INTERVIEW

'Het hoofd koel houden, dat is belangrijk'

Meer dan 900 Nederlanders verbleven in Nepal ten tijde van de aardbeving. Met 23 daarvan wordt nog contact gezocht. 'De infrastructuur ligt in grote delen van het land op z'n gat.'

Inwoners van het Nepalese dorp Pokharidanda wachten zaterdag 2 mei langs de weg op hulp van de overheid.Beeld ap

De Nederlandse ambassadeur in India, Nepal en Bhutan, Fons Stoelinga, vertelt waarom het zo lang duurt alle Nederlanders in Nepal te vinden. 'Wij rusten niet tot iedereen is getraceerd.'

Inmiddels is nog met 23 van de 920 Nederlanders in Nepal geen contact geweest. Hoe wordt die lijst samengesteld?

'Dat gebeurt in Den Haag, waar ook het crisistelefoonteam zit. We hebben lijsten van de reisbureaus en onze eigen registratielijst samengevoegd. Daarnaast hebben we iedereen opgeroepen ons te bellen om namen door te geven van familieleden die tijdens de aardbeving in Nepal verbleven. Vorige week maandag stonden er vijfhonderd mensen op de lijst, maar dat aantal is de hele week blijven stijgen. Familieleden hebben tot heel laat gebeld, zelfs vrijdag nog.

'De kwaliteit van de lijst is voor een groot deel afhankelijk van de gegevens die familieleden ons geven. Sommige ouders wisten bijvoorbeeld niet helemaal zeker of hun kind op dat moment in Nepal was. Dat maakt het voor ons soms lastig.'

Ambassadeur Stoelinga (links) met Nederlandse reddingswerkers in Nepal.

Kon u bij de Nepalese overheid geen lijst opvragen met alle visa-aanvragen voor deze periode?

'Dat hebben ze gewoon niet. Ten eerste geeft een afgegeven visum geen zekerheid dat iemand in het land is. Daarnaast moet je niet vergeten dat de infrastructuur in grote delen van het land op zijn gat ligt. Het Nepalese ministerie van Binnenlandse Zaken was afgelopen donderdag - vijf dagen na de ramp - nog steeds moeilijk te bereiken. De ambtenaren hebben ook allemaal familieleden die getroffen zijn. Onze database is vergeleken met hun systeem super-de-luxe.'

Kan het zijn dat een deel van de 23 vermisten nog steeds vastzit in de bergen?

'Absoluut, dat kan. Ze kunnen in dorpen zitten waar de telefoon is uitgevallen en de wegen zijn versperd. Maar ze kunnen ook in Bhutan of India zitten terwijl de familie denkt dat ze in Nepal zitten. Of ze zijn al veilig, maar hebben zich niet gemeld. Dat is natuurlijk prachtig, maar dan is ons verzoek: neem dan toch even contact op. Wij rusten niet tot iedereen is getraceerd.'

Wat hebt u zelf gedaan om vermisten te vinden?

'Daarom ben ik donderdag naar Nepal gegaan. Ik heb daar gesproken met de Indiase ambassadeur. India heeft veel grote helikopters en werkt samen met de Nepalezen om gestrande toeristen naar Kathmandu te halen. Hij heeft me toegezegd Nederlanders mee te nemen. Hij zei wel: ze moeten klaarstaan, we gaan niet naar ze zoeken. Met andere EU-landen heb ik afgesproken informatie uit te wisselen. Als iemand tijdens een reddingsoperatie op een Nederlander stuit, willen we dat meteen weten.'

Ambassadeur Fons Stoelinga.

Helpt u iedereen die weg wil?

'We spannen ons voor iedereen in, maar niet alles is mogelijk. Het hangt bijvoorbeeld vanaf waar iemand zit. Er belde een jongen in een stad waar alles het nog deed en verder niet veel aan de hand was. Die zei: ik wil hier weg. Toen hebben wij gezegd: blijf nou nog twee dagen zitten en wacht tot het vervoer weer op gang komt. We sturen dan geen helikopter. Dat zouden de Indiërs en de Nepalezen trouwens ook niet serieus nemen. Die geven voorrang aan gewonden en het vervoer van water en voedsel.'

Wat was uw indruk van de verwoestingen in Nepal?

'Als je in Kathmandu loopt, lijkt het op het eerste gezicht mee te vallen. 5 tot 10 procent van de huizen is daar vernield. Maar dat is bedrieglijk. 15 kilometer verder ligt Bhaktapur, een stad op de UNESCO-lijst die te vergelijken is met Delft. 40 procent is daar ingestort. Ik heb daar in een van de tenten van het Nederlandse reddingsteam geslapen. Daarna ging ik mee met een zoekoperatie.

Bij een puinhoop van 10 meter hoog, allemaal ingestorte huizen, sloegen de honden aan. Die zijn getraind om naar overlevenden te speuren. Maar tijdens de reddingsoperatie stopten de honden met blaffen. Het team werd toen voor een vreselijk dilemma gesteld: doorgaan of stoppen en ergens anders verder zoeken? Dat was heel moeilijk.'

Waarom bent u niet meteen naar Kathmandu gegaan?

'In het begin is het belangrijk het hoofd koel te houden om alles te organiseren. We hebben direct twee ambassademensen en drie repatriëringsexperts uit Nederland naar Nepal gestuurd. Inmiddels hebben we samen met de SOS alarmcentrale 220 Nederlanders het land uit gekregen. De staf in Kathmandu is voortdurend bezig geweest. Contact zoeken met de in Nepal woonachtige Nederlanders, een desk op het vliegveld inrichten. Maandagochtend al landden de reddingswerkers in een DC-10 van de luchtmacht. Het was één grote chaos op de luchthaven. We hebben het toestel diezelfde dag naar Delhi laten vliegen met vijftig Nederlanders aan boord. Omdat ze daar een nacht moesten blijven slapen hebben we in allerijl visa moeten regelen. Er waren passagiers die in tranen uitbarstten toen ze ons Nederlands hoorden spreken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden