Het Markermeer wordt een moeras vol beesten

Het verwaarloosde Markermeer moet een natuurgebied worden. Een waterproeftuin met betonnen ballen dient als voorbode voor wat kan komen.

'Man, het heeft hier gespookt! Het slib is opgewoeld en er is een geul uitgesleten.' Bioloog Wouter Lengkeek komt na een kwartier duiken boven water in het Markermeer. 'Waterplanten zijn nog niet te zien, maar er zitten driehoeksmosselen op het beton en ik zag grondel wegschieten, waarschijnlijk zwartbekgrondel, misschien rivierdonderpad. Het zicht is niet best met al dat sediment.'


Het is een zonnige zomerdag zonder zorgen, windstil en met glad water. Een rubberbootje heeft ons met speedbootsnelheid van Lelystad tot niet ver van de Houtribdijk gebracht, de 26 kilometer lange dijk tussen Lelystad en Enkhuizen. In een proefvak van 50 × 50 meter zijn daar, eind mei, 76 betonnen ballen in het water getakeld. Dat is een van de maatregelen in opdracht van Rijkswaterstaat om meer leven in het Markermeer en het aangrenzende IJmeer te krijgen.


De kolossen van 800 kilo elk zijn voorzien van gaten om vissen de gelegenheid te geven om te paaien, te rusten en te schuilen. Na weken slecht weer en harde wind kijken Lengkeek en zijn collega Sietse Bouma van ecologisch adviesbureau Waardenburg vandaag of er al leven op het beton zit.


Het Markeermeer, een ondiepe watervlakte, is met 70 duizend hectare een van de grootste zoetwatermeren van Europa. Het zou in de jaren zeventig worden ingepolderd. De Markerwaard moest het sluitstuk worden van de Zuiderzeewerken en onder meer een tweede Schiphol mogelijk maken. Pas in 2003 ging officieel een streep door de Markerwaard. Gedurende veertig jaar is het ondiepe water (2 tot 5 meter) aan zijn lot overgelaten.


Het grootste probleem is dat bij het minste of geringste zuchtje wind slib van de bodem van het meer losraakt, het water vertroebelt en waterplanten en vissen het leven zuur maakt. 'Het ecologisch systeem van het Markermeer-IJmeer is ronduit slecht. De achtertuin van de Randstad is verwaarloosd', zegt ecoloog IJsbrand Zwart op het provinciehuis van Flevoland in Lelystad. 'De voedselpiramide is gaan wankelen. De basis wordt slechts gevormd door driehoeksmosselen, spiering en wat waterplanten.' De mosselen zijn cruciaal. Ze zuiveren het water en vormen het voedsel voor de duizenden duikeenden die hier in het najaar op trektocht komen fourageren.


De oplossing voor het slibprobleem is luwte, zegt Zwart. De betonnen ballen geven enkele vierkante meters luwte aan de lijzijde van de bal. Doordat op die plaatsen geen slib losraakt, kunnen zich waterplanten op de bodem vestigen.


Op grotere schaal bieden ribben of misschien zelfs eilanden meer luwte. De overheid verkent de mogelijkheden. In Hoorn worden plannen gesmeed voor een drietal eilanden die elk een andere functie (wonen, recreatie en natuur) kunnen krijgen. 'Maar we hebben nog geen idee bij welke maat zo'n ingreep optimaal is', zegt Rob Termaat van Rijkswaterstaat. De dienst coördineert daarom een serie proeven in het Markermeer-IJmeer. Waterproeftuin is de verzamelnaam waaronder ook de 'rifballen' vallen.


'Bij Warder hebben we een 1.800 meter lange damwand geslagen en overal stromingsmeters geplaatst. De eerste resultaten laten zien dat er aan de luwe zijde van de damwand leven ontstaat doordat er minder slib opdwarrelt', zegt Termaat. In september wordt de damwand afgebroken en moeten de meetreeksen de computermodellen verfijnen. 'Dan kunnen we dikke of smalle, korte of juiste langere eilanden ontwerpen en ze virtueel doorrekenen op hun ecologische effecten', zegt Termaat enthousiast. In augustus begint niet ver van de rifballen een proef met een kunstrif van geocomposiet.


Ook de vorming van moeras staat op het verlanglijstje van de ecologen. In een proefbassin bij Almere doet Rijkswaterstaat sinds vorige week met de Radboud Universiteit Nijmegen een langlopende proef die moet uitwijzen wat de voorwaarden zijn voor moerasvorming. 'Twee bassins zijn gevuld met slib en twee met klei uit het Markermeer. Delen worden beplant met riet', zegt Termaat.


Al dat experimenteren is nodig om een robuust ecologisch systeem te creëren, waardoor ook de vele (trek)vogels en wintergasten profijt hebben van het grote zoetwatermeer dat zelden dichtvriest. 'Er zijn nu veel te weinig land-water-overgangen in het Markermeer-IJmeer', constateert Termaat.


De moerassen hebben nog een voordeel: ze bieden Rijkswaterstaat de mogelijkheid op natuurlijke wijze de veiligheid van de dijken te garanderen. Termaat: 'Moerassen en andere vooroevers breken de golfslag en bieden vissen en vogels beschutting. Gezien de klimaatverandering moeten we ons voorbereiden op hogere waterstanden en meer stormen.'


Bij de provincie Flevoland schetst IJsbrand Zwart met grote gebaren het gehele palet. Niet alleen dijkversterking en natuur kunnen hand in hand gaan. Dit geldt ook voor stedelijke ontwikkeling, recreatie en infrastructuur.


Omdat het Markermeer-IJmeer een Natura 2000-gebied is, worden op grond van Europese regelgeving menselijke activiteiten daar pas toegestaan als de natuur op orde is. 'Almere wil de komende decennia stevig doorgroeien. Er komt misschien een nieuwe verbinding met Amsterdam. In Amsterdam wordt aan de woonwijk IJburg-2 gewerkt. Dergelijke forse ingrepen zijn pas mogelijk als in de natuur geïnvesteerd is', aldus Zwart. Aan het einde van dit jaar neemt het kabinet een besluit over de samenhang tussen verstedelijking, natuur en infrastructuur in dit gebied.


De bouw kan de natuur zelfs helpen. Voor de grootschalige woningbouw is zand nodig. 'Dat kan in het Markermeer-IJmeer worden gewonnen', zegt Zwart. 'Na zeven meter klei stuiten we op zand. Met die klei kunnen we mogelijk moerassen maken en in de diepe zandwinput kunnen we slib bergen.'


Klei en slib kunnen ook dienen als basis voor de Marker Wadden (zie kader). Het uitdiepen van de vaargeul Amsterdam-Lemmer kan daarvoor proefmateriaal opleveren.


Aanvankelijk werden de kosten voor het laten ontstaan van het natuurgebied op 1 miljard euro beraamd. Na vragen in de Tweede Kamer leverde een kritische evaluatie een besparing van 330 miljoen euro op. Diverse marktpartijen studeren op innovatievere en uitgekiende maatregelen.


Op den duur ziet Zwart een groot oermoeras voor zich van 1.500 tot 4.500 hectare, vergelijkbaar met de Marker Wadden. 'Het moet een heel nat moeras worden, we willen uitzicht houden en dus bomen als wilgen weren. Er moet veel riet in, dat zuivert water. En er moeten moerasvogels komen als de grote karekiet en de roerdomp, dat zou mooi zijn.'


Is het niet een te ambitieuze ecologische droom? 'Nee, 4.500 hectare is de maat die hoort bij natuur. Dat hebben we geleerd van de Oostvaardersplassen, het Lauwersmeer en de Biesbosch. Dat kan tegen een stootje. En dan krijgen we wellicht de kroeskop-pelikaan terug die hier in de Romeinse tijd heeft gebroed.'


De plannen zijn minder irreëel dan we denken, betoogt Zwart. 'Kijk naar de zeearend. Die was weg uit Nederland en is dankzij de Oostvaardersplassen teruggekeerd. Ze broeden al jaren met succes. Er zitten nu paartjes in het Lauwersmeer en het Ketelmeer.'


Aan boord van het onderzoeksbootje van Bureau Waardenburg verrichten de onderzoekers Lengkeek en Bouma de laatste metingen. Zuurstofgehalte, zichtbaarheid, zuurgraad. 'Begin oktober komen we terug en hopen we meer mosselen en vooral ook mosselbroed aan te treffen', zegt Bouma. 'In zout water vormen de ballen overal ter wereld een uitstekende voedingsbodem voor nieuw leven. We gaan de komende twee jaar kijken of het voor het eerst ook in zoet water lukt.'


In geval van succes kunnen de ballen op slim gekozen plekken pareltjes voor nieuw leven vormen. 'Samen met grote en robuuste voorzieningen als de moerassen en de Marker Wadden kan het hier een schitterend gebied worden', roept Bouma boven het geluid van de motor en de opspattende golven uit.


Archipel van kunstmatige 'Waddeneilanden' bij Marken


Moerassen, platen en zandbanken, te bouwen van slappe klei en slib die elders in het Markermeer-IJmeer worden gewonnen. Op die manier wil Natuurmonumenten 'een archipel van natuureilanden tussen Enkhuizen en Lelystad' bouwen. Het moet een wereldprimeur worden.


Natuurmonumenten wil het project financieren met behulp van 15 miljoen euro van de Postcodeloterij. De natuurorganisatie voorziet op termijn 'een Waddenzee zonder getijdenwerking', met als naam De Marker Wadden.


Natuurmonumenten wil beginnen met 1.000 hectare, waarvan een derde wordt gefinancierd met het Postcodeloterijgeld. Overheid en bedrijfsleven moeten de rest financieren.


Boven water moeten vogelrijke wetlands komen, het onderwaterlandschap bestaat uit een stelsel van slenken en slibgeulen, aldus een vorige week verschenen rapport. Vooral de manier waarop slib zou worden gewonnen en tot eilanden verwerkt, kan een visitekaartje zijn voor de Nederlandse waterbouwwereld, aldus Natuurmonumenten. In Azië kampen delta's met dezelfde problemen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden