'Het gaat om een boek, maar ook om de lol'

Nederland telt steeds meer leesclubs - naar schatting vijfduizend - en die bestaan allang niet meer alleen uit bejaarden. Een leesclubavond van negen hoogopgeleide dertigers in Nijmegen....

Neerlandicus Olaf begint zijn inleiding over de roman Vernon God Little met de constatering dat auteur DBC Pierre 'een heel interessante levensgeschiedenis' heeft.

Pieter, vermoeid: 'Heb je de achterflap gelezen of zo?'

Olaf, onverstoorbaar: 'Na een erfenis heeft hij het familiefortuin er in luttele maanden doorheen gedraaid.'

Pieter: 'Móói.'

Olaf: 'Ik las in een leuke recensie dat hij daarna zoveel schuld opbouwde dat de gemiddelde Zuid-Amerikaanse bananenrepubliek er een puntje aan kon zuigen.'

Gelach.

Olaf: 'Het is een sociale satire - dat is wat mij ontzettend aantrok in dit boek. De Amerikaanse society wordt op de hak genomen. En ik hou wel van een verhaal waarin wat lijken worden neergelegd.'

Nog meer gelach. 'Vanaf bladzijde 1 is het heel goed geschreven. Het spat van de pagina's af. Kortom: ik was wel tevreden met mijn eigen keuze deze keer. Dus ik zou zeggen: schiet.'

Olaf kijkt verwachtingsvol de kring rond. 'Floor.'

Floor: 'Ja, Floor heeft het boek niet gelezen.'

Olaf: 'Dus Floor zit er voor spek en bonen bij.'

Floor kan daar niet zo veel aan doen. Ze is aan het promoveren (haar proefschrift handelt over de begrijpelijkheid van handleidingen voor bejaarden), haar kind is net 1 jaar geworden, en bovenal: zij is op het laatst ingesprongen als gastvrouw, waarvoor ze deze woensdagavond haar jarendertighuis in Nijmegen ter beschikking heeft gesteld.

Vier vrouwen en vijf mannen van begin dertig telt de leesclub, allen universitair geschoold, meest Neerlandici. Eens in de zes weken komen de Nijmegenaren bijeen om een boek te bespreken dat een van hen heeft uitgezocht. Die doet dan meestal ook het praatje vooraf. 'Alleen Tom is er vanavond niet' - of dat even vastgelegd kan worden. Er zijn ook avonden dat er maar drie leden komen opdraven. Oorzaak: het drukke leven van de tweeverdieners, sommigen met kleine kinderen. Ze werken in het onderwijs, bij een boekhandel, als cultureel adviseur, als accountant, in de IT.

'Espresso, thee?', vraagt Floor, terwijl ze schalen met soesjes en chocoladekoekjes neerzet op de grote houten tafel.

'Ik lust wel een biertje', zegt IT'er Pieter.

Zo'n leesclubavond 'is óók een van je sociale avonden', bezwoer Jeroen even daarvoor.

'Het gaat om een boek, maar ook om de lol.'

'Leesclubs? Dat is toch alleen maar iets voor bejaarden', is het geborneerde geluid dat uitgeefster Annette Portegies van Querido nog steeds weleens hoort. Nou, allang niet meer. De afgelopen jaren is het aantal sterk toegenomen en de toename zit 'm vooral in de 'wilde leesclubs': vooral jongere vrouwen die zelf groepjes oprichten om gezamenlijk boeken te kunnen bespreken. Volgens een voorzichtige schatting telt Nederland nu 4000 leeskringen, een reëlere schatting komt uit op 5000.

Het idee dat deze gezelschappen zich vooral verpozen met gekwebbel over lichtvoetige streekromans is achterhaald. Ja, natuurlijk, er zijn kringen die Kluuns Er komt een vrouw bij de dokter aan een grondige analyse onderwerpen. Maar uit toptienlijsten van favoriete schrijvers blijkt eerder een grote voorliefde voor minder toegankelijke auteurs als Sándor Márai en José Saramago.

Ook op internet manifesteren de clubs zich volop. Onder een naam als 'Pillen, Pockets & Paperbacks', een Haarlemse leeskring die foto's laat zien van uitbundige vrouwen in de veertig, aan de kaasfondue ter viering van het tweejarig bestaan. Of als de 'Maas-demoisellen', een op het eerste gezicht wat serieuzer Maastrichts gezelschap in dezelfde leeftijdscategorie, gezeten rond een tafel vol paperassen - robuuste koffiekan in het midden. Of als 'Eat Drink Book Women', een Rotterdams clubje van tien enthousiastelingen dat naast foto's en beschrijvingen van de leden ook eigen recensies op het net zet. Zoals over De thuiskomst, van Anna Enquist: 'Wat een droevig, deprimerend boek! Aan alles merk je dat mevrouw Enquist zelf een dochter verloren heeft. Geen grapje kan ervan af. Geen moment licht ze de zware, donkere deken van de arme lezer.'

Niks moeilijkdoenerij - gewoon zeggen waar het op staat.

Zo gaat dat ook in het Nijmeegse bovenhuis. Begon de bijeenkomst wat lacherig, de atmosfeer raakt bij het bespreken van de roman allengs opgewondener. Vernon God Little van Man Booker Prize-winnaar DBC Pierre is een rauw boek, de vijandige buitenwereld bezien door de ogen van een vijftienjarige jongen wiens vriend zestien klasgenoten heeft doodgeschoten. Hij wordt zelf verdacht van betrokkenheid bij de massamoord. (De vergelijking met Michael Moore's Bowling for Columbine zal vanavond vaak worden gemaakt).

Francien: 'Ik las het vreselijk snel weg, in drie avonden. Het wordt vergeleken met The Catcher in the Rye en dat is zo ongeveer mijn lievelingsboek. Het leest als een trein.'

Pieter: 'Eh...The Catcher in the Rye leest niet als een trein, hoor.'

Francien: 'Ik heb hier heel erg van genoten.'

Jeanine: 'Nou, ik heb er heeeeeel lang over gedaan. Niks drie avonden. Voor mij leefde het niet echt. Pas aan het eind ging het schild van die jongen af. Toen dacht ik: misschien heb ik er zo eentje ook wel bij mij in de klas zitten.'

Pieter: 'Het was gááf om te lezen. Maar totaal ongeloofwaardig. Ik geloof er geen snars van.'

Pascal: 'Dat hoeft toch ook niet? Een schilderij hoeft toch ook niet precies te lijken om je iets mee te geven?'

Maartje: 'Als dit een soort satire moet zijn op de Amerikaanse samenleving, trap ik er niet in. Het is zo overtrokken.'

Jeroen: 'Je moet ook van Amerika houden, om dit zo te kunnen schrijven.'

Maartje: 'Ik dacht bij alles: zo slecht is Amerika niet, hoor.'

Francien: 'Hij heeft er tot in detail over nagedacht, om het zo grotesk mogelijk te maken.'

Maartje: 'Mwa. Is het niet gewoon onmacht van de schrijver?'

Pascal: 'Vaak heb ik geen tijd om te lezen, omdat ik moet werken. Bij dit boek gebeurde precies het omgekeerde. Ik had even geen tijd om te werken. Een geweldig goed boek.'

Pieter: 'Ik heb niet zo'n open blik voor kunst als de andere helft van de tafel. Maar wat gebeurt hier nou eigenlijk helemaal, in dit boek?

Maartje: 'Nou, zestien moorden...'

Pieter: 'Ik heb een beetje de humor gemist.'

De rest: 'De humor gemist?!'

Pieter: 'Het is helemaal niet leuk. Een klein ventje wordt van alles beschuldigd en iedereen is tegen hem. Een hoop narigheid is het. Als je dit boek leest, denk je: in wat voor wereld leven we? Daar word je toch depressief van.'

En zo verder.

Aan het eind van 'deze verhitte discussie' belooft gastvrouw Floor plechtig het boek alsnog te gaan lezen.

Veilige omgeving

Annette Portegies van Querido heeft ook bij een 'wilde leesclub' gezeten (inmiddels opgeheven wegens tijdgebrek van de leden) en weet: 'Als een leesclub niet wordt geleid door een docent, kun je heel eerlijk en open tegen elkaar vertellen wat je vindt van een boek. In leesclubs met een cursusleider is het moeilijker om te zeggen: 'Ik heb me de afgelopen weken verdiept in de Odyssee en vond het niet om door te komen.' Of juist: 'Deze tekst heeft me diep ontroerd.' Zulke oordelen spreek je gemakkelijker uit en durf je hartstochtelijker te verdedigen in een veilige omgeving waarin iedereen dezelfde inspanning heeft verricht om het boek te lezen en te doorgronden.'

Een boek is blijvender in je gedachten als je erover hebt gesproken met anderen, is haar ervaring. 'Een tekst waarmee je heel intensief bent bezig geweest, verdwijnt niet meer zo snel.' Was dit nou een goed of een slecht boek? - het is leuk om er op die manier over te praten, vindt ze. En om iemand niet te laten wegkomen met: ik vond het helemaal niks. 'Dan moet de rest doorvragen: wat is er niet goed aan? Je moet iemand dwingen argumenten aan te voeren. En ook zelf daartoe gedwongen worden.'

Een paar jaar geleden was ze in New York, waar ze sprak met een uitgeefster die al veertig jaar in het vak zit. Een van de grootste successen uit haar lange carrière waren de 'leesclubedities'. Zij gaf de klassieken uit de Angelsaksische literatuur opnieuw uit, nu voorzien van een vragenlijst over het boek en een stickertje op de cover: speciaal voor leesclubs. 'Raar, dat we dat in Nederland nog niet hebben', dacht Portegies. En zo komt Querido binnenkort met een 'leesclubgids', waarin vijftig recente romans uit Nederland en Vlaanderen worden besproken. Daarnaast begint de uitgeverij speciale leesclubedities. Herdrukken van veelal bekende romans, voorzien van een nawoord met feitelijke informatie over het boek (zoals: 'Dit is een autobiografische roman'), plus een vragenlijst om de discussie op gang te helpen ('Welke bedoeling heeft de schrijver met dit boek?').

Hobby

Portegies heeft nog nooit zoveel reacties van buiten de uitgeverij gehad op een nieuw initiatief. 'Het is echt opvallend.' Volgens haar sluiten met name twee groepen zich aan bij leesclubs. Jonge werkende vrouwen die zichzelf ondanks hun drukke bestaan willen dwingen nog eens een boek te pakken en de 'herintredende lezers'. De literatuurliefhebbers die hun hobby jarenlang hebben verwaarloosd, met (vervroegd) pensioen gaan en ineens aanhikken tegen de 'enorme boekenberg': waar moet ik beginnen? 'Zo'n leesclub kan ze helpen na dertig jaar de draad weer op te pikken', zegt Portegies.

Heel erg slecht boek

Neerlandicus Pascal heeft de Nijmeegse leeskring vijf jaar geleden opgericht. Nee, die heeft geen naam, of het zou de 'club van Nijmeegse lezers' moeten heten. Pascal merkte dat hij na zijn studie nooit meer literatuur besprak, 'nooit meer de mening van anderen hoorde', waardoor een boek zo kon blijven 'zweven'. Ook een voordeel van de leesclub: 'Je leest andere boeken dan je normaal zou doen. Dan pak je alleen je favorieten.'

Jeroen: 'Nu moet je wel.'

Dat hebben de afzonderlijke leden trouwens geweten, enige sessies geleden. Jeroen had voor de grap op internet geprikt, onder het hoofdstuk tips-voor-leesclubs. Sister India, rolde daaruit, van reisboekenschrijfster Peggy Payne.

Jeroen: 'Dat het een heel erg slecht boek is, had ik na twintig bladzijden echt wel....'

De rest: 'Twintig? Twee!'

Maartje: 'En niet eens even gemaild!?'

Jeroen: 'Dus om het goed te maken heb ik die avond maar Indiaas gekookt.'

Pascal: 'Iedereen heeft het recht een keer zo'n boek te kiezen. Daarna wordt ie geroyeerd.'

Een gemengde, of een mannenleesclub is een uitzondering, weet Frank Hockx, fondsredacteur bij uitgeverij Biblion en hoofdredacteur van Boek-delen, een tijdschrift voor lezers en leeskringen. Even schrikken: ongeveer 90 procent van de leesclubs wordt bevolkt door vrouwen.

Een historische verklaring is dat de traditionele vrouwenorganisaties, zoals de Nederlandse Bond van Plattelandsvrouwen, in de jaren zeventig zijn begonnen met allerlei leesclubs - in samenwerking met de plaatselijke bibliotheken. Hun kinderen kwamen ineens thuis met Wolkers en Reve. Schokkende literatuur in die dagen, waarvan de moeders het fijne wilden weten.

De pioniers zaten in Drenthe, waar een provinciale stichting literatuurclubs werd opgericht. Inmiddels zijn er ongeveer 250 'officiële' leeskringen in Drenthe. Ook Groningen en Overijssel sloten zich aan.

Een gezamenlijke commissie selecteert vier boeken per jaar, waarbij ze ook de begeleidende documentatie laten samenstellen. 'In alledrie die provincies lezen de leden van die leeskringen nu Joe Speedboot van Tommy Wieringa', zegt Frank Hockx. Het schijnt een gevleugelde uitdrukking te zijn onder uitgevers: 'Jij bent door Drenthe uitgekozen.'

Mannen houden misschien niet van centrale keuzen, zegt Hockx. 'Mannen willen zelf kiezen.' En ze praten minder vaak en gemakkelijk over hun zielenroerselen. Wie weet melden ze zich daarom niet zo snel bij een leesclub. 'Als je over boeken vertelt, gaat het ook over: wat voel je erbij? Hoe denk je erover?' De emoties lopen soms hoog op bij leesclubs. 'Je kunt je voorstellen dat een boek over een moeizame moeder-dochter-relatie of over het verlies van een kind een hoop oproept.'

Bovenal: vrouwen lezen gewoon meer. Vrouwen kopen literatuur - mannen hebben eerder een voorkeur voor non-fictie en detectives. Dat is misschien ook een van de redenen dat vrouwelijke auteurs het goed doen bij leesclubs. Hella Haasse, Vonne van der Meer, Renate Dorrestein, Margriet de Moor. 'Maar je ziet dat ook Arthur Japin erdoorheen komt, of Jan Siebelink. Dat zijn auteurs die een heel goede presentatie hebben.'

Of een boek wordt opgepikt door leesclubs ligt aan een combinatie van gunstige recensies, mond-tot-mond reclame, televisie- optredens, de toekenning van een literatuurprijs. En de thematiek. Andere culturen doen het goed, familierelaties, ziekte en gezondheid.

Hockx citeert iemand die acht jaar in een gemengde leesclub heeft gezeten en daarover een artikel schreef voor het komende nummer van Boek-delen. 'Bij vrouwen is lezen de aanleiding tot een tocht naar binnen: hoe kijk je er zelf tegenaan? En bij mannen is het de aanleiding tot een tocht naar buiten - om over de wereldproblemen te gaan praten, bij wijze van spreken.'

Oprah-gesprekken

De Nijmeegse lezersclub moet er niet aan denken, het privé-leven in de groep gooien aan de hand van een boek.

Jeroen: 'Dat vind ik nou zo flauw, om het over je eigen emoties te hebben.'

Francien: 'Dan krijg je bij het bespreken van Het geheim van Anna Enquist van die ontboezemingen: 'Ik heb ook een keer een miskraam gehad.' Gélukkig hebben we dat hier niet zeg.'

Jeroen: 'Dan wordt het boek gebruikt als excuus om het over je eigen leven te hebben. Van die Oprah-gesprekken: o ja, ik ben ook misbruikt.'

Pieter concluderend: 'Meestal worden die zemelboeken hier grondig afgekraakt.'

Pieter is de enige in het gezelschap die zijn hobby nog weleens moet verdedigen tegenover de buitenwereld - de rest krijgt alleen positieve reacties. 'Ik moet soms wel uitleggen dat een leesclub echt cool is. Het heeft toch het imago van huisvrouwen en oubolligheid.'

Nog even wordt die traumatische avond weer in herinnering geroepen, toen Sister India van Peggy Payne werd besproken - een leed dat maar zeer ten dele verzacht kon worden door Jeroens Indiase maaltijd. Olaf heeft op internet ontdekt dat leesclubs Peggy Payne kosteloos kunnen bellen, om met haar door te praten over het boek.

Olaf: 'We zouden het eigenlijk moeten doen. Om haar te vertellen dat ze nooit, nooit meer een boek mag schrijven.'

Dan komen de flessen op tafel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden