Het geld ligt op straat

Hebben de media schuld aan de ontvoering van rijken? Het verband met lijsten als de Quote 500 is nooit aangetoond....

De discussie had op geen gunstiger moment gevoerd kunnen worden, pr-matig: aanstaande woensdag presenteert zakenblad Quote voor het zevende jaar de roemruchte lijst van 500 rijkste Nederlanders, en deze week was er alweer rumour around the brand – leve de losse verkoop. Publicaties als deze, zo verklaarde Dig Istha in zijn rol als woordvoerder van de door ontvoering geteisterde familie Terwindt (nummer 79 op de Quotelijst van vorig jaar), zouden gekken en criminelen maar op een idee brengen.

Istha: 'Ik bedoelde niet alleen Quote, maar de toenemende aandacht van de media voor rijken in het algemeen', zegt hij nu. De familie Terwindt had, in tegenstelling tot bekendere welgestelden, zelf nooit de publiciteit gezocht en nam volgens Istha pas sinds haar eerste notering in de Quote-lijst veiligheidsmaatregelen – zonder succes dus.

De media heeft het weer eens gedaan, om het op fortuynistische wijze te formuleren. Lijsten als de Quote 500 bestaan in het buitenland al veel langer (zie kaders), en nooit is enig verband gebleken met ontvoeringen of andere incidenten. Ook zonder Quote 500 worden jonge meisjes ontvoerd – zie Lusanne van der Gun, wier ontvoerder alleen maar dácht dat haar ouders vermogend waren. Omdat niemand zich kan beroepen op harde gegevens, is het een discussie tussen gelovigen en ongelovigen.

Tot die eersten behoren vooral belanghebbenden: de rijkaards zelf. 'U heeft bloed aan uw handen', klonk het deze week in NOVA demagogisch uit de mond van advocaat Hammerstein jegens Quote's hoofdredacteur Jort Kelder. Ook de beveiligingsbranche mag de angst onder de potentiëleklantenkring graag aanwakkeren. Aan de andere kant staan de media, inclusief de vakbond NVJ, die reflexmatig critici ervan beschuldigt te schieten op de verkeerde: de boodschapper.

Nieuw is het verwijt niet. Vorig jaar, ook al vlak voor de publicatie van de Quote 500, trachtte vastgoedhandelaar Willem Endstra publicatie van zijn portret te voorkomen, uit angst voor ontvoering. De rechter ging aanvankelijk met hem mee, maar al snel werd het vonnis in een andere zaak ongedaan gemaakt. Voor zover bekend is Endstra afgelopen jaar niets overkomen.

Ook Roel Pieper, wiens vrouw dit jaar slachtoffer werd van een steekpartij nadat een indringer op zijn landgoed was gekomen, wees op de buitensporige aandacht die media tegenwoordig hebben voor vermogenden. De rechtszaak tegen de dader (een schizofreen) werd donderdag aangehouden – reden waarom Pieper zich nu onthoudt van commentaar.

Op de eigen website van Quote diende Kelder de tegenstanders van repliek: 'Het is de vraag wat al die hypocriete critici dan willen. Dat we weer geheimzinnig gaan doen over macht en geld in Nederland? Dat we niet meer mogen weten hoe de zakken aan de top worden gevuld, maar het verdelen van de buit gewoon weer overlaten aan de old boys in de beslotenheid van hun herensociëteit? Dat de pers zich bij allerhande affaires, of dat nu Mabelgate of Ahold is, ouderwets afzijdig houdt? Dat u zelfs niet mag weten dat de familie Terwindt sinds 1837 te Nijmegen een succesvolle handel in bakstenen heeft opgebouwd? Maar dat wilt u wél weten, want u behoort tot die miljoenen Hollanders die niets over hun eigen centen zeggen, maar graag alles over andermans geld lezen.'

Istha: 'De pers zal altijd roepen dat ze slechts de boodschapper is, en dat het ook nog eens vaak openbare informatie betreft. Kan zo zijn, maar er is intussen geen houden meer aan. Op de golven van de emotie publiceren kranten deze weken foto's van het nieuwe huis van Ahold-topman Moberg, inclusief het adres. Dat maakt mensen kwetsbaar.'

De vraag dringt zich op wat eigenlijk de relevantie is van al die lijstjes, waarvan de gegevens soms boterzacht zijn. 'Puur vermaak. Meer niet', zegt Ben Jacobsen, universitair hoofddocent Financial Markets aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. 'Het heeft in elk geval niets te maken met zoiets als het controleren van de macht.'

'De entertainment-functie van de Quote 500 is inderdaad hoog', geeft Quote-uitgever Maarten van den Biggelaar toe. 'Maar bij een open samenleving hoort dat je ook de toplaag laat zien. En vergeet niet dat zo'n lijst ook een maatschappelijk doel heeft: fondsenwervers kunnen zo precies zien bij wie ze moeten zijn. Daar profiteren non-profitorganisaties dus ook van.'

Topmanagers, CEO's en andere welgestelden hebben zich de laatste tien, twintig jaar in warme belangstelling van de media mogen verheugen. Ook de Volkskrant publiceert al sinds jaar en dag een jaarlijkse lijst van veelverdieners in het bedrijfsleven en wekelijks wordt bekende Nederlanders naar de inhoud van hun portefeuille gevraagd. Het inkomen, een van de grootste taboes in Nederland, wordt steeds meer besproken. Sinds vorig jaar is de openheid zelfs wettelijk geregeld: beursgenoteerde bedrijven zijn verplicht de salarissen van de individuele leden van de raad van bestuur te publiceren in hun jaarverslag.

'In de media begon het na de jaren tachtig, bij de intrede van het yuppie-tijdperk', zegt Ben Jacobsen. 'Daarvoor heette het kapitalisme nog verwerpelijk en waren veelverdieners graaiers en zakkenvullers.' Economische tegenspoed is de voedingsbodem voor zulke gevoelens, maar in tijden van voorspoed, zoals de afgelopen jaren, stijgt de trots en is geld niet vies meer. Jacobsen: 'Nog maar kort geleden kon je geen verjaardagsfeestje bezoeken of het ging wel over succesvolle beleggingen en beurskoersen.'

Van den Biggelaar lanceerde Quote op het juiste moment, in 1987. Hij keek tijdens een studie in de VS, halverwege de jaren tachtig, verlekkerd naar bladen als Fortune en Forbes. Zo'n blad wilde hij in Nederland ook. 'De tijd bleek er rijp voor; dit had tien jaar eerder nooit gekund', zegt hij.

Menig topmanager liet zich zijn nieuwe heldenstatus in de media welgevallen. Ze waren de afgelopen jaren graag geziene gasten in Quote-uitgever Van den Biggelaar: 'Harry Mens sprak afgelopen week schande van onze lijst. Maar hij is zelf enthousiast en actief tipgever.'

Wetenschapper Jacobsen kan het niet bewijzen, maar hij denkt toch dat er een relatie bestaat tussen de media-aandacht voor rijken en de risico's voor incidenten. 'Als iemand iets kwaads in de zin heeft, kunnen lijstjes altijd een handig hulpje zijn.' Het argument dat ontvoeringen van ondernemers als Freddy Heineken en Gerrit Jan Heijn plaatsvonden ver voordat er een Quote-lijst bestond, overtuigt hem niet: 'Die mensen waren toch ook bekend uit de pers.'

Jos van Hezewijk, onderzoeker van de 'elite van Nederland', wijst op een ander verband: 'Juist veel van de bekende ontvoerden, zoals Heineken, Maup Caransa en Léon Melchior, begaven zich al in dubieuzere circuits.' Zo frequenteerde Freddy Heineken het toenmalige Barretje Hilton, niet alleen de vaste stek van zijn ontvoerders, maar ook van topcrimineel Klaas Bruinsma en Yab-Yum-exploitant Theo Heuft.

Daar valt de pers dus weinig te verwijten. Van Hezewijk signaleert wel een terugkerend fenomeen in publicaties over de rijken. 'Opvallend is dat schandalen rond de nieuwe elite steeds plaatshebben direct na een economische dip', schrijft hij in zijn vorige week verschenen boek De nieuwe elite van Nederland – op jacht naar geld, status en invloed. 'Bij een economische dip moeten er zakenvriendjes overboord worden gezet, meelopers uit de oude elite worden verwijderd, en kunnen uitgestotenen die de vuile was buiten hangen niet meer worden afgekocht', aldus Van Hezewijk. Kortom: bij economische tegenwind zullen in de media meer schandalen opduiken dan anders.

programma's als NOVA en Barend & Van Dorp, ze lieten zich in serieverband bezoeken op de achterbank van hun luxe auto door een verslaggeefster van NRC Handelsblad, ze verschenen zelfbewust voor de camera's van Glamourland en in societyrubrieken van Privé, Story of de vuistdikke glossy Miljonair, of ze kregen (kochten) hun eigen televisieprogramma, zoals makelaar Harry Mens.

Ook zonder hun medewerking hangen fotografen van roddelbladen met helikopters in de lucht om de Blaricumse droomvilla's te fotograferen van de Nederlandse jetset. Sommige rijken hebben daarbij kilo's boter op hun hoofd.

Er schuilt iets van selectieve verontwaardiging in de media-ophef rond topinkomens. Oud-premier Wim Kok sprak enkele jaren geleden over 'exhibitionistische zelfverrijking' toen hij het had over ruim betaalde toplieden uit het bedrijfsleven, die een veelvoud verdienden van het premiersalaris. De CEO die 4,3 miljoen (het is ook niet weinig) binnenhaalt bij Unilever 'moet zich schamen', zoals weekblad Elsevier eerder dit jaar op de cover kopte. Maar de miljoenensalarissen van sommige topsporters zijn nauwelijks onderwerp van publiek debat. Dj's die vele tonnen wegslepen bij de bezuinigende publieke omroep worden niet als graaiers gezien, al lijkt de publiciteit deze dagen enigszins te keren.

Volgens Ben Jacobsen gelden voor hen verzachtende omstandigheden: 'Hun carrière heeft per definitie een beperkte levensduur.' Voor de overige ophef geldt: 'Pas als de bedragen absurd hoog zijn en het in de rest van de wereld slecht gaat, is er verontwaardiging.'

Ahold-topman Moberg weet er alles van: tien miljoen incasseren terwijl zijn bedrijf zich in een ontslaggolf bevindt, dat grenst mediatechnisch gesproken aan zelfmoord. Een goedbetaalde lijfwacht in zijn nabijheid, zoals in het buitenland gewoon is, lijkt geen overbodige luxe – maar dat is een realiteit die in Nederland maar langzaam doordringt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden