Het gaat best aardig tussen pers en politiek

De traditie is zo zuinig dat Kamervoorzitter Gerdi Verbeet eind vorig jaar opriep tot meer reflectie van parlementaire redacteuren op hun werk....

Nog voor Verbeets oproep was ook Eric Vrijsen begonnen. Vrijsen (1957) schrijft al twintig jaar over politiek, voor het Eindhovens/Brabants Dagblad, de regionale kranten van VNU en nu voor Elsevier. Hij voelde al langer de behoefte eens in zijn eigen keuken te laten kijken. ‘De politieke journalistiek is waarschijnlijk het meest gesloten deel van de media.’

Het heeft geresulteerd in het boek Wilt u niet aan mijn jasje trekken!, dat vandaag verschijnt. In twaalf hoofdstukken behandelt Vrijsen aan de hand van markante episoden het tijdperk-Balkenende sinds 2002, het jaar waarin de potentiële premier Pim Fortuyn werd vermoord en zo niet alles, dan toch heel veel in Den Haag veranderde. De titel komt uit een inleidend hoofdstuk over de periode 1981-2002, toen journalisten en politici nog niet door beveiligers, pasjes en glazen sluizen van elkaar waren gescheiden. Terwijl een radioverslaggever een interview met Joop den Uyl afrondt, houdt hij Ruud Lubbers staande door hem aan zijn jasje te trekken en zo ook enkele vragen te kunnen stellen. ‘Wilt u niet aan mijn jasje trekken!’ reageert Lubbers, die daarna rustig antwoord geeft. Leerling-verslaggever Vrijsen staat perplex.

Verbaasd kan hij nog steeds zijn, over zowel politici als collega’s. De ups en downs van Rutte (VVD), Pechtold (D66) en Van Bommel (SP), hij schrijft er openlijk over, inclusief de onderonsjes, op lichte toon. In de ik-vorm nog wel, niet vanzelfsprekend voor Elsevier-redacteuren die worden geacht met een ‘koel oog’ de wereld te bekijken.

Zo is Vrijsen verwonderd dat na de algemene beschouwingen alle kranten en actualiteitenrubrieken uit twee dagen debat dezelfde fragmenten kiezen. Van Pechtold bijvoorbeeld, die zegt dat er geen behoefte is aan rapporten omdat er al genoeg zijn. ‘Zal ik er een nietje doorheen slaan?’ – geen medium dat de quote negeert. Het tekent het toegenomen belang van ‘expressieve politiek’, aldus Vrijsen, naast de ouderwets inhoudelijke ‘instrumentele politiek’.

Kritisch is Vrijsen over de bejegening van premier Balkenende. ‘Zijn uiterste houdbaarheidsdatum is overschreden, lees ik overal. Maar licht je met zo’n mededeling het publiek goed voor? Je ontdoet een politicus van zijn boodschap. Bovendien ligt Balkenende in de peilingen maar vier zetels achter op Cohen. ’

Eind vorig jaar presenteerden Herman van Gunsteren en Cox Habbema hun bevindingen van een jaar lang meelopen als relatieve buitenstaanders in de Haagse binnenwereld. In Pers-pectief op het politiek/publicitair complex in 2009 concludeerden ze dat het tussen politiek en media eigenlijk ‘best aardig’ gaat. Terecht? Vrijsen: ‘Ik ben opgeleid in Leiden, waar Van Gunsteren hoogleraar was. Ik kom dus uit zijn school. En ja, ik deel zijn mening. Als je ziet wat we sinds 2002 allemaal hebben gehad, de moorden op Fortuyn en Van Gogh, de bankencrisis. Je moet toch vaststellen dat het systeem het houdt. Het incorporeert emancipatiebewegingen, zoals vroeger de SDAP die PvdA werd, en is bestand tegen protestbewegingen. Zo ging het met de LPF, zo zal het ook met Geert Wilders gaan. Ook hij is, in weerwil van zijn rebellie, een man van het systeem. Uiteindelijk hebben we toch een homogene politieke cultuur in Nederland.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.