Het Egyptische volk is de verliezer

EGYPTE De historie van Egypte laat zien dat de Moslimbroeders met hun opportunisme het machtige leger keer op keer in de kaart spelen.

De geschiedenis herhaalt zich in Egypte. Sinds de oprichting in 1928 van de Moslimbroederschap, door Hassan al-Banna in de Egyptische Deltastad Ismailiyya, probeert deze organisatie op alle mogelijke manieren de macht te grijpen. De zittende machthebbers maken daarvan handig gebruik. Zij gooien het op een akkoordje, bespelen de Moslimbroeders en lokken ze uiteindelijk in de val.

Het politieke opportunisme van de Moslimbroederschap en zijn continue machtsstrijd met het leger hebben desastreuze gevolgen voor de Egyptische bevolking. Ook nu weer: de Egyptische generaals zitten stevig op het pluche, er is nog steeds geen grondwet en de presidentsverkiezingen die dit weekeinde plaatsvinden zijn nu al een fiasco. Van de democratische krachten van het Tahrirplein is nauwelijks iets over.

Terwijl de Egyptische bevolking zich in de roerige jaren 1930-1940 verzette tegen de Britse overheersing, sloot de Moslimbroederschap een overeenkomst met de Britten waarin zij aankondigde zich niet langer tegen de bezetter te verzetten. De gewelddadige tak van de Moslimbroederschap ging evengoed door met het plegen van aanslagen op Britse troepen en 'westerse' gebouwen zoals bioscopen, casino's en hotels. Toen de Egyptische premier al-Narquishi maatregelen trof tegen dit geweld, werd hij door de Moslimbroeders vermoord.

De coup van de Vrije Officieren in 1952 was onder meer een reactie op het toenemende geweld in het land. De Moslimbroederschap hield zich aanvankelijk op de vlakte, maar probeerde vervolgens het staatsbestuur naar zich toe te trekken. Onder de regering van Mohammed Naguib werden democratische verkiezingen voorbereid. De Moslimbroederschap ging echter met Gamel Abdel Nasser in zee, die in 1954 alle macht naar zich toe trok. Toen Nasser te populair werd, besloot de Moslimbroederschap een aanslag op hem te plegen. Nasser stond een seculier Egypte voor, niet een islamitische staat. Hij zou de Moslimbroeders daarna nooit meer vertrouwen.

Honderdduizenden al dan niet vermeende terroristen belandden in de Egyptische gevangenis. Leden van de radicale islamitische jihad deelden de cel met gewone religieuze studenten. De Egyptische gevangenissen werden zo broeinesten van radicalisme en geweld - volgens verschillende experts werd hier het terrorisme van 9/11 geboren.

In een poging zich van de oppositie te ontdoen, probeerde president Sadat zich met de Moslimbroeders te verzoenen. Hij liet een groot aantal gevangenen vrij en gaf de Moslimbroederschap enkele jaren vrij spel. Overal doken er aan de Moslimbroeders gelieerde organisaties op. Sadat dolf het onderspit. Op 6 oktober 1981 werd hij door een lid van de Moslimbroederschap vermoord.

Onder Sadats opvolger Hosni Mubarak werd elke islamitische activiteit dertig jaar lang met argusogen gevolgd. Tegelijkertijd probeerde ook Mubarak de Moslimbroederschap te paaien. En die hapte elke keer toe. Zij verkoos haar eigenbelang boven het belang van het volk.

De Moslimbroederschap was niet de initiator van de revolutionaire beweging die vorig jaar op 25 januari begon en op 11 februari tot de val van Mubarak leidde. Na Mubaraks val schoof de Moslimbroederschap regelmatig met het leger aan tafel. Zij beloofde geen eigen presidentskandidaat naar voren te schuiven, de constitutionele raad ongemoeid te laten en hoogstens een kwart van de parlementszetels te bekleden.

Maar samen met de salafistische Nour-partij won de Moslimbroederschap bij de parlementsverkiezingen 65,3 procent van de zetels. De twee partijen benoemden hun eigen parlementariërs in de commissie die de Egyptische grondwet moet herschrijven. Het Hooggerechtshof achtte dit in strijd met de grondwet, waarop de Moslimbroederschap voorstelde met de grondwetsherziening te wachten tot na de presidentsverkiezingen. De strategie was duidelijk: zou de eigen kandidaat winnen, dan werd hij een sterk man. In geval van verlies zou het parlement meer macht krijgen.

De afgelopen maanden eisten de Moslimbroeders ook al een vast aantal posities op bij politie, leger en ambtenarij. Verder wilden ze uitsluitend Moslimbroeders benoemd zien in de lerarenraden van openbare scholen. Gelet op het tempo waarin het parlement leden van de Moslimbroederschap naar voren schoof, zou straks elke publieke functie in haar handen zijn; Egypte zou in snel tempo verder islamiseren.

Afgelopen donderdag oordeelde het Hooggerechtshof echter dat het parlement moet worden ontbonden en dat oud-generaal Ahmed Shafiq zijn kandidatuur voor het presidentschap mag doorzetten - opvallend, omdat het parlement bij wet vastlegde dat oud-functionarissen van het regime-Mubarak geen presidentskandidaat kunnen zijn.

Shafiq staat dit weekeinde in de slotronde van de presidentsverkiezingen tegenover de kandidaat van de Moslimbroederschap, Mohammed Morsi, en dat terwijl een meerderheid van de Egyptenaren in de eerste stemronde op geen van beiden heeft gestemd. De plotselinge ontbinding van het parlement door het Hooggerechtshof komt het leger goed uit, zeker nu de legerleiding de honderd kandidaten voor de constitutionele raad mag benoemen.

Mocht de aan het leger gelieerde Shafiq dit weekeinde winnen, dan kan hij zijn eigen functieomschrijving vaststellen. Het doet denken aan de stille coup van Nasser in 1954, met dit verschil: de Moslimbroederschap heeft dit keer een democratische kans gekregen, maar in haar blinde opportunisme alle grenzen van de redelijkheid getart. Daarmee drijven de Moslimbroeders het volk verder in de handen van het leger. Het Egyptische volk vraagt zich intussen verbijsterd af waar de revolutie is gebleven.

MONIQUE SAMUEL

is politicoloog, auteur en half-Egyptisch.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden