omgang van de dansers onderling niet te beïnvloeden: het blijft een beleefd feestje van onbekenden. Qua vormgeving nog steeds niet gedateerd, maar wel een tikje belegen.

Het woord ingetogen lijkt juist te ontbreken in het vocabulaire van de Frans-Argentijnse choreograaf Redha Benteifour. Zijn compilatie van het derde deel van zijn vierluik Even the Angels fall. . . uit 1994 is een dichtgekitte choreografie vol opwaaiende jurken en zwiepende natte haren. Terwijl een rode nevel neerdaalt op het podium, laten twaalf mannen in jassen met vleermuisvogels zich hitsig bespringen door een dozijn vrouwen.

De uitvoering getuigt van een voor het Nationale Ballet haast ongekende bezetenheid, met de kleine Caroline Sayo Iura als topper. Maar alle energie ebt weg door de deur in de achterwand.

Annette Embrechts

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden