'Het enige waarover hij klaagde was het weer'

Toevallig binnengerold bij de transfusiedienst, zou bloedonderzoek zijn leven lang zijn passie blijven. Daarnaast bleef kunst rijden meer dan een hobby.

Paul Engelfriet: 1927 - 2017. Beeld .

Nadat hij was afgestudeerd aan de faculteit geneeskunde van de Leidse universiteit wilde Paul Engelfriet internist worden. Maar nergens vond hij een plek.

Als tussenstap solliciteerde hij in 1958 voor een baantje bij het Centraal Laboratorium van de Bloedtransfusiedienst (CLB), toen nog gevestigd op een zolder van het Binnengasthuis in Amsterdam. Directeur was Jochem van Lochem, die een beetje mistroostig naar een vrijwel leeg cv keek. Engelfriet leek te worden afgewezen, totdat Van Lochem hem, bij de deur al, vroeg of hij misschien nog iets bijzonders te bieden had. 'Ja, ik ben Nederlands kampioen kunstrijden geweest.'

Engelfriet werd aangenomen en zou nooit meer weggaan. Hij werd pionier in de immunohematologie, hoogleraar aan de UvA en redacteur van een standaardwerk over bloedtransfusie.

'In every inch a gentleman', zo omschreef zijn zoon Peter Engelfriet hem op de uitvaart. 'Niet alleen begiftigd met intelligentie en een ijzersterk geheugen, maar ook hoffelijk en charmant, hartelijk en gastvrij.' Paul Engelfriet overleed op 7 maart in het Slotervaartziekenhuis aan de gevolgen van een beroerte thuis in Badhoevedorp een week eerder. Naast een zoon had hij nog een dochter.

Hij werd als nakomertje in het gezin geboren in Den Haag, waar zijn vader schoolhoofd was. Hij had vier veel oudere zussen en een twintig jaar oudere broer, die, zo heette het, 'not amused was over deze menopauzemisrekening'. Niettemin kreeg hij later van die broer speciaal geslepen schaatsen waarmee hij allerlei figuren, zoals de figuur 8, kon maken op het ijs.

In 1950, toen het onderdeel verplichte figuren minstens even belangrijk was als de kür op muziek, werd hij nationaal kampioen kunstrijden op de Hokij-ijsbaan in Den Haag. Hij prolongeerde de titel een jaar later. 'Ik weet niet hoe sterk de concurrentie was', zegt zijn zoon Peter Engelfriet. 'Maar hij bleef daarna in het wereldje.' Hij raakte bevriend met Joan Haanappel, werd jurylid (onder meer tijdens de Olympische Spelen van 1964, waar Sjoukje Dijkstra goud won) en was hoofd van de technische commissie van de KNSB in de jaren zeventig, toen Dianne de Leeuw wereldkampioen werd.

Naast het kunstrijden waren studie en werk belangrijk. Nadat hij in Leiden was afgestudeerd, ging hij naar de VS waar hij in 1956 een Engelse arts ontmoette. Zij zou zijn vrouw worden en keerde met hem terug naar Nederland.

Het Centraal Laboratorium voor de Bloedtransfusiedienst expandeerde in die tijd snel. Al in 1959 werd een nieuwe vestiging aan de Plesmanlaan in Amsterdam geopend, met een hok pelikanen als symbool van de bloed- transfusie, omdat volgens de legende de pelikaan zijn jongen voedt met eigen bloed. Sinds 1998 opereert het CLB onder de naam Sanquin. Engelfriets onderzoek betrof vooral de afweer (immuniteit) van bloed tegen lichaamsvreemde cellen en weefsels, zoals bij orgaantransplantatie, bloedtransfusies en zwangerschap, en bloedziektes waarbij de afweer eigen cellen aanvalt (auto-immuniteit).

Jarenlang was hij als redacteur betrokken bij het wetenschappelijk blad Vox Sanquinis (De stem van het bloed). Mede dankzij hem verwierf het Nederlandse Sanquin zich een grote reputatie op het gebied van immunohematologisch onderzoek. In 1977 werd hij hoogleraar aan de UVA. Na zijn pensionering stak hij met zijn talenknobbel veel tijd in het verbeteren van vertaald wetenschappelijk werk.

Ondanks gehoorproblemen en hartfalen klaagde hij nooit over zijn gezondheid. 'Het enige waarover hij klaagde was het weer', aldus zijn zoon.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden