'Het gevoel van niet erbij horen, dat raak je nooit kwijt'

Welke rol speelt afkomst in Nederland? Robert Vuijsje onderzoekt het in een reeks interviews. Uitgever Mai Spijkers: 'Ik droeg een bril en ik las boeken. Dat was vreemd.'

Beeld Robin de Puy

In de achterbuurt van Goirle had Mai Spijkers één ambitie. 'Als kind zei ik: later ga ik wonen in een van die grote huizen aan de Tilburgseweg en elke dag limonade drinken.'

In de directeurskamer in het grachtenpand van zijn uitgeverij Prometheus kijkt Mai Spijkers om zich heen. Wonen doet hij in een grachtenpand om de hoek. En op een landgoed te Baarn. 'Nee, zo ver als dit dacht ik niet, ik had geen benul dat zoiets bestond. Ik wilde naar de villawijk van Goirle.'

In gesprek

Schrijver Robert Vuijsje (Alleen maar nette mensen, Beste vriend) gaat voor V in gesprek met bekende en minder bekende Nederlanders over de rol die hun afkomst speelt in hun leven. Hij spreekt onder anderen nog met San Fu Maltha (Indo) en oud-basketballer Francisco Elson (Surinaams).

Hoe groeide u op?

'Mijn moeder zei altijd: wij komen van de zigoiners. Zo zeiden ze dat in Brabant. Haar familie, dat waren geen echte zigeuners. Het waren mensen die aan de rand van de samenleving stonden. Ze hadden niet echt een huis, maar wel veel kinderen, het paste niet in een burgerlijk patroon. De moeder van mijn moeder was jong overleden, haar vader was altijd aan het werk. Wij groeiden op in het wild, dat zei mijn moeder ook vaak.

'Mijn ouders ontmoetten elkaar in de textielfabriek. Mijn vader was spinner, mijn moeder spoelster. Dat was het smerigste werk in de fabriek. Ze trouwden in 1943. Tussen 1943 en 1958 werden acht kinderen geboren. Ik was de vijfde. De wc was buiten, één keer per week werden de kinderen in een teil gewassen. Het drama van mijn moeder was dat ze opgroeide in een gezin zonder moeder. En toen overkwam haar kinderen hetzelfde. Ze overleed toen ik 10 was. Vocht op de longen noemden ze het. Pas dertig jaar later hoorde ik dat ze borstkanker had. In die tijd mocht je in Brabant het woord borst niet gebruiken. Het was een benauwende samenleving. De spil viel weg uit ons gezin. Mijn vader was altijd aan het werk, ook 's avonds en in het weekeinde.

'In de jaren zestig was het voor het eerst mogelijk dat mensen zoals wij een opleiding volgden. Mijn moeder vond dat wij het beter moesten hebben. Dat we niet op ons 15de met een overall aan in een fabriekshal moesten staan. Mijn vader dacht meer praktisch. Als de kinderen zo snel mogelijk gingen werken, konden ze geld inbrengen. Van mijn lagere school was nog nooit iemand naar de middelbare school gegaan. Na een toelatingsexamen mocht ik naar het atheneum en daarna naar het gymnasium.

'Bij ons in de buurt hoorde ik er op straat niet bij. Ik droeg een bril en ik las boeken. Dat vonden ze vreemd. Op de middelbare school was ik aan de ene kant jaloers op de andere kinderen. Zij hadden nette kleren en een viool of een cello thuis. Wij hadden niets. Alleen dacht ik ook: jullie hebben niets meegemaakt.'

Beeld Robin de Puy

Nederlands

'Voel ik mij een Nederlander? Ik voel me natuurlijk ook een Amsterdammer.'

Brabants

'Brabant wilde ik achter me laten, ik wilde vooruit. De laatste jaren heb ik het hervonden, ik ben trots dat ik het niet helemaal van me heb afgeworpen.'

Eten

'Een paar weken geleden was ik met Tessel, mijn jongste dochter, in New York. We aten bij een Italiaan met twee Michelinsterren aan Central Park. Oesters en een glaasje Krug. Voor mijn kinderen is het normaal. Ze hebben geen idee.'

Partner

'Een beeldschoon well to do-meisje uit Alkmaar.'

Mohammed- cartoons

'Natuurlijk mag dat. Als je begint met marchanderen, waar houdt het dan op?'

En nu bent u miljonair.

'Als provinciaal in Amsterdam voelde ik me extra gedreven iedereen te laten zien dat ik niet minder was. Ik ben geloof ik wel trots dat ik het voor elkaar heb. Ik zou het nooit doen, maar als ik wil, hoef ik nooit meer te werken. Met die uitgeverij heb ik iets dat van mij is. Die vrijheid geeft een veilig gevoel. Niemand kan tegen mij zeggen: ga maar weg. Het gevoel van niet erbij horen, dat raak je nooit kwijt.'

Wat is het verschil tussen Brabanders en Limburgers?

'Jij ziet het verschil niet. Wij willen niet met elkaar worden verward. Ik denk dat Limburgers nog verder van het centrum af staan, die voelen zich nog minder Hollands. Het is niet ons koningshuis, dat gevoel. Ik heb dat gevoel trouwens ook. En Brabant, dat is het Texas van Nederland. Het niet zo nauw met de wet nemen. Er mag zoveel niet. Mijn vader was een stroper. Als je honger hebt en er lopen buiten hazen rond - ze smaken goed hoor.'

Prometheus

Mai Spijkers (Nederland, 1955) is de eigenaar van Prometheus, de grootste onafhankelijke uitgeverij van Nederland. Prometheus gaf het eerste boek uit van PVV-spindoctor Martin Bosma, maar niet het onlangs verschenen Minderheid in eigen land. 'In zijn jongste boek maakt hij een karikatuur van de zwarte bevolking van Zuid-Afrika en ik achtte het commercieel ook niet erg kansrijk, dus ik heb het laten passeren. Ik ben wel benieuwd naar zijn volgende project, want ik beschouw hem als een eigenzinnig en oorspronkelijk intellectueel.'

Hafid Bouazza, Kader Abdolah, Karin Amatmoekrim, Özcan Akyol, Naema Tahir, Mano Bouzamour, Zarayda Groenhart. Ben ik nog iemand vergeten?

'Nausicaa Marbe en Sana Valiulina. Hassan Bahara en Nadia Ezzeroili zijn ook bezig met boeken die ik ga uitgeven.'

U bent niet per se een politiek correcte knuffelaar.

'Vroeger gaf ik de boeken uit van Ischa Meijer. Het beste wat jij kunt bereiken, is dat op je grafsteen staat: hij was toch wel aardig - dat zei hij altijd tegen mij. Kennelijk straal ik iets uit dat kwaadheid oproept.

'Voor mij is het vanzelfsprekend. Ik generaliseer nu: de doorsnee Hollander met een redelijke opleiding, die kun je wel uittekenen. Deze mensen hebben meer meegemaakt, daardoor zijn ze spannender sparringpartners. De verhalen van die jongens en meisjes, daar herken ik me in. Ze zijn de kinderen van fabrieksarbeiders, met de vader hadden ze geen contact, want die moest altijd werken. De moeder regelde alles thuis. Allemaal armoede, maar ze hadden wel intellectuele interesse en ambitie. Het is mijn eigen verhaal, dat voelen zij ook. Hafid Bouazza noemt mij de kale witte neger. Een neger in de zin van: een minderheid die er niet bij hoort. Özcan Akyol is mijn beste vriend. Ik ben precies zo opgegroeid als hij, alleen dertig jaar eerder.'

Uitgever Mai Spijkers (R) overhandigt het boek Verzameld Werk van Anne Frank aan minister Jet Bussemaker. Beeld ANP
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden