Het kalifaat is verwoest, maar uit de puinhopen herrijst een nieuwe IS-achtige groep

Drie jaar na het uitroepen van het kalifaat

Drie jaar nadat er het kalifaat werd uitgeroepen, bereikte het Iraakse leger deze week de Al Nuri-moskee in Mosul. Althans, wat daarvan over is. Symbolisch voor het kalifaat, maar de kans dat een 'IS-achtige' groep uit de puinhopen herrijst, is groot.

Strijders van IS op een propagandafoto uit 2015. Het grondgebied van de terreurgroep brokkelt steeds verder af. Foto HH

Precies drie jaar geleden toonde de kalief zich aan de wereld. Onder zijn zwarte tulband waaierde zijn baard grijs uit. Om zijn rechterpols prijkte een enorm, werelds horloge. Hoewel pas 42 jaar oud, beklom hij met bedachtzame, bijna aarzelende tred het spreekgestoelte van de Al Nuri-moskee in de Iraakse stad Mosul.

Daar stond hij. Kalief Ibrahim. Zelfverklaard leider van de moslimwereld. Beter bekend onder zijn nom de guerre: Abu Bakr al Baghdadi. In Mosul tot op de dag van vandaag bijna liefkozend 'Abu Bakr' genoemd.

Het was vrijdag 4 juli 2014, het begin van de heilige maand ramadan. De normaal zo schuwe Al Baghdadi hield al dagen toespraken. Hij moest wel, als kersverse leider van het zojuist uitgeroepen kalifaat. 'O moslims, haast u naar uw staat', zegt hij in een beroemd geworden geluidsopname. 'Syrië is niet voor de Syriërs, Irak is niet voor de Irakezen. Het land is voor de moslims, alle moslims.'

Als Allah het wil, 'veroveren we Rome en de wereld'.

Maar die vrijdag in de 12de-eeuwse Al Nuri-moskee, tijdens zijn enige publieke optreden ooit, voor de camera's van de IS-mediaploeg, hield Al Baghdadi het bescheiden. Kalief zijn valt niet mee, vertrouwde hij zijn volgelingen toe. 'Ik ben aangesteld als jullie waarnemer, maar ik ben niet beter dan jullie.' Hij waarschuwde: in de nachten van de ramadan wordt de 'marktplaats van de jihad geopend'.

Met een bijna spookachtige snelheid was Islamitische Staat (IS) vlak daarvoor uitgerold over Irak en Syrië. Mosul, de tweede stad van Irak, viel in juni 2014 in slechts vier dagen. Al gauw wapperden de zwarte vlaggen ook in Tikrit, de geboortestad van de Iraakse dictator Saddam Hoessein, op de vlakte van Ninevé en langs de belangrijkste handelsroute van Irak naar Syrië. Een tank met IS-vaandels scheurde door het centrum van het Syrische Raqqa, zelfverklaarde hoofdstad van het kalifaat, waarna de strijders optrokken richting de Turkse grens.

Rome zou hopelijk nog even duren, maar hiervoor vreesden analisten in die terreurzomer van 2014: de Iraakse hoofdstad Bagdad kon elk moment vallen.

Maar Bagdad viel niet.

Want zo snel als de opmars van IS verliep, zo onverwacht stopte die weer. Nu, drie jaar nadat het kalifaat is uitgeroepen, brokkelt het grondgebied van IS in hoog tempo af. Een aaneengesloten territorium in Irak en Syrië is er al maanden niet meer. Raqqa is geheel omsingeld en in Mosul heeft IS nog slechts enkele straten in handen.

De monumentale Al Nuri-moskee, waar Al Baghdadi zijn kalifaat aan de wereld presenteerde, is vorige week opgeblazen door IS. En hoewel bewijs daarvoor uitblijft, verklaren de Russen en Amerikanen Al Baghdadi steeds opnieuw dood. Hoe kan het kalifaat dat in recordtempo is gesticht nu toch zo kwetsbaar blijken, en zijn daarmee de problemen voorbij?

Opkomst

In vluchtelingenkampen langs de frontlijn met IS, in de woestijn van Irak, Syrië en Libië, hoorde ik het afgelopen jaar steevast hetzelfde verhaal. IS kwam als een insluiper in de nacht. Niemand zag het aankomen. Het leger vertrok halsoverkop, de lokale gouverneur ook en voordat de bewoners het wisten, feliciteerden IS-strijders hen met de mededeling dat het kalifaat hun voordeur had bereikt.

IS kon snel oprukken omdat de groep er allang was. De voorloper van het huidige IS, Islamitische Staat in Irak, was al in 2006 actief in steden als Mosul, Ramadi en Falluja, in de 'soennietische driehoek'. De soennietische minderheid in Irak, eeuwenlang de regerende bevolkingsgroep, verloor haar macht na de val van dictator Saddam Hoessein in 2003. Vooral oud-leden van Saddams Baath-partij zonnen op wraak.

Het Amerikaanse leger zag Islamitische Staat in Irak jarenlang als façade van het zogenaamd machtigere Al Qaida. De voorganger van Abu Bakr al Baghdadi? Een 'fictief persoon'. Dit wegkijken creëerde een bijna onbelemmerd speelveld voor Al Baghdadi, een islamgeleerde die al eens door de Amerikanen gevangen was gezet op verdenking van terrorisme. In 2010 kreeg hij het bevel over Islamitische Staat.

Al gauw opende Al Baghdadi een filiaal over de grens, in Syrië. Raqqa, een slaperige provinciestad, was daar het hart van de revolutie tegen de Syrische president Bashar al Assad. In 2013 stroomden vluchtelingen en rebellen hier massaal naartoe. Initiatieven zoals een capoeira-dansgroep voor kinderen maskeerden dat soennietische extremisten de macht grepen in Raqqa. In stilte nam IS de overhand.

Inwoners van Raqqa, moe van door het westen gesteunde hippie-rebellen, onthaalden de religieuze strijders enthousiast, schrijft Francesca Borri, een Italiaanse journaliste die lang werkte in het Syrische rebellengebied, in haar boek Syrian Dust. 'In tegenstelling tot het Vrije Syrische Leger probeerden ze daadwerkelijk te regeren. Door eten en medicijnen uit te delen, door water en elektriciteit te herstellen.'

In Irak was de slag om Mosul daarna een thuiswedstrijd. De soennietische bevolking voelde zich gediscrimineerd door de sjiitische regering van de toenmalige premier Nouri al Maliki. Het Iraakse leger en de federale politie hadden al maanden geen salaris gekregen. Circa dertigduizend soldaten sloegen op de vlucht voor slechts 1.500 IS-strijders.

IS? Volgens de toenmalige Amerikaanse president Obama was dat 'JV', junior varsity - de amateurspelers. Diezelfde maand nam IS de Iraakse stad Falluja in, gelegen op de weg naar Bagdad.

In reactie op het optreden van Al Baghdadi in de Al Nuri-moskee, betoogde Rita Katz, directeur van SITE Group, een onderzoeksbureau op het gebied van terrorisme met veel invloed binnen de Amerikaanse overheid, dat het een onbegrijpelijke blunder was van IS om een staat te willen stichten. De titel van haar bijdrage: 'Het komische kalifaat'.

Pas na de onthoofding door IS van de Amerikaanse journalisten James Foley, Steven Sotloff en hulpverleners Peter Kassig en David Haines in de nazomer van 2014 werd het minder komisch.

Bloei

Na de serie onthoofdingen waarmee IS zichzelf op de kaart zette, waagde bijna geen enkele journalist het om een bezoek te brengen aan het kersverse kalifaat. Bij gebrek aan feiten projecteerde het Westen zijn donkerste scenario's op de islamitische strijders.

De werkelijkheid lijkt genuanceerder. Zeker: inwoners die ik sprak in pas heroverde gebieden vertelden over afpersing, ontvoeringen, martelingen en massa-executies, vaak van familieleden. Maar ook over voedseluitdelingen en het eindelijk krijgen van je veteranenpensioentje dankzij ad Dawlat, 'de Staat.' Dit praat de misdrijven van IS niet goed, maar maakt wel inzichtelijk waarom de bevolking de groepering niet de deur wees.

Een van de weinige westerse ooggetuigenverslagen komt van een Duitse publicist, Jürgen Todenhöfer, een voormalige christen-democratische politicus die eind 2014 met zijn zoon een bizarre reportagereis van tien dagen maakte naar Raqqa en Mosul. Beiden reisden op een soort visum dat was verstrekt door de persoonlijke staf van Al Baghdadi. Ze werden tijdens hun reis vergezeld door chaperonnes van IS, maar keerden ongeschonden terug.

Het verslag van Todenhöfer staat vol met dit soort observaties: 'Mosul lijkt ons heel normaal. Niets ziet eruit alsof het afkomstig is uit het 'IS stenen tijdperk'. Integendeel. Mosul is een bruisende, levendige stad met veel verkeer en ontelbare mensen op straat. Reden we zojuist langs een IS-verkeersagent? Ik weet het niet zeker, maar zo ziet het eruit.'

Hoe was het leven onder IS? Het afgelopen jaar vroeg ik dat aan vluchtelingen en inwoners van pas heroverde gebieden. 'Verschrikkelijk slecht', is meestal het antwoord - zeker als er legersoldaten of andere bevrijdende krachten in de buurt zijn. Volgende vraag: wanneer werd het slecht?

Dan krijg ik dit soort antwoorden: een paar weken geleden, toen het leger de stad begon te bombarderen. Toen we waren omsingeld en het voedsel opraakte. Toen de handel instortte.

In 2014, bij het uitroepen van het kalifaat, was IS de rijkste terreurorganisatie ter wereld. Het zijn cijfers met een natte vinger, maar de groep zou circa een miljard aan geroofde banktegoeden hebben en had dat jaar bijna een miljard euro aan andere inkomsten, vooral oliehandel. Het boude plan om een staat te stichten, met alle verantwoordelijkheden die dat met zich meebrengt, was alleen mogelijk dankzij deze welvaart.

Met het geld betaalde IS salarissen van strijders, commandanten en seksslaven, volgens een inventarisatie van de Amerikaanse denktank Rand. Maar ook 'het repareren van elektriciteitsleidingen, het graven van riolering, stoepen schilderen en het laten rijden van een busdienst'. Een soort IS-Keuringsdienst van Waren hield toezicht op 'de veiligheid van voedsel in markten'.

Maar het geld droogde op toen IS terrein verloor. De olie-inkomsten halveerden vrijwel in 2015 en opnieuw in 2016. Tegelijkertijd draaide de Iraakse overheid, die eerder salarissen doorbetaalde aan ambtenaren, de geldkraan dicht, werd het bankverkeer stilgelegd en sloot de grens met Turkije voor oliehandel. De zelfverklaarde staat, bijna bankroet, werd kwetsbaar voor militaire aanvallen.

Ondergang

Donderdag, exact drie jaar nadat het kalifaat werd uitgeroepen, bereikte het Iraakse leger het puin van de Al Nuri-moskee, waar Al Baghdadi aan de wereld verscheen. Toeval is dat niet. Al een week leek het leger in staat om de moskee in te nemen. Waarschijnlijk is gewacht op deze sleuteldatum vanwege de propagandawaarde.

'Hun fictieve staat is gevallen', aldus een brigadegeneraal van het Iraakse leger, Yahya Rasuul.

Maar alle onderliggende problemen bestaan nog steeds. Syrië en Irak kunnen in de huidige vorm nauwelijks verder. De grenzen van deze landen zijn kunstmatig, een eeuw geleden uitgetekend door Frankrijk en Engeland, zonder oog voor sektarische en tribale verhoudingen. Het cement om de bevolking bij elkaar te houden was decennia de genadeloze dictatuur van Saddam Hoessein in Irak en de familie Assad in Syrië. Maar de eerste is verdwenen en de laatste wankelt.

Al Baghdadi legde de vinger op zijn eigen bestaansrecht toen hij grensposten verwijderde en zei dat hij 'de laatste nagel in de doodskist van Sykes-Picot' wilde slaan. Mark Sykes en François Georges Picot zijn twee Europese diplomaten die in 1916 een geheim verdrag sloten voor de opdeling van het Midden-Oosten.

Omdat Irak en Syrië als naties niet meer functioneren, is er geen toekomstplan voor het kalifaat. Onduidelijk is wie de macht krijgt in Mosul en Raqqa na de 'bevrijding'. Het regime van Assad, afgewezen door de bevolking, zo verzwakt dat ze niet eens aan de frontlijn in Raqqa staan? De Koerden, die in Iraakse dorpen de Arabische bevolking proberen te verjagen? De sjiitische regering in Bagdad over de soennieten in Mosul?

In het puin van Mosul en Falluja is het snel vergeten, maar deze steden zijn vanaf 2004 al drie keer met Amerikaanse steun bevrijd van de voorlopers van IS. Elke keer werd dit gevierd als een succes. Maar de terroristen hergroepeerden slechts in de woestijn, om daarna nog harder toe te slaan. Zolang de burgeroorlog in Syrië en de onderdrukking van soennieten in Irak blijven bestaan, zal IS weer verrijzen onder een andere naam, waarschuwt denktank Rand. Zo'n nieuwe groep is 'misschien zelfs wel extremer en gewelddadiger, zolang onderliggende politieke grieven onbeantwoord blijven'.

Onheilspellend is dat IS na de val van Mosul en Raqqa nog steeds grote stukken olierijke grond bezit, vooral rond Deir al Zor in Syrië. Daar bevindt zich een onbekend aantal strijders met een westers paspoort, van wie inlichtingendiensten vrezen dat ze zullen terugkeren naar Europa. Sinds 2015 is er in de westerse wereld een toename van aanslagen die geclaimd worden door IS.

Voor lokale bewoners betekent het vertrek van IS een nieuwe gewelddadige machtswissel. In januari bezocht ik Oost-Mosul, toen net heroverd. De winkels waren alweer heropend, een restaurant dat korte tijd later doelwit zou zijn van een terreuraanslag serveerde shoarma, het was relatief druk op straat; mensen waren zeker vrolijk over de bevrijding?

De eigenaar van een telefoonwinkel hielp me uit de droom. Zijn stadgenoten gedroegen zich net zo opgetogen als bij de vorige herovering, door IS in juni 2014.

Vrijdag praat Ana van Es door over dit artikel - luister onze podcast Het Volkskrantgeluid

Over de meest spraakmakende stukken praat Jonathan van het Reve elke vrijdag door met de journalist die het stuk geschreven heeft, in onze podcast Het Volkskrantgeluid. Aanstaande vrijdag is Ana van Es te gast over dit artikel over de ondergang van het kalifaat, en waarom het veel te vroeg is om daar alleen maar optimistisch over te zijn. Abonneer je op de podcast via iTunes of Soundcloud, en luister vooral eerdere afleveringen terug.

Foto de Volkskrant

Drie jaar IS

29 juni 2014
IS-woordvoerder Abu Mohammed al Adnani roept het kalifaat uit in een schriftelijke verklaring. Vijf dagen later geeft kalief Abu Bakr al Baghdadi zijn enige publieke optreden ooit in de Al Nuri-moskee in Mosul.

9 augustus 2014
Freelancejournalist James Foley, ontvoerd door IS, wordt onthoofd in de propagandafilm getiteld Een boodschap voor Amerika. In de weken daarna volgen vier andere onthoofdingen van westerse journalisten en hulpverleners.

Januari 2015
Op het hoogtepunt omvatte het grondgebied van IS ruim 90 duizend vierkante kilometer in Syrië en Irak, waaronder de steden Mosul, Ramadi, Falluja, Tikrit, Raqqa, Deir al Zor en Palmyra. In Libië veroverde de groep Sirte en Derna.

29 juni 2017
Als Mosul en Raqqa vallen, bezit IS nog steeds enkele strategische steden: Deir al Zor en Mayadin (Syrië) en Hawija (Irak), plus circa 50 duizend vierkante kilometer woestijn in met name Syrië.


Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.