Het is gewoon verkloot

‘En als het niks wordt, drinken we gewoon een lekker koel glas tomatensap. Gr. Han.’ Het is de week na de JSF, de week nadat de coalitie een draak van een compromis in elkaar heeft gelijmd en kranten schreven dat het kabinet gewoon een straaljager koopt, en dat het alleen niet zo mag heten.

De sms waarin Han Noten (51) laat weten dat hij een kwartier later is, verraadt zijn chagrijn. ‘Het is geknoei’, zegt Noten, als hij op een drafje het terras op de Neude bereikt. ‘Gewoon geknoei, gerommel. Elke keer niet fraai. Ik heb er geen zin meer in.’

Utrecht was handig, zo tussen zijn woonplaats Dalfsen (bij Zwolle) en Den Haag. De fractievoorzitter van de PvdA in de Eerste Kamer leidt een druk leven. Vandaag was Actiz, de koepel van zorginstellingen, aan de beurt – tussen al zijn commissariaten.

‘Eigenlijk is de einduitkomst niet eens zo slecht’, zegt Noten. ‘De definitieve aanschaf van de JSF is verplaatst naar 2012. Vóór we beslissen, moeten we meer informatie hebben. Als een beetje koopman – we zijn Hollanders nietwaar? – lijkt me dat heel verstandig. Dat je iets meer weet over hoeveel het kreng kost, over hoeveel lawaai die maakt en hoeveel banen het oplevert. Dat is het besluit dat is genomen, en dat is een goed besluit.’

Zo hebben weinig Nederlanders het begrepen.
‘Dat is precies waarom ik chagrijnig ben. Dat heeft namelijk alles te maken met hoe zo’n beslissing tot stand komt.’

In achterkamertjes?
‘Nee, juist niet. Was het maar zo. Zo’n besluit hoort tot stand te komen in de intimiteit van een achterkamertje. Ik ben een groot voorstander van achterkamertjes. Daar gebeuren de mooiste dingen.

‘Maar de staatssecretaris (CDA’er Jack de Vries, red.) heeft rechtstreeks met De Telegraaf gecommuniceerd. Hij ontkent dat ook niet. En daarmee is het gewoon verkloot. Ik snap dat niet en ik maak me er kwaad over. Op dat moment is alles weg, álles. Dan doet inhoud er niet meer toe, maar wordt het voor 99 procent een tactisch proces. Dan vinden de onderhandelingen in de publieke arena plaats. Dan ben je niet bezig met de ander, je bent niet bezig met de zaak, maar je bent bezig met hoe je wordt waargenomen.’

De media hebben het gedaan?
‘Nee, helemaal niet. Iedereen gebruikt iedereen in dit proces. Je staat niet zomaar in De Telegraaf. Wie belt er negen van de tien keer? De voorlichter, de minister of het Kamerlid zelf. Want als zij het niet doen, doet de ander het. Een soort Catch 22.

‘We zijn met de verkeerde wedstrijd bezig. Want uiteindelijk heb je niemand meer met wie je afspraken kunt maken. Dan kom je in een soort anarchie terecht. Dat beseffen ze niet in Den Haag.’

In de beeldvorming is het altijd weer de PvdA

Dan weer is het Aedes, de koepel van woningcorporaties, dan weer zijn het de bonussen bij ING en ABN Amro. En steeds zijn het in de beeldvorming PvdA’ers die het probleem óf niet kunnen oplossen (Wouter Bos), zelf het geld ontvangen (Marc Calon) of ermee akkoord zijn gegaan (Hans Alders). Han Noten windt zich erover op. ‘Natuurlijk heb ik grote problemen met een vertrekregeling van een miljoen. Maar de discussie slaat door.’ Zeker als het gaat om bonussen, vindt Noten. Hij spreekt uit ervaring. Hij deed de werkgeversonderhandelingen bij de NS. Onder maatschappelijke druk voerde hij prestatiebeloning in. ‘Dat was eerlijker, dat stimuleerde. Dat vond iedereen.’

]]>Was er iets anders uitgekomen als het niet via de media was gegaan?
‘Ik weet dat niet. Maar het was een volstrekt ander proces geworden. Met niet allerlei openstaande rekeningen aan het eind. Nu hebben we openstaande rekeningen, die weer moeten worden betaald en dan heb je de volgende crisis.

‘Waarom doen we elkaar dit aan? Dat werkt zo toch niet? Zulke verhoudingen – daar helpen echt geen etentjes meer mee hoor.’

CDA/PvdA-kabinetten zijn altijd vechtkabinetten, zeggen ze dan.
‘Ik vind dit geen vechtkabinet. Maar misschien weet ik niet wat het woord vechtkabinet betekent. Ik vind het gewoon geknoei, eerder geknoei dan vechten. Bij een gevecht stel ik me iets ordentelijks voor. Een boksring met scheidsrechters, en aan het eind geef je elkaar een hand.

‘Misschien moeten ze een keer in therapie. Of een cursus onderhandelen. Geef er aandacht aan!’

Kun je op deze manier langdurig een land leiden? Houd je dat nog twee jaar vol?
‘Ja, want ze hebben helemaal geen alternatieven.’

In de Tweede Kamerfractie van de PvdA gingen stemmen op het kabinet op te blazen vanwege de JSF-ruzie.
‘Ik ben heel blij dat ik die afweging niet hoef te maken. Dat maakt me ook ongeschikt voor de Tweede Kamer of het kabinet. Tactisch gezien was de JSF een heel goed onderwerp geweest, maar moreel gezien is het volstrekt verwerpelijk.

‘Vanuit electorale overwegingen had ik een crisis over de JSF wel aangedurfd. Het is typisch zo’n onderwerp waarvan ik zeg: dat is wel een ruzie waard. En dan waren we er ook hard ingegaan. Laat maar eens zien over hoeveel miljard overschrijding in 2012-2013 we het hebben bij de JSF. Dat had zich daar prima voor geleend.

‘Maar we hebben regeringsverantwoordelijkheid. Enige bestendigheid en continuïteit zijn voor het landsbestuur op dit moment erg belangrijk. De begroting, de afgesproken investeringen en bezuinigingen, mogen niet verloederen tot weggooionderwerpen tijdens een verkiezingscampagne. Dat kan gewoon echt niet.

‘We zijn dit aangegaan en dan maken we het ook af. En dan moeten we dit pad maar verder aflopen, deze gang naar Canossa maar gaan.’

De oppositie spreekt al van het kabinet van ‘mañana’: alles wordt doorgeschoven naar de volgende kabinetsperiode.
‘Het probleem van dit kabinet is dat het niet de ruimte heeft, en ook niet neemt, en zich misschien zelfs niet gunt, om aansprekende politiek te bedrijven. De crisis dwingt tot ongelooflijk voorzichtig, terughoudend en conservatief handelen. Maatvoering in politiek beleid is nu ongelooflijk belangrijk. En dat dwingt het kabinet tot middenpolitiek pur sang. Lees: geen spannende dingen doen.’

Lees: niets doen.
‘Als je bezig bent je evenwicht te bewaren, ziet dat er op enige afstand misschien uit als niets doen. Maar het is verdomd inspannend.’

De coalitie lijkt niet met de zaak bezig, maar vooral met zichzelf.
‘Jawel, ze zijn wel met de zaak bezig. Neem het crisispakket, dat is het meest spannende pakket dat ze hadden kunnen maken. Het ziet er niet groots en meeslepend uit. Want ze zijn bezig te balanceren, om het zaakje een beetje heel te houden. Daar worden we allemaal niet razend enthousiast van.

‘Het is voor politici ook niet leuk. Wat heeft u gedaan de afgelopen jaren? Ik heb gezorgd dat het niet verkeerd ging. Dat is toch geen verhaal straks? Iedereen wil wat achterlaten. Je wilt vooruit.’

‘Maar ik vind wel dat wij met de crisismaatregelen hebben laten zien welk verschil wij maken. Wouter Bos scoort als crisismanager een hele dikke voldoende.

‘Ik ben echt zo arrogant om te zeggen dat het land heel erg blij mag zijn dat de PvdA in deze crisis mee regeert.

‘Vervolgens kun je de vraag stellen: wat houdt de partij daaraan over? Ik heb eerlijk gezegd geen idee.’

U houdt uw hart vast voor de volgende verkiezingen?
‘God zegene de greep. Laten we hopen dat verstandig beleid goed uitpakt. Maar ik denk dat deze agenda de PvdA in zetels niets oplevert. Ik ben op dit punt redelijk defaitistisch over onze kansen over twee jaar.

‘Ik heb bij het spoor gewerkt. Als de trein op tijd rijdt, hoor je er niemand over. Als je computer het doet, sta je toch ook niet te juichen? Als je gaat tanken en er komt benzine uit de pomp, zeg je dan: hoezee, hoezee, hoera? Nee, dat zeg je niet. Want dat zijn allemaal dingen die we logisch vinden. Er gaat niemand zeggen: ik stem op jou, want jij kunt zo goed balanceren.’

Heeft u een beter idee?
‘Je moet als leider een droom hebben over hoe het later zou kunnen worden. Je verbindt mensen niet op pragmatische politiek. Je verbindt mensen op waarden en hoe die zich vertalen in fantasieën. En daar is het wat mij betreft te leeg. Die grote politiek, die missen we. De agenda is te smal geworden.

‘Neem dat Tulpeiland van Balkenende voor de kust. Het watervraagstuk en het energievraagstuk ineen. Dat gaat wel ergens over. Daar zou ik best meer van willen zien en horen. Hartstikke leuk. En dan zetten we daar veel windmolens op en een vliegveld. En dan bouwen we daar een tunnel naartoe en dan kun je daar met de trein komen. Dat lijkt me geweldig. Ik denk dat het op de lange termijn veel oplevert ook. Waarom durven we dat niet?

‘Ik raak een beetje gedeprimeerd van al die grote projecten die niet doorgaan, omdat we ze niet in drie jaar terugverdienen. Je moet je afvragen: zijn onze kleinkinderen straks blij dat het kreng er ligt? De hsl, de Betuwelijn. Als die ja zeggen, dan doen we het goed. Wij zeggen nu: over vijf jaar wil ik het terugzien. Sorry, maar ik bouw geen land met dat soort perspectieven.

‘Daar word ik verdrietig van. Dromen mag niet meer, hardop nadenken al helemaal niet. Op twijfel staat straf, en luisteren naar argumenten en op grond daarvan je mening bijstellen, is een teken van zwakte. Welkom in 2009. Het is niet leuk meer.’

Politiek is niet leuk meer?
‘Het is een wedstrijd in dissen geworden. Wat je in de Tweede Kamer ziet, dat is geen debat. Voor rede vatbaar zijn is absoluut niet de bedoeling. Goh, goed punt heeft u, daar ga ik eens over nadenken – dat hoor je nooit. Als politici tegen je zeggen: ik wil een debat, dan is dat gewoon niet waar. Ze willen hun punt maken, scoren!

‘Bij ons in de Eerste Kamer lukt het nog af en toe. Maar ook alleen omdat niemand het doorheeft. Er zit daar niemand op de publieke tribune. Ik raad het iedereen aan: ga in de Eerste Kamer. Het is leuker en scheelt ongelooflijk veel gedoe. Daar zou Geert Wilders wel kunnen weglopen bij een debat, maar niemand die het merkt. Dan denkt iedereen gewoon: dat scheelt weer spreektijd. Fijn, dan kunnen we eerder naar huis.’

Wat moet de reactie van de politiek zijn op Geert Wilders?
‘Negeren kan natuurlijk niet. Maar we mogen ons er niet door laten beïnvloeden. Ik zie wel enig ongemak in mijn partij. Maar houd je eigen lijn vast. Ga niet iets doen waar je niet in gelooft, dat houd je niet vol. Als authenticiteit ons stemmen kost, betalen we die prijs maar.

‘Ik vind wel dat we wat volkser mogen worden. Je mag uitschelden. Ja, dat vind ik echt. Als je uitgescholden wordt, mag je terugschelden. Als iemand tegen je zegt: je bent knettergek, zou ik weggaan. Ik ga niet in debat met iemand die mij knettergek noemt. En als iemand weggaat uit de zaal, mag je als minister ook weggaan.

‘Dat heet wederkerigheid en die mag je toepassen. Daar mogen we minder terughoudend in zijn. Maar dat is iets anders dan negeren. Dat mag niet. Want laten we wel wezen: Geert Wilders benoemt dingen waar een heleboel mensen een warm gevoel bij krijgen. En aan dat gevoel moeten we wel aandacht besteden. Want het is een rare tijd: we zijn nog nooit zo rijk geweest, nog nooit zo gelukkig geweest, maar nog nooit zo bang geweest. Hoe kan dat nou? Dáár moet de discussie over gaan.’

Heeft u een antwoord?
‘Het zit ’m in het vooruitgangsgeloof, denk ik. Dat is altijd de motor van de samenleving geweest: mijn kinderen hebben het straks beter dan ikzelf. Mensen bekruipt nu – en terecht ook – het gevoel dat die tijd voorbij is. Daar zit een belangrijke angst: de angst dat het slechter wordt. En dat wordt geprojecteerd op Den Haag. Den Haag moet dat oplossen. De PVV en de SP verwoorden die angst heel knap.

‘Het probleem is dat mijn generatie nog steeds vindt dat hun kinderen solidair moeten zijn met hen. Dat hun kinderen hun pensioen en AOW moeten betalen, want zij hebben daar hun hele leven voor gespaard en daar hebben ze recht op.

‘We komen langzaam maar zeker in een situatie van omkering terecht. Het komt er op aan dat mijn generatie solidair moet worden met haar kinderen. Die boodschap moet Den Haag gaan brengen en dat betekent dat je ruzie moet maken. Het is tijd voor een conflict met de huidige machthebbers, de laag tussen 45 en 65.

‘Een generatieconflict, ja. We moeten hen confronteren met het feit dat zij het probleem zijn. We hebben onszelf rijk zitten rekenen. Dat is een heftige opdracht hoor.

‘Temeer omdat je de mensen daar moeilijk in meekrijgt. De ordening is niet meer die van twintig of dertig jaar geleden. Kiezers zweven, alles is op drift.

‘Ik vind het wel beangstigend. Dat we in een situatie terechtkomen waarin geen logische meerderheden meer te maken zijn. Dat de flanken (PVV en SP, red.) zich zodanig van de gevestigde politiek gedistantieerd hebben dat ze zichzelf uitsluiten van regeringsdeelname. Dat ze het ook niet met elkaar kunnen, regeren.

‘Als je een steeds smaller midden krijgt, wordt het steeds moeilijker voorstelbaar hoe een stabiele coalitie eruit moet zien. Ik vond het altijd zo mooi, dat zoeken naar evenwicht, de coalitiepolitiek die wij kennen.’

Er is ook een middenpartij met grote winst in de peilingen.
‘D66. Ja, Alexander Pechtold is natuurlijk wel fenomenaal. Die kan danspasjes maken, fantastisch. De vrijheid die die man voelt, omdat hij geen enkele verantwoordelijkheid heeft. Hij kan doen wat hij wil, niets te verliezen. Net een chihuahua die vrolijk komt aanlopen. Ik bedoel het positief hoor. Trippel, trippel, doet ie leuk. Pechtold kan alles. Laat hem de dalai lama maar in Amsterdam ontvangen in plaats van Job Cohen.

‘Nee, even serieus. Alexander Pechtold is langzaam maar zeker een onthechte man geworden. Hij is van de partij die later groot wordt. Die man is het fatalisme voorbij: hem kan niets gebeuren. Als hij die onthechtheid weet vast te houden – wat ik betwijfel – dan kan hij heel groot worden. En natuurlijk is hij een populist. Maar dat vind ik geen diskwalificatie.’

En dan opeens vindt Noten het mooi geweest. ‘Ik ben moe. Ik moet nodig op vakantie. Maar ik ben wel losgekomen. Kun je er wat mee?’

Han Nooten (Joost van den Broek/ de Volkskrant)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden