'Het is als een drug: je wilt méér, méér'

T.C. Boyle (1949) praat niet graag over zijn vroegere experimenten met drank en heroïne, waarbij hij langs de afgrond scheerde....

Hij is een entertainer, maar dat wisten we al uit zijn boeken, die rijk zijn aan bizarre personages, idiote (hoewel dikwijls waargebeurde) incidenten en een ruime dosis humor. We zien het bevestigd op deze zomerse avond in het pand van de Stichting Other World Productions (organisator van het Crossing Border Festival) in Den Haag. T.C. Boyle geeft er een lezing en doet Charles Dickens, de Grote Voorganger met wie hij zo vaak is vergeleken, eer aan. Als een stand-up comedian, die tussen de grappen door ook nog voorleest uit eigen werk, pakt Boyle de zaal in. Na afloop bekent een meisje dat ze nog nooit van hem had gehoord vóór ze hem zag optreden. Ze verlaat het pand als een fan.

Eerder op de dag, op het terras van hetzelfde pand, laat de schrijver zich interviewen. Geroutineerd, maar geen moment verveeld, laat staan blasé. Een professional. Boyle bezoekt Nederland ter gelegenheid van de publicatie van zijn nieuwste roman, Drop City, vertaald als Verloren nachten. Het moet z'n meest autobiografische roman zijn - Drop City gaat over een hippiecommune, en Boyle zelf was indertijd sterk bij de hippiebeweging betrokken.

Thomas Coraghessan Boyle (1949) groeide op in de staat New York, studeerde aan de beroemde Iowa Writers Workshop, publiceerde een aantal verhalen, kreeg een baan als docent creative writing en kwam zo bij de University of Southern California in Los Angeles terecht. Nog altijd geeft hij daar een dag per week les.

'De meeste schrijvers doceren creative writing omdat ze het geld nodig hebben, maar haten het werk. Ik heb het altijd aangenaam en dankbaar gevonden om een mentor te kunnen zijn, niet in de laatste plaats omdat ik zelf heel veel heb gehad aan míjn mentors, van wie John Irving en John Cheever de bekendste zijn. Ik vind jonge, ambitieuze mensen inspirerend. En zij mij. Zij denken: ''Jezus, als deze schmuck het kan, kan ik het zeker!'' Ik ben een fantastisch rolmodel, haha.'

Sinds 1979 publiceerde Boyd vijftien romans en verhalenbundels: elke anderhalf jaar een boek, en meestal vuistdik. Heeft zijn geweldige arbeidsdrift iets te maken met zijn achtergrond? Boyles ouders stierven beiden aan de gevolgen van overmatig alcoholgebruik, en in zijn jonge jaren experimenteerde Boyle zelf met drank en heroïne. Als de verhalen kloppen - zelf praat hij niet graag meer over deze periode - scheerde hij langs de afgrond van de dood, om uiteindelijk te kiezen voor het leven. Hij stopte met drugs en ging keihard aan het werk.

'Mijn ouders waren geen indolente alcoholisten. Ze hebben mij een arbeidsethos bijgebracht en duidelijk gemaakt dat ik, ook al kwam ik uit een arbeidersmilieu, niet minder was dan anderen. Als je op een gegeven moment ontdekt dat je iets kúnt, geeft dat zo'n geweldige stimulans dat je ermee door wilt gaan. Het is als een soort drug: je wilt méér, méér. Misschien zou ik zonder het schrijverschap terugvallen op een andere vorm van drugsgebruik.'

Hoewel zijn boeken zich kenmerken door een groot gevoel voor humor, is Boyle geen optimist. In World's End vertelt hij over de 17de-eeuwse Nederlandse immigrantenfamilie Van Brunt en hun 20ste-eeuwse nakomelingen. De conclusie is dat de mens de gevangene is van zijn bestaan, dat de vrije wil een lachertje is. The Road to Wellville is een demystificatie van de gezondheidsgoeroe Dr. John Harvey Kellogg, uitvinder van de cornflake, The Tortilla Curtain behelst opnieuw een persiflage op de gezondheidscultus, maar is vooral een schets van het treurige lot van illegale Mexicanen. , en A Friend of the Earth beschrijft de ecologische ramp die de aarde volgens Boyd de komende decennia te wachten staat .

In zijn laatste roman, Drop City/Verloren nachten, vertelt Boyd over een hippiecommune die zich, na een valse start in noordelijk Californië, in de vrije natuur van Alaska vestigt. Ook dit is een verhaal van gefnuikte idealen en teloorgegane illusies. Boyd: 'Ik wou dat ik beter nieuws had voor iedereen, haha. Ja, het klopt, na een aantal boeken is het mij opgevallen dat er een nogal darwinistische visie op de mens in de natuur uit spreekt. A Friend of the Earth gaat over de teloorgang van de natuur als gevolg van menselijk ingrijpen. De conclusie was: de enige manier om een vriend van de aarde te zijn, is een vijand van de mens te worden. Dat is geen vrolijke conclusie.'

Op een ranch in noordelijk Californië blijken de idealen van de hippiecommune uit Drop City al snel te botsen met de weerbarstige realiteit. Met vrije seks, het experimenteren met drugs en luisteren naar muziek bouw je geen leefgemeenschap. Als de commune in conflict raakt met de plaatselijke autoriteiten, besluit de leider van de groep dat ze noordwaarts zullen trekken, naar Alaska. Daarbij voegt de hippiecommune zich naar een aloude Amerikaanse pionierstraditie en trekt de grens over, tussen de gecorrumpeerde beschaving en de onbedorven, vrije natuur waar je nog kunt leven volgens de authentieke waarden van de eerste mens.

'Als je een utopische maatschappij vestigt, moet je je realiseren hoe de wereld in elkaar steekt', zegt Boyle. 'Elke maatschappij kent parasieten. Je moet rekening houden met de aard van de mens, en die is nu eenmaal niet onbaatzuchtig. Het is niet voor niets dat het socialistische arbeidersparadijs en andere idealen een roemloos einde hebben gevonden. Ik leek in de jaren zeventig sterk op personages als Starr en Ronnie uit Drop City: ik dacht niet na over de politieke of maatschappelijke implicaties van waar ik mee bezig was. Ik hield me slechts bezig met het neerhalen van wat de vorige, visieloze generatie had neergezet, en verder met seks, het dragen van hippe kleding en het luisteren naar hippe muziek.'

Terugblikkend beseft Boyle dat er nogal wat seksisme heerste in de hippieleefgemeenschappen. Boyd: 'In mijn boek laat ik Alfredo zeggen dat de vrouwen die groepen bijeenhouden. Zij koken, voeden de kinderen, wassen af en geven de mannen hun hasj zodat ze niet van de bank hoeven op te staan. Dat citaat komt bijna letterlijk uit een van de sociologische studies die ik over die tijd heb gelezen. Het was heel verhelderend en leerzaam om een roman over het hippietijdperk te schrijven.'

Boyd schrijft graag over historische gebeurtenissen en personages - zijn volgende boek gaat over de beroemde seksuoloog dr. Kinsey - maar niet in de eerste plaats om iets over een tijdperk te vertellen. 'Ik vind het vooral de moeite waard om, met een onderhoudend verhaal over een periode in de geschiedenis, gedachten te ontwikkelen over onze eigen tijd en onszelf. Neem dr. Kellogg met zijn gezondheidsobsessie in The Road to Wellville. Hij hield er krankzinnige ideeën op na over wat gezond was. Maar het ironische is dat zijn therapieën, onder andere namen, nog altijd bestaan. Er bestaan bijvoorbeeld reinigingstherapieën die op hetzelfde neerkomen als Kelloggs kuur met het klisma-apparaat.'

Boyd benadrukt dat Drop City, ook al speelt het in zijn eigen jeugd, niet is geschreven uit nostalgie, en evenmin om achteraf te kunnen zeggen hoe dom en kortzichtig iedereen toen was. 'Het was een verkenning, een onderzoek, en de logische pendant van A Friend of the Earth. In dat boek ging ik 25 jaar vooruit in de geschiedenis om de consequenties van onze huidige leefwijze te schetsen. Voor Drop City ging ik dertig jaar terug om te ontdekken hoe wij via de idealen van die tijd naar de huidige situatie zijn gegroeid. Een roman schrijven is een ontdekkingsreis maken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden