Het kasteel van de vrouwenziel

I N DE GEEST van het geloof van toen: rood als scharlaken wordt wit als sneeuw. En die sneeuw smelt niet weg....

Jacqueline ging tegen haar zin naar het klooster, maar een bruidsschat voor al zijn dochters kon de vader, die twintig kinderen zou krijgen, niet betalen. De wereldse carrières van de zoons gingen voor. Zij moet zich, naar het bestaande patroon, een werelds leven binnen de muren hebben voorgesteld. Als zij zeventien is, komt zij, mede door een preek van een monnik en het lezen, tijdens de vastentijd, van een stichtend boek tot bekering. Zij kwam, in haar eigen woorden, tot het inzicht van 'de noodzaak van oprechte gehoorzaamheid, wantrouwen tegen het vlees en alle zinnelijke genoegens als wel van de verdiensten van ware armoede'. 'God gaf mij zo'n liefde voor deze deugden, dat ik voelde niet te kunnen ademen zonder de middelen te hebben gevonden ze in praktijk te brengen.' Jacqueline was definitief Mère Angélique geworden. De gevolgen waren groot. Zij begon Port Royal te hervormen en de oude lang geleden verloren gestrengheid weer in te voeren. De verachting van de wereld, le mépris du monde, werd de kern van het programma. Haar ouders, vaak op bezoek in het klooster, want er veel regelend, werd de toegang ontzegd. De clausuur werd weer ingevoerd. In de jaren erop zouden haar vier zusjes en na de dood van haar man, ook haar moeder in Port Royal intreden. Nichtjes - de tweede generatie - volgden. De geest van verachting van de wereld werd versterkt door geestelijke leidsmannen, onder wie vanaf 1633 de Abbé de Saint-Cyran, een van die grote geestelijke figuren uit het Frankrijk van de zeventiende eeuw. Hij vormt niet alleen de nonnen, maar ook de mannelijke leden van de Arnauld-familie. Een aantal van hen zal als solitaires in de nabijheid van Port Royal gaan leven, de wereld van hof en carrière, die zij goed kenden, achter zich latend. Een van de grootsten onder die eenlingen was Angéliques oudste broer Robert, die niet alleen een schitterende politieke carrière kende, maar ook een groot lettré was. Dat hij de Congessiones van Augustinus in het Frans vertaalde, zal niet toevallig blijken.

Een deel van het Arnauld-geslacht, dat zich in de 15de eeuw vanuit Auvergne in Parijs, de hofstad, vestigde, was Hugenoot. Sommigen bleven het, anderen gingen over tot het katholieke geloof, zoals de vader van Mère Angelique, Antoine Arnauld, en wel na de Bartholomeus-nacht. Die bekering was er uiteraard een niet zonder berekening. Er lopen in dat eind-6de-eeuwse en 17de-eeuwse Frankrijk een aantal stromigen dooreen, religieuze en politieke, en de twee zijn verweven met elkaar. Daar is allereerst de vervolging van de hugenoten, de Franse calvinisten. (Een van de Arnauld-hugenoten schreef een indrukwekkende getuigenis over zijn geloof, waarin de mépris du monde, die de familie later zal beheersen, hoorbaar is). De katholieke kerk van Frankrijk is nooit sterk ultra-montaans geweest. De verzoeking tot zelfstandigheid was sterk. De vorsten kenden zich kerkelijke bevoegdheden, benoemingen bijvoorbeeld, buiten Rome om toe. Het kan merkwaardig zijn, dat niet alleen de calvinisten, maar ook de jezuïeten als grote vijanden van het Franse katholicisme werden gezien. De laatsten kwamen in de contra-reformatie naar voren en waren zeer sterk Paus-gericht. Hun geloofsijver was een bedreiging van het geloof. Een grote onder de vele bestrijders van de jezuïeten was Antoine Arnauld. Hij leverde, blijkt achteraf, een voorhoedegevecht voor de familie.

De genoemde Abbé Saint-Cyran was een studie- en geestgenoot van Cornelius Jansen, de auteur van Augustinus, bisschop van Yperen, naar wie het Jansenisme is genoemd. De leer van de wereldverachting was er ook een van zondebesef en van de totale afhankelijkheid van Gods genade. Men kan zeggen dat de hervormbeweging van Port Royal onder de geestelijke leiding van de Saint-Cyran een jansenistisch theologische fundering heeft gekregen. De jansenisten werden voor de katholieke kerk in Frankrijk de hugenoten van de tweede helft van de 17de eeuw. De leer van absolute zondigheid en absolute noodzaak van de genade was gefundeerd op het werk van Augustinus (niet toevallig vertaalde Robert Arnauld diens Confessiones). De officiële leer van de katholieke kerk hield of houdt het midden tussen eigen mogelijkheden van de mens en de genade. Dat was dus ook de leer van de jezuïeten. Zij werden de grote bestrijders van het jansenisme en dus ook van Port Royal.

E R WAS inmiddels een tweede Antoine Arnauld opgestaan: de jongste broer van Mère Angélique. Hij had theologie gestudeerd en was ook priester. Hij is de grootste geest van de familie en een van de grootsten van het 17de-eeuwse Frankrijk. Zijn in 1643 gepubliceerde boek Over de veelvuldige communie (geheel in de geest van jansenisme en Port Royal werd gepleit voor een langdurige voorbereiding op de communie en dus een zeldzaam ontvangen ervan) kritiseerde de opvattingen van de jezuïeten. Een jaar later publiceerde hij anoniem een verdediging van de opvattingen van Jansenius, een later werk werd fel aangevallen door de Sorbonne. Ondanks de steun van de dominicanen en van Pascal (in diens Lettres provincials), werd hij gedegradeerd - hij verloor zijn titel - en hij moest zich terugtrekken. 'De grote Arnauld' zal Port Royal altijd trouw blijven. Na door Lodewijk XIV weer in ere te zijn hersteld, moest hij bij de heropleving van de strijd tegen de Jansenisten in 1679 Frankrijk verlaten. Hij stierf, 82 jaar oud (de Arnaulds waren allen zeer sterk) in Brussel. Daar werd hij begraven, maar zijn hart werd naar Port Royal gesmokkeld. Daar was het altijd gebleven, bij de inmiddels overleden Mère Angelique, die hij altijd meer als zijn moeder dan als zijn zus had beschouwd.

De 'solitaires' uitgezonderd - en uiteraard Antoine en een oudere broer, Henri, die bisschop werd - bleven de mannelijke Arnaulds nagenoeg allen in de wereld, en dat betekende: carrière maken in de politiek of in het leger. Wat een absolute trouw aan de koning inhield, want diens gunsteling waren zij. Er ontstaat tussen die Arnaulds en Port Royal een merkwaardige verhouding: zij kenden de loyaliteit aan de familie in het klooster, maar hun royaliteit kon een bedreiging voor het klooster, dat verdacht was, betekenen. Zoals een sterke loyaliteit aan Port Royal hun positie aan het hof kon bedreigen. Er lijken voortdurend waarschuwingen heen en weer te gaan. Opvallend is het zeer grote resepct dat allen voor Mére Angélique hebben.

Een prachtig gedetailleerd beeld van die verhoudingen geeft de Amerikaanse hoogleraar Alexander Sedgwick in zijn The Travails of Conscience ('De barensweeën van het geweten'), The Arnauld Family and the Ancient Régime. De vrij omvangrijke studie, waaraan de auteur twintig jaar heeft gewerkt, waarvoor hij vele archieven met name in Frankrijk heeft moeten onderzoeken (de familie heeft veel papieren nagelaten), is allereerst de geschiedenis van de familie. Een klein deel is voorgeschiedenis of voorafspiegeling soms. Met de kloosterhervorming door Mère Angélique begint de diepgaande politieke en religieuze geschiedenis van het geslacht, waarin de Franse geschiedenis van de 17de eeuw samenkomt. Iets van die dubbele geschiedenis heb ik hierboven trachten samen te vatten. De titel stelt het geweten centraal. Dat is dan het geweten van de abdis, die de gewetens van de hele familie heeft gevormd. Mère Angelique heeft een zwaar leven gehad, maar alle vervolgingen en beproevingen zag zij ook als een bewijs van Gods uitverkiezing, niet minder als een aansporing tot nog strenger leven. Zij kent een radicalisme zonder weerga; haar gelijknamige nichtje, dat haar later als abdis zou opvolgen, lijkt nog radicaler van geest. In hun strengheid lijkt zich het calvinisime van een aantal voorvaderen voort te zetten. Zij had een ziel als een kasteel en dat was onneembaar. En tot een gelijke onwrikbaarheid wist zij haar medezusters op te voeden. Wat zij niet wilde zijn, werd ze: de geest van het jansenisme. Aanvankelijk was de meester van het evenwicht, Franciscus van Sales, haar geestelijke leidsman; de radicaliteit, die zij al in zich had, ontwikkelde zich onder de Abbé de Saint-Cyran. Zij stierf in 1661, midden in de strijd om het tekenen van het 'formulaire', waarin vijf stellingen aan de leer van het jansenisme ontleend, werden veroordeeld. Alle priesters en religieuzen moesten signeren. De 'grote Arnauld' vond een zeer vernuftig theologisch argument, dat niet-tekenen en rechtgelovigheid met elkaar verzoenden. Het 'formulaire' splitste de gemeenschap van Port Royal, dat in het oorspronkelijke klooster buiten Parijs in de jaren van de katholieke vrede nog een opbloei kende, maar dat met de hernieuwde bestrijding van het jansenisme definitief ten onder ging. Lodewijk XIV liet het klooster in 1705 verwoesten. Er leefde toen nog één Arnauld in het klooster.

D E FAMILIE was zeer begaafd. Veel van de mannelijke leden hebben invloedrijke posities in de Franse politiek verworven. En dat een paar generaties lang. Niet alleen de voortzetting van de begaafdheid treft, maar evenzeer van de religiositeit van de familie. De al genoemde Robert, de broer van Angélique, was zeer begaafd, een van de veelzijdigsten ook; zijn jongste broer, Antoine, was niet minder veelzijdig: theoloog, filosoof, wiskundige. De ballingschap waarin hij moest leven, moet hem nog grotere mogelijkheden hebben ontnomen. Sedgwick laat, vind ik, zijn grootheid te weinig uitkomen. Antoine voltooit echt de geschiedenis van het geslacht; het belang van enkele neven, die tot in de 18de eeuw actief waren in de politiek, doet daar niets aan af.

De kracht en de invloed van de familie, op zoveel terreinen en zo ononderbroken, blijft een mysterie. Wellicht is dit een mogelijkheid tot verklaring. Het is zeldzaam dat een familie zich in de vrouwen en in de mannen tegelijk in grootheid manifesteert. Dat is hier het geval. De vrouwen maken zich religieus onsterfelijk; hun invloed op het godsdienstig leven in het Frankrijk van de 17de eeuw - en daarna - kan niet groot genoeg worden geschat. (Niet de geringsten hebben zich later met Port Royal beziggehouden: Sainte Boeuf, De Montherlant). Niet minder hun onverzettelijkheid: tegen koning en paus beiden, tegen alle gezag, kan men zeggen, dat het persoonlijk geweten dreigt te forceren.

De verschillende carrières van de mannen kunnen mede een verklaring zijn. Ze bewegen zich nagenoeg allemaal in het leger, in de magistratuur of aan het hof, in verschillende functies. Zij moeten allen - daarover komt men niets te weten - een zeer goede vorming hebben gehad, ook religieus. Maar zij ontleenden hun krachten ook aan de controverses in hun tijd, politieke en religieuze. Hun veelzijdigheid volgt uit hun veelzijdige betrokkenheid.

Aan de eigen geschriften van de Arnaulds danken wij heel veel informatie over hen. Ze schreven niet alleen over elkaar - tot biografische geschriften toe - maar ook aan elkaar: er is een grote correspondentie bewaard. In de brieven van Mère Angélique kan het treffen hoe clichématig haar vrome gedachten en opwekkingen zijn. En dan toch zoveel effect. Zij is niet alleen het middelpunt van de clan, maar ook de grote gezagsdrager. De familieleden kenden vele groten van hun tijd. En die schreven ook weer, in dagboeken of brieven, over hen. En dat, als bij Madame de Sévigné, informatief en luchtig en voor de lezer van Sedgwicks boek verademend, want niet alleen is de stijl van de studie wat saai, de familie Arnauld zelf is bijna ondraaglijk ernstig. Er is er gelukkig een, die het wat bont maakte, tot in de aankleding van zijn begrafenis toe. Maar de anderen hebben het voorhoofd strak, de mond stijf; het geloof heerst, ook in de tegenkrachten waarmee de andersdenkenden werden aangevallen. Gelukkig dat we van een der grootste geesten onder hen weten dat hij vele malen per nacht met zijn vrouw gemeenschap had, zoals de auteur in de wildste passage uit het boek meedeelt. De Arnaulds: ze waren protestant, calvinistisch en jansenistisch. Katholiek waren ze niet. Daar waren ze niet slecht genoeg voor. En daarom zijn ze tenslotte ook niet boeiend. Leve de vrije wil.

Alexander Sedgwick, The Travails of the Conscience, The Arnauld Family and the Ancien Régime, Harvard University Press, prijs f 104,55

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden