Interview

'Het is niet alsof ik iets gejat heb en daarom ben ontslagen'

Daan Heerma van Voss interviewt mensen die werkloos zijn geworden. Wilfried van Dongen (48) werkte bij sigarettenfabrikant Philip Morris. Hij bleef na zijn ontslag in 2014 optimistisch.

Wilfried van Dongen: 'Ze hebben me veel kansen geboden.' Beeld Ivo van der Bent

De streekbus rijdt langzaam door het grijze Bergen op Zoom. Fietsers groeten de buschauffeur, hij zwaait of toetert terug. Veel fabrieken, arbeiderscafés, een stilgevallen haven. Maar ook: met slingers opgeleukte straten vol computerwinkels en dure kledingzaken - alsof de stad heeft geprobeerd mee te rennen met de consumptieve vaart der volkeren, maar slechts één been heeft gebruikt.

Wilfried van Dongen, 48 jaar, geboren in Bergen op Zoom, woont nu met vrouw en twee kinderen in het dorp Hoogerheide. In het halletje van zijn huis staat een houten bordje met Home Sweet Home. Zestien jaar lang werkte hij in de Philip Morris-sigarettenfabriek, die in april 2014 vrijwel al haar taken afstootte - waardoor bijna veertienhonderd mensen, onder wie Van Dongen, zonder werk kwamen te zitten.

Hij spreekt spaarzaam. Hij houdt zijn armen consequent over elkaar. In een hoek ligt de hond onregelmatig te snurken.

Van Dongen: 'Ik ben in 1998 bij Philip Morris gaan werken, op mijn 32ste. Daarvoor werkte ik bij Philips en Felix-Bonzo, van het kattenvoer. Toen die fabriek sloot, solliciteerde ik bij Philip Morris, lekker dicht bij huis. Ik werd proces-operator: die ziet toe op het productieproces. Later promoveerde ik tot technisch-operator. Nu hoefde ik niet alleen maar aan knoppen te draaien en af en toe iets te controleren, ik mocht ook onderdelen vervangen. Dat heb ik veertien jaar lang met veel plezier gedaan.'

Tot vrijdag 4 april 2014.

'Op woensdag hadden we bericht gekregen dat we vrijdag om twee uur tegenover de fabriek moesten verzamelen. Daar stond zo'n gehuurde feesttent. Die twee dagen werd natuurlijk aan één stuk door gespeculeerd, de meesten van ons dachten dat we terugmoesten van vijf naar twee ploegen. Enkele jaren ervoor had het management ons al een vrijwillige vertrekmogelijkheid gegeven. Tuurlijk, er gingen geruchten dat het vijf voor twaalf was, de cijfers waren al lang niet goed. Aan de andere kant: er werd nog geïnvesteerd, en onze fabriek was de modernste, meest geautomatiseerde Philip Morris-fabriek in Europa. Maar in die feesttent bleek het allemaal nog veel erger dan we vreesden: alleen de tabakproductie en de saus bleven over als fabriekstaken.'

De saus?

'De smaaktoevoeging.'

Ik hoef niet te vragen naar de sfeer in die feesttent.

'Het was doodstil. Dit had niemand verwacht, de klap was groot. Maar ik dacht al snel aan het nieuwe perspectief, ik ben een optimistisch iemand.'

Werkloos

Van oral historian Studs Terkel (1912-2008) verscheen in 1974 Working: People Talk About What They Do All Day and How They Feel About What They Do, waarin ‘gewone mensen’ vertelden over hun werk. Terkel bracht met dat standaardwerk het veranderende Amerika in kaart. Voor V begeeft schrijver Daan Heerma van Voss zich nu in de wereld van de werklozen. Om de week een nieuw verhaal, een schets uit het andere Nederland.

Optimistisch of niet, ik geloof niet dat iemand op die eerste dag al in staat is tot relativeren.

'Misschien niet. We waren nog te verbaasd om boos te zijn. Het relativeren kwam enkele dagen later. En toen was ik vooral blij dat ik in de tussentijd had doorgeleerd. Binnen de fabriek kon je cursussen volgen, op kosten van Philip Morris. In de beginjaren kon het niet op, echt, al koos je voor een cursus bloemschikken, alles werd betaald. De afgelopen zes jaar heb ik veel nuttige cursussen gevolgd, zoals warmte- en stromingleer, projectmanagement en productietechnologie. Anderen hadden alleen hun diploma van de timmeropleiding van dertig jaar geleden. Voor hen was de klap nog groter. De gemiddelde leeftijd van de werknemers was 48, 49 jaar. Dan sta je op de arbeidsmarkt met één-nul achter.'

Van Dongen staat op, zijn sokken glijden over de stenen vloer. Van een plank pakt hij een grote, opengescheurde envelop en een fotoboek. 'In deze envelop zit alles wat met het ontslag te maken heeft.'

En het boek?

'Elk jaar met Sinterklaas kregen we een cadeautje. Dit jaar was het dit boek.' Op het omslag staan duizenden sigaretten: een overzichtswerk van de fabriek die vanaf 1964 volop produceerde.

Wilfried van Dongen

werkte zestien jaar lang in de Philip Morris-fabriek in Bergen op Zoom, tot hij tegelijk met veertienhonderd collega’s werd ontslagen. Wat betekent het om deel te zijn van een zogeheten massaontslag?

Wat vindt u van zo'n cadeau?

'Vooral zonde van het geld.'

Terug naar de feesttent. Hoe verging het jullie de tijd erna?

'Na een maand of wat voorbereidingstijd begonnen we te staken, allemaal. Nou ja, bijna allemaal. Sommigen hadden geen vechtlust. En we kregen natuurlijk niet doorbetaald; je kunt niet in andermans portemonnee kijken. Pas bij de stakingen kwam de woede naar boven. Er was een knul wiens vriendin de week ervoor was ontslagen, wat moest die nu? Er waren echtparen die samen in de fabriek hadden gewerkt en die nu allebei op straat stonden.'

Op wie of wat richtte die woede zich?

'Op het management. Ze hadden hun standpunt duidelijk gemaakt, maar waren niet bereid tot het beantwoorden van vragen. Het was gewoon van 'sorry en succes'.'

Heeft het rookverbod in openbare gelegenheden u uw baan gekost?

'De Europese richtlijnen, de teksten op de pakjes hoe slecht roken wel niet is, de afschrikfoto's: het hielp allemaal niet. Maar de waarheid is dat de performance die wij draaiden sowieso achteruitging.'

Hoe kwam dat?

'Tja. Mismanagement, houding en gedrag van de operators was niet altijd goed, de gesteldheid van machines was matig.'

Het gedrag was niet altijd goed?

'Kijk, in de mooie jaren kon iedereen gewoon doen waar hij goed in was. De sfeer was broederlijk en informeel, sommige dagen dronken we meer koffie dan dat we werkten. Die positieve sfeer kwam de prestaties ten goede. Toen begonnen vanuit het management steeds meer eisen te komen, meer lijstjes die we moesten invullen, meer verantwoordelijkheden. De ouderen onder ons dachten: wat weten die hoge heren nou, niemand hoeft mij te vertellen hoe ik mijn werk moet doen.'

Wat is er verloren gegaan met de fabriek?

'Het was niet alleen een fabriek, hè. Je had de catering, de logistiek, de schoonmaakafdeling, de vrachtwagens die af en aan reden. En de mensen in de fabriek vormden een hechte groep, die nu uit elkaar valt. Collega's met wie je een goede band had, verlies je toch uit het oog. De mannen die bij mij aan de machine stonden. Ik mis het praatje pot.'

Het praatje pot?

'Het praten over van alles en nog wat, over thuis, voetbal, boodschappen. En ik mis de geintjes die we met elkaar uithaalden, het dollen, het roddelen, het elkaar pesten met voetbaluitslagen. Je bracht toch 40 uur per week met elkaar door.'

Zou u een doordeweekse dag in uw leven van na-de-fabriek kunnen beschrijven?

'Die eerste paar maanden kluste ik in huis, of in de buurt. Toen scheen de zon nog. Ik had meer tijd voor mijn gezin, zei ik tegen mezelf. En nu de kou heeft toegeslagen regel ik het huishouden, wat ik een beetje beu begin te worden. Mijn ritme kan niet meer worden veranderd. Toen ik nog werkte, stond ik om 6 à 7 uur op, nu nog steeds. Ja, ik kan wel bij de pakken neerzitten, als een dooie mus op de bank liggen en tussen de middag in slaap vallen, omdat meneer moe is van het nietsdoen, maar dan laat ik mezelf in de steek, en niet te vergeten mijn gezin.'

April 2014: de eerste medewerkers verzamelen zich voor een staking bij Philip Morris. Ze vinden het sociaal plan voor de mensen die na het sluiten van de sigarettenfabriek in oktober op straat komen te staan te mager. Beeld anp

Schaamt u zich wel eens over het ontslag?

'Nee. Het is niet alsof ik iets gejat heb en daarom ben ontslagen.'

Binnenkort komt u in de WW. Ziet u daar tegenop?

'Nee.'

Waarom niet?

'Waarom wel? De WW is iets tijdelijks. Of het nu drie of zes maanden duurt, ik kom wel weer aan het werk. Sommigen denken zodra ze een uitkering krijgen: nu ga ik ook niets meer uitvoeren, de regering bekijkt het maar. Ik wil gewoon aan de slag. Ik heb ook al verschillende sollicitatiegesprekken gehad. Bij het laatste bedrijf zeiden ze dat ik 'wellicht overgekwalificeerd' was en dat ik niet hoefde terug te komen voor een tweede gesprek. Ik mailde terug dat ik ook wel een hoge functie wilde, maar daar heb ik geen antwoord op gekregen. Het komt wel. Laatst had ik een gesprek met een staalfabriek in Oosterhout. Dat ging goed.'

U koestert geen wrok tegen Philip Morris?

'Helemaal niet. Ik ben trots dat ik zo lang bij ze heb mogen werken. Veel mooie jaren. Ze hebben me veel kansen geboden.'

Wat is het Magna Project?

'Dat weet ik tot op de dag van vandaag niet. Het enige wat ik weet, is dat ik ben ontslagen.'

De Zwitserse psychiater Kübler-Ross onderscheidt in het omgaan met grote tegenslag vijf fasen: ontkenning, woede, onderhandeling, depressie en berusting. De door haar opgestelde curve wordt tegenwoordig gebruikt door psychologen die helpen bij ontslag en werkloosheid. Waar op de curve zou u zichzelf plaatsen?

'Ja, die curve, die is wel langsgekomen op het werk. Maar ik herken me er niet in. Ik was verdoofd en daarna heb ik alle fasen overgeslagen.'

Hij tikt met zijn wijsvinger tweemaal op de pijl omhoog na de vijfde fase, getiteld 'Nieuwe uitdaging'.

'Ik ga mijn eigen pad volgen. Dat is ook wel eens leuk, na al die jaren.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden