Het moet wel raar lopen wil Spanje 'nee' zeggen

Spanje bijt zondag het spits af in Europa, door als eerste EU-lidstaat een referendum over het grondwettelijk verdrag van Rome te houden....

De rekensom is eenvoudig voor de Spanjaarden.

Sinds de toetreding tot de Europese Unie in 1986 heeft Spanje 200 miljard euro steun uit Brussel ontvangen en 95 miljard euro aan Brussel afgedragen. In negentien jaar tijd is de staatskas dus met meer dan honderd miljard euro gespekt om Spanje in de pas te laten lopen met de rest van Europa.

Het succes laat zich illustreren met twee percentages. Bedroeg het Spaanse bruto nationaal product in 1986 nog 68 procent van het Europese gemiddelde, tegenwoordig is dat 95 procent. De Europese Unie heeft Spanje kortom bevrijd uit het krakkemikkige isolement waarin Generalissimo Franco het land bij zijn overlijden achterliet - de Europese Unie is in Spanje het synoniem voor voorspoed.

Zo, zeg dan nog maar eens 'nee' tegen de Europese grondwet.

Wie op een historisch moment voor de Europese Unie zand in de machine strooit, getuigt van grote ondankbaarheid, zoveel heeft premier José Luis Rodríguez Zapatero de Spanjaarden wel laten weten.

In deftige bewoordingen schreef Zapatero het onlangs in El País, het lijfblad van de sociaal-democratische regering. 'Europa heeft belangrijke economische middelen bijgedragen, die de aanzet zijn geweest tot de modernisering van onze samenleving. In deze jaren is Spanje veranderd in een van de meest stabiele, vrije, respectabele en dynamische landen van de wereld. En het moment is daar dat Spanje zich in de voorhoede bevindt van het belangrijke proces dat de goedkeuring inhoudt van een grondwet voor Europa.'

Om de Europese grondwet daarnaast ook een cool imago te geven, heeft Zapatero de door de overheid gesubsidieerde Jeugdraad een oppeppende frisdrank laten fabriceren. 'Referendum Plus - energie om over je toekomst te beslissen' staat er op het blikje (33cl). Het is het frivoolste onderdeel van een campagne waarvoor ook de voetbalhelden Johan Cruijff en Emilio Butragueño in televisiespots opdraven.

Toch zijn al die inspanningen nauwelijks bedoeld om de Spanjaarden te overtuigen van de voordelen van de Europese grondwet. Over de uitslag van het referendum hoeft Zapatero eigenlijk geen slapeloze nacht te hebben. Uit de opiniepeiling van het Spaanse Centrum voor Sociologisch Onderzoek blijkt dat 51,2 procent van plan is voor te stemmen en maar 5,7 procent tegen - de rest denkt nog na of weet al dat ze de volksraadpleging laten lopen.

Nee, de grootste zorg van Zapatero is hoeveel van de 34,5 miljoen kiesgerechtigden de moeite nemen naar de stembureaus te komen - een enkele peiling voorspelt een opkomst van 40 procent.

Het is dan ook niet de inhoud van de wetsteksten als wel het enthousiasme voor het referendum dat het politieke debat de laatste veertien dagen heeft bepaald. Het stemadvies van zowel de regeringspartij PSOE als de grootste oppositiepartij, de conservatieve PP, luidt 'ja'. Maar doet de PP wel genoeg om haar aanhangers aan te sporen te gaan stemmen? Zapatero vindt van niet. De vrees is dat oppositieleider Mariano Rajoy de regering wil sarren als naspel bij de voor de PP zo traumatisch verlopen verkiezingen van 14 maart 2004. De PSOE heeft die verkiezingen gestolen in de ogen van de PP, door misbruik te maken van de aanslagen van 11 maart.

Het liefst belt Zapatero zondagavond Brussel met een klinkend 'ja' om te onderstrepen dat zijn regering haar hart heeft verpand aan Europa. In de onderhandelingen over de grondwet zette zijn voorganger José Maria Aznar lang zijn voet dwars waar het aankwam op de stemmenweging in de Unie. Na zijn aantreden zocht Zapatero echter meteen het compromis en nam zo een van de laatste obstakels voor het opstellen van de slottekst weg.

Uit angst voor een lage opkomst, die afbreuk zou doen aan de geloofwaardigheid van het 'ja', zoekt de premier een steeds hogere versnelling om het referendum aan te prijzen. Op een spreekbeurt in Zaragoza vergeleek hij het drie dagen geleden met het referendum van 6 december 1978.

Toen, drie jaar na de dood van Franco, kregen de Spanjaarden een nieuwe nationale grondwet voorgelegd. De uitslag: 88 procent voor, bij een opkomst van 68 procent. 'Goedemorgen democratie', luidde de volgende dag volmondig de conclusie op de voorpagina van Diario 16. Met recht een dag om van te dromen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden