Het mag weer!

ls ik mijn kinderen van school haal, passeer ik een blinde muur met in grote letters het opschrift 'FEMINISME. HET MAG WEER!' Elke dag weer roepen die woorden nieuwe vragen op. Feminisme. Het mag weer. Heeft het soms een tijdje níet gemogen? Wanneer dan? En van wie niet?


Het zijn paarse letters, ook nog, ten overvloede vergezeld van een vrouwenteken, zo'n rondje met een kruisje eronder, en in dat rondje een vuistje. Ook dat vuistje ergert me. Gebalde vuisten zie je doorgaans bij bevolkingsgroepen die weinig in de melk te brokkelen hebben. Kleine kinderen bijvoorbeeld, of demonstranten op pleinen onder despotische regimes. Een gebalde vuist is een teken van machteloosheid. Zijn vrouwen machteloos? Niet vaker dan mannen, denk ik. Althans, niet heden ten dage, in Nederland.


Ik kan me trouwens niet heugen ooit nadelen te hebben ondervonden van het vrouw-zijn. Ja, op de lagere school vond ik het niet eerlijk dat wij meisjes 'handwerkles' kregen, van een verschrikkelijke trut ook nog, terwijl de jongens 'handenarbeid' deden, iets wat me veel leuker leek. Ik moest stomme speldenkussens haken, en zij mochten figuurzagen! Mijn eerste feministische daad was dan ook een figuurzaag voor mijn 10de verjaardag te vragen. Wat bleek? Figuurzagen was zo mogelijk nog erger dan haken en bovendien minstens even zinloos. Dat afschuwelijke piepgeluid, dat zaagje dat telkens brak, en uiteindelijk had je dan een krantenhanger. Of een eierrekje. Waarom je een krant ergens aan zou willen hangen, of eieren, die toch in een perfect voor dat doel geschikt doosje uit de supermarkt komen, in een rekje zou willen zetten, is me nooit duidelijk geworden. De eierrekjes waren trouwens voor moederdag, en de krantenhangers voor vaderdag. Mijn moeder was huisvrouw en mijn vader een van de grootste seksisten ooit door Gods schepping voortgebracht. Hij vond dat een meisje niets méér moest ambiëren dan het bezit van mooi lang haar en het braden van een perfecte bal gehakt. Dat vindt hij trouwens nog steeds, en toegegeven, het zijn verworvenheden die goed van pas komen. Vooral op gehaktgebied krijg je bovendien niet gauw te maken met glazen plafonds. Afgezien daarvan woon ik in een land waar je als meisje je vader in zijn gezicht kunt uitlachen. En waar je zelf mag kiezen: het gehakt of de spaanders. Thuis blijven of werken. Een luxe die de meeste vrouwen op de wereld zich niet kunnen veroorloven.


Ik kan mijzelf gelukkig financieel prima onderhouden. Een auto netjes inparkeren kan ik daarentegen niet. Ik laat het, in voorkomende gevallen, wel eens door een willekeurige passant doen. Dan stráált zo'n man. U vindt dit vast heel ongeëmancipeerd van mij. En dat kan mij, op mijn beurt, helemaal niets schelen. Schijt hebben aan wat anderen van je denken, ook dat is een variant van feminisme. Het mág weer. Gelukkig maar.


Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden