'Het is me nog nooit gelukt een publiekstrekker te maken'

Als jongen dacht regisseur Alex van Warmerdam: eerdaags ben ik vrij en kan ik gaan léven. Dat viel nog best tegen.

Alex van Warmerdam Beeld Valentina Vos

'Zet dat ding uit', zegt Alex van Warmerdam met een blik op mijn opnameapparaatje. 'Echt. Dit gaat niemand wat aan.' Hij leunt naar achteren, armen over elkaar, hoofd een tikje afgewend. De poes die pontificaal tussen ons op de eettafel ligt, bemerkt de spanning niet en spint onverstoorbaar verder. Ik vroeg hem naar zijn moeder: familieverhoudingen zijn de motor van zijn werk.

Het is niet de eerste keer tijdens het interview dat Van Warmerdam (63) ingrijpt. 'Moet ik daar echt antwoord op geven', zegt hij meer dan eens. 'Dit wordt heel ingewikkeld.' Hij mag ook graag regieaanwijzingen geven: 'Dit is niet interessant voor je interview, gewoon schrappen.' Voor zichzelf is hij onverbiddelijk. 'Wat een lelijke formulering, ik lijk wel een voetballer.' Persoonlijke zaken vindt hij al snel een cliché, uitspraken over werk of wereld pretentieus. Soms is hij bang dat hij met een opmerking iemand kwetst of een project in gevaar brengt. Off the record, roept hij dan.

Het valt hem niet mee de controle uit handen te geven. Als film- en theaterregisseur is hij gewend elk detail van zijn werk te beheersen; zijn originaliteit wordt internationaal geroemd. Je zou denken: kan het hem als befaamd filmmaker nog schelen wat de mensen denken? Maar hij is op zijn hoede. Alsof één slip of the tongue al zijn verworvenheden naar de gallemiezen helpt.

We zitten bij Alex van Warmerdam thuis, een voormalig postkantoor aan een kade in Amsterdam-West waar hij met zijn vrouw, actrice Annet Malherbe, woont: keuken en woonkamer vormen één uitgestrekte ruimte tot aan het binnentuintje dat naar zijn atelier leidt. Een trap voert naar de slaapkamer waar je vanaf de keuken zó inkijkt. Elke avond sleept de kunstenaar zich door het tuintje naar zijn 'hok' om te schrijven aan zijn nieuwe theatervoorstelling Het Gelukzalige, een coproductie van zijn gezelschap De Mexicaanse Hond en het Vlaamse Olympique Dramatique. Wie Van Warmerdams werkt kent, weet dat er weinig gelukzaligs te verwachten valt.

'Het gaat over een genootschap van dieven', vertelde Van Warmerdam eerder deze ochtend. 'Groepsseks en paren met dieren zijn toegestaan, maar er is één regel: onderlinge verhoudingen zijn ongewenst. De bendeleider houdt iedereen in de gaten en de boeven kijken met een schuin oog naar elkaar. Gezellige gesprekken zijn het niet. Ik worstel eindeloos met de dialogen. Het komt maar niet af.'

CV Alex van Warmerdam

Film- en toneelregisseur, schrijver, dichter, schilder en vormgever.

14 augustus 1952
Geboren in Haarlem als Alexander Lucas Maria van Warmerdam.

1974 Studeert af aan de Rietveld Academie in vrije grafiek en schilderen.
1974 Medeoprichter toneelgezelschap Hauser Orkater, dat later opgaat in muziektheatergezelschap Orkater.
1980 Richt met broer Marc theatergezelschap De Mexicaanse Hond op.
1986 Debuutfilm Abel.
1992 De Noorderlingen.
1996 De Jurk.
2003 Grimm.
2006 Ober.
2009 De laatste dagen van Emma Blank.
2013 Borgman.
2015 Schneider vs Bax.

Van Warmerdam heeft een aantal (film)prijzen gewonnen, waaronder de Prins Bernhard Cultuurprijs, the European Film Award (1992), Gouden Kalf (1986, 1992, 2006), Johannes Vermeer Prijs (2010), nominatie Gouden Palm (2013).

Getrouwd met actrice Annet Malherbe, twee zoons, Mees en Houk.

Op 7 april gaat de voorstelling Het Gelukzalige in première in de Stadsschouwburg in Amsterdam, een coproductie van De Mexicaanse Hond en Olympique Dramatique.

Is het schrijven lastiger dan anders?

Zucht. 'Ja. Ik probeer te schrijven in een taal die om de materie heen danst, zodat de tekst niet te letterlijk wordt. Een moeizaam proces. Ik betrap mezelf er ook steeds vaker op dat ik een formulering of zin opschrijf die ik al eerder heb gebruikt. Het woord nota bene, bijvoorbeeld, of een lekker aanvallend zinnetje als: is het een probleem?! Annet weet meestal nog precies waar het staat. Het is de ouderdom, vrees ik.'

Het Gelukzalige gaat toch al bijna in première?

'De deadline nadert en dan is schrijven een straf. In het begin schreef ik explosief pagina's achterelkaar, nu gaat het stroef, bijna woord voor woord. Tijdens het repeteren vallen er scènes door de mand waardoor ik 's avonds tot laat aan het schaven ben. De taal hobbelt achter de repetities aan. Ik heb nauwelijks meer tijd voor andere dingen dan de muziek of het decor maken. Daaraan erger ik me.'

Het is opvallend dat in Het Gelukzalige geen familie centraal staat, maar een genootschap.

'Dat maakt het schrijven ook moeizaam. Die mensen delen geen verleden. De verhoudingen in een familie leveren vanzelf dramatische stof op. Dat borrelt.'

Van Warmerdams personages zijn ongemakkelijke mensen die zich niet thuis voelen in de wereld en niet in staat zijn tot contact. Hun nukken ontaarden nogal eens in geweldsexplosies, met humor opgedist door hun sardonische maker. Ze zijn als marionetten in handen van een wrokkige god. 'Je moet het zwaar hebben', zegt Van Warmerdam, als schrijver optredend in de film Ober, tegen de onfortuinlijke ober die hem om een beetje levensgeluk smeekt. Het grootste gevaar schuilt in de onderlinge verhoudingen tussen mensen die aan elkaar zijn overgeleverd, vaak in familieverband aan tafel in een benauwde woonkamer, in een desolaat oord. In zijn debuut Abel probeert een jongeman zich los te maken van zijn kleinburgerlijke ouders. In zijn toneelvoorstelling De Verschrikkelijke Moeder staan familieleden in een Hollands-huiselijke sfeer elkaar naar het leven. In Borgman ontregelt een bebaarde man uit de bossen met zijn handlangers het leven van een jong gezin in een villa. Voor de film liet Van Warmerdam een villa in de bossen bouwen zodat de scènes geheel tot hun recht konden komen in de donkere kamers en gangen.

Beeld Valentina Vos

Borgman werd met een Gouden Palm genomineerd bij het filmfestival van Cannes, de eerste Nederlandse film in 38 jaar. Heeft Cannes veel deuren voor u geopend?

'Cannes was aangenaam en spannend, maar veel blijft toch een geldkwestie. Werken met een buitenlandse acteur van naam kost geld dat ik niet heb. Daaraan verandert Cannes niets aan.'

Ik heb begrepen dat u uw films makkelijk gefinancierd krijgt, op basis van een half-af script.

'Wat een onzin! Ik moet net als iedereen een compleet, goed onderbouwd plan inleveren bij het Filmfonds. Voorheen moest ik me voor een commissie verantwoorden. Dan kreeg ik vragen als: 'Waarom wilt u voor Borgman zelf een villa bouwen? Er zijn zat villa's in Nederland.' 'Het is een decor', riep ik, 'zo oud als Hollywood! Film is een wereld scheppen!' Ik kwam er haast depressief uit. Het was niet van: Alex, godverdomme, wat zijn we benieuwd! Het Filmfonds heeft mijn films altijd ondersteund, maar er is steeds minder geld te verdelen over steeds meer plannen. Mijn drie laatste films konden worden gemaakt door buitenlands geld. Uiteindelijk kreeg ik Borgman pas echt rond door piëzografieën van mij te verkopen.'

Het Filmfonds vraagt ook altijd naar de verwachte bezoekersaantallen.

'Honderdvijftigduizend, roept mijn broer Marc, mijn producent, dan. Alsof je daar van tevoren wat over kunt zeggen. Hoe meer publiek, hoe liever, echt. Maar het is me nog nooit gelukt een publiekstrekker te maken, zelfs niet met Abel.'

Wilt u dat wel? Uw films zijn soms ondoorgrondelijk met wispelturige plotlijnen en een diffuus moraal.

'Natuurlijk wil ik dat, met film communiceer je. Ik wil fucken en vermaken. Maar ik vraag me nooit af wat het publiek zal vinden, dan word je gek. Ik wil wel dat iets begrepen wordt zoals ik het bedoel. Ik schrijf een dialoog zó dat een man de kans krijgt om te begrijpen dat zijn vriend een verhouding heeft met zijn vrouw. Dat verwoord ik zo subtiel, dat het de kijker kan ontgaan. Want als de kijker het meteen doorheeft, denkt die: waarom ziet die vent dat dan niet? Het is mooi als het publiek iets oppikt, maar zo niet: het zij zo.'

U stort zich halverwege een film of voorstelling vaak alweer in een nieuw project. Waarom werkt u zo hard?

'Ik ben nu eenmaal een werklustig ventje. Als ik te lang luier, word ik ongelukkig. De dood is ook altijd aanwezig, ik denk er elke dag wel even aan. Dat druk ik meteen weg, anders word ik chagrijnig. Ik ben altijd aan het rekenen: godverdomme, ik moet opschieten wil ik dit en dat nog doen. Bij rouwadvertenties in de krant reken ik altijd uit hoe oud iemand is geworden. Mijn toekomst wordt korter en dat vind ik niet makkelijk om te accepteren. Ik blijf ook gewoon een calvinistische katholiek.'

Alex van Warmerdam groeide op in Haarlem, Den Bosch en IJmuiden als oudste van vijf kinderen. Zijn vader was in Haarlem toneelknecht en maakte in zijn vrije tijd decors voor amateurtoneelverenigingen. Het gezin van drie jongens (later kwam er een meisjestweeling bij) woonde in een dienstwoning boven het concertgebouw. Haarlem was streng katholiek, herinnert hij zich. 'Mijn moeder kwam huilend uit de biechtstoel omdat de pastoor haar min of meer dwong na haar eerste drie kinderen nóg meer kinderen te krijgen. Ze zei: 'Mijn man verdient niet zo veel, ik wou nog even wachten.' Nou, dat was niet volgens de leer van God. Ze leed eronder.'

In Den Bosch maakten zijn ouders zich al snel los van het geloof. Zijn vader kon er goed aarden, hij was inmiddels opgeklommen tot toneelmeester. Zijn moeder had het er moeilijk. 'Ze bleef een vreemdeling van boven de rivieren. Ze is ook geen allemansvriend die makkelijk contact maakt. Eens per jaar kwamen de buren naar buiten in hun carnavalspak en dan zwaaiden ze heel blij, de rest van het jaar zeiden ze niets: absurd.'

Zelf was hij vooral op avontuur met vriendjes. 'Ik herinner me nog dat we in de winter een lijk vonden. Het dobberde in een riviertje bij een bejaardentehuis. Eerst dachten we dat het een bloemetjeskussen was, maar toen het zich omdraaide, zagen we een oud vrouwengezicht met uitwaaierend haar. Mijn vriendje heeft meteen de krant gebeld.'

Vraag je Van Warmerdam naar verhalen en anekdotes, dan lost zijn stugheid op in een stralende blik en jongensachtige grijns, dan is hij één en al spraakzame charme. Hij put veel inspiratie uit zijn jeugd. Zijn film De Noorderlingen speelt zich af in een nieuwbouwstraat waarin iedereen elkaar in de gaten houdt in een verder desolaat polderlandschap.

Beeld Valentina Vos

U woonde precies in zo'n nieuwbouwstraat in Den Bosch.

'Ja, zo'n straat waar iedereen zijn ramen lapt en de stoep schrobt en naar elkaar kijkt. Gedraag je zoals het hoort, kregen we thuis mee. Mijn vader was dan wel toneelmeester, maar mijn moeder was gewoon een huisvrouw die zich uit de naad werkte en niet buiten de groep wilde vallen. Dat de buren vitrage hadden tot aan de vensterbank, daar werd schande van gesproken. Die hadden vast iets te verbergen. Je móest naar binnen kunnen kijken, dat was normaal. Daar is bij mij wel wat van blijven hangen: de ramen lappen vanwege de buren.'

Hoe heeft dat u beïnvloed?

'Ik ben me overbewust van mezelf. Er was een tijd dat ik met Annet als eerste op een feestje wilde zijn, zodat ik de mensen kon zien binnendruppelen. Ik vond het vervelend om binnen te komen als iedereen naar me keek. Annet zei dan: 'Hoe kom je erbij dat iedereen naar je kijkt, dat is helemaal niet zo, wie denk je wel niet dat je bent?' Rond mijn 30ste heb ik een periode van extreme verlegenheid gekend. Ik ben toen wel eens weggerend uit een radio-interview omdat ik geen adem kreeg. Ik klap soms nog dicht in een gezelschap. Dat overbewust zijn maakt het sociale verkeer soms ongemakkelijk.'

U groeide op in een artistiek milieu, tussen de decors en rekwisieten. Uw vader moet als toneelmeester toch non-conformistischer zijn geweest?

'Mijn vader was in feite een arbeider met een artistieke inslag. Als toneelmeester laadde hij elke dag een decor uit een trailer dat hij opbouwde, afbrak en 's nachts weer inlaadde; hij was een werkjunk. Eigen decors maken, vond hij het allerleukste wat er was, dus dat deed hij er nog eens bij. Hij was heel levenslustig. Op zijn 61ste kreeg hij zijn eerste hartaanval, hij was gesloopt.'

Hij werkte zo hard omdat hij zich wilde bewijzen vanwege een minderwaardigheidscomplex, zei hij in een interview. Hij moest opboksen tegen zijn broers. Dat monomane heeft u van hem, zei hij.

'Misschien. Hij liet het wel eens vallen aan tafel, dat hij zich minderwaardig voelde, maar het werd nooit een gesprek. Het passeerde, zoals er heel veel passeerde bij ons aan tafel.'

Op zijn 14de verhuisde Alex vanuit Den Bosch naar IJmuiden, waar het gezin in een huis boven de stadsschouwburg woonde. Zijn vader richtte er het Witte Tejater op waaruit Hauser Orkater ontstond, het theatergezelschap waarmee Van Warmerdam samen met zijn broers zijn artistieke carrière begon. Van Warmerdam herinnert zich uit die periode vooral de leegte en lelijkheid van de IJmond. 'Het is een vormende periode geweest', zegt hij. 'In Den Bosch was ik door de puberteit op slag ongelukkig geworden, één vastgelopen machine. Verhuisden we ook nog eens naar een plek waar ik niemand kende. IJmuiden was zo desolaat en somber: hoogovens, een kaal strand. Ik dwaalde er rond met mijn ziel onder de arm. Die periode heeft mijn creativiteit aangewakkerd. Je moet wat om te overleven. Ik kon mezelf als puber niet duidelijk maken, voelde me onbegrepen. Mijn moeder wist niet wat ze met me aanmoest. Het ging gauw mis. Dan moest ik huilen en ging ik in bed liggen.'

Waardoor ging het mis?

'Conflicten, met mijn moeder vooral.'

Waarover gingen die conflicten?

'Over van alles. Ik had gewoon vaak ruzie met mijn moeder. Ik was ook echt een zuiger. Aan tafel ging het vaak fout. Ik wilde mensen dwangmatig gek maken. Het welde op en dan kon ik niet meer terug. Dan vloog er een bord pap tegen de muur of sneuvelde er een kroonluchter. Er ging altijd wel iets kapot, meestal van mijn moeder. Tot ze op een dag een tekening van mij in zes stukken scheurde. Mijn tekenen werd altijd gerespecteerd, dus ik was geschokt. Dát doe je niet, riep ik. En een bord of lamp wel, zei zij. Dit is een tékening, zei ik nog.'

Dat driftige zit in uw personages. En ze worden met de jaren gewelddadiger. In De Laatste Dagen van Emma Blank wurgde u uw eerste personage, in Borgman volgden er velen.

Lachje: 'Borgman gaat los ja. De energie van de drift bevalt me wel.'

Kunt u die drift in het dagelijks leven kwijt?

'Nee, ik heb dat niet meer zo. Ik heb aandacht nodig, blijkbaar, zeker toen ik jong was. Op het toneel van Hauser Orkater kon ik me uiten en uitsloven. Toen was het in één klap afgelopen met dat hele driftige. Maar ik vond regisseren uiteindelijk bevredigender dan acteren. Als regisseur kan ik mijn eigen wereld scheppen.'

Uw moeder noemde u in een interview een wat ouwelijk jongetje dat altijd onmogelijke waarom-vragen stelde.

Een zenuwpees met een neiging tot melancholie. Ze herinnerde zich inderdaad uw explosieve woedeaanvallen waarbij borden of asbakken door de lucht vlogen en noemde het kibbelen met uw broers uw dagtaak.

Stilte. 'Ik ben wel zenuwachtig aangelegd ja. Maar mijn moeder is een nog veel ergere zenuwpees, vind ík. Tja, mijn jeugd. Ik had zulke hoge verwachtingen dat ik alleen maar diep teleurgesteld kon raken. Als puber droomde ik van meisjes en vrijheid. Ik liftte eens met een vriend naar Denemarken, toen hét land van de pornografie. Nou, dat beloofde wat! Maar 's nachts bij de grens wilde niemand ons meenemen. We eindigden in het openbare toilet bij een benzinestation. Lag ik daar in een slaapzak om de wc-pot gekruld te slapen terwijl een vrachtwagenchauffeur in die pot stond te pissen.' Hij schiet in de lach. 'Weet je wel, dat het leven zo tegenvalt. Toen ik naar de Rietveld Academie ging dacht ik: Rietveld is je helemaal gék schilderen om ook maar bij de middenmoot te komen, neuken, drinken, feesten, felle discussies over kunst... Allemaal niet gebeurd! En het niveau was schokkend laag.'

U had liever in een Fellini-film geleefd dan in een Van Warmerdam.

'Nou, zoveel vroeg ik niet: ik wilde een meisje en gelukkig zijn. We hebben ook eens een tamelijk sombere vakantie gehad op de Veluwe. Mijn moeder was zwanger van de tweeling en de hele tijd aan het huilen en de bomen huilden ook omdat het altijd maar regende en stopte het met regenen dan drupten de bomen nog een uur na. In het bos, in een tentje, het ergste wat er is. Het duurde hooguit tien dagen, maar toch. Zo zijn er nog wat van die vakanties waaraan ik niet echt vrolijke herinneringen heb. Maar dat was allemaal nog voordat ik vrij was.'

Vrij van?

'Vrij van mijn ouders, dat ik zelf met vakantie ging. Ik dacht: eerdaags is het voorbij en dan kan ik echt gaan leven.'

Was uw moeder een warme vrouw?

'Mijn moeder was geen knuffelmoeder, wel een zorgzame vrouw die altijd voor ons klaarstond.' Dan moet het opnameapparaatje uit.

Alsof het in scène is gezet, klinkt er gefluit bij de deur. Een sleutel draait in het slot. Even later sjouwt zijn vrouw Annet Malherbe twee kratten de woonkeuken in. 'Annet', roept Van Warmerdam gespeeld radeloos. 'Je moet me redden, het gaat over mijn moeder!' Malherbe tilt lachend een paar pakken rijst uit een krat. Acteurs Eva van de Wijdeven en Ben Segers zijn jarig geweest en mochten kiezen wat zij voor hen zou koken na de repetities. Het werd haar befaamde rijsttafel. Van Warmerdam werkt het liefst samen met vertrouwde acteurs van wie hij geen fratsen kan verwachten en die flexibel zijn. Zo liet hij een actrice een scène zeventien keer over doen omdat ze 'net een rechthoek' was. Hij werkt ook graag met familie, vooral met zijn broer Marc en vrouw Annet. Zij is behalve zijn muze ook soms zijn baas. Ze acteert in veel van zijn producties en doet de casting van zijn films.

Wat is het geheim van uw dertig jaar durende liefdes- en werkrelatie?

Van Warmerdam: 'Neeneenee, Annet, hou je mond! We hoeven het hier toch niet echt over te hebben.'

Malherbe: 'Ze vraagt het aan mij. Het geheim van een goed huwelijk is dat van elke relatie: vriendschap, geestverwantschap en humor.'

Hij kijkt gepijnigd, maar vult aan: 'Je moet elkaar omhoog stuwen. Dat gaat het best als je complementaire karakters hebt.'

Is een van twee het zonnestraaltje in huis?

Van Warmerdam, resoluut: 'Nee.'

Malherbe, grinnikend: 'Jawel hoor, dat ben ik. Maar Alex is de optimist. Zeker in slechte tijden is hij het die moed houdt: kom op!'

Hoe heeft u elkaar ontmoet?

Van Warmerdam, triomfantelijk: 'Het is allemaal dankzij mij! Annet is het nooit eens met mijn versie, maar nu mag ik het eens vertellen, dit is míjn interview. Ik zag haar voor het eerst in het Shaffy Theater. Ze droeg rode leren laarsjes en een verschoten sweater binnenstebuiten en straalde zoveel autonomie uit. Ik dacht: haar moet ik hebben! Maar ik was verlegen en knikte alleen. Zij vond mij arrogant en afstandelijk. Mijn jas met bontkraagje vond ze net studentencabaret. Tijdens onze derde ontmoeting in het Werktheater heb ik haar uiteindelijk aangeschoten vastgepakt: 'Ga je nou met me mee of niet?' 'Waar woon je', vroeg ze alleen. Ze ging alleen maar met me mee omdat mijn huis dichter bij was dan het hare! Voor haar was het gewoon een onenightstand. Maar ik schreef haar nog een korte, terughoudende liefdesbrief en toen ze die las, was het raak. We woonden meteen samen.'

Beeld Valentina Vos

U heeft twee zoons, Mees en Houk, twintigers. Is het voor hen lastig om twee succesvolle, artistieke ouders te hebben?

Malherbe: 'We zijn niet competitief dus ik denk niet dat ze ooit het gevoel hebben gehad iets te moeten bevechten. Ze maken zelf ook theater, ze spelen in een band. Daarnaast hebben ze allerlei baantjes. Ik had ze wel meer onderwijs gegund. Ik zou hun opvoeding nu totaal anders doen, veel autoritairder en schoolser. We waren jong en nogal easy.'

Van Warmerdam: 'En gewoon onnozel en lui. Disciplinedingen als je handen wassen en kamer opruimen, daar deden we niet aan.' Fronst: 'Nu verdwijnt mijn magie helemaal. Annet, ga jij eens de rijsttafel maken!'

Zijn vrouw loopt naar hem toe, geeft hem een klinkende kus op het hoofd die hij stralend in ontvangst neemt en verdwijnt. Van Warmerdam moet zo terug zijn hok in en begint weer te mopperen over zijn dialogen.

Kan de roes u op weg helpen? U gebruikt toch wiet ter inspiratie?

'Met wiet ben ik vier jaar geleden gestopt omdat ik eraan verslaafd was. Ik sloeg geen avond over. Soms vrees ik dat de wiet mijn geheugen heeft aangetast, niet de ouderdom. Ik vond dat blowen lekker, maar je gaat er ook meer door drinken en roken: de heilige drie-eenheid. Nu drink ik af en toe nog stevig tegen het eind van een project. Dan verlies ik soms mijn interesse en het moet natuurlijk geen saaie kost worden. De roes helpt mijn verbeelding op gang. Het levert hooguit een paar goede zinnen op, de rest is onbruikbaar, een spielereitje met kleine opbrengst. Maar voor Het Gelukzalige moet ik een logica volgen. Honderd procent discipline, daarvan moet ik het nu hebben. En van mijn fantasie natuurlijk.'

Hoe voedt u uw fantasie?

'Met prikkels uit de buitenwereld. Ik zie zo voor me hoe ik iemand van zijn sokken rijd. We reden eens met de jongens door IJsland naar een hotel in the middle of nowhere. Onderweg stopten we bij een desolaat uitspanninkje waar een heel leuk meisje bediende. Ik fantaseer dan dat ik daar blijf, dat ik met haar trouw en het uitspanninkje van haar ouders overneem. Het is een opwelling, maar ik weet: nog vóór de avond valt ben ik gevlucht. De ware aard van de fantasie is dat die nooit werkelijkheid wordt.'

Dat klinkt als een scène uit de nieuwste Van Warmerdam. Uw films zijn inmiddels vertrouwd. Is het niet tijd voor een volstrekt anti-Van Warmerdamse film?

'Dat probeer ik wel. Ik probeer steeds iets te maken waarvan niemand ziet dat het van mij is, ik wil me bevrijden. Maar het mislukt steeds. Je kunt kennelijk niet aan jezelf ontsnappen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden