Het mooiste inlandse hout is voor de hobbyist

Pruimetak wordt doedelzak, kersenstam tafelblad en kastanjeboom buitenbank. Het aloude vooroordeel dat voor vervaardiging van hoogwaardige houtprodukten te weinig inlands hout voorhanden is - en van bedroevende kwaliteit bovendien - houdt niet langer stand....

Tropisch hardhout en met chemische middelen verduurzaamd hout raken steeds meer in de ban, en daardoor ontstaat ruimte voor hout uit eigen streek, denkt Houtrijk Nederland. Het kersverse verbond van houtdraaiers, meubelmakers, zagers, kunstenaars en bosbouwers organiseert volgend weekeinde in kasteel Ammersoyen in Ammerzoden een expositie van houtprodukten uit eigen land.

Meubels voeren de boventoon in de tentoonstellingsruimte van het kasteel. Tijdloos, strak en niet duurder dan in de betere meubelzaak. Bovendien niet gelakt, maar behandeld met lijnolie, citrusolie of zeep. Behalve tafels en kasten toont de expositie ook curieuze voortbrengselen van ambachtswerk. In een vitrine zijn houten brilmonturen te bezichtigen en tevens kan de bezoeker een eikehouten grafzerk aanschouwen.

Een rondhouthandelaar exposeert allerhande hekwerken en tuinbanken. Doordat ze zijn vervaardigd uit het duurzame hout van de tamme kastanje, is verduurzaming met wolmanzouten of creosootolie overbodig. Er is ook een keur aan speelgoed te bewonderen, zoals beuken neushoorns, esdoornen pinguïns en van die eenden die in noodtempo over de vloer kunnen 'flappen' en die ook in trendy winkelschappen oprukken. Muziekinstrumentenmakers tonen de verschillen in geluid door klankstaven van iep, es, eik, beuk en esdoorn met een stok te bewerken.

In het Nederlandse landschap, maar ook in park, plantsoen en tuin, is een grote diversiteit aan bomen aanwezig. Tienduizend jaar geleden kwam de grove den, achtduizend jaar terug volgde de eik, en later kregen kastanje, beuk en berk voet aan de grond.

De veelal van oost naar west lopende bergketens in Europa blokkeerden de verspreiding van zaden uit zuidelijke landen, reden waarom veel noord-Europese landen een rijke variëteit aan boomsoorten ontberen. Dit in tegenstelling tot de Verenigde Staten, waar de noord-zuid georiënteerde bergmassieven geen sta in de weg vormden voor de boomzaden.

Nederlandse kooplui introduceerden in de Gouden Eeuw echter allerlei exotische bomen, zoals gouden regen, acacia (Robinia pseudo-acacia), valse christusdoorn (ingevoerd uit de Verenigde Staten), ginkgo (China), trompetboom en honingboom. 'Veel van deze soorten zijn weliswaar niet inheems, maar je kunt ze minstens als ingeburgerd beschouwen', zegt O. Koedijk, houtdraaier in Brummen en voorzitter van Houtrijk Nederland.

De rijke kooplui plantten de exoten vanaf 1700 in de Engelse tuinen van hun buitenverblijven langs de Vecht, en later in de IJsselvallei en in de Betuwe. Tweeëneenhalve eeuw later ontstaat het inzicht dat dit hout geschikt is voor hoogwaardige produkten. 'Wat de Nederlandse hovenier bestempelt als 'paulownia' (genoemd naar Anna Paulowna, gemalin van Koning Willem II), is in feite kiri. De kiri behoort nu tot de 250 meest verhandelde soorten ter wereld en is zeer geschikt voor meubels en muziekinstrumenten', aldus Koedijk.

Een gevelde kiri is ook nog eens grof geld waard. 'Japanse handelaren betalen twintigduizend gulden voor een volwassen stam. En een dikke oude kers doet gemakkelijk duizend gulden per kuub', aldus Koedijk.

Al die bosplantsoenen, bospercelen en bosschages moeten onderhouden worden. Menige kiri of acacia wordt tot nog toe tot brandhout verzaagd. Aangezet door oplettende houtdraaiers en meubelmakers groeit echter het inzicht bij hoveniers, bosbouwers en landschapsverzorgers dat dit duurzame hout een beter lot verdient dan verbranding in de open haard.

In de jaren zeventig is de inlandse houtmarkt in elkaar gezakt doordat Nederland werd overspoeld met goedkoop tropisch hardhout. Tegenwoordig is dat hout niet meer bon ton. Mede daardoor krijgen de kleinschalige contacten tussen bijvoorbeeld meubelmakers en provinciale bosgroepen de kans om uit te groeien tot een volwassen markt, menen de organisatoren van de houttentoonstelling.

'Wij krijgen van het Limburgs Landschap wel eens tien prachtige essen aangeboden, maar we kunnen er slechts drie opslaan', zo verwoordt B. Aalbers van meubelmakerij Kopshout uit Nijmegen het potentiële gat in de houtmarkt. Houtrijk Nederland streeft naar centrale depots waar het hout, afkomstig van al dat dunnen, snoeien, zagen en vellen, kan worden opgeslagen. Commerciële gebruikers, maar ook kunstacademies en andere specialistische houtverwerkende instellingen zouden daaruit naar believen kunnen putten.

'De topkwaliteit hout moet meer opzij worden gelegd voor hoogwaardige toepassingen', beaamt G. Koopmans van de Bosgroep Gelderland, een van de negen coöperaties die landgoedeigenaren niet alleen van advies over hun perceel voorzien, maar die ook dunnings- en vellingshout verkopen. Ook na een stevige storm doen de bosgroepen goede zaken. Koopmans is vrijdag een van de sprekers bij de opening van de tentoonstelling.

De bosgroepen beslaan een areaal van 150 duizend hectare bos, waar jaarlijks 95 duizend kuub hout uit komt. De bulk daarvan verdwijnt naar de papierindustrie en naar de kisthoutfabrikanten. Koopmans schat de topkwaliteit hout op tienduizend kubieke meter per jaar. Daarbij niet inbegrepen het tophout van Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten.

'In Duitsland bestaat een circuit waar zelfs kan worden ingetekend voor een fraaie oude boom die voor verjonging moet wijken', aldus Koopmans. De Unie van Bosgroepen heeft onlangs subsidie aangevraagd bij het ministerie van Landbouw om een soortgelijke infrastructuur in te stellen.

Dergelijk efficiënt hergebruik van hout van topkwaliteit vergt geen gesleep met omgehakte stammen. De hoeveelheden zijn bovendien vaak te gering voor grote zagerijen. Daarom kent Nederland nu ook een handjevol mobiele zagers, die met de lintzaag op een aanhangwagentje - 'houtvrek' genaamd - de vers gevelde boom ter plekke op de juiste maat komen zagen.

Op de tentoonstelling in Ammerzoden is zo'n houtvrek in actie te zien. 'Ook een dominante beuk in een particuliere achtertuin kan zo tot mooie planken voor de houthobbyist worden verzaagd', zegt zager R. Kielstra. Een andere mobiele zager zegde af voor de tentoonstelling: te druk met zagen.

René Didde

Het mooiste hout ter wereld groeit in Nederland, kasteel Ammersoyen, Ammerzoden; 18 en 19 maart, 11.00 tot 18.00 uur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden