'Het is een heksenjacht, een Marokkanenjacht'

Al twintig jaar is ze politiek actief en vaak trok ze de aandacht naar zich toe - niet altijd op een manier die ze zelf uitkoos. Nu wordt ze in verband gebracht met een fraudeonderzoek bij de gemeente Amsterdam - naar iemand anders, wel te verstaan. Hoe het is om middelpunt van een netwerk te zijn.

Fatima Elatik. Beeld Foto: Sanne De Wilde

Voordat we in Amsterdam-Oost een wandeling maken door de Javastraat, gaat het over de 'shit' die Fatima Elatik (44) liever niet eens wil bespreken en het gaat over haarzelf. Over de reden dat ze ooit de politiek in is gegaan, over waarom ze altijd 'met mijn haren en mijn hoofddoek' overal bij wordt gesleept en over haar vriendin die door de gemeente Amsterdam op non-actief is gesteld in afwachting van de uitslag van een onderzoek naar haar functioneren.

Op haar telefoon laat ze een screenshot zien van een aanprijzing op Blendle. De kop bij het artikel luidt: 'Amsterdamse topambtenaar verdacht van fraude van ruim 100 duizend euro.' Ter illustratie staat er een foto bij van Fatima Elatik. 'Ik ben geen ambtenaar, sinds 1998 niet geweest ook. Ze gebruiken mijn hoofd om een artikel te verkopen.'

Een maand geleden werd het nieuws eerst gemeld in De Telegraaf: Saadia A.-T., ambtenaar bij de gemeente Amsterdam, is op non-actief gesteld in afwachting van een onderzoek naar fraude. Mounir Dadi, de echtgenoot van Fatima Elatik, werkt op dezelfde afdeling. Bij het artikel stond een foto van Fatima Elatik, net als bij een groter verhaal twee weken later.

'Met die hele zaak heb ik niets te maken, maar dat boeit niemand. Ik sloeg 's ochtends de krant open en dacht: wat de fok is dit, hoe bedenken ze het? Bij dat tweede verhaal stond mijn foto in het midden, met pijltjes naar mensen uit mijn netwerk. Op één na waren ze allemaal van Marokkaanse afkomst. Ik werd gebeld door witte vrienden en oud-medewerkers: we hebben jarenlang intensief samengewerkt, waarom sta ik er niet bij?

'Dan moest ik ze uitleggen: omdat jij niet bruin bent, je bent niet interessant, begrijp dat nou. Het is een heksenjacht, een Marokkanenjacht. Burgemeester Van der Laan had er ook bij moeten staan, hij hoort bij mijn netwerk. In 1996 heeft hij me als fractievoorzitter van de PvdA in Amsterdam geworven als gemeenteraadslid.'

Na een uur zitten we in een welles-nietes-discussie over hoe het toch komt dat haar naam elke keer naar boven komt in controversiële kwesties. Wat als we een gedachtenexperiment zouden doen? Stel dat het ging om drie blonde Hollanders. De een was oud-stadsdeelvoorzitter, zoals Fatima Elatik, haar beste vriendin was bij dezelfde gemeente op non-actief gesteld en werkte samen met de echtgenoot van de voormalige stadsdeelvoorzitter. Om alle schijn van belangenverstrengeling te voorkomen zou die constructie er toch onhandig uitzien?

'Waarom?' vraagt Fatima Elatik. 'Als het ging om Hollanders was het niet eens in de krant gekomen. Dit soort dingen gebeuren elke dag. Ik ben al twintig jaar actief, ik heb een netwerk. Bij 9/11 of toen Theo van Gogh werd vermoord - altijd als in de stad de pleuris uitbreekt, komen ze bij mij met de vraag of mijn netwerk mag worden gebruikt om de boel te kalmeren. Natuurlijk heb ik daar altijd aan meegewerkt, ik zoek de verbinding.

'En nu wordt datzelfde netwerk tegen me gebruikt in een verhaal vol insinuaties en halve waarheden. Iedereen kent oud-collega's van het werk. Ik ook. Bij VVD'ers heet het een netwerk. Maar vanwege onze kleur is precies hetzelfde verschijnsel ineens verdacht.

'Je moet het zo zien: ik werkte daar al in 1996, toen was Saadia nog aan het knikkeren. Ik ken bijna iedereen die daar werkt, dus Saadia en mijn man ken ik ook. En nu word ik met mijn haren en mijn hoofddoek erbij gesleept, alleen omdat zij mijn vriendin is. Misschien moet ik die hoofddoek eens een keer afdoen.'

CV Fatima Elatik: Politiek, Hazes en Ajax

In 1973 geboren in de Dapperbuurt en opgegroeid in de Rivierenbuurt. Sinds 2002 trotse bewoner van Amsterdam-Oost.

Tweetalig basisonderwijs (Arabisch/Nederlands), mavo, havo, hbo biologie.

1996- 1997

Projectleider ouderparticipatie Oude Noorden Rotterdam (GSB-project)

1997- 1998

Adviseur kabinet burgemeester Patijn in Amsterdam

1997

Geworven door Eberhard van der Laan voor de gemeenteraad

1998-2002

Gemeenteraadslid PvdA Amsterdam

1998-2001

Beleidsadviseur jeugdcriminaliteit ministerie van Justitie

2002-2009

Stadsdeelwethouder Amsterdam Zeeburg

2009-2010

Stadsdeelvoorzitter Amsterdam Zeeburg

2010-2014

Stadsdeelvoorzitter Amsterdam-Oost

2014

Samen met Lody van de Kamp en Karima Belhaj oprichter van Salaam-Shalom, joods-islamitische culturele vriendschapskring van Amsterdam

2015

Ondernemer

Sinds haar 14de maatschappelijk actief op het gebied van jongeren, vrouwen, migranten, onderwijs, vrijheid, dialoog en belangenbehartiging zowel in Amsterdam als landelijk. Daardoor groot divers lokaal, nationaal en internationaal netwerk opgebouwd.

Fan van André Hazes, Ajax en patat van de Febo.

Fatima Elatik werd geboren in 1973 in Amsterdam-Oost. Twee jaar eerder was haar moeder met Elatiks twee oudere broers vanuit Marokko naar Nederland verhuisd om bij haar vader te zijn. Als kind verhuisde ze naar de Amsterdamse Rivierenbuurt. In 2002 keerde ze terug naar Amsterdam-Oost om stadsdeelwethouder te worden voor Zeeburg.

Vanaf 2009 was Elatik stadsdeelvoorzitter, tot ze in 2010 moest aftreden vanwege een financieel debacle bij muziekcentrum MuzyQ. 'Daar had ik niets mee te maken, het was gebeurd voor mijn tijd, in het raadsonderzoek wordt mijn naam niet één keer genoemd. Ik heb alleen samen met mijn collega's de shit opgeruimd.'

Ook speelde er een kwestie met het huren van een te dure boot tijdens Sail Amsterdam. Na haar vertrek als stadsdeelvoorzitter werd Elatik een paar maanden later herbenoemd, in november 2010. En nu wordt ze in uiteenlopende media in verband gebracht met het door de gemeente Amsterdam op non-actief stellen van haar vriendin Saadia A.-T.

Op verdenking van fraude is Saadia A.-T. eind juli geschorst. De verdenking tegen haar kwam aan het licht toen het Bureau Integriteit - de onderzoeksdienst van de gemeente - de politie inschakelde. In september houdt de Amsterdamse gemeenteraad een spoeddebat over deze zaak. Bij fractievoorzitters bestaat de angst dat rond Saadia A.-T. een vriendengroep is ontstaan waardoor de gemeente de afgelopen jaren belangrijke signalen van radicalisering kan hebben gemist.

Beeld Sanne De Wilde

Hoe lang kent u Saadia A.-T. al?

'Lang. Ik geloof dat het begon na 2004, na de moord op Theo van Gogh, toen burgemeester Cohen alle Marokkaanse Amsterdammers opriep om de boel bij elkaar te houden. Zij is maatschappelijk actief, ik ook. Alle Nederlandse Marokkanen die actief zijn kennen elkaar. Net zoals alle Joden die actief zijn elkaar kennen. Hen ken ik trouwens ook allemaal. Zij was actief in Amsterdam-West, ik in Oost. Eerst was ik stadsdeelwethouder, daarna stadsdeelvoorzitter. Ik kan voor mezelf spreken, over haar wil ik het liever niet hebben. En over mijn man ook niet.'

Fatima Elatik praat snel en veel, met een authentiek Amsterdams accent. Een oud-collega omschrijft haar als volgt: 'Fatima's valkuil is haar enthousiasme. De schijn is ontstaan van een bevriende kliek. Die schijn had vermeden moeten worden. Was het verstandig dat Saadia en de man van Fatima gingen samenwerken? Of was dat te roekeloos?'

Was het onhandig dat uw man samenwerkte met uw beste vriendin?

'Ze zijn gewoon ambtenaren, ze worden groter gemaakt dan ze zijn. De topadviseur van de burgemeester? Dat is de directeur van de afdeling Openbare Orde en Veiligheid. Zij werken daar ver onder.'

In De Telegraaf wordt Saadia A.-T. de directeur van het gemeentelijk bureau Radicalisering en Polarisatie genoemd.

'Bij de afdeling Openbare Orde en Veiligheid bestaat een team radicalisering, daarvan is Saadia programmamanager. En mijn man is door zijn Hollandse bazen gevraagd om te solliciteren, daarmee had Saadia niets te maken. Net zoals alle andere Nederlanders heeft hij gesolliciteerd. Verder ga ik hier niet vertellen hoe mijn man aan zijn baan is gekomen. Alsof ik daarover tekst en uitleg moet geven. Waarom zouden we ervan uit moeten gaan dat hij niet eerlijk aan zijn baan is gekomen, wat is dit voor onzin?

'Mijn man heeft nooit de aandacht gezocht. Nu wordt hij erbij gehaald omdat hij met mij is getrouwd. Wij hebben altijd bewust een Berlijnse muur tussen ons werk aangelegd. Juist omdat we wisten: wij zijn Marokkanen, voor ons gelden andere regels en alles kan verdacht worden gemaakt.'

Denkt u dat de radicalisering in Amsterdam optimaal is bestreden?

'Een aanslag is nooit uit te sluiten, maar ik denk dat de burgemeester een mooie preventieve aanpak heeft gehanteerd. Ik geloof in preventieve projecten. Die jongens zijn rebels without a cause. Sommigen zijn psychisch niet in orde, sommigen mentaal niet. Anderen missen liefde. Ik zie het als een gebrek aan liefde. Praat met ze, ga in gesprek voor het te laat is.

Weet u waarom Saadia A.-T. op non-actief is gesteld?

'Nee. Dat weet niemand. Haar collega's zijn ook verbaasd. In Nederland geldt: je bent onschuldig tot het tegendeel is bewezen.'

Hoe gaat het met haar?

'Wat denk je? Ze wordt door het slijk gehaald. Je kunt je inbeelden wat dat met haar heeft gedaan.'

Was het niet een teken van integratie geweest als u uw status had gebruikt om vrienden aan een baan te helpen?

'Ja, dat hoorde ik ook al iemand zeggen: dan zijn ze zo geïntegreerd dat ze ervan worden beschuldigd dat ze elkaar baantjes hebben toegeschoven, zoals ze bij de VVD al honderd jaar doen - is het weer niet goed. Maar we hebben elkaar geen banen toegeschoven. En ik ken genoeg witte kliekjes in Amsterdam en daarbuiten die wel al decennialang elkaar zo in positie brengen.'

En dan heeft u ook nog een plan gelanceerd over politieagenten en hoofddoekjes.

'Nog zo'n verhaal. In augustus 2015 kwam ik het kantoor binnen van de politiecommissaris in Amsterdam. Aan de muur van zijn kantoor hing een poster van een politieagente met een hoofddoekje op. Ik zei: grappig, wat is dat? Hij vertelde dat ze, net zoals in landen als Canada en Engeland, bezig waren te onderzoeken of het mogelijk kon zijn dat vrouwelijke agenten een hoofddoekje zouden dragen.

'Ik zei meteen dat ik me daar op geen enkele manier mee ging bemoeien. Omdat ik er zelf een draag, kon ik worden gezien als een belanghebbende. Van een echt plan is het niet eens gekomen, zelfs het gesprek voeren over de mogelijkheid van een hoofddoekje was al onmogelijk. Ook hier: ik had er niets mee te maken, maar omdat ik klussen doe voor de politie zou het plan weer door mij zijn bedacht. Kennelijk ben ik de bitch from hell die het iedere keer heeft gedaan.'

Hoe zou dat komen?

'Het is mijn lot. Ik ben gewend aan weerstand, ik weet dat ik eerst moet wrijven en dat het daarna pas gaat glanzen. Aan wie kunnen ze het anders ophangen? Welke andere moslima met een hoofddoek valt jou op in de Nederlandse samenleving? Ik pas niet in het hokje, ik ben geen traditionele moslima die haar ogen naar beneden houdt. Ik kijk je recht aan en ik heb een grote bek tegen mannen. Ik ben een Berbervrouw, die erkennen sowieso geen gezag.

'Ik ben niet altijd een aardige dame, dat weet ik. Ik benoem dingen die pijn doen, omdat ik wil dat het beter wordt. Ook in mijn eigen gemeenschap. Als ik daar criminaliteit benoem, zijn ze niet blij met me, maar ze zeggen wel: je hebt gelijk.'

Maakt het u boos?

'Over dat verhaal met Saadia ben ik boos geweest - nu niet meer. Dit is de prijs die ik betaal. Ik ben bij zo veel dingen de eerste geweest. De eerste moslima met een hoofddoek in een Nederlandse gemeenteraad, de eerste die stadsdeelvoorzitter werd, de eerste moslim ter wereld die een homostel heeft getrouwd.

'Alleen zie ik mezelf als een Amsterdams meisje. Uit Amsterdam-Zuid, de Rivierenbuurt. Wij waren daar in de jaren zeventig een van de eerste Marokkaanse gezinnen. Ze kwamen aan mijn haar voelen: het is zwart, maar het is steil. Dat hadden ze nog nooit gezien. Mijn ouders zijn Marokkaans, ik niet. Ik ben geboren in Amsterdam. Marokkanen wonen in Marokko.'

Wat deed u bij de Amsterdamse politie?

'Als zzp'er hadden ze mij ingehuurd voor een ontwikkelingsprogramma dat heette: politie van iedereen. Het ging niet alleen om de cijfertjes van hoeveel agenten van allochtone afkomst er bij de politie werken. We probeerden de agenten te leren over interculturele sensitiviteit. Wanneer kom je ergens binnenstappen in je uniform en wanneer is het beter om eerst in burgerkleding een kopje koffie te drinken?

'Voor een agent in Amsterdam-Zuidoost zou het handig zijn als hij thuis is in de gebruiken van de Afrikaanse mensen die daar wonen. Alle agenten zouden dat moeten beheersen. Toen ik stadsdeelvoorzitter was, werd van mij verwacht dat ik met alle groepen in dat stadsdeel overweg kon, ook met de PVV'ers. Van mijn witte opvolger werd dat niet verwacht.'

Over de hoogte van uw vergoeding bij de politie werden Kamervragen gesteld. Het was 12.000 euro per maand.

'Ja, door mevrouw Van Toorenburg van het CDA. Een Marokkaan die 125 euro per uur durfde te vragen. Bruto. Hoeveel witte mensen krijgen dat? Daar kijkt niemand naar om. Ik ben onder de norm gaan zitten van wat ik had kunnen vragen. Ik had een contract voor 24 uur en ik werkte 60 of 70 uur per week, zonder dat ik daarvoor iets extra vroeg.'

Bent u rijk?

'Nee. Ik ben een zzp'er. Heb jij wel eens een zzp'er gezien die rijk is?'

Bent u nog lid van de PvdA?

'Ik blijf lid. Vaak een teleurgesteld lid, maar ik blijf lid. Ik zal een voorbeeld geven. Mijn neef was op bezoek uit Marokko. Hij is gehandicapt en heeft iets met zijn been waardoor hij niet goed kan lopen. Overal zag hij hier speciale stoepjes waardoor het mogelijk was om met een rolstoel naar binnen te gaan. In Marokko bestaat dat niet. Ik legde hem uit: mensen dragen hier belasting af en daarvan wordt dat betaald. Dat is het verhaal dat de PvdA zou moeten vertellen. Een samenleving waarin de toegang tot kennis, macht en welvaart eerlijk wordt gedeeld.'

Vroeger werd de PvdA de Partij van de Allochtonen genoemd.

'Zo simpel was het toen. Al die arbeiders stemden op de PvdA. Nu is er een nieuwe generatie. Nederlandse kinderen van de derde of zelfs de vierde generatie die nog steeds worden gezien als buitenlanders. Onder die jongere generaties ontstaat een middenklasse en een hogere klasse. Die zien: hoe goed je ook je best doet, in Nederland wordt het moeilijk om er helemaal bij te horen. Ze zien een minister-president die zegt dat ze zich moeten invechten, ook als ze van de vierde generatie zijn en dat ze moeten oppleuren als het ze hier niet bevalt.

Fatima Elatik. Beeld Foto: Robin de Puy

'Ik ben van de traditionele sociaal-democratie en mijn stijl is het niet, maar de politici van Denk leggen wel de vinger op de zere plek. Die nieuwe generatie denkt: eindelijk iemand die voor ons opkomt en het benoemt. Andere partijen spelen niet in op dat sentiment. Als je ze nooit spreekt, kun je niet weten wat er leeft.'

Fatima Elatik wijst naar buiten, naar het Javaplein. 'Kijk om je heen. Bij jonge mensen heeft die vermenging al plaatsgevonden. Dit is hoe Nederland er nu uitziet. Alleen niet bij ouderen op elitaire plekken die exclusief wit zijn gebleven.'

Waarom wilde u oorspronkelijk ooit de politiek in?

'Ik kan niet toekijken als iemand het minder heeft. Dat is mijn dna, het is wie ik ben. Ik zal dat altijd blijven doen. Verder heb ik geen verkooppraatjes over mezelf.'

Is gelukt wat u wilde bereiken als politicus?

'We zijn mondiger geworden, kunnen nu het debat aan. Mensen pikken geen shit meer. We zitten niet meer te wachten tot de overheid iets voor ons doet, we komen zelf in actie. Vroeger bestond er maar één versie van de werkelijkheid: die door witte mensen werd geschreven. Dat is niet meer houdbaar. Die verandering gaat er komen.'

Wat is concreet door u bereikt?

'De Indische buurt was een achterstandswijk. Op dit plein durfden mensen 's avonds niet te komen. We hebben de buurt opgeknapt, gezorgd voor goede scholen. De Javastraat is een gemengde winkelstraat geworden, niet meer gescheiden langs etnische lijnen. Als stadsdeelvoorzitter heb ik daaraan meegewerkt. Kom, we gaan naar buiten.'

We lopen door de Javastraat, waar inderdaad de groentezaken, slagers en eethuizen die hier al zaten worden afgewisseld door hipster-horeca die is gericht op de nieuwe buurtbewoners. 'In 2010 begon ik aan mijn laatste periode als stadsdeelvoorzitter, na die vier jaar ging ik stoppen. Ik mis het niet. De slogans, de oneliners, het elkaar vliegen afvangen.

'In 2014 was ik zwanger. We hadden er niet meer op gerekend. De geboorte zou precies samenvallen met mijn afscheid als politicus. Drie weken voor de geboorte is het kind in mijn buik overleden. Een kind begraven is het ergste dat je als ouder kan overkomen. Daarna zat ik thuis, zonder kind. Het moederschap was vervlogen.

'Alle shit die ik over me heen krijg - ik heb geleerd dat die klappen erbij horen. Als het gaat om kleur heb ik zoveel meegemaakt. Bij iedere nieuwe klap denk ik: dit is er één van. Maar ik denk ook: hoe stom ben ik geweest? Al die jaren dat ik bezig was om de wereld te redden, wat heb ik daarvoor teruggekregen?

'Mijn vrienden kregen gezinnen en kinderen. Ik werkte 80 uur per week en stond niet open voor een relatie. Mijn man heb ik pas laat ontmoet. En nu ben ik 44. Hij is een heel lieve man en ik ben dolgelukkig met hem, alleen hebben we geen kinderen. Ik ben niet zielig en al helemaal geen slachtoffer. Al die shit zal ergens goed voor zijn. Het zal me ergens brengen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden