AnalyseStaatsschuld Japan

Het land van de rijzende zon is gebouwd op krediet, en dat bevalt prima

De staatsschuld van Japan bedraagt 1.482.876.871.216.405,80 yen, oftewel ruim 12 biljoen euro.Beeld Matteo Bal

Geen land in de wereld heeft per inwoner zo’n hoge staatsschuld als Japan. Er wordt aan de lopende band nieuw geld gecreëerd om crises op te vangen. Hoe krijgt Japan het voor elkaar om met zo’n schuldenberg te leven? Andere rijke landen kijken plots met meer interesse naar het oosten.

Eigenlijk is het onmogelijk te zeggen hoeveel de Japanse staat rood staat. De internetmeter die dat bijhoudt, springt namelijk elke seconde flink omhoog, zodat als je een bedrag hebt opgeschreven, het alweer gedateerd is.

Wat ook niet helpt, is dat het om een getal gaat van zestien cijfers voor de komma. 1.482.876.871.216.405,80 yen bedroeg de schuld woensdagmiddag rond half drie, oftewel ruim 12 biljoen euro.

Nu staan wel meer rijke landen flink rood, zoals de Verenigde Staten en China, maar Japan overtreft iedereen als je de schuld afzet tegen het aantal inwoners. Zou het land vandaag gedwongen worden alle schulden terug te betalen, dan moet per ­Japanner 97 duizend euro worden opgehoest.

En de teller gaat binnenkort weer flink oplopen, nu Japan een tweede steunpakket heeft aangekondigd van omgerekend 915 miljard euro, om de economische schade van de coronacrisis op te vangen. In april werd eenzelfde pakket gelanceerd, waardoor het totaal uitkomt op 1,8 biljoen euro – gelijk aan 40 procent van de Japanse economie. ‘We moeten alles doen om bedrijven en werkgelegenheid te beschermen’, zo verdedigde premier Shinzo Abe dit besluit. ‘En we moeten alles doen wat mogelijk is om ons voor te bereiden op een tweede coronagolf.’

Een belangrijke disclaimer is dat niet al dit geld ook daadwerkelijk wordt uitgegeven. Bijna 300 miljard – iets minder dan de gehele Nederlandse begroting – komt direct vrij, onder meer om bedrijven in nood te hulp te schieten met rentevrije leningen. De meeste yens blijven voorlopig op de plank en de grootte van het pakket is dan ook vooral een signaal naar investeerders en consumenten: Japan zal alles doen om de economie, die sinds vorige maand officieel in recessie is, er bovenop te helpen.

Krediethonger

Nu zijn grote steunpakketten in de huidige coronacrisis geen uitzondering. De Verenigde Staten gooien er nog meer geld tegenaan, en Europa overweegt momenteel een tweede noodpakket van honderden miljarden euro’s. Maar in het geval van Japan is de schuld nu al 2,5 keer zo groot als het bruto binnenlands product. Hoe kan het dat het land zoveel kan blijven lenen, terwijl we in de schoolbanken altijd geleerd hebben dat de staatsschuld niet te hoog mag zijn?

In de haven van het Japanse Yokohama wachtten rijen Honda's op het moment dat ze verscheept worden, juni 2015.Beeld Toru Hanai / Reuters

De belangrijkste reden is dat de rente in Japan al jaren bijzonder laag is. Op kortetermijnschulden geldt zelfs een negatieve rente, wat betekent dat de overheid geld toe krijgt. ‘De rente is er zo laag omdat iedereen – terecht – gelooft dat de centrale bank ervoor zal zorgen dat de staat niet failliet gaat als er financiële moeilijkheden zijn’, zegt de Nederlandse econoom Willem Buiter, die de situatie in Japan al decennia volgt.

De Japanse Centrale Bank (JCB) speelt een sleutelrol door de krediethongerige regering al decennia te hulp te schieten door staatsobligaties – staatsleningen met een lange looptijd – op te kopen. De bank, die bijna de helft van alle obligaties bezit, zorgt voor een constante hoge vraag en dit drukt de rente.

Ook de Japanse burgers helpen mee door hun spaargeld, al dan niet via de pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen, massaal in overheidsschulden te steken – ook al levert het bijzonder weinig op. ‘Japanners zijn risicomijdend en houden hun geld in Japan’, zegt Sayuri Shirai, hoogleraar economie en oud-lid van het beleidsteam van de JCB. ‘De spaarrente is al zeven jaar bijna 0 procent, maar al die tijd heb ik geen grote geldstromen naar het buitenland zien gaan. Daarom kan de centrale bank dit beleid volhouden.’

Magische geldschepper

Het huidige leenbeleid begon in de jaren negentig toen de Japanse economie – na decennia van spectaculaire groei – stagneerde. De overheid – met de centrale bank – probeerde de economie met geldinjecties weer aan de praat te krijgen. Na de economische crisis in 2008 werd dat nog eens dunnetjes overgedaan. De huidige premier, Shinzo Abe, maakte het stimuleringsprogramma tot een van zijn pijlers. Sindsdien is er een open einde. De JCB is inmiddels de grootste belegger op de beurs en in april beloofde bankpresident Haruhiko Kuroda, die door een Japanse krant eens ‘magische geldschepper’ werd genoemd, dat er ‘geen limiet’ staat op het aantal staatsobligaties dat hij bereid is te kopen om de rente laag te houden.

Die hoge rente is het doembeeld achter de horizon van elke Japanse ondernemer. Hoewel het al dertig jaar goed gaat, zijn er ook zorgen over de opeenstapeling van schulden. ‘Eerlijk gezegd zal dit een groot probleem worden in de toekomst’, zei Hiroaki Nakanishi, bestuursvoorzitter van het megabedrijf Hitachi, recentelijk in de krant Financial Times. ‘Ik heb geen beter plan. Totdat de economie weer op poten is, denk ik niet dat er een verstandig antwoord is.’

Inflatiespook

Traditionele economen waarschuwen Japan al jaren voor het inflatiespook. Wie grote hoeveelheden nieuw geld creëert, moet rekenen op inflatie: het geld wordt minder waard. ‘Als dat gebeurt, schiet de rente op staatsobligaties en privé­leningen omhoog en verliezen de ­eigenaren van die schuld heel veel geld’, aldus Buiter. ‘Bankroet is dan het catastrofale scenario.’

Maar de klassieke theorie wordt in Japan al jaren gelogenstraft: de inflatie blijft laag en slechts 5 procent van de overheidsbegroting gaat naar de afbetaling van schulden. So far so good, erkent Buiter. ‘De rentevoet is niet door het plafond gegaan en er is geen grote val geweest in de externe waarde van yen. Ze denken dit de komende jaren vol te kunnen houden.’

Toch waarschuwen experts als ­Shirai voor onderliggende problemen. Zo kampt Japan met een vergrijzingsgolf zonder weerga: over vijf jaar is eenderde van de bevolking 65-plus. Dat brengt veel kosten met zich mee, terwijl de belastingopbrengsten gaan dalen. Om dit het hoofd te bieden werd onder Abe al twee keer de btw verhoogd – maar dat leidde op zijn beurt weer tot een economische dip omdat burgers minder gingen consumeren.

Dit jaar kwam daar ook nog eens het uitstel (en wellicht afstel) van de Olympische Spelen bij. De groeivooruitzichten voor de komende jaren zijn allesbehalve rooskleurig. ‘Het begrotingstekort zal oplopen, burgers zullen minder gaan sparen, waardoor we meer afhankelijk worden van buitenlandse investeerders’, aldus Shirai. ‘Die maken zich wellicht wel zorgen over hoe de schulden gefinancierd worden en zullen hogere rentetarieven vragen. Dan kunnen de problemen boven komen drijven.’

Internationale navolging

Ondanks de risico’s volgen ander landen meer en meer het voorbeeld van Japan, zeker in de nasleep van de economische crisis van 2008. In de Europese Unie koopt de Europese Centrale Bank (ECB) al jarenlang massaal obligaties op. Shirai waarschuwt er evenwel voor het beleid van Japan langdurig te kopiëren. ‘De rentepolitiek is niet succesvol geweest in het stimuleren van de vraag en het heeft beleggers geschaad door de rentemarges zo laag te houden.’

Bovendien is het met het Japanse leenbeleid zoals in het beroemde nummer Hotel California van The Eagles: als je er eenmaal in zit, kom je er nooit meer uit. Toen de economie in 2017 wereldwijd opleefde, adviseerde Shirai de centrale bank om het beleid te ‘normaliseren’ door het bezit van reguliere aandelen terug te brengen en een meer ‘flexibel’ rentebeleid te voeren. ‘Maar de Japanse Centrale Bank en de overheid waren bang dat het vertrouwen in de yen zou dalen. En dat is weer schadelijk voor producenten en de aandelenkoers. Dus ook al weet iedereen dat het huidige beleid inherent problematisch is, niemand weet of en hoe de centrale bank hieruit gaat komen.’

Lees ook

Europees Commissaris Vestager over het EU-herstelfonds: ‘Garanties bestaan niet’
In twee maanden tijd keurde Margrethe Vestager, de Europees Commissaris voor (Non-)Concurrentie, voor 2.000 miljard euro aan staatssteun goed. Wat zal dat doen met de interne markt die zij moet bewaken? ‘Ik besef goed dat de verschillen tussen de lidstaten in wat ze zich kunnen veroorloven veel groter worden.’

Zwaarste crisis, grootste EU-begroting, diepe meningsverschillen – Europa staat voor een krachtproef
‘Een nieuw generatiepact.’ ‘Ons beslissende moment.’ Aan grote woorden geen gebrek bij voorzitter Ursula von der Leyen van de Europese Commissie als ze de omvangrijkste EU-begroting ooit presenteert. Overtuigt het de Europese regeringsleiders om zich erachter te scharen?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden