Het evangelie volgens Tolstoj

Rond zijn vijftigste, na de publicatie van Anna Karenina in 1878, bekende Lev Tolstoj zich tot een 'simpel' christendom, dat hij naar eigen zeggen had ontdaan van alle modder en vuil waarmee de kerkelijke instanties het door de eeuwen heen hadden bezoedeld....

Hij zwoer de wereldse literatuur af en schreef voortaan religieuze en moralistische geschriften, met thema's die varieerden van de schadelijkheid van het roken en het nut van seksuele onthouding tot zijn bekering. Over dit laatste handelde bijvoorbeeld Mijn biecht, dat net als Mijn kleine evangelie bij zijn leven niet door de censuur kwam. Tolstojs conflict met de kerkelijke autoriteiten zou uiteindelijk leiden tot zijn excommunicatie uit de Russisch-orthodoxe kerk in 1901.

Het was dan ook onorthodox wat Tolstoj in Mijn kleine evangelie te berde bracht. Zo bestreed hij dat de evangeliën rechtstreeks van de Heilige Geest tot ons zouden zijn gekomen. Hij verklaarde dat de teksten corrupt waren en opgesierd met zogenaamd door Jezus verrichte wonderen om twijfelaars over de streep te trekken. De leer van Christus was achttienhonderd jaar lang vals geïnterpreteerd, met name door de officiële kerk met haar dogma's als de drie-eenheid, opstanding en Hemelvaart. Bovendien had de apostel Paulus de leer van Christus niet helemaal goed begrepen.

Tolstoj zag het als zijn plicht deze zaken recht te zetten: 'De lezer moet tenslotte bedenken dat het niet alleen geenszins verwerpelijk is om nutteloze plaatsen uit de evangeliën te verhelderen, maar dat het juist verwerpelijk en goddeloos is om dit niet te doen.' In Mijn kleine evangelie destilleerde Tolstoj uit de vier bestaande evangeliën de teksten die er volgens hem toe deden, schoof ze in elkaar en voorzag ze van een inleidend commentaar. Zo kwam hij tot wat voor hem de essentie van Christus' leer was: geweldloosheid, geen verzet tegen het kwaad, geloven buiten de kerk en praktische leefregels in de vorm van vijf geboden. Tolstojs leer sprak enorm aan, tot ver over de grenzen, en zijn pacifisme had grote invloed op bijvoorbeeld Gandhi.

Niet alleen de (kerkelijke) autoriteiten namen aanstoot aan zijn christen-anarchisme, ook een kritische geest als de Russische filosoof, theoloog en dichter Vladimir Solovjov (1853-1900) kwam tegen hem in het geweer. Solovjov stond een vrije theocratie voor, een universele kerk die plaats bood aan zowel christenen van alle gezindten als aan de joden. In zijn filosofie en zijn poëzie speelde de Sofia als eeuwig vrouwelijk beginsel van liefde en verzoening een belangrijke rol. Zijn mystieke idealisme, dat lijnrecht tegenover het door Marx gepropageerde materialisme stond, inspireerde symbolistische dichters als Blok en Bely. Hij stond model voor de nobele Aljosja in De gebroeders Karamazov van zijn vriend Dostojevski.

Rond 1900, toen Solovjov naar eigen zeggen door 'de bleke dood' werd aangemaand om haast te maken met de dingen die hij nog te vertellen had, begonnen volgens hem steeds meer tekenen erop te wijzen dat de beslissende strijd tussen het goede en het kwade naderde. Een van deze tekenen was de Chinese boxeropstand. Met het schrijven van Korte vertelling van de Antichrist hoopte Solovjov 'op aanschouwelijke en algemeen toegankelijke wijze de belangrijkste zijde van het vraagstuk omtrent het boze te belichten'.

In de Vertelling beschrijft Solovjov hoe het panmongolisme vanuit Azië in golven van geweld het christelijke Europa verovert, er dood en verderf zaait totdat een valse profeet opstaat die de chaos bedwingt en de gelovigen een vals paradijs op aarde belooft. Dan vindt er een schifting plaats tussen de volgelingen van de antichrist en hen die onder de vlag van het katholicisme de komst van de ware Christus zullen afwachten.

Solovjov beschouwde het panmongolisme als een reëel gevaar, als een dreigende wolk die vanuit Azië op het christelijke Europa afstevende. Geen van de twee modieuze denkrichtingen van zijn tijd, Tolstojs christelijke pacifisme en Nietzsches antichristelijke leer, zou volgens hem in de apocalyptische botsing van deze twee werelden soelaas bieden. Het werk van Nietzsche deed hij af als fraaie, maar inhoudsloze schrijverij, waarin de waarheid door literatuur was vervangen en de gefingeerde Übermensch boven de echte Übermensch (Christus) was geplaatst. Ook in de door Tolstoj gepredikte principieel geweldloze houding, en diens opdracht het kwaad niet te bestrijden, zag Solovjov niets. Hij hekelde het bedrieglijke 'zogenaamde evangelie' van Tolstoj, dat volgens hem vol logische tegenstrijdigheden zat.

Het moet hem tegen de borst hebben gestuit dat Tolstoj als rechtgeaard realist de wonderen van Jezus met hetzelfde gemak van tafel veegde als de hocus-pocus in het werk van Shakespeare, en dat het hem koud liet of Jezus al dan niet bestaan had: 'Ik zie het ware christendom niet als een goddelijke openbaring, en ook niet als een historisch verschijnsel; ik zie het ware christendom als de leer die het leven zin geeft. Solovjov beschouwde het als zijn morele plicht het publiek op de feilen van Tolstojs inzichten te wijzen: 'Mocht het mij (. . .) gelukt zijn om ook maar iemand de ogen te openen en (. . .) een bedrogen maar levende ziel te laten voelen hoe vals deze dode leer als geheel in moreel opzicht is, dan zou daarmee het polemische doel van dit boekje zijn bereikt.'

Solovjov zou niet meer kunnen verifiëren of hij in zijn opzet was geslaagd. Hij stierf kort na de publicatie van de Korte vertelling van de Antichrist. Tolstoj leefde nog tien jaar. Hij maakte nog mee hoe het Russisch keizerrijk door de Japanners werd vernederd in de oorlog van 1905.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden