Het land van de heilige Maagd

Oneindig veel standbeelden en kerken passeer je op de Jeanne d'Arc-route. De wandeling voert door het oude Europa van de Franse heldin.

'Het beeld van Jeanne moet nodig worden bijgesteld', zegt Robert Staub, terwijl hij naast de deurmat een setje berensloffen klaarzet, een weldaad voor voeten die de hele dag in wandelschoenen waren opgesloten. 'Er zijn zo veel ongerijmdheden. Haar beheersing van de wapens, haar overtuigingskracht... Denken de mensen dat zoiets uit de lucht komt vallen?'


We staan te druppen bij de deur, de natte regencape moet nog uit. De heer des huizes kan daar niet op wachten. Hij moet zijn verhaal kwijt. Of eigenlijk: verhalen. Jeanne d'Arc was heel wat meer dan het simpele herderinnetje, geboren op een steenworp afstand van zijn huis, de chambres d'hôtes Le Clos Domrémy. Vergeleken met haar levensgeschiedenis is DeDa Vinci Code kinderspel.


Al zeker een etmaal regent het onafgebroken in Lotharingen. Het water kolkt uit de regenpijpen en raast door de beken. Op het land staan plassen. Maar eenmaal binnen in Le Clos Domrémy is dat snel vergeten. Een monumentale trap leidt naar de eerste verdieping waar ook de bibliotheek is, gevuld met boeken over en versierd met beelden van Jeanne d'Arc.


Staub grijpt naar zijn favorieten. Zoals L'affaire Jeanne d'Arc van Roger Senzig en Marcel Gay. 'Die concluderen dat ze een buitenechtelijk kind is van Charles d'Orléans, broer van de koning en krijgsgevangene', zegt hij instemmend. 'Ze was verre van het ongeletterde herderinnetje dat latere generaties van haar maakten.'


Alle bekende verhalen over de maagd van Orléans gaan bij Staub - die een website met tweehonderd pagina's over haar inrichtte - op de schop. Dat ze na haar rit van 600 kilometer te paard naar Chinon maagd zou zijn, noemt hij sowieso al hoogst onwaarschijnlijk. Trouwens, er waren in de Middeleeuwen geen artsen die zoiets konden vaststellen. En dan, in de winter zo'n afstand afleggen in tien dagen - dat lukt ook vandaag de dag de beste ruiters niet.


Maar ze is niet voor niets heilig verklaard, werpt uw wandelaar tegen. Kan het zijn dat God hier een rol heeft gespeeld? 'Dat is voor de mensen die geloven dat 's nachts de hanen zingen', grijnst Staub, en hij haalt nog meer boeken. De ware identiteit van Jeanne d'Arc, geschreven door de Nederlandse Anneke Veelen-van de Reep, kan hij van harte aanbevelen.


Maar dat deze reikimeester Jeanne d'Arc verbindt met de Gelderse edelman Jan van Arkel gaat hem te ver. 'Ze hadden in die tijd niet eens achternamen.'


Bij het stenen geboortehuis van Jeanne, dat even verderop in Domrémy-la-Pucelle staat, wordt de geschiedenis tastbaar. In een 15de-eeuws dorp met louter houten hutten moet het een bezienswaardigheid zijn geweest. De architectuur is verrassend modern; het schuine dak geeft het iets van een Corbusier.


Pal achter het huis is het Centre d'interprétation. Een video, een expositie en een lichtspel met hoofdpersonen ontwarren voor de bezoeker die kluwen van de Honderdjarige Oorlog, met gekgeworden koningen, trouweloze Bourgondiërs en een Turkse heerser die het gehakketak geamuseerd gadeslaat. Apocriefe verhalen worden hier zorgvuldig vermeden. Geen zinspelingen op haar adellijke afkomst, laat staan dat ze de brandstapel zou hebben overleefd om te trouwen met een edelman, waarna ze moeder werd en pas jaren later in vrede stierf.


Nationalisten en orthodoxe katholieken trekken om het hardst aan de heilige maagd. President Sarkozy reisde begin 2012 vanwege haar 600ste geboortedag naar Domrémy, om te voorkomen dat het Front National met de Maagd van Orléans aan de haal kon gaan.


In de Remigiuskerk, pal naast het geboortehuis, die door de eeuwen heen vaak werd verbouwd, is nog iets van de geest van Jeanne blijven hangen. Dat kan niet worden gezegd van de buitenproportionele basiliek die een kilometer buiten Domrémy is verrezen. Bois-Chenu heet het hier. Dit is de plek waar Jeanne de stemmen zou hebben gehoord die haar opdroegen ten strijde te trekken tegen de Engelsen. 'Die hoorde ze doordat ze epileptisch was', relativeren wetenschappers, zoals de Nederlandse hersenonderzoeker Dick Swaab.


Die scepsis brengt de gelovigen niet van hun stuk. Meerdere malen per dag komen ze bij de basiliek samen om, begeleid door een gitaar, liederen te zingen. In het naastgelegen hotel-restaurant L'Accueil du Pélerin heerst, mede dankzij een panfluitversie van Abbarepertoire, een gewijde sfeer. De zusters die het restaurant drijven, behoren tot de gemeenschap van Les Soeurs Travailleuses. Wie tot twee uur aan tafel blijft, kan hen het Ave Maria horen zingen.


Het landschap van Jeanne d'Arc is ingesleten door de Maas, die hier nog een beginnend riviertje is. Niets doet vermoeden dat over dit water een paar honderd kilometer stroomafwaarts mammoettankers zullen varen. Op de glooiende hellingen van Lotharingen wisselen bouwland en bossen elkaar af. Om de paar kilometer ligt een dorpje van hooguit honderd huizen rond een kerk, met meestal een kasteel of ruïne binnen handbereik.


Het is het oude Europa hier. Geen prefabhuizen - de frontlinie van de Eerste Wereldoorlog lag een stukje naar het oosten. De streek lijkt sinds de dagen van Jeanne niet ingrijpend veranderd. Een enkel dorp heeft nog een bakkerszaak die stand houdt. De weinige dorpelingen die zich in de regen buiten wagen, kunnen moeiteloos figureren in om het even welke film over het leven van de heldin.


Door dat land van Jeanne loopt een wandelroute van vier dagen (een kleine 80 kilometer), die ruwweg een acht beschrijft. Hij voert je van Domrémy-la-Pucelle naar Vaucouleurs en terug, langs oneindig veel standbeelden van de heilige Maagd, vereeuwigd op fonteinen, kerktorens en kruispunten. En langs de kapel van Sainte Anne de Broyes, waar de meisjes heen gingen om te weten wanneer ze zouden trouwen. Een deel van het pad loopt pal langs de Maas.


Maxey-sur-Vaise is het snijpunt van die acht en daarmee een mooie startplek voor de wandeling. Het dorpje in de vlakte is niet veel meer dan een brede straat met tot huizen verbouwde boerderijen en een kanaal in het midden. Dat kanaal is de Vaise, die hier begint en anderhalve kilometer verderop in de Maas uitkomt.


'Nog geen dertig jaar geleden zat het hele dorp op mooie zomeravonden aan de waterkant', vertelt Danielle Noisette van de lokale chambres d'hôtes. 'Die tijd is voorbij. Om half negen kruipt iedereen achter de televisie. Maar de solidariteit is nog sterk. De mensen helpen elkaar als het nodig is.'


Buitenlanders wonen hier amper, terwijl Nederland, België en Duitsland toch om de hoek liggen. 'Stedelingen hebben soms last van het buitenleven. Ze ergeren zich aan bomen die de zon wegnemen in hun tuin, aan hanen die kraaien, aan kerkklokken. Dan houd je het hier niet vol', legt Noisette uit. Aan de prijzen ligt het niet. In een bushokje hangt een bekendmaking van de notaris: huis te koop, salon, zeven kamers, atelierruimte, tuin: 58.000 euro.


De Lotharingers mogen knoestig zijn, ze zijn ook hulpvaardig. Als uw natgeregende wandelaar erachter komt dat hij richting Domrémy een afslag heeft gemist, zodat het dorp aan zijn voeten niet Amanty, maar Épiez-sur-Meuse blijkt te zijn, start een man op sandalen graag de motor van zijn Renault om hem een lift te geven. 'Ik wandel ook graag', zegt hij, 'maar dan wel met de auto.'


Jeanne trok als meisje van 16 naar Vaucouleurs, om bij de plaatselijke edelman, Baudricourt, steun te vragen voor haar opstand tegen de Engelsen. De eerste keer weigerde hij. Maar toen ze een jaar later terugkwam, liet hij zich overtuigen. Hij gaf een escorte en zwaaide haar uit bij de Porte de France. 'Laat komen wat komen moet', was zijn fatalistische afscheidsgroet. Niet lang daarna zou ze aan het hoofd van de koningsgezinde troepen Orléans binnenrijden.


Die Porte de France heeft de tand des tijds aardig doorstaan. De kerk erachter, waar Jeanne graag ging bidden, blijft onverbiddelijk gesloten. De wandelaar kan troost zoeken bij de oude linde ernaast, uitgeroepen tot een van de opmerkelijke bomen van Frankrijk. Het volksgeloof wil dat de bladeren het paard van Jeanne zo veel kracht gaven dat het moeiteloos doordraafde tot Chinon.


Dan is dat raadsel alvast opgelost.


PRAKTISCH

Jeanne d'Arc zou hebben gefronst bij het zien van een foto van de Big Ben in restaurant La Table de Jeanne. Maar afgezien daarvan is het prima eten in dit restaurant, tegenover de kerk van Domrémy-la-Pucelle. Veel keus is er trouwens niet. Wie wat anders wil, komt al snel terecht bij de zusters van L'Accueil du Pélérin, wat voor één avond best een belevenis is. Site.de.domremy@- wanadoo.fr


Le Clos Domrémy (leclosdomremy.fr) in Domrémy-la-Pucelle heeft kamers, maar ook gîtes. Overnachten kan ook in het naburige Greux, bij Les Deux Roses (deuxroses.pages-perso-orange.fr).


In Maxey-sur-Vaise is La Ferme de la Vaise van Danielle Noisette een mooie plek (tourisme- rural.fr). Er zijn kamers, gîtes en een tot restaurant verbouwde boerderij. Vaucouleurs kan sinds kort bogen op een hotel: Lor'n Hôtel (hotel-lorn-vaucouleurs.fr).


Nancy met al zijn verlokkingen ligt op nog geen 50 kilometer van Domrémy. Het Stanislasplein is terecht wereldberoemd. Net als de art nouveau, die aan het begin van de twintigste eeuw in Nancy tot bloei kwam. Zowel het Musée des Beaux-Arts als het Musée de l'École de Nancy heeft prachtige gebruiksvoorwerpen uit die periode. Ga lunchen in Excelsior aan de Rue Stanislas, een brasserie die is opgetrokken in art-nouveaustijl.


Mirabellen zijn de trots van de streek. Uit Lotharingen komt 70 procent van de wereldproductie. De vruchten, ergens halverwege kers, pruim en perzik, worden na de oogst verwerkt in taarten, jam, likeur, siroop en ijs of geweckt om later op te eten.


JEANNE D'ARC IN VOGELVLUCHT

6 januari 1412: Geboren in Domrémy.


1425: Hoort voor het eerst stemmen van aartsengel Michael, de heiligen Catharina en Margaretha en God, die haar opdragen Frankrijk te bevrijden van de Engelsen.


8 maart 142: Gaat naar Chinon, waar ze de kroonprins aanwijst zonder hem ooit te hebben gezien.


8 mei 1429: Verovert Orléans op de Engelsen.


17 juli 1429: Laat kroonprins Karel VII in Reims tot koning kronen.


24 mei 1430: Gevangengenomen bij Compiègne.


30 mei 1431: Wordt in Rouen tot de brandstapel veroordeeld.


1456: Veroordeling wegens ketterij herroepen.


16 mei 1920: Heiligverklaring door Paus Benedictus XV.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden